Nefit EcomLine HR Gebruikersinstructie Nefit houdt Nederland war m Nefit B.V., Postbus 3, 7400 AA Deventer. Consumenten Infolijn: 0570 - 67 85 00. Fax: 0570 - 67 85 86. E-mail: consument@nefit.nl Internet: www.nefit.
VOORWOORD Het doel van deze instructie is de gebruiker voldoende informatie te geven om op een veilige wijze om te gaan met de Nefit EcomLine ketels. Bewaar deze gebruikersinstructie dus altijd bij de ketel. Werkzaamheden die niet zijn opgenomen in deze gebruikersinstructie moeten door een installateur worden uitgevoerd. De fabrikant van de cv-ketel is niet verantwoordelijk voor schades die zijn ontstaan doordat de aanwijzingen in deze gebruikersinstructie niet zijn opgevolgd.
HOOFDSTUK 1 GASKEURLABELS Figuur 1.1.2.1 Gaskeurlabel van Nefit EcomLine Excellent HRC 30 5 De Nefit EcomLine HR(C)-toestellen dragen een Gaskeurlabel. Dit is een prestatielabel dat aangeeft dat het cv-toestel voldoet aan specifieke eisen met betrekking tot een aantal doelmatigheid- en comfortaspecten. Figuur 1.1.2.1 is een voorbeeld van een gaskeurlabel voor een Nefit EcomLine Excellent HRC 30. SV-label De Nefit EcomLine HR(C)-toestellen beschikken over een geavanceerde brander.
NZ-label Bij een zonne-energiesysteem zorgt de zon deels voor opwarmen van het water.Wanneer de zon niet (fel) genoeg schijnt, dient het sanitairwater naverwarmd te worden. De Nefit EcomLine HRC 22 H/V en de Nefit EcomLine HRC 30 H/V voldoen aan de specifieke eisen voor die functie en zijn dus voorzien van het NZ-label. Dit betekent: geschikt voor “Naverwarming Zonneboilers”.
HOOFDSTUK 2 TOESTEL IN BEDRIJF STELLEN • • Controleer op de manometer of de druk hoger is dan 1 bar. Wanneer de druk lager is dan 1 bar moet de cv-installatie eerst worden bijgevuld volgens de procedure “Bijvullen en ontluchten”. 211275 • Open de gaskraan die in de gasleiding onder het toestel is aangebracht, wanneer de waterdruk voldoende is. • Steek de stekker van het toestel in de wandcontactdoos. Het toestel ontsteekt automatisch na 30 seconden.
15 2 0 • Stel de kamerthermostaat in op een hogere temperatuur dan de huidige temperatuur. • Zodra het toestel brandt wordt bij de combi-ketels of de ketels met een separate boiler eerst het tapwater verwarmd, pas daarna het cv-water. • Stel de thermostaat in op de gewenste ruimtetemperatuur.
INSTELLEN BEWAAR- EN TAPWATERTEMPERATUUR Vanaf fabriek zijn al onze producten standaard op een bewaartemperatuur van 60°C ingesteld. Bij deze instelling is het redelijkerwijs uitgesloten, dat eventueel aanwezige legionellabacteriën zich vermenigvuldigen. Om echter aan de verschillende comfortwensen per gebruiker te kunnen voldoen beschikt uw toestel over een instelbare tap- en bewaartemperatuur. U kunt uw toestel desgewenst afstellen op een lagere bewaar- en tapwatertemperatuur.
HOOFDSTUK 3 BUITEN BEDRIJF STELLEN Indien u de woning voor langere tijd verlaat, stel dan de thermostaat in op een lage temperatuur. Aanbevolen wordt het toestel altijd in bedrijf te laten, met name bij bevriezingsgevaar. Er zijn twee mogelijkheden om bevriezen van de installatie te voorkomen: 294009 Mogelijkheid 1: Zet de pomp op stand 2. De pomp blijft draaien en voorkomt dat het water in de installatie bevriest. Zorg ervoor dat alle radiatorkranen open staan.
HOOFDSTUK 4 CODES OP HET TOESTEL 11 KW 1 10 0 1 1 2 1 10 1 10 Tijdens bedrijf geeft het display van de Universele Brander Automaat (UBA) een displaycode aan. Door op de serviceknop te drukken, verschijnt een tweede code. Dit is de servicecode. De combinatie van de displaycode en de servicecode geeft gedetailleerde informatie over de bedrijfstoestand van het toestel.
29418 [classic] TABEL 1 29419 TABEL 2 4-2
HOOFDSTUK 5 BIJVULLEN EN ONTLUCHTEN • Als de drukmeter op het toestel een druk lager dan 1 bar aanwijst, dan moet de cv-installatie worden bijgevuld. • Neem de netstekker van het toestel uit de wandcontactdoos. • Laat het toestel afkoelen tot een temperatuur van ca. 40 °C.
• Sluit een slang aan op de waterleiding. - Laat de slang vollopen, net zolang tot er geen lucht meer in de slang zit. - Sluit de slang aan op de vulkraan van de cv-installatie. Deze is door de installateur meestal onder het toestel gemonteerd. 219108 • • • Verwijder de deksel aan de bovenkant van de ketel. Wanneer het dopje van de automatische ontluchting vastzit, deze één slag open (linksom) draaien. Sluit de deksel aan de bovenkant van de ketel.
open 219127 • Draai de vulkraan van de cv-installatie open. • Sluit de vulkraan als de druk niet meer oploopt, of als de drukmeter ongeveer 2 bar aanwijst. • Sluit de waterkraan. • Sluit de vulkraan.
• Draai het ontluchtingskraantje van de laagst gelegen radiator van de cv-installatie open. Laat alle lucht ontsnappen. Draai het kraantje vervolgens weer dicht. Ontlucht de andere radiatoren van de cvinstallatie op dezelfde manier. Werk van onder naar boven. • Controleer of de druk nog boven de 1 bar is. Wanneer de druk opnieuw onder de 1 bar is gezakt moet de installatie nog een keer worden gevuld en ontlucht. pfff 219142 211275 219105 Pas op: Er staat nog wat druk op de slang.
HOOFDSTUK 6 INSTALLATIE AFTAPPEN • Neem de netstekker van het toestel uit de wandcontactdoos. • Sluit een afvoerslang aan op het laagst gelegen aftappunt. Leg het uiteinde van de afvoerslang op een plaats waar het water geen schade kan veroorzaken. 219117 • 219121 • Draai de laagst gelegen aftapkraan van de cv-installatie open. Pas op: Het water kan heet zijn, dit kan brandblaren veroorzaken. Het water kan zwart zijn, dit laat vlekken achter bij lekken.
• • • Draai de radiatorkranen van alle radiatoren open. Draai de ontluchtingskraantjes op alle radiatoren open. Draai de ontluchtingskraantjes op alle radiatoren weer dicht als er geen water meer uit de cv-installatie komt. slrrrp 219092 ALLEEN VOOR COMBIKETELS Als de gehele cv-installatie leeg is moet de boiler afgetapt worden. • Sluit de watertoevoerkraan van de inlaatcombinatie. • Open een warmwaterkraan.
• Open de aftapkraan van de inlaatcombinatie op de ketel. De boiler zal nu voor zover mogelijk leeglopen. Pas op: In de boiler blijft altijd een hoeveelheid water staan na het aftappen. 219098 • Sluit de warmwaterkraan • Sluit de aftapkraan.
HOOFDSTUK 7 DE NEFIT ECOMLINE INSTALLATIE De Nefit EcomLine HR-ketels zijn voorzien van een warmtewisselaar. In de warmtewisselaar wordt het cv-water verwarmd door de vrijkomende warmte uit de rookgassen, en door de brander. Het cv-water wordt gebruikt voor verwarming van het huis. Bij de combi-toestellen is de warmwatervoorziening in de ketel geïntegreerd. Bij deze toestellen wordt het water ook gebruikt voor verwarming van het warme tapwater in de boiler.
15 2 0 KAMERTHERMOSTAAT 25 3 0 10 259044 Het toestel werkt met alle gangbare (klok) kamerthermostaten. Bij gebruik van een normale zogenaamde aan/uit-thermostaat worden de specifieke voordelen van het toestel niet optimaal benut. Met een ModuLine kamerthermostaat van Nefit wordt de meest effectieve regeling geplaatst. Een ModuLine thermostaat is als het ware het ‘gaspedaal’ van de cv-installatie. Het toestel levert dan juist zoveel warmte als nodig is.
AANTEKENINGEN
AANTEKENINGEN
Installateur: Telefoon: 705.426A-4200 03/2005 Nefit werkt continu aan verbeteringen van haar producten. Wijzigingen in de technische gegevens zijn dus mogelijk. Nefit B.V., Postbus 3, 7400 AA Deventer. Consumenten Infolijn: 0570 - 67 85 00. Fax: 0570 - 67 85 86. E-mail: consument@nefit.nl Internet: www.nefit.