Gebruiksaanwijzing voor de wasautomaat W 979 AllWater Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat. M M.-Nr.
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Het verpakkingsmateriaal Het afdanken van het apparaat De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen omdat dit het milieu relatief weinig belast en kan worden hergebruikt. Afgedankte apparaten bevatten meestal nog waardevolle materialen. Zet uw apparaat daarom niet zomaar bij het grof vuil, maar informeer bij uw handelaar of het mogelijk is het apparaat terug te geven.
Inhoud Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Het verpakkingsmateriaal . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Het afdanken van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Algemeen Het apparaat in één oogopslag . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Programma’s Programma-overzicht. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 Programmaverloop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 Waskaart . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26 Extra functies Het inschakelen van extra functies . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 Inweken . .
Inhoud Reiniging en onderhoud Het reinigen van de wasautomaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39 Het reinigen van de wasmiddellade . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 39 Het reinigen van pluizenfilter en filterhuis . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 40 Het reinigen van de watertoevoerzeefjes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Algemeen Het apparaat in één oogopslag 2 a Elektrische aansluiting e Bedieningspaneel b Watertoevoerslangen (bestand tegen een druk van max.
Algemeen Bedieningspaneel a Toets "I-Aan / 0-Uit" Met deze toets kunt u de wasautomaat in- en uitschakelen en het programma onderbreken. b Toets "Deur" Met deze toets kunt u de deur van de wasautomaat openen. c Toets "START" Met deze toets kunt u een wasprogramma starten. d Toetsen voor de extra functies Wanneer u een extra functie inschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje branden. Wanneer u een extra functie weer uitschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje uit.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Lees eerst de gebruiksaanwijzing door voordat u uw wasautomaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrijke instructies met betrekking tot de veiligheid, het gebruik en het onderhoud van het apparaat. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat. Bewaar deze gebruiksaanwijzing en geef deze door aan de eventuele volgende eigenaar van de wasautomaat.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Gebruik om veiligheidsredenen geen verlengsnoer. Dit in verband met gevaar voor bijvoorbeeld oververhitting. De watertoevoerslangen zijn aan slijtage onderhevig, hoewel er veel zorg is besteed aan de produktie ervan en er gebruik is gemaakt van het beste materiaal. Door scheuren, knikken, bobbels enz. kan de slang poreus worden en gaan lekken. Controleer de slangen daarom regelmatig, zodat u ze tijdig kunt vervangen en zo waterschade voorkomen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Wanneer u het wasmiddel op de juiste manier doseert is het niet nodig dat u de wasautomaat ontkalkt. Mocht uw apparaat toch zo sterk verkalkt zijn, dat het beslist moet worden ontkalkt, gebruik daar dan speciale ontkalkingsmiddelen voor die een anti-corrosiemiddel bevatten. Deze middelen zijn verkrijgbaar via uw Miele-vakhandelaar of bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland B.V. Volg de adviezen voor het gebruik van de ontkalkingsmiddelen strikt op.
Tips om energie te besparen – Benut bij ieder programma dat u kiest de maximale beladingscapaciteit van de trommel. Het energie- en waterverbruik is dan, gerelateerd aan de totale hoeveelheid wasgoed, het laagst. – Was normaal en licht vervuild WIT en BONT WASGOED met een lagere temperatuur (75°C of 60°C). Daarmee bespaart u op energie. – Gebruik de programma’s COMBINATIEWAS of MINIWAS voor kleinere hoeveelheden wasgoed. – Voor de reiniging van normaal vervuild wasgoed is de hoofdwas voldoende.
Vóór de eerste wasbeurt Controleer vóór de eerste wasbeurt of het apparaat volgens de regels is opgesteld en aangesloten. Zie: "Plaatsen en aansluiten". Eén van deze factoren is de waterhardheid. Informeer bij uw waterleidingbedrijf naar de waterhardheid in uw regio. Het schoonspoelen van de trommelruimte ^ Draai de kranen open. ^ Leg géén wasgoed in de trommel. ^ Doseer 1/4 van de op de wasmiddelverpakking aangegeven hoeveelheid wasmiddel in vakje j . ^ Druk de I-Aan / O-Uit - toets in.
Zo wast u goed Korte handleiding Wanneer u een kort overzicht wilt hebben over hoe u de wasautomaat moet bedienen, kunt u de met cijfers aangeduide stappen (A, B, C,...) aanhouden. Voordat u gaat wassen ^ Zorg ervoor dat onderdelen van kleding, zoals bh-beugels, niet los kunnen raken. Losgeraakte onderdelen moeten eerst worden vastgemaakt of verwijderd. ^ Verwijder bij vitrage haakjes en loodband of wikkel ze in een doek.
Zo wast u goed B Open de deur Wanneer u het programma start ^ door op de Deur - toets te drukken. G Schakel het apparaat in C Vul de trommel ^ door op de I-Aan / 0-Uit - toets te drukken ^ Leg het wasgoed ontvouwd en losjes in de trommel. Wanneer er stukken wasgoed van verschillende grootte in de trommel liggen is dat beter voor de waswerking en de verdeling van het wasgoed tijdens het centrifugeren. Bij een te volle trommel verslechtert het wasresultaat en kreukt het wasgoed sneller.
Zo wast u goed I Kies eventueel (een) extra functie(s) ^ door op de toets(en) van de gewenste extra functie(s) te drukken. Wanneer u een extra functie inschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje branden. Een gekozen extra functie kunt u uitschakelen door nog een keer op de desbetreffende toets te drukken. Wanneer u de extra functie uitschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje uit.
Zo wast u goed Nadat u heeft gewassen Q Draai de waterkranen dicht L Open de deur R Sluit de deur ^ door op de Deur - toets te drukken. Anders bestaat het gevaar dat er voorwerpen per vergissing in de trommel terechtkomen, worden meegewassen en het wasgoed beschadigen. M Zet de programmakeuzeschakelaar op "Einde" N Schakel het apparaat uit ^ door op de I-Aan / 0-Uit - toets te drukken. O Haal het wasgoed uit de automaat Kijk goed of er geen stukken wasgoed in de trommel zijn blijven liggen.
Zo wast u goed Het bijvullen van de trommel U kunt bij de volgende programma’s nog wasgoed in de trommel leggen of wasgoed uit de trommel halen, nadat u het programma heeft gestart: – WITTE / BONTE WAS – KREUKHERSTELLEND – WOL – MINIWAS – Stijven In een paar gevallen kan de deur niet meer worden geopend, en wel wanneer – de temperatuur van het sop boven de 55°C komt; – u de extra functie "Extra water" heeft ingesteld; – de programmavergrendeling is ingeschakeld; – de programmafase "Centrifugeren" is bereik
Zo wast u goed Het wijzigen van het programmaverloop Het afbreken van een programma ^ Draai de programmakeuzeschakelaar op "Einde". De controlelampjes in het programmaverloop gaan achter elkaar knipperen. Wanneer alleen nog maar het controlelampje "Kreukbeveiliging / Einde" brandt, is het programma afgebroken. Het onderbreken van een programma ^ Druk op de I-Aan/0-Uit - toets. Wanneer u het programma weer wilt voortzetten, ^ druk dan nog een keer op de I-Aan/0-Uit - toets.
Wasmiddelen Het kiezen van wasmiddel U kunt alle moderne wasmiddelen gebruiken die geschikt zijn voor huishoudwasautomaten. Ook vloeibare, compacte (geconcentreerde) wasmiddelen en wasmiddelen met verschillende componenten. U kunt ook eventueel bijgevoegde doseerbolletjes of doseerzakjes gebruiken. Wasgoed van wol of wolmengweefsels kunt u het beste met een wolwasmiddel wassen. Tips voor het gebruik en de dosering van de wasmiddelen kunt u vinden op de wasmiddelverpakking.
Wasmiddelen Het doseren van wasmiddel Wateronthardingsmiddel Wanneer het water harder is dan 16° d.H. kunt u een wateronthardingsmiddel gebruiken om wasmiddel te besparen. De juiste dosering vindt u op de verpakking. Doseer eerst het wasmiddel en dan pas het onthardingsmiddel. Het wasmiddel kunt u normaal toevoegen, d.w.z. in doseringen voor zacht of gemiddeld water tot 16° dH.
Wasmiddelen Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel ^ Open het klepje van vakje p. Wanneer u verschillende keren automatisch met stijfsel heeft gespoeld, reinig dan de wasmiddellade. Reinig vooral de zuighevel en het kanaal voor de wasverzachter. Zie hoofdstuk: "Reiniging en onderhoud", paragraaf: "Het reinigen van de wasmiddellade". Apart spoelen met wasverzachter of synthetisch stijfsel ^ Doseer de wasverzachter of het synthetische stijfsel in vakje p .
Programma’s Programma-overzicht Programma Textielsoort Temperatuur Max. omw/min WITTE WAS / BONTE WAS Wasgoed van katoen en linnen, bijv. beddegoed, tafellakens en servetten, badstof handdoeken, spijkerbroeken, T-shirts, ondergoed en babykleertjes 95°C tot 30°C 1500 BONTE WAS Wasgoed volgens wasetiket 60°C 1500 KREUKHERSTELL END Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels of kreukherstellend gemaakt katoen, bijv.
Programma’s Max. belading 5 kg Mogelijke extra functies – – – – Inweken Voorwas Kort Extra water (Optie 1, 2, 3, 4) 5 kg 2,5 kg 1 kg Trommel voor /2 tot 3/4 losjes vullen 1 Kies bij bijzonder sterk vervuild wasgoed de extra functie "Inweken" of "Voorwas". Was donkerkleurig wasgoed met een vloeibaar wasmiddel.
Programma’s Programmaverloop WITTE WAS BONTE WAS1) KREUKHERSTELLEND1) FIJNE WAS WOL Inweken instelbaar instelbaar instelbaar – Voorwas instelbaar instelbaar instelbaar – ß ß ß ß programmeerbaar – – – – vanaf 50°C – – 3 of 42) 2 2 2 3 2 2 2 3 3 3 – 2 2 – – max. 1000 max. 500 – max. 600 max.
Programma’s MINIWAS Stijven Centrifugeren Extra spoelen COMBINATIEWAS1) Groot aandeel bont wasgoed Groot aandeel kreukherstellend wasgoed – – – – instelbaar instelbaar – ß – – instelbaar instelbaar ß – – – ß ß – – – – – – – – – – – ß 2 2 – – – – – – – – – – 2 – – – 3 of 42) 2 2 – 3 2 2 – max. 500 – – – max. 900 max. 500 max. 1500 max. 1500 max. 1500 max. 1200 max. 900 max. 900 max. 30 min max. 30 min max. 30 min – max. 30 min max.
Programma’s Waskaart 26
Programma’s In het wasgoed bevindt zich een etiket met textielbehandelingssymbolen. Dit etiket doet aanbevelingen voor de juiste behandeling van het artikel waarop het is aangebracht. Het mag niet worden verward met een garantie hoe het textiel zich in het gebruik zal gedragen. Het behandelingsetiket waarborgt dat het textielproduct bij de aanbevolen behandeling geen schade lijdt.
Extra functies Het inschakelen van extra functies U kunt als aanvulling op een wasprogramma extra functies inschakelen. Dat kunt u doen door op de toetsen voor de extra functies te drukken. – De inweektijd bedraagt minimaal 30 minuten en maximaal 2 uur. Deze tijd kunt u instellen in stappen van 30 minuten. – De inweektijd is in de fabriek op 2 uur ingesteld. Wanneer u een extra functie inschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje branden.
Extra functies Extra water Verhoogt de waterstand in de hoofdwas en/of bij het spoelen en/of er wordt een keer extra gespoeld. Centrifugeren Het wasgoed wordt na ieder basisprogramma gecentrifugeerd, wanneer er een centrifugetoerental is ingesteld. – Bij bijzonder fijne textielsoorten – Bij moeilijk in te spoelen wasmiddelen – Wanneer aan het spoelresultaat bijzondere eisen worden gesteld. U kunt bij de toets "Extra water" kiezen tussen vier opties.
Extra functies Elektronische programmavergrendeling Met het inschakelen van de programmavergrendeling voorkomt u dat de wasautomaat tijdens het wassen wordt geopend. Tevens voorkomt u daarmee dat een wasprogramma dat nog bezig is, wordt afgebroken. Het inschakelen van de programmavergrendeling ^ Kies een programma zoals beschreven in het hoofdstuk: "Zo wast u goed". Het voortijdig uitschakelen van de programmavergrendeling ^ Druk minstens 5 seconden op de START - toets.
Het programmeren van aanvullende functies U kunt een aantal aanvullende functies programmeren om het wasprogramma nog beter af te stemmen op het soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt wassen. Een aanvullende functie blijft zo lang geprogrammeerd totdat ze weer wordt gewist. Optie 2 Verhoogt de waterstand in de hoofdwas en bij het spoelen bij de programma’s WITTE WAS / BONTE WAS, KREUKHERSTELLEND, MINIWAS en COMBINATIEWAS. Deze optie is standaard ingesteld.
Het programmeren van aanvullende functies Het wijzigen van de inweektijd U kunt een inweektijd van: – 30 min of – 1 h of – 1 h 30 min of – 2 h programmeren. Behoedzaam wassen Licht vervuild wasgoed wordt behoedzaam gewassen. Het aantal trommelbewegingen wordt dan gereduceerd. Bij iedere wasbeurt wordt met het behoedzame ritme gewassen. Deze functie is effectief bij de programma’s: WITTE WAS / BONTE WAS, KREUKHERSTELLEND, MINIWAS, Stijven en COMBINATIEWAS.
Het programmeren van aanvullende functies Het programmeren van aanvullende functies De aanvullende functies worden geprogrammeerd met behulp van de toetsen voor de extra functies en met behulp van de programmakeuzeschakelaar. De toetsen van de extra functies en programmakeuzeschakelaar hebben dus een tweede functie die niet op het paneel te zien is. Het gebeurt in vier stappen: 1. Het kiezen van de programmeermodus 2. Het kiezen van een aanvullende functie 3.
Het programmeren van aanvullende functies 3. Het activeren of deactiveren van de gekozen aanvullende functie Voor de aanvullende functies , , , , , F Door één keer op de START - toets te drukken kunt u de aanvullende functie activeren. In het programmaverloop brandt het controlelampje "Spoelen". Door nog één keer op de START toets te drukken kunt u de aanvullende functie deactiveren. In het programmaverloop gaat het controlelampje "Spoelen" uit.
Het kiezen van een besturingsvariant Met deze automaat is het mogelijk om het verbruik van waardevol drinkwater, wasmiddel en energie te reduceren, en wel door aanvullend gebruik van andere watersoorten dan drinkwater. In combinatie met drinkwater kan er altijd maar één watersoort worden gebruikt. Aan de volgende voorwaarden moet worden voldaan: – De automaat moet in ieder geval van een drinkwateraansluiting zijn voorzien. Het drinkwater wordt met de blauw gestreepte slang toegevoerd.
Het kiezen van een besturingsvariant Drinkwater (Besturingsvariant ) Deze variant maakt het mogelijk om uitsluitend van drinkwater (koud water) gebruik te maken, bijv. na een verhuizing. Na de herprogrammering hoeft alleen nog maar de blauw gestreepte drinkwaterslang op de drinkwaterleiding te worden aangesloten. Schroef de tweede - rood gestreepte - slang eraf. Sluit de aansluittuit met de bijgevoegde dop eraf.
Het kiezen van een besturingsvariant Andere soorten dan drinkwater (Besturingsvariant en besturingsvariant ) Door de juiste combinatie van drinkwater en andere soorten dan drinkwater wordt er op wasmiddel bespaard en verkalkt de automaat minder. Deze varianten maken het mogelijk om gebruik te maken van andere soorten dan drinkwater, bijv.: Let er dus op dat u de juiste besturingsvariant programmeert.
Het kiezen van een besturingsvariant Het programmeren van besturingsvarianten De besturingsvarianten worden geprogrammeerd met behulp van de toetsen voor de extra functies en met behulp van de programmakeuzeschakelaar. De toetsen van de extra functies en programmakeuzeschakelaar hebben dus een tweede functie die niet op het paneel te zien is. 2.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de wasautomaat ^ Reinig de ommanteling met een mild reinigingsmiddel of sopje. Wrijf deze daarna met een zachte doek droog. ^ Neem het bedieningspaneel met een vochtige doek af en maak het daarna droog. ^ Reinig de wastrommel met een reinigingsmiddel voor roestvrij staal. ,Gebruik geen schuurmiddelen en geen glas- of allesreinigers! Deze kunnen namelijk door hun chemische samenstelling enorme beschadigingen aan het kunststof oppervlak veroorzaken.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van pluizenfilter en filterhuis Controleer het pluizenfilter in het begin na 3 à 4 wasbeurten. Zo kunt u nagaan hoe vaak u het filter moet reinigen. Bij een gewone reinigingsbeurt stroomt er 2 l water weg. Wanneer de afvoer is verstopt, bevindt zich een vrij grote hoeveelheid water in de automaat (max. 25 l). ,Wees voorzichtig! Het water is heet, wanneer kort daarvoor op een hoge temperatuur is gewassen.
Reiniging en onderhoud ^ Wanneer er geen water meer uit het slangetje loopt, draai het pluizenfilter er dan helemaal uit. ^ Reinig het pluizenfilter. ^ Verwijder eventuele voorwerpen zoals knoopjes en munten. ^ Controleer of de pompschoepvleugel gemakkelijk rond te draaien is. Is dat niet het geval, verwijder dan de voorwerpen en/of draden. ^ Reinig het filterhuis. In het schroefdraad van het pluizenfilter en het filterhuis mogen zich geen kalkaanslag, wasmiddelresten en voorwerpen bevinden.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de watertoevoerzeefjes De automaat heeft twee zeefjes ter bescherming van de watertoevoerkleppen. Deze zeefjes moet u ongeveer 1 keer in het half jaar controleren. Wanneer de watertoevoer vaak wordt onderbroken moet u misschien vaker controleren. Het reinigen van het zeefje in de watertoevoerslangen ^ Draai de waterkranen dicht. ^ Schroef de toevoerslangen van de waterkraan. Wanneer de wasautomaat werkt staan de watertoevoerslangen onder hoge druk.
Nuttige tips Het oplossen van problemen . . . De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnen krijgen kunt u zelf oplossen. In al die gevallen hoeft u de Technische Dienst niet te bellen en kunt u tijd en kosten besparen. De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uit de wereld te helpen. Bedenk echter: ,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmensen worden uitgevoerd.
Nuttige tips Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding Foutmelding Het controlelampje "Waterafvoer" knippert. Het controlelampje "Watertoevoer" knippert. Mogelijke oorzaak De waterafvoer is geblokkeerd. De waterafvoerslang ligt te hoog. De watertoevoer is geblokkeerd. Eén van de volgende Er is sprake van een controlelampjes knippert: defect. – "Inw./Voorwassen" – "Wassen" – "Spoelen" – "Spoelstop" 44 Oplossing Reinig het pluizenfilter en het filterhuis. De maximale opvoerhoogte is 1m.
Nuttige tips Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een foutmelding Foutmelding Het controlelampje "Waterafvoer" knippert. Mogelijke oorzaak Oplossing De waterafvoer is Reinig het pluizenfilter of het belemmerd. filterhuis. Controleer of – de waterkraan ver genoeg is opengedraaid; – er knikken in de toevoerslang zitten; – de waterdruk te laag is. Het zeefje in de wa- Reinig het zeefje. tertoevoerslang is verstopt.
Nuttige tips Algemene problemen of een tegenvallend resultaat Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De wasautomaat trilt De stelvoeten staan niet Stel de wasautomaat stevig tijdens het centrifuge- gelijk en zijn niet met en schroef de stelvoeten met ren. een contramoer vastge- een contramoer vast. schroefd. Het wasgoed is niet normaal gecentrifugeerd. Het ingestelde centrifu- Kies bij de volgende wasgetoerental was te laag. beurt een hoger centrifugetoerental. De deur kan niet worden geopend.
Nuttige tips Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing In de wasmiddellade Er staat onvoldoende – Reinig het zeefje in de waterblijft vrij veel wasmid- druk op het water. toevoer. del achter. – Druk eventueel toets Extra water in. Poedervormige was- Doseer voortaan eerst het wasmiddelen in combina- middel en dan pas het onthartie met onthardingsdingsmiddel in de wasmiddellamiddelen hebben de de. neiging te gaan plakken. De wasverzachter De zuighevel zit niet Reinig de zuighevel. goed of is verstopt.
Nuttige tips Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Er is te weinig wasmid– Wanneer wasgoed zo verdel gedoseerd. Het wasvuild is moet u óf meer wasgoed is sterk met vet, middel doseren óf een vloeibijv. crème of olie verbaar wasmiddel gebruiken. vuild geweest. – Draai vóór de volgende wasbeurt het WITTE WAS / BONTE WAS - programma op 60 °C met een vloeibaar wasmiddel en zonder wasgoed.
Nuttige tips Het openen van de deur bij stroomuitval Het controleren van de waterdruk ^ Schakel de wasautomaat uit. ^ Zet een emmer onder de waterkraan. ^ Open het klepje van het pluizenfilter en laat het water er uitlopen, zoals beschreven in het hoofdstuk: "Reiniging en onderhoud", paragraaf: "Het reinigen van pluizenfilter en filterhuis". ^ Draai de waterkraan open. Stroomt er binnen 15 seconden 5 l water in de emmer, dan is de waterdruk in orde.
Technische Dienst Reparaties Voor reparaties dient u – uw Miele-vakhandelaar of – de Technische Dienst van Miele Nederland B.V. te waarschuwen. Het adres en de telefoonnummers van Miele Nederland B.V. en de diverse afdelingen vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing. Voor een goede en vlotte afhandeling is het noodzakelijk dat de Technische Dienst weet welk type wasautomaat u heeft en welk nummer deze heeft. Beide gegevens vindt u op het typeplaatje aan de binnenkant van de deur boven het glas.
Plaatsen en aansluiten Plaats van opstelling Als plaats van opstelling is een betonnen vloer het meest geschikt. In tegenstelling tot een houten of een zachte vloer trilt deze nauwelijks mee als de wasautomaat aan het centrifugeren is. Let bij het plaatsen van uw automaat op het volgende: ^ Plaats het apparaat waterpas en stabiel. ^ Plaats het apparaat niet op een zachte vloerbedekking omdat het in dat geval tijdens het centrifugeren gaat trillen.
Plaatsen en aansluiten 2. Draai de rechter transportstang 90°. 4. Sluit de gaten met de bijgevoegde dopjes af. Zonder transportbeveiliging moet u de wasautomaat zo min mogelijk verschuiven of kantelen. Bewaar de transportbeveiliging. Als de automaat moet worden getransporteerd (bijv. bij een verhuizing) moet de beveiliging weer worden gemonteerd. Het monteren van de transportbeveiliging 3. Trek de stangen en steunstang eruit. 52 Het monteren van de transportbeveiliging gebeurt in omgekeerde volgorde.
Plaatsen en aansluiten Het stellen van de wasautomaat De wasautomaat moet waterpas en gelijkmatig op de vloer staan. Alleen dan is een optimale werking gewaarborgd. Wanneer een wasautomaat verkeerd wordt geplaatst, wordt er meer water en energie verbruikt dan nodig is en kan het apparaat gaan schuiven. Het stellen van de automaat gebeurt met behulp van de vier machine- of stelvoeten. Wanneer het apparaat wordt geleverd zijn alle machinevoeten naar binnen gedraaid.
Plaatsen en aansluiten Het apparaat is minder geschikt om te worden ondergebouwd. Was-droogzuil Op deze wasautomaat kan een Miele-droogautomaat worden geplaatst. Daarvoor is een tussenstuk* noodzakelijk. Dit tussenstuk mag alleen door een vakman/vakvrouw worden gemonteerd. De met * gekenmerkte onderdelen zijn verkrijgbaar bij de Miele-vakhandel of rechtstreeks bij Miele Nederland B.V.
Plaatsen en aansluiten Het aansluiten van de watertoevoer (blauwe gestreepte slang) Drinkwater De automaat mag zonder terugslagklep op de drinkwaterleiding worden aangesloten, omdat hij gebouwd is volgens EU-normen (zie het keurmerk op het typeplaatje). Voor de aansluiting op de drinkwaterleiding is een kraan met 3/4" schroefkoppeling vereist. Is zo’n kraan niet aanwezig, dan mag de automaat uitsluitend door een erkend installateur op de drinkwaterleiding worden aangesloten.
Plaatsen en aansluiten Het aansluiten van de watertoevoer (rood gestreepte slang) Wanneer de waterkraan van de roodgestreepte slang is gesloten betrekt het apparaat na enige tijd water uit de blauwgestreepte slang. Warm water Deze veiligheidsvoorziening kan niet permanent worden gebruikt. Het apparaat wast verder met warm water, wat een slechter wasresultaat ten gevolge kan hebben. De temperatuur van het warme water mag bij de kraan niet hoger zijn dan 70°C.
Plaatsen en aansluiten Het aansluiten van de waterafvoer Het sop wordt afgepompt m.b.v. een afvoerpomp met een opvoerhoogte van 1 m. De waterafvoerslang is 1,5 m lang. Het water moet ongehinderd weg kunnen stromen en daarom mogen er geen knikken in de slang zitten. Het bochtstuk aan het eind van de slang is draaibaar en kan indien nodig worden verwijderd. Indien noodzakelijk kan de afvoerslang tot max. 5 m worden verlengd.
Plaatsen en aansluiten Elektrische aansluiting De wasautomaat mag alleen door een erkend installateur op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Deze wasautomaat is voorzien van een aansluitkabel (ca. 2 m lang) en een stekker met beschermingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op ~230 V 50 Hz. Deze wasautomaat mag uitsluitend worden aangesloten op een contactdoos met beschermingscontact (randaarde) of een daarvoor geschikte 2-polige schakelaar, bijv. voor in de badkamer.
Verbruiksgegevens Programma (zonder gebruik van extra functies en aanvullende functies) Belading Verbruiksgegevens Energie Water in kWh in l koud warm Programmad uur normaal kort WITTE WAS / BONTE WAS 95°C 5,0 kg 1,70 1,20 49 1 h 54 min 60°C* 5,0 kg 0,95 0,45 49 1 h 58 min 1 h 22 min 1 h 16 min 40°C KREUKHERSTELLEND 5,0 kg 0,55 0,25 49 1 h 58 min 1 h 06 min 40°C 2,5 kg 0,45 0,25 58 1 h 15 min 49 min 1,0 kg 0,40 0,10 75 58 min 48 min 2,0 kg 0,23 – 35 35 min –
Technische gegevens Hoogte 85,0 cm Breedte 59,5 cm Diepte 58,0 cm Diepte bij geopende deur 94,5 cm Gewicht 96 kg Maximale belasting van de vloer 1600 Newton (ca.
Wijzigingen voorbehouden / 000 3601 Dit papier bestaat uit 100% chloorvrij gebleekte cellulose en is dus minder belastend voor het milieu.