Portofoons Gebruikershandleiding XTNi model zonder display
Motorola, het gestileerde M logo en alle overige handelsmerken in dit document zijn handelsmerken van Motorola, Inc. Reg. U.S. Pat. & Tm. Off. © 2007 Motorola, Inc. Alle rechten voorbehouden. Gedrukt in de Verenigde Staten.
Batterijen en opladers . . . . . . . . . . . . . . .11 INHOUD Auteursrechten Computer Software . . . 4 Veiligheid . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Productveiligheid en conformiteit richtlijnen blootstelling aan radiofrequenties . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Batterijen en opladers, veiligheidsinformatie . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Richtlijnen voor een veilig gebruik . . . . . . . 7 Portofoon – overzicht . . . . . . . . . . . . . . . 8 Onderdelen van de portofoon . . . . . . .
INHOUD Een batterij met hoge capaciteit opladen . . . . . . . . . . . . . . . . LED’s op oplaadstation . . . . . . . . . . . . Geschatte oplaadtijd . . . . . . . . . . . . . . Portofoon met batterij opladen met oplader voor meerdere toestellen (MUC, optionele accessoire). . . . . . . . 20 21 22 23 Aan de slag . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 Portofoon in-/uitschakelen . . . . . . . . . . . . Volume afstellen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Een kanaal kiezen . . . . . . . . . . . .
Accessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 42 43 43 43 43 43 44 45 47 Audioaccessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 Batterij . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 Draagaccessoires . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 Softwaretoepassingen . . . . . . . . . . . . . . . .58 Kabels . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .58 Opladers . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .59 INHOUD CPS (Computer Programming Software) . . . . . . . .
AUTEURSRECHTEN COMPUTER SOFTWARE AUTEURSRECHTEN COMPUTER SOFTWARE De Motorola-producten die in deze handleiding worden beschreven, kunnen beschermde Motorola-computerprogramma’s op geheugenchips of op andere media bevatten. Wetten in de Verenigde Staten en andere landen verlenen Motorola bepaalde exclusieve rechten op beschermde computerprogramma’s, waaronder, maar niet beperkt tot het exclusieve recht het beschermde computerprogramma op enigerlei wijze te kopiëren of reproduceren.
VEILIGHEID PRODUCTVEILIGHEID EN CONFORMITEIT RICHTLIJNEN BLOOTSTELLING AAN RADIOFREQUENTIES ! Caution Ga voor een lijst met door Motorola goedgekeurde antennes, batterijen en andere accessoires naar de volgende website: http://www.motorola.com/XTNi Lees voordat dit product gebruikt wordt, de bedieningsinstructies en informatie over RF-energie in het boekje Product Safety and RF Exposure dat bij de portofoon zit.
BATTERIJEN EN OPLADERS, VEILIGHEIDSINFORMATIE BATTERIJEN EN OPLADERS, VEILIGHEIDSINFORMATIE 4. Gebruik alleen een verlengsnoer als dat absoluut noodzakelijk is. Het gebruik van een ongeschikt verlengsnoer kan leiden tot brand Dit document bevat belangrijke veiligheids- en bedieningsinstructies. Lees deze instructies zorgvuldig door en houd deze bij de hand. en elektrische schokken.
RICHTLIJNEN VOOR EEN VEILIG GEBRUIK • • • Het stopcontact waar het apparaat op wordt Zet de portofoon uit als de batterij wordt aangesloten, moet dichtbij en goed bereikbaar opgeladen. zijn. De oplader is niet geschikt voor gebruik • Gebruik de voedingsapparatuur niet in een buitenshuis. Gebruik de oplader alleen in een omgeving met een temperatuur die hoger is dan droge omgeving. 40°C.
PORTOFOON – OVERZICHT ONDERDELEN VAN DE PORTOFOON Kanaalselectie knop Antenne AAN/UIT/ volumeknop Microfoon PORTOFOON – OVERZICHT LED Nederlands Modellabel Li-ionbatterij 8 PTT-knop (Push-to-Talk) SB1 – Monitorknop SB2 – Scannen / Hinderlijk kanaal verwijderen
AAN/UIT/volumeknop Knoppen aan de zijkant Hiermee wordt de portofoon in- en uitgeschakeld en wordt het volume van het toestel ingesteld. • Kanaalselectieknop Hiermee wordt de portofoon ingesteld op een bepaald kanaal. Microfoon Spreek duidelijk in de microfoon als een boodschap wordt verzonden. Antenne De antenne van de portofoon kan niet worden verwijderd. Hiermee worden de status van de batterij, de opstartstatus, oproepinformatie en de scanstatus weergegeven.
In deze gebruikershandleiding worden verschillende XTNi™ Serie-modellen behandeld, en er kunnen functies worden beschreven die niet op uw toestel aanwezig zijn. Het modelnummer van de portofoon staat op de voorzijde van het toestel, onder de luidspreker.
Voor portofoons van de XTNi™ Serie zijn Li-ionbatterijen (Lithium-ion) beschikbaar. De capaciteit van de betreffende batterijen bepaalt de levensduur. Er kunnen ook alkalinebatterijen worden gebruikt. De portofoon wordt geleverd met een snellader. EIGENSCHAPPEN VAN BATTERIJEN EN OPLAADOPTIES Li-ionbatterij Portofoons van de XTNi™ Serie worden geleverd met een oplaadbare Li-ionbatterij.
BATTERIJEN EN OPLADERS portofoon. Snelladers van Motorola bevatten een temperatuurgevoelige schakeling om ervoor te zorgen dat batterijen binnen bovenstaande grenswaarden worden opgeladen. Recycling en afvalverwerking van batterijen Oplaadbare Li-ionbatterijen zijn geschikt voor recycling. Niet overal zijn hier echter faciliteiten voor beschikbaar.
Li-ionbatterij installeren Li-ionbatterij verwijderen vergrendeling batterij BATTERIJEN EN OPLADERS vergrendeling batterij sleuven 1. Zet de portofoon uit. 1. Zet de portofoon uit. 2. Plaats met het Motorola-logo op de batterij omhoog de lipjes op de onderzijde van de batterij in de sleuven in de onderzijde van de portofoon. 2. Druk omlaag op de vergrendeling van de batterij en houd deze ingedrukt terwijl u de batterij verwijdert. 3. Trek de batterij uit de portofoon. 3.
BATTERIJEN EN OPLADERS Alkalinebatterijen (optionele accessoire) Alkalinebatterijen installeren Alkalinebatterijen verwijderen Klepje voor alkalinebatterijen Klepje voor alkalinebatterijen 1. Zet de portofoon zo nodig uit. 1. Zet de portofoon zo nodig uit. 2. Verwijder de Li-ionbatterij. 2. 3. Breng de houder met de alkalinebatterijen (optionele accessoire) aan volgens dezelfde stappen als de Li-ionbatterij. Schuif de vergrendelingen op beide zijden omlaag. 3.
Voeding, adapters en oplaadstation Adapter Adaptor BATTERIJEN EN OPLADERS Adapter Adaptor Power Supply Voeding Oplaadstation Drop-in Tray Charger De portofoon wordt geleverd met een oplaadstation, een voeding (ook wel transformator genoemd) en een set adapters. De voeding kan worden gebruikt met elk van de meegeleverde adapters. Welke adapter u moet gebruiken, is afhankelijk van de regio waar u zich bevindt.
BATTERIJEN EN OPLADERS Riemclip installeren Informatie over levensduur van batterijen Levensduur Li-ionbatterij lipje van riemclip riemclip De capaciteit van de batterij verschilt per model van de portofoon en/of de regio. Deze functie is van invloed op de geschatte levensduur. Als de batterijbesparingsfunctie is ingeschakeld (standaardinstelling) is de levensduur van de batterij langer.
Batterij opladen De geschatte levensduur van alkalinebatterijen is als volgt: Een geïnstalleerde batterij laadt u op door het toestel in een door Motorola goedgekeurd oplaadstation voor één toestel of oplaadstation voor meerdere toestellen te plaatsen.
BATTERIJEN EN OPLADERS 3. Steek de adapterstekker in het stopcontact. 4. Plaats de portofoon in het vak met de voorzijde van het toestel in de richting van de voorzijde van de oplader (zie afbeelding). Opmerking: Zet het toestel uit als een geïnstalleerde batterij wordt opgeladen, om de batterij optimaal te laden. Zie ‘Richtlijnen voor een veilig gebruik’ op pagina 7 voor meer informatie. Losse batterij opladen batterij naar de voorzijde van de oplader (zie afbeelding).
Adjustable Verstelbare bracket beugel Standaard Standard Adjustable Verstelbare bracket beugel BATTERIJEN EN OPLADERS De stand van het oplaadstation bepalen voordat de batterij wordt opgeladen Hoge en Ultra ultra hoge High and High capaciteit Capacity 19 Nederlands
BATTERIJEN EN OPLADERS Een batterij met hoge capaciteit opladen Verstelbaar Removable onderdeel Piece 180 graden Verstelbaar Removable Piece onderdeel Turn around horizontaal horizontal omdraaien 180 degree tekst ‘High & Ultra Capacity Battery’ leesbaar zijn. Zo maakt u de oplader geschikt voor een batterij met hoge capaciteit: 1. Druk de lipjes aan beide zijden van de verstelbare beugel in het oplaadstation voorzichtig naar elkaar en verwijder de beugel uit de oplader. 2.
LED’s op oplaadstation BATTERIJEN EN OPLADERS LED op standaard oplader Status Status van LED Verklaring Ingeschakeld Continu rood gedurende 3 seconden De oplader is ingeschakeld Bezig met opladen Rood, knipperend (langzaam) De oplader is bezig met opladen van batterij Opladen voltooid Continu rood De batterij is volledig opgeladen Probleem met batterij (*) Rood, knipperend (snel) Er is een probleem met de batterij geconstateerd toen deze werd geplaatst Opmerkingen: • • (*) Vaak is dit te ver
BATTERIJEN EN OPLADERS Geschatte oplaadtijd De volgende tabel bevat de geschatte tijd voor het opladen van de batterij. Zie ‘Accessoires’ op pagina 58 voor meer informatie.
Met het oplaadstation voor meerdere toestellen (MUC) kunnen tot 6 portofoons of batterijen tegelijk worden opgeladen. Batterijen kunnen geïnstalleerd in portofoons of los in het oplaadstation worden geplaatst. In elk van de 6 oplaadposities kan een portofoon of een batterij worden geplaatst. 1. Plaats het oplaadstation op een vlakke ondergrond. 2. Steek het stekkertje van de voedingskabel in de aansluitopening van het oplaadstation. 3. Steek de stekker in het stopcontact. 4. Zet de portofoon uit. 5.
AAN DE SLAG Raadpleeg bij de volgende instructies pagina 8 van de gebruikershandleiding. PORTOFOON IN-/UITSCHAKELEN AAN DE SLAG Zet de portofoon aan door de AAN/UIT/ volumeknop rechtsom te draaien. De portofoon geeft een geluidssignaal en de rode LED knippert kort. Zet de portofoon uit door de AAN/UIT/ volumeknop linksom te draaien tot u een klik hoort en de LED op het toestel uit gaat.
SPRAAKBEREIK 1. Kies een kanaal door de Kanaalselectieknop te draaien tot het gewenste kanaal is bereikt. 2. Let er op dat de PTT-knop niet is ingedrukt en luister of er spraakactiviteit is. XTNi-portofoons zijn ontworpen voor maximale prestaties en een beter zendbereik in het veld. Om storing te voorkomen wordt geadviseerd om de toestellen minimaal anderhalve meter uit elkaar te houden. 3. De rode LED knippert als de portofoon een oproep ontvangt. 4.
AAN DE SLAG 1. Kanaal: Het huidige kanaal dat door de portofoon wordt gebruikt (is afhankelijk van het model). 2. Frequentie: De frequentie die door de portofoon wordt gebruikt voor zenden/ ontvangen. 3. Ruisfiltercode: Deze codes dragen bij aan het beperken van ruis door verschillende codecombinaties mogelijk te maken. 4. Scramblecode: Codes die zorgen dat de transmissie vervormd klinkt voor iedereen die niet is afgesteld op de betreffende code. 5.
LED’S OP PORTOFOON STATUS VAN PORTOFOON LED’s Kanaalalias bewerken Rood, knipperend Kanaal bezet Continu oranje Modus voor klonen Twee keer oranje, knipperend Bezig met klonen Continu oranje Kort groen, kort oranje, kort groen, gedurende 4 seconden Batterij bijna leeg Kort oranje Uitschakelen vanwege lege batterij Oranje, knipperend Monitorfunctie LED is uit Opstarten Continu rood gedurende 2 seconden Programmeermodus ‘Wachtstand’/ Kanaalmodus Groen, knipperend Scanmodus Rood, knipperen
HANDSFREE GEBRUIK / VOX Voordat VOX kan worden gebruikt, moet met de CPS (Computer Programming Software) het VOX-niveau worden ingesteld op een ander niveau dan ‘0’. Voer vervolgens de volgende stappen uit: 1. Zet de portofoon uit. 2. Open het accessoiredeksel. 3. Steek het stekkertje van het audioaccessoire AAN DE SLAG goed in de accessoireaansluiting. 4. Zet de portofoon aan. De LED gaat twee keer Engels kort aan en uit. 5.
Handsfree zonder accessoires (iVOX) • • • iVOX wordt ingeschakeld door de PTT-knop ingedrukt te houden terwijl de portofoon wordt ingeschakeld. De iVOX-functie kan tijdelijk worden uitgeschakeld door op de PTT-knop te drukken. De standaardinstelling is UIT (niveau 0). Als u de VOX-functie wilt gebruiken, moet het VOXniveau worden afgesteld op een ander niveau dan 0. 1 = lage gevoeligheid 2 = middelhoge gevoeligheid 3 = hoge gevoeligheid Er treedt een korte vertraging op tussen spreken en zenden.
AAN DE SLAG Batterijbesparingsfunctie Met de batterijbesparingsfunctie gaan batterijen langer mee omdat de portofoon in de wachtstand gaat als er geen activiteit plaatsvindt. Druk tijdens het inschakelen van de portofoon gelijktijdig de knoppen SB1 en SB2 gedurende 2 tot 3 seconden in tot er een reeks geluidssignalen klinkt. Voor een iets snellere responstijd laat u de batterijbesparingsfunctie uitgeschakeld zodat de portofoon altijd direct zonder enige vertraging beschikbaar is voor zenden of ontvangen.
FUNCTIES PROGRAMMEREN reeks codecombinaties voor het filteren van ruis en ongewenste boodschappen. Om alle functies van de portofoon gemakkelijk te programmeren wordt u geadviseerd de CPS-set te gebruiken. Deze bevat de programmeerkabel, CPS en accessoires. Met de auto-scanfunctie kunt u een bepaald kanaal instellen zodat het betreffende kanaal automatisch gescand wordt als u naar dat kanaal gaat (u hoeft dan niet op een knop te drukken om te scannen).
Tabel 1: Programmeermodus: waarden uitlezen met de portofoon Cijfer 0 1 2 3 4 5 6 7 8 Geen geluidssignaal Een kort geluidssignaal Twee korte geluidssignalen Drie korte geluidssignalen Vier korte geluidssignalen Een lang geluidssignaal Een lang geluidssignaal en een kort geluidssignaal Een lang geluidssignaal en twee korte geluidssignalen Een lang geluidssignaal en drie korte geluidssignalen Een lang geluidssignaal en vier korte geluidssignalen Nederlands Knippercode met LED Een keer kort aan en uit, oran
PROGRAMMEERMODUS 1 2 CTCSS/DPL Frequenties Eerste cijfer PTT Programmeermodus activeren (PTT + SB1 + portofoon inschakelen) PTT Tweede cijfer PTT-knop lang Programmeermodus 'Wachtstand' Afsluiten PTT Eerste cijfer PTT-knop lang PTT PTT Tweede cijfer PTT Derde cijfer PTT 3 Auto-scan In-/ uitgeschakeld Overgangssignaal PTT-knop lang FUNCTIES PROGRAMMEREN Afbeelding 1 Programmeermodus activeren 33 Nederlands
Programmeermodus activeren Opmerking: Denk er aan voordat er functies worden geprogrammeerd, de portofoon in te stellen op het kanaal dat u wilt programmeren. U kunt dat doen voordat de programmeermodus wordt geactiveerd of als de programmeermodus al actief is door de Kanaalselectieknop naar het gewenste kanaal FUNCTIES PROGRAMMEREN te draaien.
Dit is een voorbeeld van de wijze waarop de portofoon de CTCSS/DPL-code ‘118’ doorgeeft: 1 Frequenties Eerste cijfer PTT Tweede cijfer PTT CTCSS/DPL-waarden uitlezen Als u doorgaat met kort op de PTT-knop drukken (zie ‘Programmeermodus activeren’ op pagina 33; fase 2) gaat het toestel verder met het programmeren van CTCSS/PL-codes. 1 8 Tweede cijfer Eerste cijfer Derde cijfer Voorbeeld van programmeren van waarden • Druk kort op de PTT-knop. De portofoon geeft als eerste cijfer ‘1’ door.
Auto-scanwaarden uitlezen Als u nadat de CTCSS/DPL-codes zijn uitgelezen, weer kort op de PTT-knop drukt, wordt de auto-scanwaarde aangegeven (‘Programmeermodus activeren’ op pagina 33; fase 3). Voor auto-scan zijn maar twee waarden mogelijk: Waarde Auto-scan 0 Uitgeschakeld 1 Ingeschakeld Opmerking: Auto-scan is standaard FUNCTIES PROGRAMMEREN uitgeschakeld. Als u kort op de PTT-knop drukt terwijl de autoscanmodus actief is, keert de portofoon terug naar de programmeermodus ‘Wachtstand’.
Opmerkingen: • Als u de zojuist geprogrammeerde waarde niet wilt opslaan, zet u de portofoon UIT of wijzigt u het kanaal met de Kanaalselectieknop. • Als u weer terug gaat naar het begin van de programmeermodus ‘Wachtstand’, klinkt er een overgangssignaal en begint de LED weer groen te knipperen. Alle gewijzigde waarden worden automatisch opgeslagen. Veelgestelde vragen – Programmeermodus 1. Ik werd afgeleid tijdens het programmeren en weet niet meer bij welk cijfer ik was.
4. Ik heb me tijdens het programmeren vergist en een verkeerde waarde ingesteld. Hoe kan ik deze waarde wissen of opnieuw programmeren? Als u zich tijdens het programmeren van een waarde hebt vergist, hebt u twee mogelijkheden: a) De portofoon draait telkens door als de maximale (9) of minimale (0) waarde wordt bereikt (tevens klinkt dan een overgangssignaal).
• Druk kort op de PTT-knop om de frequentiemodus te activeren. De portofoon geeft de huidige waarde ‘0’ door (kort oranje) wilt wijzigen in CTCSS/DPL-code 103, dient u de volgende stappen uit te voeren: • Druk één keer op SB1 om het eerste cijfer te wijzigen in ‘1’. • Druk drie keer kort op de PTT-knop om de modus voor het programmeren van CTCSS/ DPL-codes te activeren. De LED op de portofoon knippert één keer kort oranje om aan te geven dat de huidige waarde ‘0’ is.
in ‘3’. De portofoon geeft de ingestelde waarde door. • Druk lang op de PTT-knop om de wijzigingen op te slaan en terug te keren naar de programmeermodus ‘Wachtstand’. FUNCTIES PROGRAMMEREN • De LED van de portofoon begint groen te knipperen als de programmeermodus ‘Wachtstand’ weer actief is. (raadpleeg ‘Auto-scaninstellingen uitlezen’ op pagina 41). 3. Druk kort op SB1 om de waarde van de auto-scanfunctie voor dat kanaal te wijzigen.
• Druk op SB2 om de scanfunctie te starten (*). Als de portofoon activiteit op een kanaal waarneemt, wordt op dat kanaal gestopt tot de activiteit ophoudt. U kunt dan op de PTT-knop drukken om met de persoon of personen op dat kanaal te spreken zonder van kanaal te wisselen. • Druk nogmaals op SB2 om de scanfunctie te stoppen.
• Druk als de portofoon stopt bij het kanaal dat u wilt elimineren, lang op SB2 om het kanaal te verwijderen. • Het kanaal wordt pas verwijderd nadat u de scanfunctie afsluit door nogmaals kort op SB2 te drukken of door de portofoon uit te zetten. Opmerking: (*) Aangenomen dat SB2 niet is geprogrammeerd voor een andere dan de standaardfunctie.
Verder is het mogelijk het beheer van het profiel van de portofoon te beveiligen met een wachtwoord. Raadpleeg het schema met het functieoverzicht aan het eind van de gebruikershandleiding voor meer informatie. Opmerking: • De functies moeten wel zijn ingeschakeld door een erkende Motoroladealer. Neem contact op met uw Motorolaleverancier voor meer informatie. Opmerking: (*) De CPS-programmeerkabel is los leverbaar. Raadpleeg de paragraaf Accessoires voor het onderdeelnummer.
Reverse Burst 3. Reverse Burst elimineert ongewenste ruis (squelch-tail) tijdens het wegvallen van de draaggolf. Mogelijke waarden zijn 180/240. Klonen met een oplader voor meerdere toestellen (MUC) Opmerkingen: • De functies die op voor de voorgaande pagina’s zijn beschreven, zijn slechts enkele van de functies die via CPS beschikbaar zijn. CPS heeft nog meer mogelijkheden. Raadpleeg de Help van de CPS voor meer informatie.
Tijdens het klonen hoeft de stekker van het oplaadstation niet in het stopcontact te zitten, maar ALLE portofoons moeten beschikken over een opgeladen batterij. Voer voor het klonen de volgende stappen uit: Raadpleeg de gebruiksaanwijzing bij het oplaadstation voor meerdere toestellen (MUC) voor meer informatie over het klonen van toestellen. MUC bestellen Zie ‘Opladers’ op pagina 59 voor het onderdeelnummer van de MUC.
Portofoons klonen met de portofoon-naarportofoonkabel (optionele accessoire) 3. Steek de ene ministekker van de kloonkabel in de ene SUC. Sluit het andere uiteinde van de kabel aan op de tweede SUC. Opmerking: Tijdens het klonen worden de SUC’s niet voorzien van externe stroom. De batterijen worden niet opgeladen. Er wordt datacommunicatie tot stand gebracht tussen beide portofoons. 4. Zet de doelportofoon aan en plaats deze in een van beide SUC’s. 5.
‘Pass’ (gelukt) of ‘Fail’ (mislukt) aangegeven (binnen maximaal vijf seconden klinkt er een geluidssignaal). 8. Nadat het klonen is voltooid, zet u beide portofoons uit en weer aan om de modus voor klonen af te sluiten. Als het klonen mislukt Er klinkt een geluid als een ‘bonk’ om aan te geven dat het klonen is mislukt. Voer in dat geval de volgende stappen uit voordat het klonen opnieuw wordt geprobeerd: 1. Zorg ervoor dat de batterijen in beide portofoons volledig zijn opgeladen. 2.
PROBLEMEN OPLOSSEN PROBLEMEN OPLOSSEN Symptoom Mogelijke remedie Geen stroom Laad de Li-ionbatterij op en vervang deze. Vervang AA-batterijen. Een extreme bedrijfstemperatuur kan gevolgen hebben voor de levensduur van batterijen. Raadpleeg ‘Li-ionbatterij’ op pagina 11. Er klinken andere geluiden of gesprekken op een kanaal Controleer of de ruisfiltercode is ingesteld. Het kan zijn dat de frequentie of ruisfiltercode in gebruik is.
Mogelijke remedie Boodschap niet verzonden/ ontvangen Let er op de PTT-knop volledig in te drukken als u spreekt. Controleer of de portofoons dezelfde instellingen hebben voor kanaal, frequentie, ruisfiltercode en scramblefunctie. Raadpleeg ‘Spreken en monitorfunctie’ op pagina 24 voor meer informatie. Laad de batterijen op, vervang deze of plaats ze correct in het toestel. Raadpleeg de paragraaf ‘Li-ionbatterij’ op pagina 11.
PROBLEMEN OPLOSSEN Symptoom Mogelijke remedie De LED van het oplaadstation gaat niet branden Controleer of de portofoon/batterij op de juiste wijze is geplaatst en controleer of de contacten van batterij/oplader schoon zijn en of de oplaadpen goed is aangebracht. Raadpleeg ‘Batterij opladen’ op pagina 17, ‘LED’s op oplaadstation’ op pagina 21 en ‘Li-ionbatterij installeren’ op pagina 13.
GEBRUIK EN ONDERHOUD Niet Doonderdompelen not immerse in in water water GEBRUIK EN ONDERHOUD Reinig buitenkant met Usede a soft damp cloth een vochtige doek to clean the exterior Gebruik geen alcohol Do not use alcohol or of schoonmaakmiddelen cleaning solutions Als de radio portofoon in water heeft gelegen... If the is submerged in water...
FREQUENTIE- EN CODESCHEMA’S De schema’s in deze paragraaf bevatten informatie over frequenties en codes. Deze schema’s zijn handig als portofoons van de Motorola XTNi Serie worden gebruikt met andere professionele portofoons. De meeste frequenties zijn gelijk aan die van de Spirit M, GT, S, XTN Series. FREQUENTIE- EN CODESCHEMA’S Standaardinstellingen 8-kanaals PMR 446 portofoons Freq. nr.
CTCSS Hz CTCSS Hz CTCSS Hz 1 67,0 14 107,2 27 167,9 2 71,9 15 110,9 28 173,8 3 74,4 16 114,8 29 179,9 4 77,0 17 118,8 30 186,2 5 79,7 18 123 31 192,8 6 82,5 19 127,3 32 203,5 7 85,4 20 131,8 33 210,7 8 88,5 21 136,5 34 218,1 9 91,5 22 141,3 35 225,7 10 94,8 23 146,2 36 233,6 11 97,4 24 151,4 37 241,8 12 100,0 25 156,7 38 250,3 13 103,5 26 162,2 122 (*) 69,3 Opmerking: (*) Nieuwe CTCSS-code.
FREQUENTIE- EN CODESCHEMA’S DPL-codes Nederlands DPL Code DPL Code DPL Code 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 23 25 26 31 32 43 47 51 54 65 71 72 73 74 114 115 116 125 131 132 134 143 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 152 155 156 162 165 172 174 205 223 226 243 244 245 251 261 263 265 271 306 311 315 331 83 84 85 86 87 88 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98 99 100 101 102 103 104 343 346 351 364 365 371 411 412 413 423 431 432 445 464 4
DPL-codes (vervolg) DPL Code DPL Code DPL Code 105 106 107 108 109 110 111 606 612 624 627 631 632 654 112 113 114 115 116 117 118 662 664 703 712 723 731 732 119 120 121 734 743 754 FREQUENTIE- EN CODESCHEMA’S 55 Nederlands
BEPERKTE GARANTIE VAN MOTOROLA BEPERKTE GARANTIE VAN MOTOROLA WAT VALT NIET ONDER DE GARANTIE • Defecten of beschadigingen die het gevolg zijn afwijkend gebruik, gebruik onder abnormale omstandigheden of het niet naleven van de instructies in deze gebruikershandleiding. • Defecten of beschadigingen die het gevolg zijn van misbruik, ongelukken of onachtzaamheid.
Defecten of beschadigingen als gevolg van bereik. • Producten die in tijdelijke verhuur zijn gegeven. • Defecten of beschadigingen als gevolg van vocht of vloeistoffen. • • Alle kunststof oppervlakken en alle overige externe onderdelen die gekrast of beschadigd zijn als gevolg van normaal gebruik. Periodiek onderhoud en reparatie of vervanging van onderdelen als gevolg van normaal gebruik en normale slijtage.
DRAAGACCESSOIRES ACCESSOIRES Onderdeelnr. AUDIOACCESSOIRES ACCESSOIRES Onderdeelnr. Beschrijving 00115 Externe luidspreker met microfoon 00168 Lichtgewicht headset 00117 Headset met zwenkmicrofoon 00118 Oordopje met PTT-microfoon op clip BATTERIJ RLN6302 Draagtas van stug leer RLN6307 Riemclip SOFTWARETOEPASSINGEN Onderdeelnr. IXEN4007AR Beschrijving Computer Programming Software (CPS, programmeersoftware) en programmeerkabel KABELS Onderdeelnr.
OPLADERS Onderdeelnr. Beschrijving IXPN4019AR Snelladerset – Europa (**) IXPN4020AR Oplader voor meerdere eenheden (MUC) – Europa Neem contact op met uw dichtstbijzijnde Motoroladealer voor meer informatie over levering van en accessoires voor nieuwe modellen. 59 ACCESSOIRES Opmerking: (*) Let op: Wellicht zijn niet alle accessoires leverbaar op het moment van aankoop. Neem contact op met uw Motorola-leverancier of ga naar www.motorola.com/XTNi of www.motorola.
MOTOROLA, het gestileerde M logo, XTNi Series en alle overige handelsmerken in dit document zijn handelsmerken van Motorola, Inc. ® Reg. U.S. Pat. & Tm. Off. Alle overige namen van producten en diensten zijn het eigendom van hun respectievelijke eigenaren. © 2007 Motorola, Inc. Alle rechten voorbehouden.