Operation Manual

40
BASISHANDELINGEN
SELECTIE VAN DE BEELDKWALITEIT
Deze camera ondersteunt vier niveaus voor beeldkwaliteit - superfijn (SUPER FINE),
fijn (FINE), standaard (STD.) en economy (ECON.).
De beeldkwaliteit is afhankelijk van de compressie van het beeld. De mate van com-
pressie neemt toe en de beeldkwaliteit neemt af in de volgorde superfijn fijn
standaard economy.
Hoe lager dus de compressieverhouding, des te hoger is de kwaliteit. Wilt u een hoge
beeldkwaliteit, gebruik dan superfijn of fijn. Bedenk echter wel dat bij lage compressie
(in de superfijn-stand vindt zelf helemaal geen compressie plaats) het aantal opna-
men dat de Compact Flash kaart kan opslaan lager is dan in de stand standaard of
economy.
Gaat het er om zoveel mogelijk beelden op een Compact Flash kaart op te slaan, kies
dan de stand standaard of economy. Door de sterkere compressie zal de kwaliteit van
de opgeslagen beelden wel lager zijn dan in de stand superfijn of fijn.
De relatie tussen compressieverhouding, beeld-bestandsformaat en het aantal opna-
men dat een 30 MB Compact Flash kaart kan bevatten vindt u in onderstaande tabel.
Het aantal opnamen voor elke compressieverhouding is geen vaste waarde. De
grootte van de gecomprimeerde bestanden is mede afhankelijk van het opgenomen
beeld.
COMPRESSIE-
VERHOUDING
Ongecomprimeerd Ca. 1/5 Ca. 1/10 Ca. 1/15
BEELD-
BESTANDS-
FORMAAT
Exif2-TIFF Exif2-JPEG
AANTAL BEELDEN
DAT OP EEN 30 MB
COMPACT FLASH
KAART KAN
WORDEN
OPGENOMEN
Ca. 3 opnamen Ca. 17 opnamen Ca. 33 opnamen Ca. 52 opnamen
SUPERFIJN
(SUPER FINE)
FIJN
(FINE)
STANDAARD
(STD.)
ECONOMY
(ECON.)