Gebruiksaanwijzing Condensdroger Lees altijd eerst de gebruiksaanwijzing voordat u het apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt schade aan het apparaat. nl-NL M.-Nr.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu Het verpakkingsmateriaal Energie besparen De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpak‐ kingsmateriaal is uitgekozen omdat dit het milieu relatief weinig belast en kan worden hergebruikt. Zo kunt u de droogtijd verkorten en het energieverbruik verlagen: Door hergebruik van verpakkingsmate‐ riaal wordt er op grondstoffen bespaard en wordt er minder afval geproduceerd. Uw vakhandelaar neemt de verpakking in het algemeen terug.
Inhoud Een bijdrage aan de bescherming van het milieu .............................................. 2 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ........................................................ 5 Bediening van de droogautomaat ...................................................................... 14 Bedieningspaneel .................................................................................................. 14 De eerste ingebruikneming ...........................................................
Inhoud Plaats van opstelling .............................................................................................. 39 Transport naar de plaats van opstelling............................................................ 39 Inbouw onder een werkblad ............................................................................. 39 Was-droogzuil................................................................................................... 39 Droogautomaat stellen......................................
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Lees beslist deze gebruiksaanwijzing. Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften. Onjuist gebruik echter kan persoonlijk letsel of schade aan het ap‐ paraat tot gevolg hebben. Lees de gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voor‐ dat u het apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrij‐ ke instructies betreffende veiligheid, gebruik en onderhoud.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Personen die op grond van hun fysieke of psychische gesteld‐ heid, hun onervarenheid of gebrek aan kennis van dit apparaat niet in staat zijn om het veilig te bedienen, mogen het alleen gebruiken als ze onder toezicht staan van of worden geïnstrueerd door een verantwoordelijk persoon. Wanneer er kinderen in huis zijn Kinderen onder de acht jaar mogen alleen in de buurt van de droogautomaat komen als ze constant onder toezicht staan.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Technische veiligheid Controleer vóórdat het apparaat wordt geplaatst, of het zichtbaar beschadigd is. Een beschadigde droogautomaat mag niet worden geplaatst en niet in gebruik genomen. Vergelijk vòòrdat u de droogautomaat aansluit de aansluitgege‐ vens (zekering, spanning en frequentie) op het typeplaatje met die van het elektriciteitsnet. Deze moeten beslist overeenkomen. Raad‐ pleeg bij twijfel een elektricien.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Reparaties aan de droogautomaat mogen alleen door vakmensen van Miele worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties kunnen onvoorziene risico's voor de gebruiker opleveren, waarvoor Miele niet aansprakelijk kan worden gesteld. Defecte onderdelen mogen alleen door originele Miele-onderdelen worden vervangen. Alleen van deze Miele-onderdelen kunnen wij ga‐ randeren, dat zij volledig voldoen aan de veiligheidseisen die wij aan onze producten stellen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Volg de aanwijzingen in de hoofdstukken: "Plaatsen en aanslui‐ ten" en "Technische gegevens". Zorg ervoor dat u altijd bij de stekker kunt komen om de spanning van de droogautomaat te halen. De spleet tussen de onderkant van het apparaat en de vloer mag niet met sokkellijsten, hoogpolig tapijt, etc. worden verkleind.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen In verband met brandgevaar mag onderstaand textiel niet worden gedroogd. – Textiel dat niet is gewassen. – Textiel dat niet grondig genoeg is gereinigd en daardoor nog olie-, vet- of crèmeresten bevat. Het gaat hier bijvoorbeeld om textiel uit keukens of schoonheidssalons. Bij textiel dat niet voldoende is gereinigd bestaat zelfs na afloop van het droogprogramma en zelfs buiten de droogautomaat nog gevaar voor brand.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen In verband met brandgevaar mogen de volgende soorten textiel of producten nooit in het apparaat worden gedroogd. – Textiel en producten die met industriële chemicaliën zijn gerei‐ nigd, bijv. in een stomerij. – Textiel en producten die rubber of schuimrubber bevatten, zoals waterdicht textiel, hoofdkussens en douchemutsen. – Textiel en producten die vullingen bevatten en die beschadigd zijn, zodat de vullingen eruit kunnen vallen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Deze droogautomaat mag nooit zonder of met beschadigde plui‐ zenfilters worden gebruikt. De pluizenfilters moeten regelmatig worden gereinigd. Deze droogautomaat mag niet zonder condensor worden ge‐ bruikt. Wanneer u de pluizenfilters met warm water heeft gereinigd, droog ze dan goed af. Door natte pluizenfilters kunnen storingen ontstaan. Plaats uw droogautomaat niet in vorstgevoelige ruimten.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Accessoires Alleen originele Miele-accessoires mogen worden aan- of inge‐ bouwd. Worden er andere accessoires aan- of ingebouwd, dan kan Miele niet voor de gevolgen instaan en kan er geen beroep meer worden gedaan op bepalingen met betrekking tot garantie en productaan‐ sprakelijkheid. Was- en droogautomaten van Miele kunnen als was-droogzuil worden geplaatst. Hiervoor is een specifiek tussenstuk (WTV) nodig dat kan worden nabesteld.
Bediening van de droogautomaat Bedieningspaneel a Display h min Zie volgende bladzijde b Storingscontrole Zie hoofdstuk "Nuttige tips" Het storingslampje dat met PC is aangeduid, heeft nog een functie. Via dit lampje kunnen onze technici de droogprogramma's controleren, updaten en in het geheugen van de droogautomaat opslaan. c Start - toets Met deze toets kunt u een droogprogramma starten. Het controlelampje knippert wanneer een programma kan worden gestart en brandt nadat het is gestart.
Bediening van de droogautomaat Display h min Trommelverlichting Het display kan het volgende aange‐ ven: Wanneer de droger is ingeschakeld en de deur is geopend, gaat de trommel‐ verlichting na enkele minuten uit. Dat bespaart energie. – De programmaduur (h min = Uren en minuten) – Controle- en storingsmeldingen – De verschillende varianten van de programmeerfuncties. Hiermee kunt u de elektronica van de droger nog beter afstemmen op het soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt drogen.
Tips voor het drogen van textiel Symbolen op het wasetiket Drogen Op normale / vrij hoge tempe‐ ratuur Op een lagere temperatuur Niet geschikt voor de droger Strijken en mangelen Zeer heet Heet Warm Niet strijken/mangelen Droogtips Een te zware belading is slecht voor het wasgoed, heeft een negatief ef‐ fect op het droogresultaat en werkt kreukvorming in de hand. Gebruik voor ieder droogprogramma de maximale beladingscapaciteit van de trommel.
Zo droogt u goed Korte handleiding Droogautomaat inschakelen Wanneer u een kort overzicht wilt heb‐ ben over hoe u de droogautomaat moet bedienen, kunt u de met cijfers aange‐ duide stappen (, , ...) aanhou‐ den. U kunt de droger ook inschakelen na het vullen van de trommel. In dat geval gaat de trommelverlichting niet aan. Voordat u het wasgoed in het ap‐ paraat legt Trommel vullen Haal het op elkaar gepropte gewassen wasgoed uit elkaar en sorteer het naar: . . . gewenste droogtegraad; . . .
Zo droogt u goed Programma kiezen Einde van het programma - Trom‐ mel leeghalen Op de verwarmingsfase volgt de afkoel‐ fase, waarin het wasgoed door een koude luchtstroom wordt afgekoeld. Pas wanneer brandt en de zoemer klinkt, is het programma beëindigd. Draai de programmakeuzeschakelaar op het gewenste programma. Programma starten Druk op de Start - toets, die reeds knippert. Het controlelampje van deze Start-toets gaat nu branden.
Programmaverloop wijzigen Een nog lopend programma ... ... vervangen Het is niet mogelijk om een ander pro‐ gramma te kiezen wanneer een pro‐ gramma nog loopt. Voorkomen moet worden dat er per ongeluk een ander programma wordt gekozen, waardoor het programmaverloop wordt verstoord. Wordt er aan de programmakeuzescha‐ kelaar gedraaid, verschijnt in het dis‐ play en wel zo lang, totdat het oor‐ spronkelijke programma weer wordt in‐ gesteld.
Programma-overzicht Katoen Maximaal 7,0 kg* Kastdroog+, Kastdroog ** Textiel‐ soort Wasgoed van dikker en dunner katoen zoals handdoeken, badhand‐ doeken en badmantels, beddengoed van flanel, dekens, werkkle‐ ding, stofjassen, schorten, jasjes, T-shirts, ondergoed en babykleer‐ tjes Let op! Het programma Katoen Kastdroog is qua stroomverbruik voor het drogen van normaal nat katoen het meest efficiënt.
Programma-overzicht Kreukherstellend Maximaal 3,5 kg Kastdroog, Strijkdroog Textiel‐ soort Kreukherstellend wasgoed van synthetisch materiaal, katoen of ge‐ mengde weefsels: uniformen, stofjassen, truien, jurken, broeken, ta‐ fellakens, kousen. Let op! Het wasgoed wordt bij Strijkdroog kreukarm gedroogd. De mate waarin hangt natuurlijk ook af van de textielsoort en (minder) bela‐ ding.
Programma-overzicht Gladstrijken Wasgoed Maximaal 1,0 kg – Wasgoed van katoen of linnen – Kreukherstellend wasgoed van katoen, gemengde weefsels of synthetisch materiaal (broeken, windjacks en overhemden) Let op! – Dit programma vermindert de kreukels die er na het centrifugeren nog in zitten. – Het wasgoed wordt niet helemaal droog. – Het wasgoed moet direct na het einde van het programma uit de trommel worden gehaald en ergens worden opgehangen waar het helemaal droog kan worden.
Reiniging en onderhoud Condenswaterreservoir legen Het condenswater dat tijdens het droogprogramma vrijkomt wordt in een reservoir opgevangen. Giet het reservoir na het drogen leeg! Is de maximale inhoud van het con‐ denswaterreservoir bereikt, dan gaat het controlelampje Reservoir legen branden. Het controlelampje gaat uit wanneer u de deur open doet en weer sluit. Giet het condenswaterreservoir leeg. Schuif het reservoir terug in de droogautomaat. Condenswater mag niet worden gedronken.
Reiniging en onderhoud Zeefvlakken van de pluizenfil‐ ters Reinigingsfrequentie Reinig de zeefvlakken van de plui‐ zenfilters (in de deur en de vulope‐ ning) na iedere droogbeurt. Controleer de pluizenfilters in ieder geval ook wanneer het controlelamp‐ je Pluizen verwijderen brandt. Reinigen zonder water Tip: Pluisjes kunt u met een stofzuiger verwijderen. Trek het pluizenfilter (1) uit de pluizen‐ filterhouder in de deur.
Reiniging en onderhoud Nat reinigen Gebruik voor het reinigen van de pluizenfilters alleen dan water, als ze erg vervuild of zelfs verstopt zijn. Trek het pluizenfilter uit de pluizenfil‐ terhouder in de deur. Verwijder beide pluizenfilters in de vul‐ opening en wel als volgt. Plaatsen De pluizenfilters moeten droog zijn wanneer u ze terugplaatst. Is dat niet het geval, dan kunnen er sto‐ ringen optreden. Schuif het grote filter in de pluizenfil‐ terhouder totdat u weerstand voelt.
Reiniging en onderhoud Droogautomaat Haal de elektrische spanning van de automaat. Gebruik geen oplosmiddelhou‐ dende reinigingsmiddelen, schuur‐ middelen, glas- of allesreinigers. De‐ ze kunnen namelijk kunststof opper‐ vlakken en andere onderdelen be‐ schadigen. Reinig de droogautomaat met een zachte, iets vochtige doek en een mild reinigingsmiddel. Reinig de dichting aan de pluizenfil‐ terhouder met een vochtige doek. Wrijf alles met een zachte doek droog.
Reiniging en onderhoud Condensor reinigen Controleer 1x per jaar de condensor. Reinig de condensor wanneer dat nodig is. Controleer de pluizenfilters en de condensor ook wanneer het contro‐ lelampje Pluizen verwijderen brandt. Tijdens het droogproces zweven er wasmiddelresten, haar en fijne pluizen rond. Die kunnen door de pluizenze‐ ven heendringen en de warmtewisse‐ laar verstoppen. Bovendien worden er ook met de koellucht vuildeeltjes aan‐ gezogen. Deze kunnen eveneens ver‐ stoppingen veroorzaken.
Reiniging en onderhoud Als er geen pluizen in zitten: Zet de condensor dan weer terug. Zie volgende bladzijde. Als er wel pluizen in zitten: Reinig dan de condensor zoals hier‐ onder wordt beschreven. Condensor reinigen Trek de condensor aan de ring uit de condenskast. Houd de condensor bij het reinigen pre‐ cies zoals op de beide volgende plaat‐ jes staat aangegeven. Condensor controleren Spoel de condensor van de lange zij‐ de met een waterstraal schoon.
Reiniging en onderhoud Condenskast controleren en reinigen Spoel de condensor van de voorzijde met een waterstraal schoon. Controleer de condensor opnieuw op zichtbare verontreinigingen (rubriek "Condensor controleren"). Spoel het onderdeel zo lang door als nodig is. Controleer of in de condenskast bin‐ nenin de droogautomaat pluizen aan‐ wezig zijn. Verwijder de pluizen met een vochti‐ ge doek alleen daar waar u met de hand bij kunt.
Reiniging en onderhoud Condensor terugzetten Schuif de condensor helemaal (tot aan de aanslag) in de condenskast. Druk het deksel aan en vergrendel het met de vergrendelhendel. De vergrendelhendel moet na het ver‐ grendelen horizontaal staan. Zet de buitenste klep er aan de on‐ derkant in en druk deze aan de bo‐ venkant aan totdat ze vastklikt.
Wat moet u doen, wanneer . . . Hulp bij problemen De meeste problemen kunt u zelf oplossen. In al die gevallen hoeft u geen beroep te doen op onze technici en kunt u tijd en kosten besparen. De volgende tabellen helpen u de oorzaken van een probleem te vinden en uit de wereld te helpen. Be‐ denk echter: Reparaties mogen uitsluitend door erkende vakmensen worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker.
Wat moet u doen, wanneer . . . Probleem Oorzaak en oplossing Het controlelampje van de Start - toets begint langzaam te knipperen en het display is donker. De stand-by is ingeschakeld. Dat is geen storing, maar een normale functie waarmee energie kan wor‐ den bespaard. Zie paragraaf: "Stand-by" in het hoofdstuk: "Pro‐ grammeerfuncties". Het controlelampje Pluizen verwijderen gaat na afloop van het programma branden. De droger is door pluizen verontreinigd. Reinig de pluizenfilters.
Wat moet u doen, wanneer . . . Een tegenvallend droogresultaat Probleem Oorzaak en oplossing Het wasgoed is niet goed droog. Het wasgoed bestaat uit verschillende soorten textiel. Droog het wasgoed na met Tijdkeuze warm. Kies de volgende keer een programma dat beter geschikt is. Tip: Bij een paar programma's kunt u het restvocht nog aanpassen. Zie programma: "Programmeerfunc‐ ties". Wasgoed of een hoofd‐ kussen met veren vul‐ ling ruikt onaangenaam nadat het is gedroogd.
Wat moet u doen, wanneer . . . Andere problemen Probleem Oorzaak en oplossing Nadat de condensor is De warmtewisselaar en/of het binnenste deksel van gereinigd loopt er water de warmtewisselaar zijn niet aangebracht en vergren‐ uit de droogautomaat. deld zoals het hoort. In de condenskast zitten pluizen. Controleer of het binnenste deksel en de conden‐ sor stevig vastzitten. Controleer eveneens de rubber afdichtingen. Verwijder zichtbare pluisjes met een doek uit de condenskast.
Wat moet u doen, wanneer . . . Probleem Oorzaak en oplossing Het droogprogramma duurt erg lang of wordt zelfs afgebroken*. Het is te warm in het vertrek. Zorg voor voldoende ventilatie. Resten wasmiddel, haren en kleine pluisjes kunnen verstoppingen veroorzaken. Reinig de pluizenfilters en de condensor (zie hoofdstuk "Reiniging en onderhoud"). De ventilatieroosters onder de deur worden geblok‐ keerd. Verwijder de wasmand of andere voorwerpen die de luchttoevoer blokkeren.
Wat moet u doen, wanneer . . . Gloeilampje vervangen Haal de elektrische spanning van de automaat. Open de deur. Boven in de vulopening zit een klepje. Daarachter bevindt zich het gloei‐ lampje. Het gloeilampje moet van het‐ zelfde type zijn als, en het vermogen van het gloeilampje mag niet hoger zijn dan op het typeplaatje en op het klepje aangegeven staat. Draai het gloeilampje er uit. Vervang het gloeilampje.
Afdeling Klantcontacten Reparaties Droogrek Voor storingen die u niet zelf kunt ver‐ helpen, waarschuwt u uw Miele-vak‐ handelaar of de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V. Met het droogrek kunt u producten dro‐ gen en luchten die alleen zeer behoed‐ zaam mogen worden behandeld. Adres, telefoonnummer en website van Miele Nederland vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwij‐ zing.
Plaatsen en aansluiten Vooraanzicht a Aansluitkabel e Buitenste klep van de condenskast b Condenswaterreservoir – Na iedere droogbeurt legen f Vier in hoogte verstelbare stelvoeten c Bedieningspaneel d Deur 38 g Afvoerslang voor het condenswater
Plaatsen en aansluiten Achteraanzicht Inbouw onder een werkblad De onderbouwset* moet door een vakman / vakvrouw worden ge‐ monteerd en verwijderd. – Een onderbouwset* is vereist. Bij de onderbouwset wordt een afdekplaat geleverd. Deze plaat moet het boven‐ blad van de automaat vervangen en is omwille van de elektrische veilig‐ heid beslist noodzakelijk. – Bij de onderbouwset wordt een mon‐ tagehandleiding geleverd.
Plaatsen en aansluiten Droogautomaat stellen De spleet tussen de onderkant van het apparaat en de vloer mag niet met sokkellijsten, hoogpolig ta‐ pijt etc. worden verkleind. Anders is er geen toereikende lucht‐ toevoer gewaarborgd! Openingen voor koellucht aan de voorzijde niet blokkeren met een wasmand of een ander voorwerp. Anders is er geen voldoende toevoer van koele lucht gewaarborgd! Dit apparaat kan alleen optimaal functi‐ oneren als het waterpas staat.
Plaatsen en aansluiten Elektrische aansluiting Deze automaat is voorzien van een aan‐ sluitkabel en een stekker met bescher‐ mingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op ~230 V 50Hz. Zorg ervoor dat u altijd bij de stekker kunt komen om de spanning van de droogautomaat te halen. Deze droogautomaat mag alleen door een erkend installateur op het elektrici‐ teitsnet worden aangesloten. De elek‐ trische huisinstallatie moet volgens NEN 1010 zijn geïnstalleerd.
Plaatsen en aansluiten Externe afvoer voor het con‐ denswater aansluiten Opmerking Het condenswater dat bij het drogen vrijkomt, wordt via de waterafvoer‐ slang aan de achterkant van de droogautomaat naar het condenswa‐ terreservoir gepompt. Afvoerslang leggen Niet aan de afvoerslang trekken en er geen knikken in maken. De slang kan anders beschadigd ra‐ ken! In de afvoerslang bevindt zich nog een geringe hoeveelheid water. Zet daarom een bak klaar.
Plaatsen en aansluiten Laat de slang in de middelste klem zit‐ ten om te voorkomen dat er knikken in komen. Waterafvoer via wastafel, wasbak of vloer Zie afbeelding Vooraanzicht. Zorg ervoor dat de afvoerslang niet weg kan glijden wanneer u dez in een wastafel hangt. Maak de slang zo nodig vast. Anders kan het water dat eruit loopt schade veroorzaken. Gebruik de boogvormige houder om knikken in de afvoerslang te voorko‐ men.
Plaatsen en aansluiten Speciale aansluitingen met een te‐ rugslagklep Er zijn aansluitingen die een te‐ rugslagklep nodig hebben, omdat anders water in de droger terug en er weer uit kan stromen. Dit water kan schade veroorzaken aan de droger en het vertrek waar de droger staat opgesteld. Bij de onderstaande bijzondere aan‐ sluitingen moet een terugslagklep worden gebruikt.
Plaatsen en aansluiten Bevestig adapter 1 met de schroef‐ koppeling 2 aan de sifon van de was‐ tafel. In de regel is de schroefkoppeling van de wastafel voorzien van een schijfje dat u eraf moet halen. Plaats het uiteinde van slang 4 op adapter 1. Gebruik de slanghouder. Draai slangklem 3 direct achter de schroefkoppeling met een schroeven‐ draaier vast. 1. Adapter 2. Schroefkoppeling 3. Slangklem 4. Uiteinde slang (bevestigd aan de slanghouder) 5. Terugslagklep 6.
Verbruiksgegevens Katoen Kastdroog 2 Katoen Kastdroog Katoen Strijkdroog Belading1 Centrifugeer‐ stand wasau‐ tomaat Rest‐ vocht Energie Pro‐ gram‐ maduur kg Omw/min % kWh min 7,0 1000 60 4,14 109 3,5 1000 60 2,28 65 7,0 1200 53 3,75 100 7,0 1400 50 3,55 95 7,0 1600 44 3,15 86 7,0 1000 60 3,10 89 7,0 1200 53 2,75 79 7,0 1400 50 2,55 74 7,0 1600 44 2,20 65 Kreukherstellend Kastdroog 3,5 1200 40 1,40 45 Kreukherstellend Strijkdroog 3,5 1200
Technische gegevens Hoogte 850 mm Breedte 595 mm Diepte 587 mm Diepte bij geopende deur 1062 mm Hoogte voor onderbouw 820 mm Breedte voor onderbouw 600 mm Diepte voor onderbouw 600 mm Plaatsbaar onder werkblad Ja Plaatsbaar op wasautomaat Ja Gewicht Ca. 51 kg Trommelinhoud 111 l Beladingscapaciteit 7,0 kg (gewicht van droog wasgoed) Capaciteit condenswaterreservoir 4,2 l Lengte van de slang 1,5 m Max. opvoerhoogte 1,5 m Max.
Programmeerfuncties voor het wijzigen van de instellingen Deze droger is vanuit de fabriek zo ingesteld dat hij aan de algemene ge‐ bruiksbehoeften voldoet. Daarbij biedt deze droger u de mogelijkheid om fa‐ brieksinstellingen te wijzigen. Hiermee kunt u de elektronica van de droger nog beter afstemmen op uw soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt drogen. U bent niet verplicht om van de programmeerfuncties gebruik te maken.
Programmeerfuncties Restvocht in het programma "Katoen" De elektronica droogt het wasgoed zo effectief en energiebesparend moge‐ lijk. Vanuit de fabriek is een droogte‐ graad voor bovenstaand programma ingesteld. U kunt de hoeveelheid rest‐ vocht echter verhogen of verlagen. Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Verhoogd restvocht Fabrieksinstelling (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x).
Programmeerfuncties Restvocht in het programma "Kreukherstellend" De elektronica droogt het wasgoed zo effectief en energiebesparend moge‐ lijk. Vanuit de fabriek is een droogte‐ graad voor bovenstaand programma ingesteld. U kunt de hoeveelheid rest‐ vocht echter verhogen of verlagen. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar. Eerst moet aan de volgende voor‐ waarden zijn voldaan: – De droogautomaat moet uitgescha‐ keld zijn. – De deur moet gesloten zijn.
Programmeerfuncties Kreukbeveiliging Vanuit de fabriek is een kreukbeveili‐ ging van 2 uur ingeschakeld. Dat houdt in dat de trommel na afloop van een programma al die tijd met korte intervallen blijft draaien, wanneer u het wasgoed er niet direct uit haalt. Daar‐ mee wordt voorkomen dat het was‐ goed gaat kreuken. Draai de programmakeuzeschakelaar op Katoen Kastdroog. Het controlelampje Reservoir legen knippert 3x. De kreukbeveiliging – is vanuit de fabriek ingeschakeld.
Programmeerfuncties Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Kreukbeveiliging uit Kreukbeveiliging 1 h (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Kreukbeveiliging 2 h (Fabrieksin‐ stelling) (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 2x). Door op de Start - toets te drukken, kunt u tussen de getallen wisselen. Schakel de droger uit.
Programmeerfuncties Zoemer Vanuit de fabriek is er een zoemer in‐ geschakeld. Dat houdt in dat er na af‐ loop van een programma 1 uur lang met regelmatige tussenpozen een zoemer gaat. De zoemer is vanuit de fabriek inge‐ schakeld. U kunt de zoemer uitschake‐ len. De permanente zoemtoon bij storingen heeft met deze zoemer niets te maken. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar.
Programmeerfuncties Droogtegraad van het pro‐ gramma "Automatic extra" Vanuit de fabriek is de droogtegraad van bovenstaand programma op Kast‐ droog ingesteld. U kunt de droogte‐ graad echter verlagen naar Strijkdroog of verhogen naar Kastdroog+. Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Droogtegraad wordt Strijkdroog Fabrieksinstelling (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Neem daarvoor de stappen (,,...
Programmeerfuncties Verlenging van afkoeltijd in‐ stellen Het wasgoed wordt na afloop van het programma automatisch afgekoeld. Dit is vanuit de fabriek ingesteld. De afkoeltijd kunt u echter met 5 of 10 minuten verlengen. Het wasgoed wordt dan sterker afgekoeld. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar. Eerst moet aan de volgende voor‐ waarden zijn voldaan: – De droogautomaat moet uitgescha‐ keld zijn. – De deur moet gesloten zijn.
Programmeerfuncties Stand-by Vanuit de fabriek is de stand-by inge‐ schakeld. Dat houdt in dat de contro‐ lelampjes na 10 minuten uitgaan en het controlelampje van de Start - toets langzaam begint te knipperen om energie te sparen. U kunt de stand-by ook anders instellen. Zie onder. Wanneer u de droger uit de stand-by wilt "wekken", draai dan aan de programmakeuze‐ schakelaar of druk op de Start toets. Het lopende programma wordt daardoor niet beïnvloed.
Programmeerfuncties Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Aan Aan, maar niet tijdens het pro‐ grammaverloop (fabrieksinstelling) (daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Uit (daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 2x). Door op de Start - toets te drukken, kunt u tussen de getallen wisselen. Schakel de droger uit.
Programmeerfuncties Controlelampje Pluizen verwij‐ deren Na het drogen moeten de pluizen wor‐ den verwijderd. Het controlelampje Pluizen verwijderen herinnert u daar‐ aan. U kunt zelf kiezen, wanneer deze melding moet verschijnen. U hebt de volgende mogelijkheden: Bij bijzondere storingen kan het contro‐ lelampje onafhankelijk van deze pro‐ grammeerfunctie gaan branden. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar.
Programmeerfuncties Geleidingswaarde Water heeft een bepaalde gelei‐ dingswaarde. Is het water extreem zacht, dan heeft het een lage gelei‐ dingswaarde, kan het restvocht niet goed worden berekend en wordt het wasgoed niet goed droog. Daarom kunt u de geleidingswaarde zelf wij‐ zigen. Wacht totdat het controlelampje Start blijft branden . . . . . . en laat de Start - toets daarna los. Draai de programmakeuzeschakelaar op Koude lucht. Het controlelampje Reservoir legen knippert 1x lang en 2x kort.
Plan nu zelf een serviceafspraak via www.miele.nl. Snel en gemakkelijk. Bezoek op www.miele.nl ook de Miele Shop voor een compleet overzicht van alle accessoires, toebehoren en reinigings- en onderhoudsproducten voor uw Miele-apparaat. U kunt ook bellen met onze afdeling Klantcontacten, bereikbaar via telefoonnummer (0347) 37 88 88. Miele Nederland B.V. Postbus 166 4130 ED VIANEN (0347) 37 88 88 Bezoek het Miele Inspirience Centre: De Limiet 2 4131 NR VIANEN Duitsland - Miele & Cie.
TDA 150 C nl-NL M.-Nr.