Gebruikshandleiding
233
U
Kies de foto die wordt weergegeven nadat u een beeld hebt gewist.
Kies of u “staande” foto’s (portretstand) voor weergave wilt draaien
tijdens weergave. Aangezien de camera zelf al de geschikte oriëntatie
heeft tijdens de opname, worden de beelden niet automatisch
gedraaid tijdens controlebeeld.
Na wissen
G-knop ➜ D weergavemenu
Optie Beschrijving
S Toon volgende
Geef de volgende foto weer. Als de gewiste foto het
laatste beeld is, wordt de vorige foto weergegeven.
T Toon vorige
Geef de vorige foto weer. Als de gewiste foto het
eerste beeld is, wordt de volgende foto
weergegeven.
U Doorgaan als tevoren
Als de gebruiker door de foto’s bladerde in de
volgorde waarin ze zijn gemaakt, wordt de
volgende foto weergegeven zoals beschreven voor
Toon volgende. Als de gebruiker in omgekeerde
volgorde door de foto’s bladerde, wordt de vorige
foto weergegeven zoals beschreven voor Toon
vorige.
Draai portret
G-knop ➜ D weergavemenu
Optie Beschrijving
Aan
“Staande” foto’s (portretstand) worden automatisch gedraaid voor
weergave in de cameramonitor. Foto’s gemaakt met Uit
geselecteerd voor Automatische beeldrotatie (0 277) worden
“liggend” (landschap) weergegeven.
Uit
“Staande” foto’s (portretstand) worden “liggend” (landschap)
weergegeven.










