Operation Manual
72
Foto’s maken—Scherpstelling
Scherpstelling
Regelen hoe de camera scherpstelt
In dit gedeelte worden de opties besproken waarmee u regelt hoe uw camera scherp-
stelt: scherpstelstand, selectie scherpstelveld en AF-veldstand.
Scherpstelstand
De scherpstelstand wordt ingesteld door middel van de
selectieknop voorop de camera. U kunt kiezen uit twee
autofocus (AF) standen, waarbij de camera automatisch
scherpstelt als u de ontspanknop half indrukt, en één
handmatige stand, waarbij u de scherpstelling hand-
matig instelt met behulp van de scherpstelring op het
objectief:
De camera stelt scherp wanneer u de ontspanknop half indrukt. De scherp-
stelling wordt vergrendeld wanneer de scherpstelindicator (●) in de zoeker
verschijnt, en blijft vergrendeld tot u uw vinger van de ontspanknop neemt
(scherpstelvergrendeling). Er kan alleen een foto worden gemaakt als de
scherpstelindicator wordt getoond (scherpteprioriteit). Als uw onderwerp
bewoog toen u de ontspanknop half indrukte, dan volgt de camera het
onderwerp tot hij scherpgesteld staat en een opname kan worden gemaakt
(anticiperende meevolgende scherpstelling (Focus Tracking); 73). Als het
onderwerp stil staat voordat de sluiter ontspant, verschijnt de scherpstelindi-
cator in de zoeker en wordt de scherpstelling op deze afstand vergrendeld.
S
Enkelvou-
dige-AF
BeschrijvingStand
De camera stelt continu scherp zolang u de ontspanknop half indrukt. Als
uw onderwerp beweegt, wordt de scherpstelling gecorrigeerd (anticipe-
rende meevolgende scherpstelling (Focus Tracking; 73). Er kan een foto
worden gemaakt ongeacht of de camera scherpgesteld staat (ontspanpri-
oriteit).
C
Continue AF
De camera stelt niet automatisch scherp; u dient handmatig scherp te
stellen met de scherpstelring op het objectief. Als het objectief een maxi-
mum diafragma van f/5,.6 of sneller heeft, kunt u de scherpstelindicator
in de zoeker gebruiken om de scherpstelling te controleren (elektronische
afstandsmeter), maar er kan een foto worden gemaakt ongeacht of de
camera scherpgesteld staat.
M
Handmatig
Bij enkelvoudige AF bent u verzekerd van een scherp beeld. Bij onderwerpen die zich
grillig bewegen kunt u wellicht beter continue AF gebruiken. Wanneer de camera niet
in staat is automatisch scherp te stellen, is het aan te bevelen handmatig scherp te
stellen.










