Operation Manual

32
Onderwerpsstand
8
Beëindig de serie. Het opnemen stopt ook als
er een nieuwe opnamestand wordt gekozen
of wanneer de camera op standby overgaat.
7
Maak de volgende opname. Herhaal stap-
pen 6–7 totdat alle opnamen in de serie
zijn gemaakt.
6
Bepaal de compositie voor het volgende
beeld dat met het vorige beeld moet
overlappen.
88
Selecteer hoe de beelden moeten worden
samengevoegd in een compleet totaal-
beeld. Dit is de richting waarin u de ca-
mera na elke opname voor een volgende
deelopname beweegt.
3
Boven naar
onder
Rechts naar
links
Links naar
rechts
Onder naar
boven
AE-L
AE-L
AE-L
99
Maak een selectie (als u wilt terugkeren naar
stap 3, drukt u nogmaals op het midden van
de multi-selector). De bewegingsrichting
wordt wit weergegeven. Het gele AE-L-picto-
gram geeft aan dat de witbalans en belichting
worden vergrendeld met de eerste opname.
4
Maak de eerste foto. Ongeveer eenderde van
de foto wordt over het door het objectief
gevormde beeld geplaatst (is de bewegings-
richting van links naar rechts, dan verschijnt
dat beeld links in beeld). Het AE-L pictogram
wordt wit om aan te geven dat de witbalans-
en belichtingsinstellingen van deze opname
voor alle beelden in de serie gelden.
5
88
1
Markeer (Panorama assist) in het
menu met onderwerpsstanden (
22).
2
AE-L
AE-L
AE-L
99
Standaard opnamerichting wordt
weergegeven.
Foto’s maken voor een panorama