Gebruiksaanwijzing voor de wasautomaat W 2105 Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw wasautomaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat. nl - NL M.-Nr.
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Het verpakkingsmateriaal Het afdanken van het apparaat De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Oude elektrische en elektronische apparaten bevatten meestal nog waardevolle materialen. Ze bevatten echter ook schadelijke stoffen die nodig zijn geweest om de apparaten goed en veilig te laten functioneren.
Inhoud Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 Specifieke kenmerken . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Het onderbreken van een programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 Het wijzigen van het gekozen programma . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 Het overslaan van een programmafase . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 28 Het afbreken van een programma / Het wisselen van programma. . . . . . . . . . . . 28 Programmaverloop . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45 Het apparaat van voren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 45 Het apparaat van achteren . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 46 Plaats van opstelling . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 47 Het plaatsen van de wasautomaat . . . . . . . . . . . . . . .
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ~ Personen die op grond van hun Deze wasautomaat voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsbepalingen. Door ondeskundig gebruik kunnen personen echter letsel oplopen en kan er materiële schade ontstaan. Lees de gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voordat u uw apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrijke instructies betreffende de veiligheid, het gebruik en het onderhoud van de wasautomaat.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Technische veiligheid ~ Reparaties aan de wasautomaat ~ Controleer vóórdat het apparaat mogen alleen door vakmensen van Miele worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties kunnen onvoorziene risico's voor de gebruiker opleveren, waarvoor de fabrikant niet aansprakelijk kan worden gesteld. wordt geplaatst, of het zichtbaar beschadigd is. Een beschadigde wasautomaat mag niet worden geplaatst en niet in gebruik genomen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ~ Wanneer dit apparaat op een nietstationaire locatie (bijv. op een boot of in een camper) moet worden geplaatst, mag het uitsluitend door een vakman/ vakvrouw worden ingebouwd en aangesloten. Hierbij moet aan alle voorwaarden voor een veilig gebruik worden voldaan. Gebruik ~ Plaats uw wasautomaat niet in vorstgevoelige ruimten.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ~ Wasgoed dat met oplosmiddelhoudende reinigingsmiddelen is behandeld, moet vóórdat het in de wasautomaat wordt gewassen, grondig in helder water worden uitgespoeld. ~ Gebruik in deze wasautomaat nooit reinigingsmiddelen die een oplosmiddel bevatten, zoals wasbenzine. Doet u dat toch, dan kunnen onderdelen van het apparaat beschadigen en kunnen er giftige dampen ontstaan. Het gevaar bestaat dan dat er brand uitbreekt of zich een explosie voordoet.
Algemeen Specifieke kenmerken Speciale programma's (Zijde /, Wol /, Miniwas, Automatic, Extra spoelen) – Zijde / In dit programma kan met de hand wasbaar, kreukgevoelig textiel worden gewassen waar geen wol in zit. – Wol / In dit programma kan met de hand wasbaar textiel van wol of wolmengweefsels worden gewassen. – Miniwas In dit programma kan een kleine hoeveelheid licht vervuild textiel worden gewassen dat anders met de bonte was meegaat.
Algemeen Programma-actualisering (Update) Wasmiddelen, textiel, wasgewoonten en wasvoorschriften zullen in de toekomst veranderingen ondergaan. De was- en spoelprogramma's zullen daaraan moeten worden aangepast. De Technische Dienst zal in de toekomst in staat zijn het wasprogramma te updaten en in het Novotronic-geheugen van uw wasautomaat op te slaan. Dit zal gebeuren via het controlelampje voor de watertoevoer (PC = Programme Correction).
Algemeen Bedieningspaneel a Toets Start Met deze toets kunt u een wasprogramma starten. b Toetsen voor de extra functies Met deze toetsen kunt u extra functies in- of uitschakelen. Met de bovenste toets kunt u óf Intensief óf Voorwas óf Inweken óf combinaties daarvan kiezen. Met de onderste toets kunt u Extra water kiezen. Wanneer u een extra functie inschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje branden. Wanneer u een extra functie weer uitschakelt gaat het daarbij behorende controlelampje uit.
Algemeen Belangrijke bedieningselementen Programma Omw/min Witte was/Bonte was 1200 Programmakeuzeschakelaar Kreukherstellend 900 Met de programmakeuzeschakelaar kunt u een basisprogramma en een daarbij behorende temperatuur instellen. Fijne was 600 Toetsen voor de extra functies Met deze toetsen kunt u extra functies in- en uitschakelen. De extra functies dienen ter aanvulling van de basiswasprogramma's.
Vóór de eerste wasbeurt Iedere wasautomaat wordt in de fabriek op zijn werking getest. Het is mogelijk dat er als gevolg van deze tests wat water in het apparaat achterblijft. Controleer voordat u uw wasautomaat voor het eerst gebruikt of het apparaat volgens de regels is geplaatst en aangesloten. Zie hoofdstuk: "Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat". Om veiligheidsredenen is het niet mogelijk om meteen bij de eerste wasbeurt te centrifugeren.
Tips om energie en water te besparen Energie- en waterverbruik Wasmiddelen – Benut bij ieder programma dat u kiest de maximale beladingscapaciteit van de trommel. Het energie- en waterverbruik is dan, vergeleken met de totale hoeveelheid wasgoed, het laagst. – Gebruik hoogstens zoveel wasmiddel als op de wasmiddelverpakking aangegeven staat. – Gebruik de programma's Automatic of Miniwas voor kleinere hoeveelheden wasgoed.
Zo wast u goed Korte handleiding Tip: Het is belangrijk dat u zich met de bediening van de automaat vertrouwd maakt. Lees daarom de uitgebreide paragrafen: "Voordat u gaat wassen", "Wanneer u gaat wassen" en "Nadat u heeft gewassen" in dit hoofdstuk. Voordat u gaat wassen A Inspecteer en sorteer het wasgoed en behandel het voor. Wanneer u gaat wassen B Schakel de wasautomaat in. C Open de deur. D Vul de trommel. E Sluit de deur. F Kies een programma. G Kies een centrifugetoerental.
Zo wast u goed Programma-overzicht Witte was/Bonte was Maximaal 5,0 kg Textielsoort Wasgoed van katoen en linnen, bijv. beddengoed, tafellakens en servetten, badstof handdoeken, spijkerbroeken, T-shirts, ondergoed en babykleertjes Extra functies Inweken / Voorwas / Intensief / Extra water Bijzondere tips – Gebruik Witte was/Bonte was 95°C alleen voor geïnfecteerd of sterk vervuild wasgoed. – Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed de extra functie Intensief.
Zo wast u goed Fijne was Maximaal 1,0 kg Textielsoort Wasgoed van synthetische vezels, mengweefsels, kunstzijde of kreukherstellend gemaakt katoen, bijv. overhemden of blouses Vitrage die volgens de fabrikant in de wasautomaat kan worden gewassen. Extra functies Inweken / Voorwas / Intensief Bijzondere tips – Gebruik voor normaal tot sterk vervuild wasgoed de extra functie Intensief. – In dit programma kreukt het wasgoed minder ("Licht strijken").
Zo wast u goed Miniwas Maximaal 2,5 kg Textielsoort Licht vervuild wasgoed dat in het programma voor de bonte was mag worden gewassen Extra functie Extra water Bijzondere tip – Doseer minder waspoeder. Dit programma heeft namelijk een halve belading.
Textielbehandelingssymbolen Wassen Het getal in de wastobbe geeft de maximale wastemperatuur aan. Trommeldrogen De punten geven de globale temperatuur aan.
Textielbehandelingssymbolen In het wasgoed bevindt zich een etiket met textielbehandelingssymbolen. Dit etiket doet aanbevelingen voor de juiste behandeling van het artikel waarop het is aangebracht. Het mag niet worden verward met een garantie hoe het textiel zich in het gebruik zal gedragen. Het behandelingsetiket waarborgt dat het textielproduct bij de aanbevolen behandeling geen schade lijdt.
Textielbehandelingssymbolen Voordat u gaat wassen Het sorteren van het wasgoed A Inspecteer en sorteer het wasgoed en behandel het voor ^ Sorteer het wasgoed naar kleur en naar de symbolen in het wasetiket, dat zich in de kraag of in de zijnaad bevindt. Het inspecteren van het wasgoed ^ Was geen textiel dat volgens het wasetiket niet in de wasautomaat kan worden gewassen. Het symbool daarvoor is: h. ^ Donkergekleurd wasgoed geeft bij de eerste wasbeurten vaak iets af.
Textielbehandelingssymbolen Wanneer u gaat wassen F Kies een programma B Schakel de wasautomaat in ^ door op de I-Aan/0-Uit - toets te drukken. C Open de deur ^ door op de Deur - toets te drukken en de deur open te klappen. D Vul de trommel ^ door het wasgoed ontvouwd en losjes in de trommel te leggen. Leg stukken wasgoed van verschillende grootte in de trommel. Daardoor wordt een beter wasresultaat bereikt en kan het wasgoed zich tijdens het centrifugeren beter verdelen.
Textielbehandelingssymbolen Extra functies H Kies eventueel (een) extra functie(s) Met de toetsen voor de extra functies kunt u extra functies inschakelen, als deze binnen het gekozen basisprogramma mogelijk zijn. U kunt ze met deze toetsen ook weer uitschakelen. Met de bovenste toets kunt u een extra functie of een combinatie van extra functies kiezen en wel in de volgende volgorde: Intensief of Intensief en Voorwas of Intensief en Inweken of Voorwas of Inweken of geen keuze.
Textielbehandelingssymbolen I Doseer het wasmiddel Het is belangrijk om niet te weinig en niet te veel te doseren, want . . . . . . te weinig wasmiddel heeft tot gevolg dat: – het wasgoed niet schoon en in de loop van de tijd grauw en hard wordt; – er vetbolletjes in het wasgoed blijven zitten; – er zich kalk in de kuip afzet. . . .
Textielbehandelingssymbolen Nadat u heeft gewassen M Schakel de wasautomaat uit K Open de deur ^ door op de I-Aan/0-Uit - toets te drukken. ^ door op de Deur - toets te drukken en de deur open te klappen. L Haal het wasgoed uit de automaat N Draai de programmakeuzeschakelaar op Einde O Sluit de deur Anders bestaat het gevaar dat er voorwerpen per vergissing in de trommel terechtkomen, worden meegewassen en het wasgoed beschadigen.
Textielbehandelingssymbolen Het bijvullen van de trommel of In een paar gevallen kan de deur niet meer worden geopend, en wel wanhet voortijdig verwijderen van neer wasgoed uit de trommel U kunt bij de volgende programma's nog wasgoed in de trommel leggen of wasgoed uit de trommel halen, nadat u het programma heeft gestart: – Witte was/Bonte was – de temperatuur van het sop boven de 55°C komt; – de waterstand te hoog is; – de programmafase Centrifugeren is bereikt.
Textielbehandelingssymbolen Het onderbreken van een programma ^ Schakel de wasautomaat met de I-Aan/0-Uit - toets uit. Het controlelampje gaat uit wanneer de programmakeuzeschakelaar weer op het programma wordt gedraaid dat eerst was ingesteld. Wanneer u het programma weer wilt voortzetten, Het overslaan van een programmafase ^ schakel de wasautomaat dan met de I-Aan/0-Uit - toets weer in. ^ Draai de programmakeuzeschakelaar op Einde.
Textielbehandelingssymbolen Programmaverloop Hoofdwas Spoelen Centrifugeren Waterstand Wasritme Waterstand Spoel- Centrifu- Eindcengangen geren tus- trifugeren sen de spoelgangen Witte was/ Bonte was d a ( 2-31) L2) L Kreukherstellend d a e 2-33) L2) L Fijne was e b e 3 – L Zijde ( d ( 2 – L Wol ( c ( Miniwas d a Automatic d Stijven Extra spoelen 2 L 2) L ( 2 L2) L a e 2 L2) L – – d 1 – L – – e 2 – L d = Lage waterstand ( = Gemiddelde wat
Textielbehandelingssymbolen De wasautomaat beschikt over een volledig elektronische besturing met beladingsautomaat. Tijdens een wasprogramma zuigt het wasgoed water op. Om hoeveel water het gaat hangt af van de hoeveelheid wasgoed en het soort textiel. Hoe groter het absorptievermogen van het wasgoed is, des te meer water er moet worden bijgepompt. De elektronica van de wasautomaat kan de hoeveelheid water meten die het wasgoed opneemt en die moet worden bijgepompt.
Wasmiddelen Het kiezen van wasmiddel U kunt alle moderne wasmiddelen gebruiken die geschikt zijn voor huishoudwasautomaten. Ook vloeibare, compacte (geconcentreerde) wasmiddelen, tabletten en wasmiddelen met verschillende componenten. U kunt ook eventueel bijgevoegde doseerbolletjes of doseerzakjes gebruiken. Wasgoed van wol of wolmengweefsels kunt u het beste met een wolwasmiddel wassen. Tips voor het gebruik en voor de dosering van de wasmiddelen bij volle belading kunt u vinden op de wasmiddelverpakking.
Wasmiddelen Wasverzachters en stijfsels Met wasverzachters wordt uw wasgoed extra zacht en minder statisch. Met synthetische stijfsels krijgt u het wasgoed beter in model. Met andere stijfsels wordt wasgoed stijf. ^ Doseer de middelen volgens de aanwijzingen van de fabrikant. Automatisch spoelen met wasverzachter of stijfsel ^ Doseer de wasverzachter of het (synthetische) stijfsel in vakje p. Doseer niet hoger dan de pijl.
Reiniging en onderhoud ,Haal vóórdat u de wasautomaat een reinigings- of onderhoudsbeurt geeft de spanning van het apparaat. Het reinigen van de wasmiddellade Verwijder eventuele resten wasmiddel regelmatig. ,Spuit de wasautomaat in geen geval met een waterspuit schoon. Het reinigen van de ommanteling, het bedieningspaneel en de trommel ^ Reinig deze onderdelen met een mild reinigingsmiddel of sopje. ^ Droog ze daarna met een zachte doek.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de zuighevel Het reinigen van de wasmiddelladekast ^ Trek de zuighevel uit vakje § (1) ^ en reinig de hevel onder stromend warm water. ^ Reinig ook het pijpje, waar de zuighevel overheen wordt gestoken. ^ Zet de zuighevel weer terug (2). Wanneer u verschillende keren vloeibaar stijfsel hebt gebruikt, reinig de zuighevel dan extra goed. Vloeibare stijfsels klonteren snel. 34 ^ Reinig ook het gedeelte waar de wasmiddellade zit.
Reiniging en onderhoud Het reinigen van de watertoevoerzeefjes Het reinigen van het zeefje in het koppelstuk van de watertoevoerklep De automaat heeft twee zeefjes ter bescherming van de watertoevoerklep. Deze moeten worden gecontroleerd wanneer het controlelampje voor de watertoevoer brandt. ^ Schroef de geribbelde kunststof moer voorzichtig met een tang van het koppelstuk af. Het reinigen van het zeefje in de watertoevoerslang ^ Draai de waterkraan dicht. ^ Pak het kunststof zeefje met bijv.
Nuttige tips Het oplossen van problemen . . . De meeste problemen waar u in het dagelijks gebruik mee te maken zou kunnen krijgen kunt u zelf oplossen. In al die gevallen hoeft u de Technische Dienst niet te bellen en kunt u tijd en kosten besparen. De volgende tabellen helpen u om de oorzaken van een probleem te vinden en uit de wereld te helpen. Bedenk echter: ,Reparaties aan elektrische apparaten mogen alleen door erkende vakmensen worden uitgevoerd.
Nuttige tips Het wasprogramma is afgebroken en er volgt een foutmelding Foutmelding Mogelijke oorzaak Het controlelampje De waterafvoer is geWaterafvoer knippert. blokkeerd. Oplossing A Reinig het pluizenfilter en het filterhuis zoals beschreven in het hoofdstuk: "Nuttige tips", paragraaf: "Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval." De waterafvoerslang ligt De maximale opvoerhoogte te hoog. is 1 m. Het controlelampje Watertoevoer knippert. De watertoevoer is geblokkeerd.
Nuttige tips Het wasprogramma verloopt normaal, maar er volgt een foutmelding Probleem Oorzaak Het controlelampje De waterafvoer is Waterafvoer knippert. belemmerd. Het controlelampje Watertoevoer knippert. De watertoevoer is belemmerd. Oplossing A Reinig het pluizenfilter en het filterhuis zoals beschreven in het hoofdstuk: "Nuttige tips", paragraaf: "Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval.
Nuttige tips Algemene problemen of een tegenvallend resultaat Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing De wasautomaat trilt De stelvoeten staan niet Stel de wasautomaat stevig en tijdens het centrifu- gelijk en zijn niet met een schroef de stelvoeten met een geren. contramoer vastgecontramoer vast. schroefd. Het wasgoed is niet normaal gecentrifugeerd. Het ingestelde centrifugetoerental was te laag. In de wasmiddellade Er staat onvoldoende blijft vrij veel wasdruk op het water. middel achter.
Nuttige tips Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing Het wasgoed wordt met een vloeibaar wasmiddel niet schoon. In vloeibare wasmidde- – Gebruik poedervormige waslen zitten geen bleekmidmiddelen met een bleekmiddelen. del. Fruit-, koffie- of theevlek- – Doseer vlekkenzout in vakje ken zijn er moeilijk uit te j en het vloeibare wasmidkrijgen. del in een doseerbolletje. – Doseer vloeibaar wasmiddel en vlekkenzout nooit bij elkaar in het wasmiddelvakje.
Nuttige tips De deur kan met de Deur - toets niet worden geopend. Probleem De wasautomaat is niet elektrisch aangesloten. Oplossing Stop de stekker in het stopcontact. De wasautomaat is niet in- Schakel de wasautomaat met de I-Aan/0-Uit - toets geschakeld. in. De stroom is uitgevallen. Open de deur zoals beschreven in het hoofdstuk: "Nuttige tips", paragraaf: "Het openen van de deur bij stroomuitval". De deur is niet goed dicht- Druk een keer stevig tegen de slotkant van de gedaan.
Nuttige tips Het openen van de deur bij verstopte afvoer en/of stroomuitval ^ Schakel de wasautomaat uit. Aan de achterkant van het front van de wasmiddellade bevindt zich een gele opener voor het klepje van het pluizenfilter. Verstopte afvoer Wanneer de afvoer is verstopt, bevindt zich een vrij grote hoeveelheid water in de automaat (max. 25 l). ,Wees voorzichtig! Het water is heet, wanneer kort daarvoor op een hoge temperatuur is gewassen.
Nuttige tips Wanneer er geen water meer uit de automaat loopt, ^ Zet het pluizenfilter weer in het filterhuis. ^ Draai het filter weer vast. ,Wordt het pluizenfilter niet teruggezet en vastgedraaid, dan loopt er water uit het apparaat. Het openen van de deur ,Controleer steeds of de trommel ^ draai het pluizenfilter er dan helemaal uit. stilstaat wanneer u het wasgoed uit de automaat wilt halen. Wanneer u uw hand in een nog draaiende trommel steekt, loopt u het risico zich te verwonden.
Nuttige tips Technische Dienst Reparaties Voor reparaties dient u – uw Miele-vakhandelaar of – de Technische Dienst van Miele Nederland B.V. te waarschuwen. Het adres en de telefoonnummers van Miele Nederland B.V. en de diverse afdelingen vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwijzing. Voor een goede en vlotte afhandeling is het noodzakelijk dat de Technische Dienst weet welk model wasautomaat u heeft en welk nummer deze heeft.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het apparaat van voren a Watertoevoerslang (bestand tegen een druk van maximaal 7.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het apparaat van achteren a Rand van het bovenblad Hier kunt u het apparaat vastpakken wanneer u het wilt verplaatsen. b Elektrische aansluiting c Watertoevoerslang (bestand tegen een druk van maximaal 7.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Plaats van opstelling Het plaatsen van de wasautomaat Als plaats van opstelling is een betonnen vloer het meest geschikt. In tegenstelling tot een houten of een zachte vloer trilt deze nauwelijks mee als de wasautomaat aan het centrifugeren is. ^ Wanneer u het apparaat van de verpakkingsbodem tilt en op de plaats neerzet waar het moet staan, pak het dan aan de voorkant bij de handgrepen en aan de achterkant bij de rand van het bovenblad vast.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat ^ Draai de linker transportstang met de bijgevoegde steeksleutel 90° en ^ Draai de rechter transportstang 90° en ^ trek de stang eruit. ^ trek de stang eruit.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat ,Sluit de gaten af die vrijkomen nadat u de transportbeveiliging heeft verwijderd. Doet u dat niet, dan loopt u het risico zich te bezeren. ^ Bevestig de transportstangen aan de achterwand van de wasautomaat. Let erop dat de gaten b op de pennen a worden geplaatst. ,De wasautomaat mag zonder ^ Sluit de gaten met de draaibeveiligingen en de daaraan bevestigde dopjes af. transportbeveiliging niet worden getransporteerd. Bewaar de transportbeveiliging.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het stellen van de wasautomaat De wasautomaat moet waterpas en gelijkmatig op de vloer staan. Alleen dan is een optimale werking gewaarborgd. Wanneer een wasautomaat verkeerd wordt geplaatst, wordt er meer water en energie verbruikt dan nodig is en kan het apparaat gaan schuiven. Het stellen van de automaat gebeurt met behulp van de vier machine- of stelvoeten. Wanneer het apparaat wordt geleverd zijn alle stelvoeten naar binnen gedraaid.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het plaatsen van de wasautomaat onder een werkblad of in een keukenblok Let op het volgende: – Hiervoor is een onderbouwset* noodzakelijk. De onderbouwset moet door een vakman / vakvrouw worden gemonteerd. Bij de onderbouwset is een montagehandleiding gevoegd. – Bij de onderbouwset is een afdekplaat gevoegd. Deze afdekplaat moet het bovenblad van de automaat vervangen.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het Miele waterbeveiligingssysteem Het Miele waterbeveiligingssysteem biedt een volledige bescherming tegen waterschade door de wasautomaat. Het systeem bestaat hoofdzakelijk uit drie onderdelen: – Bescherming tegen overstromen Voorkomen wordt dat de wasautomaat door een ongecontroleerde watertoevoer gaat lekken. Stijgt de waterstand boven een bepaald niveau, dan wordt de afvoerpomp ingeschakeld en het water gecontroleerd afgepompt.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het aansluiten van de watertoevoer De automaat mag zonder terugslagklep op het waterleidingnet worden aangesloten, omdat hij gebouwd is volgens EU-normen. De waterdruk moet minstens 100 kPa en mag niet meer dan 1.000 kPa bedragen. Is de druk hoger dan 1.000 kPa dan moet er een drukreduceerventiel in de waterleiding worden ingebouwd. Voor de aansluiting is een kraan met 3 /4"-schroefkoppeling noodzakelijk.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Het aansluiten van de waterafvoer Het sop wordt afgepompt m.b.v. een afvoerpomp met een opvoerhoogte van 1 m. Het water moet ongehinderd weg kunnen stromen en daarom mogen er geen knikken in de slang zitten. Het bochtstuk aan het eind van de slang is draaibaar en kan indien nodig worden verwijderd. 2. De slang kan op een kunststof afvoerbuis met rubberen mof worden aangesloten. Een sifon is niet beslist noodzakelijk. 3.
Het plaatsen en aansluiten van de wasautomaat Elektrische aansluiting De wasautomaat mag alleen door een erkend installateur volgens de geldende NEN-normen op het elektriciteitsnet worden aangesloten. Deze wasautomaat is voorzien van een aansluitkabel en een stekker met beschermingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op ~230 V 50 Hz. Deze wasautomaat mag uitsluitend worden aangesloten op een contactdoos met beschermingscontact (randaarde) of een daarvoor geschikte 2polige schakelaar, bijv.
Verbruiksgegevens Belading Witte was/Bonte was Verbruiksgegevens Energie Water in kWh in l Normaal Programmaduur 95°C 5,0 kg 1,70 45 1 uur 42 min 60°C1) 5,0 kg 0,85 45 – 60°C 5,0 kg 0,85 45 1 uur 26 min 40°C1) 5,0 kg 0,50 45 – Intensief 1 uur 57 min 1 uur 56 min1) 1 uur 56 min 1 uur 56 min1) 40°C 5,0 kg 0,50 45 1 uur 26 min 40°C1) 2,5 kg 0,45 49 1 uur 01 min 1 uur 16 min1) Fijne was 30°C 1,0 kg 0,35 65 49 min Zijde / 30°C 1,0 kg 0,24 39 37 min – Wol / 30°
Technische gegevens Hoogte 85,0 cm Breedte 59,5 cm Diepte 58,0 cm Diepte bij geopende deur 97,5 cm Gewicht 93 kg Maximale belasting van de vloer 1600 Newton (ca. 160 kg) Beladingscapaciteit 5 kg droog wasgoed Aansluitspanning Zie typeplaatje Aansluitwaarde Zie typeplaatje Zekering Zie typeplaatje Minimale waterdruk 100 kPa (1 bar) Maximale waterdruk 1.
Programmeerfuncties voor de wijziging van standaardwaarden
Programmeerfuncties U kunt een aantal varianten programmeren om het wasprogramma nog beter af te stemmen op het soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt wassen. Systeem extra water Wanneer de extra functie Extra water is ingeschakeld, wordt er bij de programma's meer water gebruikt. Daarbij zijn vier varianten mogelijk. De variant die u wilt hebben kunt u programmeren via "Systeem extra water".
Programmeerfuncties Het programmeren van de gewenste variant doet u met de stappen A tot en met G en wel met behulp van de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar. Deze bedieningselementen hebben dus een tweede functie die niet op het paneel te zien is. Eerst moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan: – De wasautomaat moet uitgeschakeld zijn. – De wasautomaat moet gesloten zijn. Wanneer het controlelampje Inw.
Programmeerfuncties Behoedzaam wassen Wanneer de functie "Behoedzaam wassen" is geactiveerd, wordt het aantal trommelbewegingen gereduceerd. Zo kan licht vervuild wasgoed met een behoedzaam ritme worden gewassen. "Behoedzaam wassen" kan worden gebruikt in de programma's Witte was / Bonte was, Miniwas, Stijven en Automatic. De functie is, wanneer de wasautomaat wordt geleverd, niet geactiveerd.
Programmeerfuncties Afkoeling van het sop Wanneer de functie "Afkoeling van het sop" is geactiveerd, stroomt er aan het einde van de hoofdwas ter afkoeling van het sop extra water in de trommel. "Afkoeling van het sop" kan worden gebruikt bij het programma Witte was / Bonte was en wel bij de temperaturen 95°C en 75°C.
Programmeerfuncties Memory Wanneer de functie "Memory" is geactiveerd, slaat de wasautomaat het centrifugetoerental dat bij een programma wordt gekozen en eventuele extra functies die bij datzelfde programma worden ingesteld, bij de start van het programma op. Wanneer u de volgende keer hetzelfde basiswasprogramma kiest, geeft de wasautomaat het opgeslagen centrifugetoerental en de eventueel opgeslagen extra functie(s) weer aan.
Programmeerfuncties Inweektijd Wanneer de extra functie Inweken is ingeschakeld, gaat aan het eigenlijke wasprogramma een inweekprogramma vooraf. Daarbij zijn vier varianten mogelijk. De variant die u wilt hebben kunt u programmeren via "Inweektijd". De mogelijkheden zijn: Variant 1: 2 uur inweektijd In deze variant wordt het apparaat geleverd. Variant 2: 1 uur en 30 minuten inweektijd A Druk op de Start - toets en blijf daar gedurende de stappen B en C op drukken.
Wijzigingen voorbehouden/0508 M.-Nr.