Operation Manual

128
l
Flitscorrectie
Flitscorrectie wordt gebruikt om de flitssterkte te wijzigen met –3LW
tot +1LW in stappen van
1
/3 LW, waarbij de helderheid van het
hoofdonderwerp ten opzichte van de achtergrond wordt gewijzigd.
Flitssterkte kan worden verhoogd om het hoofdonderwerp helderder
te laten lijken, of worden verlaagd om ongewenste hoge lichten of
reflecties te voorkomen.
Druk op de W (M)-knop en draai aan
de secundaire instelschijf totdat de
gewenste waarde in het
informatiescherm wordt
weergegeven. Kies doorgaans
positieve waarden om het
onderwerp helderder te maken of
negatieve waarden om het
onderwerp donkerder te maken.
Bij andere waarden dan ±0,0 wordt een Y-
pictogram in het informatiescherm en de
zoeker weergegeven nadat de W (M)-knop is
ontspannen. De huidige waarde voor
belichtingscorrectie kan worden bevestigd
door op de W (M)-knop te drukken.
De normale flitssterkte kan worden hersteld
door de flitscorrectie in te stellen op ±0,0. De
flitscorrectie wordt niet teruggezet wanneer
de camera wordt uitgeschakeld.
W (M)-knop Secundaire
instelschij
f
±0 LW
(W (M)-knop ingedrukt)
–0,3 LW
+1,0 LW