Operation Manual

27
Onderwerpsstand
Nachtportret-assistentie
De stand (nachtportret-assistentie) wordt gebruikt
voor het maken van portretopnamen bij avond, waarbij
wordt gezorgd voor een natuurlijke balans tussen het
onderwerp en de achtergrond. Foto’s die met een lange
sluitertijd zijn gemaakt, worden gecorrigeerd om ruis te
verminderen; dat levert een iets langere verwerkingstijd
op. Om trillings-onscherpte te voorkomen, kunt u de
camera het beste op een statief plaatsen, of op een
vlakke, stabiele ondergrond.
Uit
*
Uit
NACHTPORTRET: Er wordt geen hulpsjabloon weergegeven. De camera stelt
scherp op het onderwerp in het midden van het beeld. Gebruik de scherp-
stelvergrendeling als u wilt scherpstellen op onderwerpen die zich niet in
het midden bevinden ( 91).
Portret links: Voor foto’s waarbij het onderwerp zich in de linker helft van
het beeld bevindt. Camera stelt scherp op onderwerp in hulpsjabloon.
Portret rechts: Voor foto’s waarbij het onderwerp zich in de rechter helft van
het beeld bevindt. Camera stelt scherp op onderwerp in hulpsjabloon.
Portret close-up:
Voor foto’s waarbij het onderwerp zich in de bovenste helft van
het beeld bevindt. Camera stelt scherp op gezicht-gedeelte van hulpsjabloon.
Dubbelportret: Voor een portretcompositie met twee personen naast elkaar.
Camera stelt scherp op dichtstbijzijnde onderwerp.
*
Invu
lfl
i
ts met
l
ange s
l
u
i
tert
ijd
en ro
d
e-ogencorrect
i
e
.
Andere standen kunnen worden gekozen.
Staand portret: Kadreer een opname in de portretstand (90 graden ge-
draaid). Camera stelt scherp op de persoon binnen de hulpsjabloon.