Operation Manual

93
Foto’s maken—Belichting
Objectieven zonder CPU
Wanneer er een objectief zonder CPU is bevestigd en u
heeft het maximum diafragma van het objectief opgegeven
bij het onderdeel Niet-CPU objectief in het Opnamemenu
( 128), dan wordt het huidige f/-getal getoond in de zoe-
ker en het LCD-venster bovenop de camera, afgerond op de
dichtstbijzijnde hele stop. Wanneer u het maximum diafragma niet heeft opgegeven, dan
toont de diafragma-indicator alleen het aantal stops (
, met als maximum diafragma )
en moet u het f/-getal op de diafragmaring van het objectief afl ezen.
Elektronische analoge belichtingsindicator
De elektronische analoge belichtingsindicator in het LCD-venster bovenop de camera en in de
zoeker toont of de foto bij de huidige instellingen onder- of overbelicht zou worden. Afhan-
kelijk van de optie die u bij Persoonlijke Instelling b3 (LW stapgrootte) heeft gekozen, wordt
de hoeveelheid onder- of overbelichting in stappen van
1
/
3,
1
/
2 of 1 LW getoond. Als de uiter-
ste waarden van het belichtingsmeetsysteem worden overschreden, knippert de indicator.
“LW stapgrootte” staat op “1/3
stop”
“LW stapgrootte” staat op “1/2
stop”
“LW stapgrootte” staat op “1
stop”
LCD-venster
bovenop camera
Zoeker
LCD-venster
bovenop camera
Zoeker
LCD-venster
bovenop camera
Zoeker
Optimale belichting
1
/
3 LW onderbelicht ½ LW onderbelicht 1 LW onderbelicht
Meer dan 3 LW
*
overbelicht
* bij 1/3 stop, verschijnt in de zoeker wanneer de foto meer dan 2LW overbelicht wordt.
Ruisonderdrukking ( 173)
Als u ruis bij sluitertijden van ongeveer ½ sec of langer wilt verminderen, selecteert u Aan
voor de optie Ruisonderdrukking in het opnamemenu. Houd er rekening mee dat ruis en
kleurvervormingen toenemen met de temperatuur.
b3LW stapgrootte ( 189)
Met behulp van deze optie kunt u bepalen of de sluitertijd en het diafragma worden gewij-
zigd in stappen van
1
/
3 LW (de standaardinstelling), ½ LW of 1 LW.
f5Instelschijven ( 206)
Instelschijven > Verwissel hoofd/sec. en Instelschijven > Instellen diafragma regelt
of het diafragma wordt ingesteld met de hoofdinstelschijf, de secundaire instelschijf of de
diafragmaring op het objectief. Ongeacht de instelling die u hier kiest, worden bij type G
objectieven altijd de instelschijven gebruikt en bij objectieven zonder CPU altijd de diafrag-
maring.