Operation Manual

41Geavanceerde instellingen
8.12 Auto-voork.nr
U kunt de CD2 instellen om een nummer te herkennen en deze met een ander nummer te
vervangen. Het te herkennen nummer kan uit maximaal 5 cijfers bestaan. Het nummer kan
worden vervangen met een nummer van maximaal 10 cijfers.
1. Druk op
m, blader met
d
naar
GEAVANC.INST
en druk op m.
2. Blader met
d
naar
VOORKIES NR.
. Druk op m.
3.
DETECT NR
verschijnt. Druk op m.
4. Voer het nummer in dat u wilt detecteren en druk op
m.
5. Blader naar
VOORKIES NR
. en druk op m.
6. Voer het vervangende nummer in en druk op
m.
7. Druk op
n om terug te gaan naar stand-by.
8.13 Land
Als u naar een ander land verhuist, kunt u de telefoon instellen voor het netwerk van dat
land.
OPMERKING
Als u een fout maakt in het selecteren van het land in het welkomscherm, kunt u het land
ook resetten.
Afhankelijk van het land kan deze optie verschijnen als
NIET BESCHIK
. Anders wordt uw
land mogelijk niet getoond.
1. Druk op
m, blader met
d
naar
GEAVANC.INST
en druk op m.
2. Blader met
d
naar
LANDENKEUZE
. Druk op m.
3. Voer de 4-cijferige pincode in en druk op
m.
4. Blader met
U
of
d
naar het gewenste land.
5. Druk op
m om te bevestigen.
6. Druk op
n om terug te gaan naar stand-by.
8.14 Indringing
Wanneer extern getelefoneerd wordt, kan een andere handset die bij het basisstation is
aangemeld, gebruikt worden voor een 3-weg konferentie door op
t
te drukken.
Hiervoor dient de Indringing-functie op
AAN
te zijn gezet.
1. Druk op
m, blader met
d
naar
GEAVANC.INST
en druk op m.
1. Blader met
d
naar
INDRINGING
. Druk op m.
2. Blader met
U
of
d
naar
AAN
of
UIT
.
3. Druk op
m om te bevestigen.
4. Druk op
n om terug te gaan naar stand-by.