Gebruiksaanwijzing Warmtepompdroger T 8164 WP nl-NL Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt schade aan uw apparaat. M.-Nr.
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu Het verpakkingsmateriaal Tips om energie te besparen De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpak‐ kingsmateriaal is uitgekozen omdat dit het milieu relatief weinig belast en kan worden hergebruikt. Voorkom dat de droogprogramma's meer energie verbruiken en langer du‐ ren dan nodig is en wel door de volgen‐ de maatregelen.
Inhoud Een bijdrage aan de bescherming van het milieu .............................................. 2 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen ........................................................ 5 Bediening van de droogautomaat...................................................................... 14 Bedieningspaneel.................................................................................................. 14 Ingebruikneming van het apparaat.......................................................
Inhoud Het apparaat aan de achterkant............................................................................ 38 Droogautomaat transporteren................................................................................ 38 Plaatsen................................................................................................................. 39 Wanneer de droger onder een werkblad is geplaatst of in een kast is inge‐ bouwd................................................................................
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Lees beslist deze gebruiksaanwijzing. Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften. Onjuist gebruik echter kan persoonlijk letsel of schade aan het ap‐ paraat tot gevolg hebben. Lees de gebruiksaanwijzing daarom eerst aandachtig door voor‐ dat u het apparaat voor het eerst gebruikt. Hierin vindt u belangrij‐ ke instructies betreffende veiligheid, gebruik en onderhoud.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Personen die op grond van hun fysieke of psychische gesteld‐ heid, hun onervarenheid of gebrek aan kennis van dit apparaat niet in staat zijn om het veilig te bedienen, mogen het alleen gebruiken als ze onder toezicht staan van of worden geïnstrueerd door een verantwoordelijk persoon. Wanneer er kinderen in huis zijn Kinderen onder de acht jaar mogen alleen in de buurt van de droogautomaat komen als ze constant onder toezicht staan.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Technische veiligheid Controleer vóórdat het apparaat wordt geplaatst, of het zichtbaar beschadigd is. Een beschadigde droogautomaat mag niet worden geplaatst en niet in gebruik genomen. Vergelijk vòòrdat u de droogautomaat aansluit de aansluitgege‐ vens (zekering, spanning en frequentie) op het typeplaatje met die van het elektriciteitsnet. Deze moeten beslist overeenkomen. Raad‐ pleeg bij twijfel een elektricien.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Wanneer er een storing moet worden verholpen of wanneer de droogautomaat moet worden gereinigd, mag er geen elektrische spanning op het apparaat staan. Dit is het geval als aan één van de volgende voorwaarden is voldaan: – als de stekker uit de contactdoos is getrokken, – als de desbetreffende zekering van de huisinstallatie is uitgescha‐ keld of – als de hoofdschakelaar van de huisinstallatie is uitgeschakeld.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Volg de aanwijzingen in de hoofdstukken: "Plaatsen en aanslui‐ ten" en "Technische gegevens". Zorg ervoor dat u altijd bij de stekker kunt komen om de spanning van de droogautomaat te halen. De spleet tussen de onderkant van het apparaat en de vloer mag niet met sokkellijsten, hoogpolig tapijt, etc. worden verkleind.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen In verband met brandgevaar mag onderstaand textiel niet worden gedroogd. – Textiel dat niet is gewassen. – Textiel dat niet grondig genoeg is gereinigd en daardoor nog olie-, vet- of crèmeresten bevat. Het gaat hier bij voorbeeld om textiel uit keukens of schoonheidssalons. Bij textiel dat niet voldoende is gereinigd bestaat zelfs na afloop van het droogprogramma en zelfs buiten de droogautomaat nog gevaar voor brand.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen In verband met brandgevaar mogen de volgende soorten textiel of producten nooit in het apparaat worden gedroogd. – Textiel en producten die met industriële chemicaliën zijn gerei‐ nigd, bijv. in een stomerij. – Textiel en producten die rubber of schuimrubber bevatten, zoals waterdicht textiel, hoofdkussens en douchemutsen. – Textiel en producten die vullingen bevatten en die beschadigd zijn, zodat de vullingen eruit kunnen vallen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Deze droogautomaat mag niet – zonder of met beschadigde pluizenfilters worden gebruikt; – zonder of met een beschadigde fijnfilter worden gebruikt. Gebeurt dat wel, dan zouden er te veel pluizen in de droger kunnen komen, wat tot een defect kan leiden. Reinig de zeefvlakken van de pluizenfilters iedere keer nadat u de droogautomaat heeft gebruikt. Wanneer u de pluizenfilters en het fijnfilter met warm water heeft gereinigd, droog ze dan goed af.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Accessoires Alleen originele Miele-accessoires mogen worden aan- of inge‐ bouwd. Worden er andere accessoires aan- of ingebouwd, kan Miele niet voor de gevolgen instaan en kan er geen beroep meer worden ge‐ daan op bepalingen met betrekking tot garantie en productaanspra‐ kelijkheid. Was- en droogautomaten van Miele kunnen als was-droogzuil worden geplaatst. Hiervoor is een specifiek tussenstuk (WTV) nodig dat kan worden nabesteld.
Bediening van de droogautomaat Bedieningspaneel a Display h min Zie volgende bladzijde. b Controle-/Storingslampjes Zie hoofdstuk: "Nuttige tips". Het controlelampje dat met PC is aangeduid heeft nog een functie. Via dit lampje kunnen onze technici de droogprogramma's controleren, updaten en in het geheugen van de droogautomaat opslaan. c Start - toets Met deze toets kunt u een droogprogramma starten. Het controlelampje knippert wanneer een programma kan worden gestart en brandt nadat het is gestart.
Bediening van de droogautomaat Display h min Trommelverlichting Het display kan het volgende aange‐ ven: Wanneer de droger is ingeschakeld en de deur is geopend, gaat de trommel‐ verlichting na enkele minuten uit. Dat bespaart energie. – De programmaduur (h min = Uren en minuten) – Controle- en storingsmeldingen – De verschillende varianten van de programmeerfuncties. Hiermee kunt u de elektronica van de droger nog beter afstemmen op het soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt drogen.
Tips voor het drogen van textiel Textielbehandelingssymbolen Drogen / Normale / lage temperatuur Het textiel wordt in ieder pro‐ gramma op een lage tempera‐ tuur gedroogd. Daardoor is het niet nodig om verschil te maken tussen textiel met de symbolen q/r Niet drogen in de automaat Strijken en mangelen Zeer heet Heet Niet zeer heet Niet strijken / mangelen Nog meer tips voor het drogen van textiel – Gebruik voor ieder droogprogramma de maximale beladingscapaciteit van de trommel.
Zo droogt u goed Korte handleiding Droogautomaat inschakelen Wanneer u een kort overzicht wilt heb‐ ben over hoe u de droogautomaat moet bedienen, kunt u de met cijfers aange‐ duide stappen (, , ...) aanhou‐ den. U kunt de droger ook inschakelen na het vullen van de trommel. In dat geval gaat de trommelverlichting niet aan. Voordat u het wasgoed in het ap‐ paraat legt Haal het op elkaar gepropte gewassen wasgoed uit elkaar en sorteer het naar: . . . gewenste droogtegraad; . . . textielsoort; . .
Zo droogt u goed Programma kiezen Einde van het programma - Trom‐ mel leeghalen Op de verwarmingsfase volgt de afkoel‐ fase, waarin het wasgoed door een koude luchtstroom wordt afgekoeld. Pas wanneer oplicht en de zoemer gaat, is het programma beëindigd. Draai de programmakeuzeschakelaar op het gewenste programma. Programma starten Druk op de Start - toets. Wanneer u het wasgoed niet direct uit de trommel haalt, dan volgt de "Kreuk‐ beveiliging".
Programmaverloop wijzigen Een nog lopend programma ... ... vervangen Het is niet mogelijk om een ander pro‐ gramma te kiezen wanneer een pro‐ gramma nog loopt. Voorkomen moet worden dat er per ongeluk een ander programma wordt gekozen, waardoor het programmaverloop wordt verstoord. Wordt er aan de programmakeuzescha‐ kelaar gedraaid, verschijnt in het dis‐ play en wel zo lang, totdat het oor‐ spronkelijke programma weer wordt in‐ gesteld.
Programma-overzicht Katoen Maximaal 7,0 kg Kastdroog+, Kastdroog** Wasgoed Wasgoed van dikker en dunner katoen zoals handdoeken, badhand‐ doeken en badmantels, beddengoed van flanel, dekens, werkkle‐ ding, stofjassen, schorten, jasjes, T-shirts, ondergoed en babykleer‐ tjes Let op! Bedenk dat het programma Katoen Kastdroog vanuit energie-oog‐ punt voor het drogen van katoen het efficiëntst is.
Programma-overzicht Kreukherstellend Maximaal 3,5 kg Kastdroog, Strijkdroog Wasgoed Kreukherstellend wasgoed van synthetisch materiaal, katoen of ge‐ mengde weefsels (truien, jurken, broeken, stofjassen, tafellakens of servetten) Let op! Het wasgoed wordt bij Strijkdroog kreukarm gedroogd. De mate waarin hangt natuurlijk ook af van de textielsoort en de belading. Kastdroog Extra behoedzaam Wasgoed Kreukgevoelig en teer wasgoed wordt met minder trommelbewegin‐ gen gedroogd.
Programma-overzicht Gladstrijken Wasgoed Maximaal 1,0 kg – Wasgoed van katoen of linnen – Kreukherstellend wasgoed van katoen, gemengde weefsels of synthetisch materiaal (broeken, windjacks en overhemden) Let op! – Dit programma vermindert de kreukels die er na het centrifugeren nog in zitten. – Het wasgoed wordt niet helemaal droog. – Het wasgoed moet direct na het einde van het programma uit de trommel worden gehaald en ergens worden opgehangen waar het helemaal droog kan worden.
Reiniging en onderhoud Condenswaterreservoir legen Het condenswater dat tijdens het droogprogramma vrijkomt wordt in een reservoir opgevangen. Giet het reservoir na het drogen leeg! Is de maximale inhoud van het con‐ denswaterreservoir bereikt, dan gaat het controlelampje Reservoir legen branden. Het controlelampje gaat uit wanneer u de deur open doet en weer sluit. Giet het condenswaterreservoir leeg. Schuif het reservoir terug in de droogautomaat. Condenswater mag niet worden gedronken.
Reiniging en onderhoud Reiniging filtersysteem Deze droger beschikt over een fil‐ tersysteem dat uit verschillende on‐ derdelen bestaat, te weten een paar pluizenfilters met zeefvlakken en 1 fijnfilter. Dit systeem moet goed worden onderhouden. Wanneer moeten de zeefvlakken van de pluizenfilters worden gereinigd? Reinig de zeefvlakken na iedere droogbeurt. – Deze droogautomaat mag nooit zonder pluizenfilters en nooit zon‐ der fijnfilter worden gebruikt.
Reiniging en onderhoud Zeefvlakken van de pluizenfil‐ ters Reinigingsfrequentie Reinig de zeefvlakken van de plui‐ zenfilters na iedere droogbeurt. Reinigen zonder water Tip: Pluisjes kunt u met een stofzuiger verwijderen. Verwijder de pluisjes van dit pluizen‐ filter met de hand of met een stofzui‐ ger. 1 Pluizenfilter 2 Dichting Trek het pluizenfilter (1) uit de pluizen‐ filterhouder in de deur.
Reiniging en onderhoud Nat reinigen Gebruik voor het reinigen van de pluizenfilters alleen dan water, als ze erg vervuild of zelfs verstopt zijn. Trek het pluizenfilter uit de pluizenfil‐ terhouder in de deur. Verwijder beide pluizenfilters in de vul‐ opening en wel als volgt. Plaatsen De pluizenfilters moeten droog zijn wanneer u ze terugplaatst. Is dat niet het geval, dan kunnen er sto‐ ringen optreden. Schuif het grote filter in de pluizenfil‐ terhouder totdat u weerstand voelt.
Reiniging en onderhoud Fijnfilter Reinigingsfrequentie Reinig het fijnfilter alleen dan, wan‐ neer het controlelampje Pluizen ver‐ wijderen gaat branden. Het controlelampje gaat uit wanneer u de deur open doet en weer sluit. Verwijderen Het fijnfilter zit links onder, achter het klepje. Druk tegen het klepje. Zie pijl. Het klepje springt open. Trek het fijnfilter er aan de greep uit. Trek de greep uit het fijnfilter. Fijnfilter reinigen Maak het fijnfilter met stromend wa‐ ter grondig schoon.
Reiniging en onderhoud Klepje voor het fijnfilter reinigen Condensor controleren Raak de koelribben aan de ach‐ terkant niet aan om te voorkomen dat u zich snijdt. Beweeg de zuigmond van de stofzuiger voorzichtig over de koel‐ ribben en de spijlen die voor de koel‐ ribben zitten. Zo kunt u voorkomen dat ze beschadigd raken. Verwijder vrijgekomen pluizen met een vochtige doek en zorg er daarbij voor dat het dichtingsrubber niet be‐ schadigd raakt.
Reiniging en onderhoud Terugplaatsen De droger mag alleen dan wor‐ den gebruikt, als het fijnfilter goed is geplaatst en het klepje voor de con‐ denskast goed dicht is. Alleen dan is het condenssysteem waterdicht en kan de droogautomaat goed functio‐ neren. Droogautomaat Haal de elektrische spanning van de automaat. Plaats de greep weer in het fijnfilter. Het fijnfilter moet precies voor de con‐ densor zitten.
Nuttige tips Hulp bij problemen De meeste problemen kunt u zelf oplossen. In al die gevallen hoeft u geen beroep te doen op onze technici en kunt u tijd en kosten besparen. De volgende tabellen helpen u de oorzaken van een probleem te vinden en uit de wereld te helpen. Be‐ denk echter: Reparaties mogen uitsluitend door erkende vakmensen worden uitgevoerd. Ondeskundig uitgevoerde reparaties kunnen groot gevaar opleveren voor de gebruiker.
Nuttige tips Probleem Oorzaak en oplossing Het controlelampje van de Start - toets begint langzaam te knipperen en het display is donker. De stand-by is ingeschakeld. Dat is geen storing, maar een normale functie waarmee energie kan wor‐ den bespaard. Zie paragraaf: "Stand-by" in het hoofdstuk: "Pro‐ grammeerfuncties". Het controlelampje Pluizen verwijderen gaat na afloop van het programma branden. De droger is door pluizen verontreinigd. Reinig het fijnfilter. Reinig de pluizenfilters.
Nuttige tips Een tegenvallend droogresultaat Probleem Oorzaak en oplossing Het wasgoed is niet goed droog. Het wasgoed bestaat uit verschillende soorten textiel. Droog het wasgoed na met Tijdkeuze warm. Kies de volgende keer een programma dat beter geschikt is. Tip: Bij een paar programma's kunt u het restvocht nog aanpassen. Zie programma: "Programmeerfunc‐ ties". Wasgoed of een hoofd‐ kussen met veren vul‐ ling ruikt onaangenaam nadat het is gedroogd.
Nuttige tips Andere problemen Probleem Oorzaak en oplossing Er zijn zoemde of brom‐ Dit is geen storing. mende geluiden te ho‐ De compressor is in werking en dit soort geluiden is ren. dan normaal. Het lukt niet om een programma te starten De oorzaak is niet direct vast te stellen. Steek de stekker in het stopcontact. Schakel de droger in. Sluit de deur van de droger. Controleer of de zekering van de huisinstallatie doorgeslagen is.
Nuttige tips Probleem Oorzaak en oplossing Het droogprogramma duurt erg lang of wordt zelfs afgebroken. Misschien is de temperatuur in het vertrek te hoog. Lucht het vertrek goed door. Resten wasmiddel, haren en kleine pluisjes kunnen verstoppingen veroorzaken. Misschien zijn de koelribben verstopt. Reinig de pluizenfilters en het fijnfilter. Verwijder zichtbare pluizen achter het klepje vòòr de condenskast links onder. Zie hoofdstuk: "Reini‐ ging en onderhoud".
Nuttige tips Gloeilampje vervangen Haal de elektrische spanning van de automaat. Open de deur. Boven in de vulopening zit een klepje. Daarachter bevindt zich het gloei‐ lampje. Het gloeilampje moet van het‐ zelfde type zijn als, en het vermogen van het gloeilampje mag niet hoger zijn dan op het typeplaatje en op het klepje aangegeven staat. Draai het gloeilampje er uit. Vervang het gloeilampje. Klap het klepje omhoog en druk het links en rechts stevig aan totdat het hoorbaar vastklikt.
Afdeling Klantcontacten Reparaties Droogrek Voor storingen die u niet zelf kunt ver‐ helpen, waarschuwt u uw Miele-vak‐ handelaar of de afdeling Klantcontacten van Miele Nederland B.V. Met het droogrek kunt u producten dro‐ gen en luchten die alleen zeer behoed‐ zaam mogen worden behandeld. Adres, telefoonnummer en website van Miele Nederland vindt u op de achterzijde van deze gebruiksaanwij‐ zing.
Plaatsen en aansluiten Het apparaat aan de voorkant a Aansluitkabel b Bedieningspaneel c Condenswaterreservoir (Legen na het drogen) d Deur (Niet openen tijdens het drogen) e Klepje van de condenskast (Niet openen tijdens het drogen) f Vier in hoogte verstelbare machine‐ voeten g Rooster voor de toevoer van koude lucht (Niet blokkeren met een wasmand of andere voorwerpen) 37
Plaatsen en aansluiten Het apparaat aan de achter‐ kant Wanneer het apparaat liggend wordt getransporteerd, kantel het dan alleen naar de linker kant! a Draagpunten onder de rand van het bovenblad voor transportdoeleinden (zie pijlen) b Aansluitkabel Droogautomaat transporteren Wanneer u het apparaat hebt uitgepakt en op zijn plaats wilt zetten, pak het dan vast aan: – de voorste stelvoeten – en de draagpunten onder de rand van het bovenblad. Transporteer de droger zoals op de plaatjes.
Plaatsen en aansluiten Plaatsen De deur van de droger moet vrij kunnen bewegen en er mag daarom vlak voor de droger geen andere deur worden geplaatst. Het rooster voor de toevoer van koude lucht die aan de voorkant van de droger zit mag in geen geval wor‐ den geblokkeerd of afgedekt, bijv. door een wasmand. Gebeurt dat wel, dan treedt er een storing op.
Plaatsen en aansluiten Droogautomaat stellen Dit apparaat kan alleen optimaal functi‐ oneren als het waterpas staat. Bij een later transport (bijv. bij een verhuizing) Wordt het apparaat later nog eens ge‐ transporteerd, bijv. bij een verhuizing, houd er dan rekening mee dat er zich na iedere droogbeurt een geringe hoe‐ veelheid condenswater in de nabijheid van de pomp bevindt. Dit kan er uitlo‐ pen wanneer het apparaat schuin wordt gehouden.
Plaatsen en aansluiten Elektrische aansluiting Deze automaat is voorzien van een aan‐ sluitkabel en een stekker met bescher‐ mingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op ~230 V 50Hz. Zorg ervoor dat u altijd bij de stekker kunt komen om de spanning van de droogautomaat te halen. Deze droogautomaat mag alleen door een erkend installateur op het elektrici‐ teitsnet worden aangesloten. De elek‐ trische huisinstallatie moet volgens NEN 1010 zijn geïnstalleerd.
Verbruiksgegevens Bela‐ Eindcentri‐ fugetoeren‐ tal in de wasauto‐ maat Rest‐ vocht Energie Pro‐ gram‐ maduur kg Omw/min % kWh min 7,0 1000 60 2,09 144 3,5 1000 60 1,22 88 7,0 1200 53 1,85 130 7,0 1400 50 1,80 124 7,0 1600 44 1,60 110 Katoen Kastdroog Extra behoedzaam 7,0 1000 60 2,04 147 Katoen Strijkdroog 7,0 1000 60 1,56 108 7,0 1200 53 1,35 95 7,0 1400 50 1,25 88 7,0 1600 44 1,10 75 Kreukherstellend Kastdroog 3,5 1200 40 0,75 54 Kreukhe
Technische gegevens Hoogte 850 mm Breedte 595 mm Diepte 596 mm Diepte bij geopende deur 1071 mm Hoogte voor onderbouw 820 mm Breedte voor onderbouw 600 mm Diepte voor onderbouw 600 mm Plaatsbaar onder werkblad Ja Plaatsbaar op wasautomaat Ja Gewicht 60,5 kg Trommelinhoud 111 l Hoeveelheid 1-7 kg (Gewicht van droog wasgoed) Maximale inhoud van het condenswa‐ terreservoir 4,2 l Lengte van de aansluitkabel 2,00 m Aansluitspanning Zie typeplaatje Aansluitwaarde Zie typeplaatje Ze
Programmeerfuncties voor het wijzigen van de instellingen Deze droger is vanuit de fabriek zo ingesteld dat hij aan de algemene ge‐ bruiksbehoeften voldoet. Daarbij biedt deze droger u de mogelijkheid om fa‐ brieksinstellingen te wijzigen. Hiermee kunt u de elektronica van de droger nog beter afstemmen op uw soort wasgoed en de manier waarop u dit wilt drogen. U ben niet verplicht om van de programmeerfuncties gebruik te maken.
Programmeerfuncties Restvocht in het programma "Katoen" De elektronica droogt het wasgoed zo effectief en energiebesparend moge‐ lijk. Vanuit de fabriek is een droogte‐ graad voor bovenstaand programma ingesteld. U kunt de hoeveelheid rest‐ vocht echter verhogen of verlagen. Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Verhoogd restvocht Fabrieksinstelling (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x).
Programmeerfuncties Restvocht in het programma "Kreukherstellend" De elektronica droogt het wasgoed zo effectief en energiebesparend moge‐ lijk. Vanuit de fabriek is een droogte‐ graad voor bovenstaand programma ingesteld. U kunt de hoeveelheid rest‐ vocht echter verhogen of verlagen. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar. Eerst moet aan de volgende voor‐ waarden zijn voldaan: – De droogautomaat moet uitgescha‐ keld zijn. – De deur moet gesloten zijn.
Programmeerfuncties Kreukbeveiliging Vanuit de fabriek is een kreukbeveili‐ ging van 2 uur ingeschakeld. Dat houdt in dat de trommel na afloop van een programma al die tijd met korte intervallen blijft draaien, wanneer u het wasgoed er niet direct uit haalt. Daar‐ mee wordt voorkomen dat het was‐ goed gaat kreuken. Draai de programmakeuzeschakelaar op Katoen Kastdroog. Het controlelampje Reservoir legen knippert 3x. De kreukbeveiliging – is vanuit de fabriek ingeschakeld.
Programmeerfuncties Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Kreukbeveiliging uit Kreukbeveiliging 1 h (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Kreukbeveiliging 2 h (Fabrieksin‐ stelling) (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 2x). Door op de Start - toets te drukken, kunt u tussen de getallen wisselen. Schakel de droger uit.
Programmeerfuncties Zoemer Vanuit de fabriek is er een zoemer in‐ geschakeld. Dat houdt in dat er na af‐ loop van een programma 1 uur lang met regelmatige tussenpozen een zoemer gaat. De zoemer is vanuit de fabriek inge‐ schakeld. U kunt de zoemer uitschake‐ len. De permanente zoemtoon bij storingen heeft met deze zoemer niets te maken. Neem daarvoor de stappen (,,...) en wel met de Start - toets en de programmakeuzeschakelaar.
Programmeerfuncties Droogtegraad van het pro‐ gramma "Automatic extra" Vanuit de fabriek is de droogtegraad van bovenstaand programma op Kast‐ droog ingesteld. U kunt de droogte‐ graad echter verlagen naar Strijkdroog of verhogen naar Kastdroog+. Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Droogtegraad wordt Strijkdroog Fabrieksinstelling (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Neem daarvoor de stappen (,,...
Programmeerfuncties Stand-by Vanuit de fabriek is de stand-by inge‐ schakeld. Dat houdt in dat de contro‐ lelampjes na 10 minuten uitgaan en het controlelampje van de Start - toets langzaam begint te knipperen om energie te sparen. U kunt de stand-by ook anders instellen. Zie onder. Wanneer u de droger uit de stand-by wilt "wekken", draai dan aan de programmakeuze‐ schakelaar of druk op de Start toets. Het lopende programma wordt daardoor niet beïnvloed.
Programmeerfuncties Welke variant is ingesteld, wordt in het display door een getal aangegeven, dat afwisselend met verschijnt. Aan Aan, maar niet tijdens het pro‐ grammaverloop (fabrieksinstelling) (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 1x). Uit (Daarbij knippert het controlelampje Pluizen verwijderen 2x). Door op de Start - toets te drukken, kunt u tussen de getallen wisselen. Schakel de droger uit.
Programmeerfuncties Geleidingswaarde Water heeft een bepaalde gelei‐ dingswaarde. Is het water extreem zacht, dan heeft het een lage gelei‐ dingswaarde, kan het restvocht niet goed worden berekend en wordt het wasgoed niet goed droog. Daarom kunt u de geleidingswaarde zelf wij‐ zigen. Wacht totdat het controlelampje Start blijft branden . . . . . . en laat de Start - toets daarna los. Draai de programmakeuzeschakelaar op Gladstrijken. Het controlelampje Reservoir legen knippert 1x lang en 2x kort.
Wijzigingen voorbehouden/4413 M.-Nr.