Installation Instructions
Inbedrijfstelling 9
Wijzigingen op grond van technische verbeteringen voorbehouden! Nefit B.V. • http://www.nefit.nl
Installatie-instructie Nefit SmartLine Basic HR 24‚ HRC 24/CW3 en HRC 24/CW4 • uitgave 06/2009 35
Instellen van de tapwatertemperatuur (fig. 32, 10)
Met de draaiknop voor de gewenste tapwatertemperatuur kunt
u de warmhoud- en uitstroomtemperatuur van de tapwater-
voorziening in stellen (Æ tabel 12). In gebieden met kalkrijk
water wordt geadviseerd de instelknop in te stellen op "Eco"
om kalkvorming zoveel mogelijk te vermijden.
Als het cv-toestel in bedrijf is voor de tapwatervoorziening, dan
brandt de LED "Tapwaterbedrijf" (Æ fig. 32, [11]) onder de
draaiknop samen met de LED "Brander aan" (Æ fig. 32, [6]).
Instellen van de nadraaitijd van de pomp
z Stel de nadraaitijd van de pomp in volgens tabel 10 "Menu
Instellingen", pag. 31.
Rege-
laar-
stand
Functie Beschrijving
HR24 (single-
toestel met
externe boiler)
HRC24
(combitoestel)
0 Uit Uit Tapwaterbe-
drijf is
uitgeschakeld
Eco Energiespaar-
stand
Uitstroomtemp.
60 °C
Energiespaarstand
(koudstart)
Uitstroomtempera-
tuur 60 °C.
Minimaal
comfort, mini-
maal energie-
verbruik,
minimale
kalkvorming
30 - 60 Gewenste uit-
stroom- en warm-
houdtemperatuur
in °C
Gewenste uit-
stroom- en warm-
houdtemperatuur
in °C
Bij stand
60 °C maxi-
maal comfort
Aut. Deze stand is ge-
lijk aan stand 60,
bij gebruik van
ModuLine ther-
mostaten
Deze stand is gelijk
aan stand 60, bij ge-
bruik van ModuLine
thermostaten
tabel 12 Tapwatertemperatuur
LET OP!
Indien het cv-toestel als naverwarmer van een
zonneboiler functioneert, mag in verband met
risico op de vorming van de legionellabacterie
de instelknop (fig. 32, 10) niet op een lagere
temperatuur dan 60 °C worden ingesteld.
Tevens mag het cv-toestel in deze situatie niet
worden uitgeschakeld.
LET OP!
De stand "Aut" alleen gebruiken in combinatie
met een ModuLine 300.
LET OP!
Wanneer de installatie geregeld wordt met een
ruimtetemperatuurregeling en er sprake is van
vorstgevaar voor delen van de installatie die
buiten het bereik van deze ruimtetemperatuur-
regeling liggen, bijvoorbeeld radiatoren in de
garage, stel dan de nadraaitijd van de pomp in
op 24 uur.










