Operation Manual
Gebruiksaanwijzing Nederlands
47
Vul de brandstoftank tot maximaal
2 cm onder de rand van de
vulopening.
Sluit de brandstoftank goed af.
Controleer het oliepeil. Het oliepeil
moet tussen de markeringen
„Full/Max.” en „Add/Min.”
(Afbeelding 22) liggen. Zie ook
het handboek van de motor.
Bandendruk controleren
Aanwijzing
Om productieredenen kan de
bandendruk hoger dan vereist zijn.
Bandendruk controleren.
Indien nodig corrigeren
(zie gedeelte „Onderhoud”):
– voren: 0,7 bar
– achteren: 0,7 bar
Instellingen voor het rijden
Zet de machine op een vaste,
egale ondergrond en schakel
de vastzetrem in.
Voer de werkzaamheden uit terwijl
de motor stilstaat.
Trek de sleutel uit het contactslot.
Bij alle werkzaamheden aan
bewegende delen:
Open de motorkap en maak de
bougiestekker los van de bougie.
Stoel van de chauffeur
instellen
Afbeelding 11
Neem plaats op de stoel van
de chauffeur.
Zet de stoel in de gewenste stand.
Stuur instellen (optioneel)
Afbeelding 1
Druk de hendel (F) in en houd
deze vast.
Verstel het stuur.
Laat de hendel los en let erop dat
het stuur juist vergrendeld wordt.
Instelling van de maai-
werkwielen (afhankelijk van
uitvoering)
Afbeelding 14
De maaiwerkwielen moeten in de
desbetreffende maaiwerkstand altijd
6–12 mm boven de grond staan.
De maaiwerkwielen zijn er niet voor
geconstrueerd om de last van het
maaiwerk te dragen. Eventueel
gelijkmatig verzetten.
Instelling van de rollen
aan de achterkant
(voor zover aanwezig)
Afhankelijk van de uitvoering kunnen
de achterwielen in twee standen
worden gemonteerd.
Afbeelding 15
Positie „Hoog” (bovenste gat):
– Standaardpositie – het gras wordt
niet gerold of slechts minimaal.
Positie „Laag” (onderste gat):
– Rolpositie – het gras wordt na het
maaien extra gerold.
Verwijder de borgpen (1) aan de
linkerzijde.
Trek de as (2) naar rechts naar
buiten.
Steek de as in het gewenste gat
(hoog/laag). Duw bij het insteken
de rollen (3) en de afstandshouder
(4) weer op de as.
Stel de as (2) met de groef correct af
en duw deze door de linker houder.
Steek de borgpen (1) weer in.
Aanwijzing
Monteer de achterrol altijd aan beide
zijden in dezelfde stand (hoog/laag).
Motor starten
Neem plaats op de stoel van
de chauffeur.
Druk het rempedaal helemaal
in of blokkeer de vastzetrem.
Zet koppelingsschakelaar (PTO)
uit.
Zet het maaimechanisme omhoog.
Zet de gashendel in de juiste
stand.
Trek bij een koude motor de choke
uit of zet de gashendel op .
Draai de contactsleutel op tot
de motor loopt (startpoging max.
5 seconden, wacht 10 seconden
voor de volgende poging).
Zet de contactsleutel op
/I/ wanneer de motor
loopt.
Zet de choke langzaam terug.
Zet de gashendel terug tot de
motor loopt.
Motor stoppen
Zet de gashendel op de middelste
gasstand
Laat de motor ca. 20 seconden
lopen.
Zet de contactsleutel op /0.
Trek de sleutel uit het contactslot.
Vergrendel de vastzetrem voordat
u de machine verlaat.
Rijden met de machine
dÉî~~ê
^Äêìéí=ÄÉÖáååÉå=ãÉí=êáàÇÉåI=
éäçíëÉäáåÖ=ëíçééÉå=Éå=êáàÇÉå=ãÉí=íÉ=
ÜçÖÉ=ëåÉäÜÉáÇ=îÉêÖêççí=ÜÉí=ÖÉî~~ê=
îççê=çåÖÉî~ääÉå=Éå=â~å=äÉáÇÉå=íçí=
ëÅÜ~ÇÉ=~~å=ÜÉí=~éé~ê~~íK
sÉêëí É ä=ÇÉ=ëíçÉä=É å= ÜÉí=ë íììê=åç çáí=
íáàÇÉåë=ÜÉí=êáàÇÉåK
Aanwijzing
Wees bijzonder voorzichtig bij het
achteruit rijden. Verander nooit van
rijrichting zonder de machine eerst
tot stilstand te brengen.
Besturing
De sturing heeft niet alleen invloed
op de inslag van de achterwielen,
maar afhankelijk van de inslag van
het stuur ook op de aandrijving van
de voorwielen. U kunt met deze
machine ook om de eigen as
draaien. Daarbij dienen de
voorwielen als draaipunt.
– Een geringe stuurinslag tot ca. 10°
is alleen van invloed op de achter-
wielen. Dat wil zeggen dat u een
normale keercirkel rijdt.
– Een stuurhoek van meer dan 10°
dient voor het verkleinen van de
keerradius tot een kering op de
plaats. Bij toenemende
stuurinslag wordt de aandrijving
(snelheid) van de voorwielen
beïnvloedt. Dat wil zeggen dat het
binnenste wiel langzamer draait
en het buitenste wiel sneller.
– Een volledige inslag van het
stuurwiel dient voor het keren
op de plaats (om de eigen as).
De achterwielen worden daarbij
tot aan de aanslag versteld.
!










