QO *(%58,.
5HVHW VHF $ % &
nl Inhoudsopgave 8 Gebruik volgens de voorschriften ( Veiligheids- voorschriften 4 .... 4 Voordat u het apparaat in gebruik neemt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .5 Bij aflevering . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Bij de installatie. . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Dagelijks gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Deurvergrendeling . . . . . . . . . . . . . . . 6 Toetsenblokkering . . . . . . . . . . . . . . . 6 Bij schade. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
nl Gebruik volgens de voorschriften 2 Reinigen en onderhouden . . . 22 Algemene toestand van de machine 22 Onthardingszout en glansspoelmiddel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 Zeven . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 23 Sproeiarmen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 3 Wat te doen bij storingen? . . . 8 Gebruik volgens de voorschriften Gevbkugoridnltsfch 24 Afvoerpomp . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 25 Storingentabel. . . . . . . . . . . . . . . .
Veiligheidsvoorschriften Voordat u het apparaat in gebruik neemt Lees de gebruiksaanwijzing en het installatievoorschrift nauwkeurig door. U vindt daarin belangrijke informatie over plaatsing, gebruik en onderhoud van het apparaat. Bewaar de gebruiksaanwijzing en het montagevoorschrift voor later gebruik of voor een eventuele latere bezitter. Bij aflevering 1. Controleer onmiddellijk of de verpakking en de afwasautomaat tijdens het transport beschadigd zijn.
nl Veiligheidsvoorschriften Als de afwasmachine in een hoge kast moet worden ingebouwd, dan moet deze volgens de voorschriften bevestigd worden. Wanneer u boven de afwasautomaat een magnetron inbouwt, kan deze beschadigd raken. Het apparaat niet in de buurt van warmtebronnen opstellen (radiator, boiler, fornuis of andere apparaten die veel warmte produceren). Het apparaat alleen met inachtneming van de voorgeschreven veiligheidsafstanden onder een kookplateau inbouwen.
Veiligheidsvoorschriften Als tijdens het programmaverloop een will ekeurige toets wordt aangetipt, verschijnt op de cijferindicatie ’–. Afbreken van het programma (Reset) is niet mogelijk. Toetsenblokkering deactiveren: De toets + ca. 4 sec. ingedrukt houden tot op de indicatie ’– uitgaat. Met het einde van het programma (‹:‹‹ op de cijferindicatie) is de blokkering van de toetsen opgeheven. Bij het uitvallen van de stroom blijven de toetsen geblokkeerd.
nl Milieubescherming m Waarschuwing Let er bij een op een hoge plaats ingebouwd apparaat op dat er bij het openen en sluiten van de deur geen kinderen klem komen te zitten of bekneld raken tussen de apparaatdeur en de onderliggende kastdeur. Kinderen kunnen zich opsluiten in het apparaat (verstikkingsgevaar) of in een andere gevaarlijke situatie terechtkomen. Bij uitgediende apparaten daarom: Trek daarom de stekker uit het stopcontact. Aansluitkabel doorknippen en verwijderen.
Kennismaking met het apparaat nl Verpakking Bedieningspaneel Alle kunststof delen van het apparaat zijn gemerkt met een gestandaardiseerd afkortingsteken (bijv. >PS< polystyreen). Hierdoor is bij het afvoeren van het apparaat een scheiding per soort van de kunststof afvaldelen mogelijk. Neem a.u.b. de aanwijzingen voor de veiligheid onder „Bij levering” in acht.
nl Wateronthardingsinstallatie/Onthardingszout + Wateronthardingsinsta llatie/Onthardingszout Voor een goed afwasresultaat heeft de afwasautomaat zacht water, d.w.z. water met weinig kalk nodig. Anders zetten zich witte kalkresten op het serviesgoed en de binnenkant van de spoelruimte af. Leidingwater is harder dan 7° dH (1,2 mmol/l), moet onthard worden. Dit gebeurt met behulp van onthardingszout (regenereerzout) in de wateronthardingsinstallatie van de afwasmachine.
Glansspoelmiddel 3. Hierna onthardingszout bijvullen (geen keukenzout of tabletten). Hierdoor wordt het water verdrongen en loopt weg. Zodra de indicatie zout bijvullen @ op het bedieningspaneel brandt, moet opnieuw zout worden bijgevuld. nl Indicatie zout bijvullen/ ontharding uitschakelen Onthardinguitschakel n Als de indicatie zout bijvullen @ stoort (bijv. bij gebruik van gecombineerde reinigingsproducten met zoutcomponenten), dan kan deze uitgeschakeld worden.
nl Glansspoelmiddel 2. Glansspoelmiddel voorzichtig tot de max. markering in de vulopening gieten. PD[ 3. Deksel sluiten tot u een klik hoort. 4. Eventueel gemorst glansspoelmiddel met een doekje verwijderen om overmatige schuimontwikkeling bij de volgende afwasbeurt te voorkomen. Hoeveelheid glansspoelmiddel instellen De hoeveelheid glansspoelmiddel is van §:‹‹ tot §:‹‡ instelbaar. De stand §:‹… is in de fabriek ingesteld.
- Serviesgoed Ongeschikt servies Sevgsriod Bestek en servies met houten onderdelen. Gevoelige gedecoreerde glazen, kunstnijverheidsservies en -vazen en antiek servies. De decoraties zijn niet bestand tegen afwassen in een afwasautomaat. Niet hittebestendige kunststof voorwerpen/onderdelen. Koperen en tinnen serviesgoed. Serviesgoed dat bevuild is met as, kaarsvet, smeerolie of verf. Geglazuurd serviesgoed en voorwerpen van aluminium en zilver kunnen bij het afwassen gaan verkleuren of verbleken.
nl Serviesgoed Heet serviesgoed is stootgevoelig! Laat het daarom na afloop van het programma net zo lang in de afwasautomaat afkoelen tot u het goed kunt vastpakken. Pannen Onderste servieskorf 1R Aanwijzing Na het einde van het programma kunnen er in het apparaat nog waterdruppels zichtbaar zijn. Dit heeft geen invloed op het drogen van het serviesgoed. Kopjes en glazen Bovenste servieskorf 1" Tip Erg vervuild serviesgoed (pannen) moet in de onderste korf worden ingeruimd.
Afwasmiddel nl Omklapbare bordensteunen * Hoogte van het serviesgoed * Afhankelijk van het model De bordensteunen zijn omklapbaar waardoor pannen, schalen en glazen praktischer kunnen worden ingeruimd. De bovenste servieskorf 1" kan desgewenst worden verwijderd om in de onderste korf meer ruimte te maken voor hoger serviesgoed. Omklapbarebordensteune Maximale hoogte van het serviesgoed Bovenste korf Onderste korf 14 cm 30 cm .
nl Afwasmiddel Aanwijzing Neem voor een goed afwasresultaat altijd de aanwijzingen op de verpakking in acht! Hebt u nog andere vragen, dan raden wij u aan contact op te nemen met de fabrikant van het afwasmiddel. m Waarschuwing – Let op de veiligheidsvoorschriften resp. de aanwijzingen bij het gebruik op de verpakkingen van het afwasen glansspoelmiddel. Vul afwasmiddel 1. Als het afwasmiddelbakje 1b nog dicht is: vergrendeling 1j bedienen om het te openen.
Afwasmiddel Gecombineerde reinigingsmiddelen Naast de gebruikelijke afwasmiddelen (Solo) wordt een aantal producten aangeboden met extra functies. Deze producten bevatten behalve afwasmiddel vaak ook glansspoelmiddel en zoutvervangende stoffen (3in1) en, afhankelijk van de combinatie (4in1, 5in1, enz.), ook nog extra componenten zoals glasbescherming of glansmiddel voor roestvrij staal. Gecombineerde reinigingsmiddelen functioneren alleen tot een bepaalde hardheidsgraad (meestal 21°dH).
nl Programma-overzicht / Programma-overzicht In dit overzicht staat het maximaal mogelijke aantal programma’s vermeld. De bijpassende programma’s en hun rangschikking vindt u op het bedieningspaneel.
Extra functies Programmakeuze Aan de hand van het soort serviesgoed en de mate van vervuiling kunt u een passend programma uitzoeken. Aanwijzingen voor testinstituten Testbureaus ontvangen de instructies voor vergelijkingstests (bijv. volgens EN60436). Hierbij gaat het om de voorwaarden voor het uitvoeren van de tests, niet om de resultaten of de verbruikswaarden. Aanvraag per e-mail aan: dishwasher@test-appliances.com Benodigd zijn het fabrikaatnummer (ENr.
nl Apparaat bedienen Aqua-Sensor * Aqua-Sensor * Afhankelijk van het model De Aqua-Sensor is een optisch meetsysteem (met lichtstraal) waarmee de vertroebeling van het afwaswater wordt gemeten. Afhankelijk van het programma treedt de Aqua-Sensor in werking. Als de Aqua-Sensor actief is, kan „schoon” afwaswater in de volgende reinigingsfase gebruikt worden en het waterverbruik daardoor met 2–4 liter verminderd worden. Is het water te vuil, dan wordt het afgepompt en door vers water vervangen.
Apparaat bedienen 2. START-toets ` indrukken. De instelwaarde is opgeslagen. Einde van het programma Het programma is beëindigd als op de cijferindicatie )" de waarde ‹:‹‹ verschijnt. Uitschakelen van het apparaat Automatisch uitschakelen na afloop van het programma * Automatisch uitschakel n a flo pvanhetprogram a * Afhankelijk van het model Om energie te besparen wordt de afwasautomaat 1 minuut na afloop van het programma uitgeschakeld (fabrieksinstelling).
nl Reinigen en onderhouden Afbreken van het programma (Reset) Afbrek nvanhetprogram a 1. START-toets ` gedurende ca. 3 seconden indrukken. Op de cijferindicatie )" verschijnt ‹:‹‚. 2. Het programma is na ca. 1 minuut afgelopen. Op de cijferindicatie )" verschijnt ‹:‹‹. 3. AAN/UIT-schakelaar ( uitschakelen. Wijzigen van het programma Na het indrukken van de STARTtoets ` kan het programma niet gewijzigd worden. Wijzigen van het programma is alleen mogelijk door het programma af te breken (Reset). 5.
Reinigen en onderhouden Om het apparaat te reinigen alleen speciaal voor afwasautomaten geschikte afwas-/schoonmaakmiddelen gebruiken. Om de deurafdichting altijd schoon en hygiënisch te houden, moet deze regelmatig worden gereinigd met een vochtige doek en een beetje afwasmiddel. Bij lange standtijd de deur iets open laten staan om te voorkomen dat er onaangename geuren ontstaan. Gebruik bij het reinigen van uw afwasautomaat nooit een stoomreiniger.
nl Wat te doen bij storingen? Sproeiarmen Kalk en etensresten in het afwaswater kunnen de sproeiopeningen en de lagers van de sproeiarmen 1* en 12 blokkeren. 1. Sproeiopeningen van de sproeiarmen op verstopping controleren. 2. Bovenste sproeiarm 1* eraf schroeven. 3. De onderste sproeiarm 12 naar boven eraf trekken. 3 Wat te doen bij storingen? De ervaring leert dat veel storingen die in het dagelijks gebruik optreden, door u zelf verholpen kunnen worden.
Wat te doen bij storingen? Afvoerpomp Grove etensresten in het afwaswater die niet door de zeven worden tegengehouden, kunnen de afvoerpomp blokkeren. Het afwaswater wordt dan niet afgepompt en blijft boven de zeef staan. In dit geval: 1. Altijd eerst de stekker uit het stopcontact trekken resp de zekering uitschakelen of losdraaien. 2. Zeven 1: eruit halen. 3. Water eruit scheppen, eventueel met behulp van een spons. 4. Schroeven aan de pompafdekking losdraaien (Torx T 20) en naar boven eruit trekken.
nl Wat te doen bij storingen? Storingentabel Storing Indicatie „Watertoevoer controleren” 8 brandt. Oorzaak Watertoevoerslang geknikt. Kraan dicht. Kraan verstopt of verkalkt. Zeef aan de kraan verstopt. Foutcode “:ƒƒ brandt. Foutcode “:ƒ… brandt. Foutcode “:ƒ† brandt. Foutcode “:ƒˆ brandt. 26 Oplossing Watertoevoerslang zonder knikken verleggen. Kraan opendraaien. Kraan opendraaien. Hoeveelheid binnenstromend water bij geopende kraan: minimaal 10 l per min.
Wat te doen bij storingen? Storing Een andere foutcode verschijnt op de cijferindicatie. (“:‹‚ tot “:„‹) Display knippert. Bijvulindicatie voor zout @ en/ of glansspoelmiddel H brandt. Bijvulindicatie voor zout @ en/ of glansspoelmiddel H brandt niet. Na afloop van het programma blijft er water in het apparaat staan. nl Oorzaak Oplossing Er is vermoedelijk een technische Apparaten uitschakelen met de AAN-/UITstoring opgetreden. schakelaar (. Na korte tijd het apparaat opnieuw starten.
nl Wat te doen bij storingen? Storing Serviesgoed niet droog. Kunststofserviesgoed niet droog. Bestek niet droog. Binnenzijden van het apparaat nat na het spoelen. 28 Oorzaak Geen of te weinig glansspoelmiddel in het voorraadbakje. Een programma zonder drogen gekozen. Waterophoping in het serviesgoed en bestek. Oplossing Glansspoelmiddel bijvullen. Het gecombineerde reinigingsmiddel heeft een slechte droogcapacitiet. Andere combireiniger met beter droogvermogen gebruiken.
Wat te doen bij storingen? Storing Etensresten op het serviesgoed. Oorzaak Serviesgoed te dicht op elkaar ingeruimd, servieskorf te vol. Sproeiarmen konden niet ongehinderd ronddraaien. Sproeiers van sproeiarmen verstopt. Zeven 1: vuil. Reinigingsmiddelresten Zeef 1: onjuist aangebracht en/of niet vastgezet. Te zwak afwasprogramma gekozen. Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd.
nl Wat te doen bij storingen? Storing Watervlekken op kunststofdelen. Oorzaak Druppelvorming op kunststof oppervlakken is onvermijdelijk. Na het afdrogen zijn watervlekken zichtbaar. Afwisbare of in water Inhoudstoffen van het oplosbare afzettingen in reinigingsmiddel zetten zich af. het reservoir of op de deur. Deze aanslag laat zich meestal niet chemisch verwijderen (apparaatreinigingsmiddel, ...). Bij „witte afzetting” op de reservoirbodem is de onthardingsvoorziening ingesteld op een grenswaarde.
Wat te doen bij storingen? Storing Thee- of lippenstiftresten op het serviesgoed. Oorzaak Te lage spoeltemperatuur. Te weinig of ongeschikt reinigingsmiddel. Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma. Hardnekkig vuil kan gedeeltelijk niet worden verwijderd. Gekleurde (blauw, geel, Laagvorming door bruin), moeilijk of niet inhoudsstoffen van groente (bijv.
nl Wat te doen bij storingen? Storing Oorzaak Verwijderbare vegen op Te veel glansspoelmiddel. glazen, glaswerk met een metalen uiterlijk en bestek. Geen glansspoelmiddel toegevoegd of de instelling is te laag. Reinigingsmiddelresten tijdens het programmagedeelte Glansspoelen. Deksel van het reinigingsmiddelbakje geblokkeerd door serviesgoed (deksel gaat niet volledig open). Serviesgoed te sterk voorgereinigd, daarom kiest de sensortechniek voor een zwak spoelprogramma.
Wat te doen bij storingen? Storing Het apparaat start niet. Programma start automatisch. Oorzaak Zekering van de huisinstallatie niet in orde. Aansluitsnoer niet aangesloten. De deur van het apparaat is niet goed dicht. Einde van het programma niet afgewacht. Apparaatinstelling (waterhardheid, glansspoelen, …) niet mogelijk De deur kan niet alleen moeilijk geopend worden. Apparaat is bezig met het programma. Instelling alleen mogelijk voor begin van het programma. Kinderbeveiliging is geactiveerd.
nl Wat te doen bij storingen? Storing Kloppend of ratelend geluid. Abnormale schuimvorming. 34 Oorzaak Sproeiarm slaat tegen het serviesgoed, serviesgoed niet goed ingeruimd. Bij geringe belading maken de waterstralen rechtstreeks contact met het reservoir. Lichte serviesdelen bewegen tijdens het spoelen. Handafwasmiddel in het reservoir voor glansspoelmiddel. Glansspoelmiddel gemorst. Oplossing Serviesgoed zodanig inruimen dat de sproeiarmen niet tegen het serviesgoed slaan.
4 Servicedienst Als u de storing niet zelf kunt verhelpen, neem dan contact op met de Servicedienst. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodige bezoeken van technici te vermijden. De contactgegevens van de dichtstbijzijnde Servicedienst vindt u op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing of in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen. Vermeld bij een telefoongesprek a.u.b. het fabrikaatnummer (ENr.
nl Plaatsen en aansluiten Aflevering Plaatsing Uw afwasmachine werd in de fabriek grondig gecontroleerd op correct functioneren. Hierbij zijn kleine watervlekken achtergebleven. Deze zijn na de eerste afwas verdwenen. De vereiste inbouwmaten vindt u in het montagevoorschrift. Het apparaat waterpas zetten. Let erop dat het apparaat stevig staat. Het apparaat kan zonder problemen tussen wanden van hout of kunststof in een rij keukenmeubelen worden ingebouwd. Technische gegevens Gewicht: max.
Plaatsen en aansluiten Waterdruk: minimaal 0,05 MPa (0,5 bar), maximaal 1 MPa (10 bar). Bij hogere waterdruk: een drukreduceerventiel ervoor installeren. Hoeveelheid binnenstromend water: minimaal 10 liter per minuut Temperatuur van het water: De opdruk op de watertoevoerslang in acht nemen! Bij modellen met de opdruk 25° mag de watertemperatuur max. 25 °C bedragen (koud water). Voor alle andere modellen: Bij voorkeur koud water, bij warm water max. temperatuur 60 °C.
nl Plaatsen en aansluiten Het stopcontact moet zich in de buurt van het apparaat bevinden en ook na het inbouwen gemakkelijk bereikbaar zijn. Als de stekker niet gemakkelijk bereikbaar is, dan moet er volgens de veiligheidsvoorschriften een meerpolige scheidingsinstallatie met een contactopening van minimaal 3 mm aanwezig zijn. Veranderingen in de aansluiting mogen alleen door een vakkundig monteur worden uitgevoerd.
.LQGHUEHYHLOLJLQJ GHXUYHUJUHQGHOLQJ â 2P GH GHXU WH RSHQHQ KHQGHO QDDU UHFKWV GUXNNHQ HQ DDQ GH GHXUJUHHS WUHNNHQ =RUJ GDW GH GHXU YDQ KHW DSSDUDDW DOWLMG JRHG JHVORWHQ LVâDOV XâKHW DSSDUDDW YHUODDW $OOHHQ ]R NXQW XâXZâNLQGHUHQ WHJHQ HYHQWXHOH JHYDUHQ EHVFKHUPHQ
$48$ 6723 JDUDQWLH QO YHUYDOW ELMâDSSDUDWHQ ]RQGHU $TXD 6WRS $OVâDDQYXOOLQJ RSâGHâJDUDQWLH DDQVSUDNHQ WHJHQRYHU GHâYHUNRSHU LQâGHâNRRSRYHUHHQNRPVW HQâDOV DDQYXOOLQJ RSâRQ]H JDUDQWLH RSâKHW DSSDUDDW ZRUGW XâVFKDGHORRV JHVWHOG DOV DDQ RQGHUVWDDQGH YRRUZDDUGHQ ZRUGW YROGDDQ $OVâGRRU HHQâIRXW LQâRQV $TXD 6WRS V\VWHHP ZDWHUVFKDGH ZRUGW YHURRU]DDNW YHUJRHGHQ ZLM GHâVFKDGH DDQ SDUWLFXOLHUH JHEUXLNHUV 2PâKHW ZDWHUEHYHLOLJLQJVV\VWHHP WHâJDUDQGHUHQ PRHW KHW DSSDUDDW RSâKHW HOHNWULFLWHLWVQHW ]LMQ DDQJHVOR