Gebruiksaanwijzing voor de wasautomaat W 3375 Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw wasautomaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat. nl - NL M.-Nr.
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Het verpakkingsmateriaal Het afdanken van het apparaat De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten meestal nog waardevolle materialen. Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen die nodig zijn geweest om de apparaten goed en veilig te laten functioneren.
Inhoud Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Bediening van de wasautomaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 Bedieningspaneel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13 Ingebruikneming van het apparaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Textielbehandelingssymbolen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 30 Het wijzigen van het programmaverloop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31 Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma. . . . . . . . . . . . 31 Het onderbreken van het programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31 Het wijzigen van een gekozen programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Afdeling Klantcontacten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Reparaties. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Programma-actualisering (Update) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Garantietermijn en garantievoorwaarden . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Bij te bestellen onderdelen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Deze wasautomaat voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsbepalingen. Ondeskundig gebruik kan persoonlijk letsel en schade aan het apparaat veroorzaken. Lees de gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voordat u uw apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrijke instructies betreffende de veiligheid, het gebruik en het onderhoud. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Wanneer er kinderen in huis zijn ~ Kinderen onder de acht jaar mogen alleen in de buurt van de wasautomaat komen als ze constant onder toezicht staan. ~ Kinderen vanaf acht jaar mogen de wasautomaat alleen dan zonder toezicht gebruiken, als ze daar uitleg over hebben gehad. Ze moeten inzien wat voor gevaar zij lopen wanneer ze het apparaat niet goed bedienen. ~ Kinderen mogen de wasautomaat niet zonder toezicht reinigen of onderhouden.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Technische veiligheid ~ Controleer vóórdat het apparaat wordt geplaatst, of het zichtbaar beschadigd is. Een beschadigde wasautomaat mag niet worden geplaatst en niet in gebruik genomen. ~ Vergelijk vóórdat u de wasautomaat aansluit de aansluitgegevens (zekering, spanning en frequentie) op het typeplaatje met die van het elektriciteitsnet. Deze moeten beslist overeenkomen. Raadpleeg bij twijfel een elektricien.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ~ Reparaties aan de wasautomaat mogen alleen door vakmensen van Miele worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties kunnen onvoorziene risico's voor de gebruiker opleveren, waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk kan worden gesteld. ~ Wanneer de aansluitkabel is beschadigd, moet de kabel door erkende vakmensen worden vervangen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Nog meer aanwijzingen over het gebruik ~ De maximale beladingscapaciteit bedraagt 7 kg (droog was- goed), maar sommige programma’s hebben een lagere beladingscapaciteit. Zie hoofdstuk: "Programma-overzicht". ~ Plaats uw wasautomaat niet in vorstgevoelige ruimten. Bevroren slangen kunnen scheuren of barsten en de betrouwbaarheid van de elektronische besturing kan door temperaturen onder het vriespunt afnemen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ~ Als u het wasmiddel op de juiste manier doseert, is het niet nodig dat u de wasautomaat ontkalkt. Mocht uw apparaat toch zo sterk verkalkt zijn, dat het beslist moet worden ontkalkt, gebruik daar dan speciale ontkalkingsmiddelen voor die een anti-corrosie-middel bevatten. Deze middelen zijn verkrijgbaar via uw Miele-vakhandelaar of bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland. Volg de adviezen voor het gebruik van de ontkalkingsmiddelen strikt op.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Toebehoren ~ Alleen originele Miele-toebehoren kunnen worden aan- of inge- bouwd. Wanneer er andere toebehoren worden aan- of ingebouwd, kan Miele niet voor de gevolgen instaan en kan er geen beroep meer worden gedaan op bepalingen met betrekking tot garantie en productaansprakelijkheid. ~ Miele-droogautomaten en Miele-wasautomaten kunnen worden gecombineerd tot een was-droogzuil. Daarvoor is een Miele-tussenstuk nodig.
Bediening van de wasautomaat Bedieningspaneel a Display Het display kan verschillende dingen aangeven. Zie volgende bladzijde. b Start - toets Met deze toets kunt u – het starttijdstip van het te kiezen programma van te voren instellen; – een wasprogramma starten. c Toetsen voor de extra functies Met deze toetsen kunt u extra functies in- of uitschakelen. Met de bovenste toets kunt u óf Kort óf Voorwas óf Inweken kiezen. Met de onderste toets kunt u Extra water kiezen.
Bediening van de wasautomaat Display Voorgeprogrammeerde tijd Het display kan verschillende dingen aangeven: Wanneer u een programma start met voorprogrammering, dan geeft het display eerst de voorgeprogrammeerde tijd aan, d.w.z. geeft aan hoelang het nog duurt voordat het gekozen programma begint. – de programmaduur (resttijd); – de voorgeprogrammeerde tijd; – de programmeerfuncties.
Ingebruikneming van het apparaat Controleer voordat u uw wasautomaat voor het eerst gebruikt of het apparaat volgens de regels is geplaatst en aangesloten. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat". ^ Schakel de wasautomaat na afloop van het programma uit. De wasautomaat is nu in gebruik genomen. Iedere wasautomaat wordt in de fabriek op zijn werking getest. Het is mogelijk dat er als gevolg van deze tests wat water in het apparaat achterblijft.
Tips om energie en water te besparen Energie- en waterverbruik Wasmiddelen – Maak bij ieder programma dat u kiest gebruik van de maximale beladingscapaciteit van de trommel. Het energie- en waterverbruik is dan, vergeleken met de totale hoeveelheid wasgoed, het laagst. – Gebruik hoogstens zoveel wasmiddel als op de wasmiddelverpakking staat aangegeven. – Bedenk dat het apparaat dankzij de beladingsautomaat bij een geringe belading minder water en energie verbruikt en de programmaduur verkort.
Zo wast u goed Korte handleiding Wanneer u een kort overzicht wilt hebben over hoe u de wasautomaat moet bedienen, kunt u de met cijfers aangeduide stappen (A, B, C, . . .) aanhouden. ^ Keer gebreid of tricot wasgoed binnenstebuiten als de fabrikant dat adviseert. ^ Knoop bed- en kussenovertrekken dicht zodat er geen andere textiel in terecht kan komen.
Zo wast u goed B Schakel de wasautomaat in C Belaad de wasautomaat ^ Open de deur met de Deur - toets. ^ Leg het wasgoed uit elkaar gevouwen en losjes in de trommel. ^ Leg stukken wasgoed van verschillende grootte in de trommel. Daardoor wordt een beter wasresultaat bereikt en kan het wasgoed zich tijdens het centrifugeren beter verdelen. D Programmeer indien gewenst het starttijdstip van het te kiezen programma vòòr De programmaschakelaar moet daarbij op stand , Einde staan. ^ Druk op de Start - toets.
Zo wast u goed F Kies eventueel (een) extra functie(s) G Kies het centrifugetoerental Met de extra functies kunt u het gekozen programma nog beter afstemmen op uw wasgoed. Met de bovenste toets kunt u de extra functie Kort of Voorwas of Inweken kiezen of u kiest geen extra functie. Met de onderste toets kunt u de extra functie Extra water kiezen. ^ Druk zo vaak op de toets voor het centrifugeren totdat het controlelampje oplicht van het door u gewenste toerental. ^ Kies de gewenste extra functie.
Zo wast u goed H Doseer het wasmiddel Het is belangrijk om niet te weinig en niet te veel wasmiddel te doseren. Te weinig wasmiddel heeft tot gevolg dat – het wasgoed niet schoon en in de loop van de tijd grauw en hard wordt; – er zich vetbolletjes in het wasgoed vormen; – er zich kalk op de kuip en de verwarmingselementen afzet.
Zo wast u goed I Start het programma De Start - toets is nu aan het knipperen. ^ Druk op deze toets. Wanneer u de start heeft voorgeprogrammeerd, dan geeft het display de voorgeprogrammeerde tijd aan, d.w.z. geeft aan hoe lang het nog duurt voordat het gekozen programma begint. Deze tijd wordt in het display afgeteld. Na afloop van de voorgeprogrammeerde tijd start het programma en geeft het display aan hoelang het programma waarschijnlijk gaat duren.
Centrifugeren Maximaal centrifugetoerental Programma Omw/min Katoen 1600 Het kiezen van de Spoelstop ^ Druk zo vaak op de toets voor het centrifugeren, totdat het controlelampje Spoelstop brandt. Kreukherstellend 1200 Automatic extra 900 Donker wasg. / Jeans 1200 Express 20 1600 Overhemden 600 Wol 1200 Fijne was 600 Pompen / Centrifug. 1600 ^ Kies een toerental. Extra spoelen/Stijven 1200 De automaat begint met centrifugeren.
Voorprogrammering Met de voorprogrammering kunt u het tijdstip dat het door u gekozen programma start minimaal 30 minuten en maximaal 24 uur van te voren instellen. Dit kunt u bijvoorbeeld doen om gebruik te maken van het nachttarief. Het voorprogrammeren De programmakeuzeschakelaar moet op stand d Einde staan. Het controlelampje d Voorprogrammering in het display knippert. Het wijzigen van de voorgeprogrammeerde tijd Na de programmakeuze is een wijziging niet meer mogelijk.
Programma-overzicht Katoen 90°C tot 30°C Maximaal 7,0 kg Wasgoed Wasgoed van katoen, linnen of mengweefsels; t-shirts, ondergoed, tafellakens en servetten Attentie De instellingen 60°/40°C onderscheiden zich van r/s daarin, dat: – de programma's korter duren; – de temperaturen langer worden aangehouden; – het energieverbruik hoger is. Voor wasgoed dat aan bijzonder hoge hygiënische eisen moet voldoen is een temperatuur van 60°C of hoger geschikt.
Programma-overzicht Donker wasgoed / Jeans 40°C Maximaal 3,0 kg Wasgoed Zwart en ander donker wasgoed van katoen of mengweefsels; jeansstoffen Tips – Was dit wasgoed binnenstebuiten. – Jeansstoffen geven vaak iets af wanneer ze de eerste paar keer worden gewassen. Was lichte en donkere jeansstoffen daarom apart. Express 20 40°C Maximaal 3,0 kg Wasgoed Wasgoed dat nauwelijks gedragen of dat wel gedragen, maar nauwelijks vuil is. Tip De extra functie Kort is automatisch geactiveerd.
Programma-overzicht Pompen/Centrifugeren Tips – Alleen pompen: Kies Zonder centrifugeren. – Centrifugeren: Stel een centrifugetoerental in. Extra spoelen / Stijven Maximaal 7,0 kg Wasgoed – Wasgoed dat met de hand is gewassen en moet worden gespoeld – Tafellakens, servetten en beroepskleding die moeten worden gesteven Tips – Let bij kreukgevoelig wasgoed op het eindcentrifugetoerental. – Het te stijven wasgoed moet net gewassen, maar mag niet met wasverzachter nabehandeld zijn.
Extra functies Met de extra functies kunt u het gekozen programma nog beter afstemmen op uw wasgoed. U kunt tussen 3 varianten kiezen. Wanneer het apparaat wordt geleverd, wordt de waterstand bij het wassen en bij het spoelen verhoogd. Kort Voor licht vervuild wasgoed zonder zichtbare vlekken. Voor het wijzigen van de variant zie hoofdstuk: "Programmeerfuncties", paragraaf "Systeem extra water". Met deze functie kunt u de hoofdwas verkorten.
Programmaverloop Hoofdwas Spoelen Centrifugeren Waterstand Wasritme Waterstand Katoen d a ( 2-41)2) L L Kreukherstellend ( c e 2-33) L L Automatic extra ( abc e 3) 2-3 L L Donker wasg. / Jeans ( b d 3 – L Express 20 d b d 1-3 L L Overhemden e c e 2 – L Wol / e f e 2 L L Fijne was e d e 3 – L Pompen / Centrifug. – – – – – L Extra spoelen/Stijven – – e 1 – L Voor de legenda zie de volgende bladzijde.
Programmaverloop d = Lage waterstand ( = Middelste waterstand Nadere bijzonderheden over het programmaverloop: e = Hoge waterstand Kreukbeveiliging: a = Intensief ritme b = Normaal ritme c = Behoedzaam ritme d = Sensitief ritme De trommel beweegt nog 30 minuten na afloop van het programma om kreukvorming te voorkomen. Dit geldt niet voor Wol. De wasautomaat kan altijd worden geopend.
Textielbehandelingssymbolen Wassen Het getal in de wastobbe geeft de maximale wastemperatuur aan. Trommeldrogen De punten geven de globale temperatuur aan.
Het wijzigen van het programmaverloop Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma U kunt een wasprogramma ieder moment afbreken, nadat u het heeft gestart. Het onderbreken van het programma ^ Schakel de wasautomaat met de K - toets uit. ^ Wilt u het programma weer voortzetten, ^ Draai de programmaschakelaar op stand , Einde. ^ schakel de wasautomaat dan met de K - toets in.
Het wijzigen van het programmaverloop Het bijvullen van de trommel of het voortijdig verwijderen van wasgoed uit de trommel ^ Druk op de Deur - toets en klap de deur open. ^ Leg wasgoed in de trommel of haal er wasgoed uit. ^ Sluit de deur. Het programma wordt automatisch voortgezet. Attentie: Nadat de wasautomaat een programma eenmaal heeft gestart kan hij in de hoeveelheid wasgoed geen wijzigingen meer vaststellen.
Wasmiddelen Het juiste wasmiddel U kunt alle wasmiddelen gebruiken die voor gebruik in de wasautomaat geschikt zijn. Tips voor gebruik en dosering van wasmiddelen voor volle belading staan op de wasmiddelverpakking. Universeel Color- Fijn- Speciaal* Impregneermiddel** Wasverzachter wasmiddel Katoen X X – – – X Kreukherstellend X X – – – X Automatic extra X X – – – X Donker wasg.
Wasmiddelen Het doseren van wasmiddel Doseerhulp De dosering is van verschillende factoren afhankelijk. Gebruik voor het doseren van het wasmiddel de attributen die door de wasmiddelfabrikant als hulp bij het doseren zijn geleverd, bijv. doseerbolletjes. Gebruik die vooral bij vloeibare wasmiddelen. – De hoeveelheid wasgoed Let op het doseeradvies. – De mate waarin dit is vervuild Licht vervuild Er zijn geen vuile vlekken te zien, maar de kledingstukken ruiken niet meer zo fris.
Wasmiddelen Middelen voor het nabehandelen van het wasgoed Wasverzachters Met wasverzachters wordt uw wasgoed extra zacht en minder statisch. Synthetische stijfsels Met synthetische stijfsels krijgt u het wasgoed beter in model. Stijfsels Met gewone stijfsels wordt uw wasgoed stevig. Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel Wanneer u verschillende keren automatisch met stijfsel heeft gespoeld, reinig dan de wasmiddellade. Reinig de zuighevel extra goed.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de trommel (Hygiëne Info) Het reinigen van de wasmiddellade Wanneer er met lage temperaturen en / of een vloeibaar wasmiddel wordt gewassen, bestaat het gevaar dat er in de wasautomaat ziektekiemen en geurtjes ontstaan. Draai om dit te voorkomen een wasprogramma op minstens 60°C met een universeel, poedervormig wasmiddel. Doe dit eenmaal in de maand of iedere keer wanneer het controlelampje Hygiëne Info gaat branden. De wasmiddellade heeft verschillende vakjes.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de wasmiddelladekast Het reinigen van de zuighevel ^ Trek de zuighevel uit vakje § (1) ^ en reinig de hevel onder de warme kraan. ^ Reinig ook het buisje waar de zuighevel overheen wordt gestoken. ^ Reinig ook het gedeelte waar de wasmiddellade zit. Verwijder de wasmiddelresten en kalkaanslag en gebruik daarvoor een flessenborstel. ^ Zet de zuighevel weer terug (2). Wanneer u verschillende keren vloeibaar stijfsel hebt gebruikt, reinig de zuighevel dan extra goed.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de watertoevoerzeefjes Het reinigen van het zeefje in het koppelstuk van de watertoevoerklep De automaat heeft twee zeefjes ter bescherming van de watertoevoerklep. Deze moeten worden gecontroleerd wanneer het controlelampje voor de watertoevoer brandt. ^ Schroef de geribbelde kunststof moer voorzichtig met een tang van het koppelstuk af. Het reinigen van het zeefje in de watertoevoerslang ^ Draai de waterkraan dicht. ^ Schroef de toevoerslang van de waterkraan.
Nuttige tips Het oplossen van problemen . . . De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnen krijgen kunt u zelf oplossen. In al die gevallen hoeft u de afdeling Klantcontacten niet in te schakelen en kunt u tijd en kosten besparen. De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uit de wereld te helpen. Bedenk echter: ,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmensen worden uitgevoerd.
Nuttige tips Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding Probleem Oorzaak Het controlelampje Wa- De waterafvoer is geterafvoer knippert. blokkeerd. In het display verschijnt: "– – –". Het controlelampje Watertoevoer knippert. In het display verschijnt: "– – –". Oplossing A Reinig het pluizenfilter en het filterhuis zoals beschreven in het hoofdstuk: "Nuttige tips", paragraaf: "Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval." De waterafvoerslang ligt te hoog.
Nuttige tips Het wasprogramma verloopt normaal, maar er gaat een controlelampje branden. Oorzaak Oplossing A Het controlelampje Hygiëne Info gaat branden. Er is al langere tijd geen wasprogramma met een temperatuur van boven de 60°C gedraaid. Start het programma Katoen 90°C met een universeel wasmiddel. Daarmee voorkomt u dat er in de wasautomaat bacteriën ontstaan en zich geurtjes ontwikkelen. Het controlelampje Overdosering gaat branden. Er heeft zich tijdens het wasprogramma teveel schuim gevormd.
Nuttige tips Algemene problemen met de wasautomaat Probleem Oorzaak Oplossing De wasautomaat trilt tijdens het centrifugeren. De stelvoeten staan niet gelijk en zijn niet met een contramoer vastgeschroefd. Stel de wasautomaat stevig en schroef de stelvoeten met een contramoer vast. De wasautomaat heeft het wasgoed niet normaal gecentrifugeerd en het wasgoed is nog nat. Bij het eindcentrifugeren heeft de automaat een grote onbalans herkend en het centrifugetoerental automatisch gereduceerd.
Nuttige tips Een tegenvallend wasresultaat Probleem Oorzaak Oplossing Het wasgoed wordt met een vloeibaar wasmiddel niet schoon. In vloeibare wasmid– Gebruik poedervormige wasdelen zitten geen bleekmiddelen met een bleekmidmiddelen. del. Fruit-, koffie- of theevlek- – Doseer vlekkenzout in vakje ken zijn er moeilijk uit te j en het vloeibare wasmidkrijgen. del in een doseerbolletje. – Doseer vloeibaar wasmiddel en vlekkenzout nooit bij elkaar in het wasmiddelvakje.
Nuttige tips De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. Oorzaak Oplossing De wasautomaat is niet elektrisch aangesloten en / of is niet ingeschakeld. Steek de stekker in het stopcontact en / of schakel de wasautomaat met de K - toets in. De stroom is uitgevallen. Open de deur zoals beschreven in de volgende paragraaf: "Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval". De deur is niet goed dichtgegaan.
Nuttige tips Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval ^ Schakel de wasautomaat uit. Aan de achterkant van het front van de wasmiddellade bevindt zich een gele opener voor het klepje van het pluizenfilter. Verstopte afvoer Wanneer de afvoer is verstopt, bevindt zich een vrij grote hoeveelheid water in de automaat (max. 25 l). ,Wees voorzichtig! Het water is heet, wanneer kort daarvoor op een hoge temperatuur is gewassen.
Nuttige tips Wanneer er geen water meer uit de automaat loopt, ^ Zet het pluizenfilter weer in het filterhuis. ^ Draai het filter weer vast. ,Wordt het pluizenfilter niet teruggezet en vastgedraaid, dan loopt er water uit het apparaat. Om te voorkomen dat er wasmiddel verloren gaat, kunt u de wasmiddellade na het reinigen van het pluizenfilter het beste met ca. 2 l water doorspoelen. Overtollig water wordt vòòr de volgende wasbeurt automatisch weggepompt. ^ draai het pluizenfilter er dan helemaal uit.
Afdeling Klantcontacten Reparaties Programma-actualisering (Update) Voor reparaties dient u te bellen: Wasmiddelen, textiel, wasgewoonten en wasvoorschriften zullen in de toekomst veranderingen ondergaan. – uw Miele-vakhandelaar of – de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V. Adres, telefoonnummer en website van Miele Nederland B.V. vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het apparaat van voren a Watertoevoerslang (bestand tegen een druk van maximaal 7.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het apparaat van achteren a Rand van het bovenblad Hier kunt u het apparaat vastpakken wanneer u het wilt verplaatsen. b Elektrische aansluiting c Watertoevoerslang (bestand tegen een druk van maximaal 7.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Plaats van opstelling Als plaats van opstelling is een betonnen vloer het meest geschikt. In tegenstelling tot een houten of een zachte vloer trilt deze nauwelijks mee als de wasautomaat aan het centrifugeren is. Let bij het plaatsen van uw automaat op het volgende: ^ Plaats het apparaat waterpas en stabiel. ^ Plaats het apparaat niet op een zachte vloerbedekking omdat het in dat geval tijdens het centrifugeren gaat trillen.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat ^ Draai de linker transportstang met de bijgevoegde steeksleutel 90° en ^ Draai de rechter transportstang 90° en ^ trek de stang eruit. ^ trek de stang eruit.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat ,Sluit de gaten af die vrijkomen nadat u de transportbeveiliging heeft verwijderd. Doet u dat niet, dan loopt u het risico zich te bezeren. ^ Bevestig de transportstangen aan de achterwand van de wasautomaat. Let erop dat het bovenste haakje boven de houder ligt. ,Wanneer de wasautomaat moet ^ Sluit de gaten met de stopjes af. worden getransporteerd, bijv. bij een verhuizing, moet de transportbeveiliging weer worden gemonteerd.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het stellen van de wasautomaat De wasautomaat moet waterpas en gelijkmatig op de vloer staan. Alleen dan is een optimale werking gewaarborgd. Wanneer een wasautomaat verkeerd wordt geplaatst, wordt er meer water en energie verbruikt dan nodig is en kan het apparaat gaan schuiven. Het stellen van de automaat gebeurt met behulp van de vier machine- of stelvoeten. Wanneer het apparaat wordt geleverd zijn alle stelvoeten naar binnen gedraaid.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het plaatsen van de wasautomaat onder een werkblad of in een keukenblok Let op het volgende: – Hiervoor is een onderbouwset* noodzakelijk. De onderbouwset moet door een vakman / vakvrouw worden gemonteerd. Bij de onderbouwset is een montagehandleiding gevoegd. – Bij de onderbouwset is een afdekplaat gevoegd. Deze afdekplaat moet het bovenblad van de automaat vervangen.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het Miele waterbeveiligingssysteem Het Miele waterbeveiligingssysteem biedt een volledige bescherming tegen waterschade door de wasautomaat. Het systeem bestaat hoofdzakelijk uit drie onderdelen: – Bescherming tegen overstromen Voorkomen wordt dat de wasautomaat door een ongecontroleerde watertoevoer gaat lekken. Stijgt de waterstand boven een bepaald niveau, dan wordt de afvoerpomp ingeschakeld en het water gecontroleerd afgepompt.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het aansluiten van de watertoevoer De automaat mag zonder terugslagklep op het waterleidingnet worden aangesloten, omdat hij gebouwd is volgens EU-normen. De waterdruk moet minstens 100 kPa en mag niet meer dan 1.000 kPa bedragen. Is de druk hoger dan 1.000 kPa dan moet er een drukreduceerventiel in de waterleiding worden ingebouwd. Voor de aansluiting is een kraan met 3 /4"-schroefkoppeling noodzakelijk.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het aansluiten van de waterafvoer Het sop wordt afgepompt m.b.v. een afvoerpomp met een opvoerhoogte van 1 m. Het water moet ongehinderd weg kunnen stromen en daarom mogen er geen knikken in de slang zitten. Het bochtstuk aan het eind van de slang is draaibaar en kan indien nodig worden verwijderd. 2. De slang kan op een kunststof afvoerbuis met rubberen mof worden aangesloten. Een sifon is niet beslist noodzakelijk. 3.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Elektrische aansluiting De wasautomaat mag alleen door een erkend installateur volgens de geldende NEN-normen op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Deze wasautomaat is voorzien van een aansluitkabel en een stekker met beschermingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op ~230 V 50 Hz. Deze wasautomaat mag uitsluitend worden aangesloten op een contactdoos met beschermingscontact (randaarde) of een daarvoor geschikte 2polige schakelaar, bijv.
Verbruikgegevens Belading Katoen Verbruikswaarden Energie Water in kWh in l Programmaduur Restvocht 90°C 7,0 kg 2,20 52 2 uur 29 min 50% 60°C 7,0 kg 1,33 52 1 uur 59 min 50% 60°C 3,5 kg 1,00 45 1 uur 59 min 50% r* 7,0 kg 0,95 52 2 uur 59 min 44% r* 3,5 kg 0,82 45 2 uur 59 min 44% 40°C 7,0 kg 0,84 67 2 uur 29 min 44% 40°C 3,5 kg 0,73 45 2 uur 29 min 44% s* 3,5 kg 0,58 45 2 uur 59 min 44% Kreukherstellend 40°C 3,5 kg 0,56 50 1 uur 52 min 30% Autom
Technische gegevens Hoogte 850 mm Breedte 595 mm Diepte 615 mm Diepte bij geopende deur 987 mm Hoogte voor onderbouw 820 mm Breedte voor onderbouw 600 mm Diepte voor onderbouw 600 mm Gewicht 98 kg Beladingscapaciteit 7 kg droog wasgoed Aansluitspanning Zie typeplaatje Aansluitwaarde Zie typeplaatje Zekering Zie typeplaatje Verbruiksgegevens Zie hoofdstuk: "Verbruiksgegevens" Minimale waterdruk 100 kPa (1 bar) Maximale waterdruk 1.
Programmeerfuncties Met de programmeerfuncties kunt u de elektronica van de wasautomaat aanpassen aan uw wasgoed en de manier waarop u dit wilt wassen. U kunt de ingestelde varianten altijd veranderen. Systeem extra water Wanneer u de extra functie Extra water inschakelt, wordt er bij de programma's meer water gebruikt. Daarbij zijn 3 varianten mogelijk. Met de programmeerfunctie Systeem extra water kunt u de variant instellen die u wilt hebben.
Programmeerfuncties Behoedzaam wassen Met het inschakelen van de functie Behoedzaam wassen kunt u licht vervuild wasgoed met een behoedzaam ritme wassen. Het aantal trommelbewegingen wordt gereduceerd. Behoedzaam wassen kan worden gebruikt voor de programma's Katoen en Kreukherstellend. De functie is, wanneer de wasautomaat wordt geleverd, niet ingeschakeld. Het in- en uitschakelen doet u met de stappen A tot en met G en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar.
Programmeerfuncties Afkoeling van het waswater Wanneer u de functie Afkoeling van het waswater inschakelt, stroomt er aan het einde van de hoofdwas extra water in de trommel. Afkoeling van het waswater kan worden gebruikt voor het programma Katoen 90°C. Het verdient aanbeveling om deze functie in te schakelen, – wanneer de wasautomaat in een gebouw staat met waterafvoerbuizen die niet aan de Komokeur voldoen; – wanneer u de waterafvoerslang in een wasbak, wastafel of gootsteen hangt.
Programmeerfuncties Memory Met het inschakelen van de functie Memory kunt u het centrifugetoerental en de extra functie(s) die u bij een bepaald programma hebt gekozen bij de start van dat programma opslaan. Wanneer u de volgende keer hetzelfde wasprogramma kiest, geeft de wasautomaat het opgeslagen centrifugetoerental en de eventueel opgeslagen extra functie(s) weer aan. De functie is, wanneer de wasautomaat wordt geleverd, niet ingeschakeld.
Programmeerfuncties Inweektijd Wanneer u de extra functie Inweken inschakelt, gaat aan het eigenlijke wasprogramma een inweekprogramma vooraf. Daarbij zijn 4 varianten mogelijk. Met de programmeerfunctie Inweektijd kunt u de variant instellen die u wilt hebben. De 4 varianten zijn: Variant 1: 2 uur inweektijd (fabrieksinstelling) A Druk op de Start - toets en blijf daar gedurende de stappen B en C op drukken. B Schakel de wasautomaat met de K - toets in.
Na te bestellen reinigings- en onderhoudsmiddelen Miele staat voor perfecte wasgoedbehandeling. De Miele wasautomaten beschikken over een groot aantal speciale programma's die optimaal op de verschillende soorten wasgoed zijn ingesteld. Bovendien heeft Miele de zgn. CareCollection ontwikkeld, een uniek systeem dat bestaat uit speciale middelen voor het behoedzame reinigen en onderhouden van het wasgoed. Hieronder stellen wij u de reinigings- en onderhoudsmiddelen van de Miele CareCollection voor.
Na te bestellen reinigings- en onderhoudsmiddelen Universeel wasmiddel "UltraWhite" Fijnwasmiddel Het universeel wasmiddel "UltraWhite" in poedervorm is bijzonder geschikt voor wit en licht wasgoed en sterk vervuild bont wasgoed. Het fijnwasmiddel van Miele is bijzonder geschikt voor teer wasgoed zoals wol of zijde. Door zijn bijzondere formule reinigt het al vanaf een temperatuur van 20°C en beschermt het de kleuren van uw fijne was.
Wijzigingen voorbehouden/2513 M.-Nr.