Gebruiksaanwijzing wasautomaat PRISMA Lees absoluut uw gebruiksaanwijzing voor u het toestel installeert en in gebruik neemt. Daardoor zorgt u voor uw veiligheid en vermijdt u schade aan het apparaat. B M.-Nr.
Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu Recycleerbare verpakking Berging van uw oud toestel De verpakking behoedt het toestel voor transportschade. Er werd materiaal gekozen, dat door het milieu wordt verdragen en opnieuw kan worden benut. Bij de aankoop van uw nieuw toestel heeft u een bijdrage betaald. Die wordt volledig gebruikt voor de toekomstige recyclage van dat toestel. Dat bevat trouwens nog waardevol materiaal. Door te recycleren wordt er dan ook minder verspild en vervuild.
Inhoud Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Recycleerbare verpakking. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Berging van uw oud toestel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 Beschrijving van het toestel . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Het toestel zelf . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud Programma's . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 Overzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 22 Verloop. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 24 Onderhoudssymbolen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 26 Bijkomende functies .
Inhoud Wat gedaan als . . . ? . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38 Het programma gaat niet van start. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 38 Het wasprogramma werd afgebroken en er wordt een fout gemeld. . . . . . . . . . . 39 Het wasprogramma verloopt normaal hoewel er een storing wordt gemeld. . . . . 40 Algemene storingen of een niet bevredigend wasresultaat. . . . . . . . . . . . . . . . . .
Beschrijving van het toestel Het toestel zelf a elektrische aansluiting e bedieningspaneel b toevoerslang (bestand tegen 70 bar druk) f deur c afvoerslang met draaibaar en afneembaar bochtstuk d wasmiddellade 6 g luik waarachter filter, afvoerpomp en noodontgrendeling zitten h vier in de hoogte regelbare voetjes
Beschrijving van het toestel Het bedieningspaneel a Toets jk (I-AAN/0-UIT) om het toestel aan- of uit te zetten of een programma te onderbreken. e Toets "Centrifugeren" om centrifugeren, Spoelstop of Zonder centrifugeren te kiezen. b Toets Deur maakt de toesteldeur open. f Controlelampje duidt aan of u al dan niet centrifugeren heeft gekozen. c Toets START start het wasprogramma. d Toetsen voor bijkomende functies Met de bovenste toets kiest u de bijkomende functie Inweken, Voorwas of Kort.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid Lees uw gebruiksaanwijzing voordat u uw wasautomaat in gebruik neemt. U vindt er belangrijke tips omtrent uw veiligheid, het gebruik en het onderhoud van uw toestel. Zo beschermt u zichzelf en vermijdt u schade aan het toestel. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig en geef ze door aan wie het toestel eventueel na u gebruikt. Deskundig gebruik Deze wasautomaat mag u enkel gebruiken om wasgoed te wassen waarvan de fabrikant verklaart dat het machinaal wasbaar is.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid Gebruik voor het aansluiten van uw wasautomaat op de waterleiding enkel nieuwe slangen. Oude slangen mogen niet opnieuw worden gebruikt. Controleer de slangen geregeld. Dan kan u ze tijdig vervangen en waterschade voorkomen. Defecte onderdelen mogen enkel worden vervangen door originele Miele-vervangstukken. Enkel daardoor bent u zeker dat ze ten volle voldoen aan de eisen die Miele op het stuk van veiligheid stelt.
Opmerkingen omtrent uw veiligheid Zo u het wasmiddel juist doseert, hoeft uw toestel niet te worden ontkalkt. Is uw toestel zo erg verkalkt dat het moet worden ontkalkt, gebruik dan speciaal ontkalkingsmiddel met corrosiebescherming. Dit middel kan u bij uw Miele-handelaar of in de Technische Dienst van Miele verkrijgen. Volg strikt de handleiding. Wellicht hebt u textiel met reinigingsmiddel behandeld, dat oplosmiddel bevat. Spoel dit wasgoed in helder water uit voordat u het in deze wasautomaat wast.
Milieubewust wassen – Benut zoveel mogelijk de maximumlading die voor een bepaald programma toegestaan is. Dan is het stroom- en waterverbruik voor heel de lading het gunstigst. – Was normaal en lichtjes vuil WIT/BONT wasgoed bij een lagere temperatuur, bv. 75 of 60 °C. Zo spaart u stroom. – Maak gebruik van de programma's GEMENGD TEXTIEL of MINI om een kleinere hoeveelheid te wassen. – Om normaal vuil wasgoed te reinigen kan een programma met hoofdwas alleen volstaan.
Voor de eerste wasbeurt Laat het toestel voor de eerste wasbeurt degelijk opstellen en aansluiten. Hou daarbij rekening met de rubriek "Opstellen en aansluiten". De kuip uitspoelen ^ Draai de waterkraan open. ^ Doe geen wasgoed in de trommel. ^ Giet 1/4 van de hoeveelheid wasmiddel, die op de verpakking staat aangegeven, in vakje j. ^ Druk de toets jk in. ^ Draai de programmakiezer op WIT/BONT 60 °C. ^ Neem de opener op de binnenzijde van het paneel van de wasmiddellade weg.
Zo wast u juist Korte handleiding De van getallen (A,B,C,...) voorziene zinnen kan u gebruiken als korte handleiding. Voordat u gaat wassen A De was voorbereiden. Donker textiel vertoont de neiging bij de eerste wasbeurten kleur te verliezen. Om wasgoed met lichte tinten niet te laten verkleuren, wast u nieuw donker wasgoed liever een paar keer apart. Delicaat textiel wast u beter apart en in een heel behoedzaam programma. Gebruik eventueel een wasgoedzak.
Zo wast u juist B Op de toets Deur drukken. Een programma starten C De was in de trommel stoppen. G De toets jk indrukken. Ontvouw de was en stop hem losjes in de trommel. Door textiel van verschillend formaat in de trommel te doen, verbetert het waseffect en raakt de was tijdens het centrifugeren beter verdeeld. Als u te veel wasgoed in de trommel stopt, verslecht het wasresultaat en verhoogt de kans op kreuken. – Zo de programmakiezer op Einde staat, brandt het controlelampje Kreukbeveiliging/Einde.
Zo wast u juist I Bijkomende functies kiezen (zo u dat wenst) J Een centrifugeertoerental kiezen U kan hoogstens twee bijkomende functies inschakelen zo het programma dat toelaat. Zie rubriek "Programma's", paragraaf "Overzicht". Van de bijkomende functies Inweken, Voorwas en Kort kan u er telkens maar een kiezen. ^ Druk op de toets "centrifugeren" tot het controlelampje van het gewenste toptoerental aangaat.
Zo wast u juist Na het wassen P De waterkraan dichtdraaien. L De toets Deur indrukken. Q De deur van het toestel dichtdoen. M De toets jk indrukken en laten uitspringen. Anders bestaat het risico dat er onverhoeds objecten in de trommel terechtkomen. Die kunnen dan per vergissing worden meegewassen en het wasgoed beschadigen. Druk de toets jk in en laat hem uitspringen. Draai de programmakiezer daarna op Einde. N Het wasgoed uitnemen.
Zo wast u juist Was toevoegen/uitnemen Algemene uitzonderingen: Na de start van het programma kan u bij volgende programma's nog wasgoed in de trommel toevoegen of eruit nemen: De toesteldeur gaat niet open – WIT/BONT – KREUKHERSTELLEND – WOL – MINI 40 °C – bij een soptemperatuur boven 55 °C, – bij de bijkomende functie Extra water, – indien de programmavergrendeling ingeschakeld is. – het programma de stand "Centrifugeren op het einde" heeft bereikt.
Zo wast u juist Een programma . . . Om een ander programma te kiezen, gaat u als volgt te werk: . . . onderbreken ^ Schakel het toestel uit met de toets jk. ^ De toets jk indrukken. ^ Om hetzelfde programma voort te zetten, drukt u opnieuw de toets jk in. ^ Draai de programmakiezer op Einde. . . . wijzigen ^ Kies een nieuw programma. Nadat u op de toets START hebt gedrukt, laat het toestel nog de volgende wijzigingen toe: ^ Druk op de toets START.
Wasmiddel U kan alle moderne wasmiddelen gebruiken, die voor machinaal wassen geschikt zijn. Zowel in de vorm van poeder als van tabletten, vloeibaar, al dan niet geconcentreerd. Wollen breigoed en wolmengsels dient u met een wolwasmiddel te wassen. Hoe u het wasmiddel doseert, vindt u terug op de verpakking. De dosering hangt af van – de hoeveelheid wasgoed – de mate waarin het wasgoed vuil is lichtjes vuil Geen vuil of vlekken te bespeuren. Misschien ruiken de kleren niet meer zo fris.
Wasmiddel Wasmiddel toevoegen Waterontharding In de waterhardheidscategorieën II en III kan u een onthardingsmiddel toevoegen om wasmiddel te besparen. De juiste dosering vindt u op de verpakking terug. Voeg eerst het wasmiddel en dan pas het onthardingsmiddel toe. Het wasmiddel kan u dan doseren als voor categorie I. Aanbeveling: indien u verschillende middelen gebruikt, voeg die dan in deze volgorde toe in vakje j. i = vakje inweken/voorwas 1. wasmiddel j = vakje hoofdwas 2.
Wasmiddel Wasverzachter, vormspoeler en stijfsel automatisch tijdens het wasprogramma laten toevoegen ^ Doe het dekseltje van vak p open. Wasverzachter of vormspoeler in apart programma ^ Voeg de wasverzachter of vormspoeler toe in vakje p. ^ Draai de programmakiezer op Stijven. ^ Kies een centrifugeertoerental. ^ Druk op de toets START. Stijfsel in apart programma ^ Bereid het stijfsel voor en doseer het als in de richtlijnen op de verpakking. ^ Voeg het toe in vakje i.
Programma's Overzicht Programma Soort wasgoed 95 °C tot 30 °C Max. toerental centrifugeren 1300 t.p.m. Hoeveelheid wasgoed volgens de norm. 60 °C 1300 t.p.m. KREUKHERSTELLEND Textiel van synthetische vezels, gemengde weefsels of katoen met kreukherstellende eigenschappen. Bv. overhemden, bloezen, jasschorten, tafellakens. 60 °C tot 30 °C 900 t.p.m. FIJNE WAS Wasgoed van synthetische vezels of kunstzijde. Bv. kousen, bloezen, overhemden, fijn wasgoed. 40 °C tot koud 600 t.p.m.
Programma's Maximumlading 5 kg – – – – Mogelijke bijkomende functies Opmerkingen inweken voorwas kort extra water (opties 1, 2, 3, 4) Gebruik bij erg vuil wasgoed de functie Inweken of Voorwas. Was donker textiel met vloeibaar wasmiddel. 5 kg 2,5 kg 1 kg Vul de trommel losjes ( 1/ 2 à 3/ 4 ) Voor testinstituten: programma voor tests volgens de norm EN 60456. – – – – inweken voorwas kort extra water (opties 1, 2, 4) Gebruik bij erg vuil wasgoed de functie Inweken of Voorwas.
Programma's Verloop WIT en BONT1) KREUKHERSTELLEND1) FIJNE WAS WOL Inweken mogelijk mogelijk mogelijk – Voorwas mogelijk mogelijk mogelijk – ß ß ß ß Hoofdwas Sopafkoeling vanaf 75 °C programmeerbaar – – – Progressieve sopafkoeling – vanaf 50 °C – – 3 of 42) 2 2 3 2 2 3 3 3 2 2 – Centrifugeren tussen de spoelbeurten (t.p.m.) max. 1000 max. 500 – max. 600 Centrifugeren op het einde van het programma (t.p.m.) max. 1300 max. 900 max. 600 max.
Programma's MINI Stijven Centrifugeren Extra spoelen GEMENGD TEXTIEL1) met veel katoen met veel kreukherstellende was – – – – mogelijk mogelijk – ß – – mogelijk mogelijk ß – – – ß ß – – – – – – – – – – – ß 2 2 – – – – – – – 2 – – 3 of 42) 2 2 3 2 2 max. 500 – – – max. 900 max. 500 max. 1300 max. 1300 max. 1300 max. 900 max. 900 max. 900 max. 30 min. max. 30 min. max. 30 min. – max. 30 min. max. 30 min.
Programma's Onderhoudssymbolen Drogen Wassen q op normale temperatuur 9 Wit en Bont 95 °C, 75 °C r op lagere temperatuur 8 Bont 60 °C s niet in de machine drogen 7 Bont 40 °C Strijken 6 Bont 30 °C I heet strijken 4 Kreukherstellend 60 °C, 50 °C H matig heet strijken 2 Kreukherstellend 40 °C G niet heet strijken 1 Kreukherstellend 30 °C J niet strijken a Fijne was 40 °C c Fijne was 30 °C / met de hand wassen h niet wassen apf chemisch reinigen D niet chemisch reinigen y
Bijkomende functies Door op een toets voor een bijkomende functie te drukken, voegt u een functie aan het basisprogramma toe. Het controlelampje van de bijkomende functie wordt verlicht. Wasmiddeldosering bij de bijkomende functie Inweken: – Giet de totale hoeveelheid wasmiddel in vakje j ofwel rechtstreeks op het wasgoed in de trommel.
Bijkomende functies Extra water Hiermee wordt het waterniveau in de hoofdwas en/of bij het spoelen verhoogd. Ofwel wordt er (ook) een bijkomende spoelbeurt uitgevoerd. Centrifugeren Op het einde van elk basisprogramma wordt er gecentrifugeerd indien u een toerental hebt gekozen. Zonder centrifugeren Voor de toets Extra water kan u kiezen uit vier opties. Deze opties worden in de rubriek "Programmeerfuncties", paragraaf "Extra water" nader toegelicht.
Bijkomende functies Elektronische programmavergrendeling Deze vergrendeling verhindert dat het toestel tijdens het programmaverloop geopend of het programma afgebroken wordt. De vergrendeling inschakelen ^ Kies een programma als beschreven in de rubriek "Zo wast u juist". ^ Druk minstens 5 seconden op de toets START. De vergrendeling is nu ingeschakeld. De vergrendeling uitschakelen ^ Druk minstens 5 seconden op de toets START.
Programmeerfuncties Met de programmeerfuncties kan u uw toestel aan uw individuele vereisten aanpassen. Ze blijven opgeslagen tot u ze weer wist. U kan uit volgende programmeerfuncties kiezen: A = Hoge waterstand Zo u speciale eisen stelt aan het spoelresultaat, kan u de waterstand tijdens de spoelbeurten verhogen. Optie 2 In al de programmadelen van WIT/BONT, KREUKHERSTELLEND, MINI en GEMENGD TEXTIEL wordt de waterstand verhoogd. Deze functie werd in de fabriek ingesteld. Deze optie is bv.
Programmeerfuncties D = Inweekduur U kan de duur van het inweken als volgt instellen: – 30 minuten of – 1 uur of – 1 uur en 30 minuten of – 2 uur. E = Behoedzaam ritme Om lichtjes vuil wasgoed behoedzaam te wassen. De trommelbewegingen worden beperkt. Het behoedzaam ritme kan u toepassen in de programma's WIT/BONT, KREUKHERSTELLEND, MINI, Stijven en GEMENGD TEXTIEL. Heeft u het behoedzaam ritme geprogrammeerd, dan verloopt elke wasbeurt met deze programma's in een behoedzaam ritme.
Programmeerfuncties Programmeren en opslaan Programmeerfuncties activeert u met de toetsen voor de bijkomende functies en met de programmakiezer. Deze bedieningselementen hebben een verdoken functie. Die is niet op het bedieningspaneel af te lezen. Het programmeren verloopt in vier stappen: 1. de programmeermodus kiezen 2. de programmeerfunctie kiezen 3. de programmeerfunctie activeren of desactiveren 4. de programmeerfunctie opslaan. 1.
Programmeerfuncties 3. De programmeerfunctie activeren of desactiveren Voor de programmeerfunctie D Voor de programmeerfuncties A, C, E, F, G F Door meermaals op de toets START te drukken, kan u verschillende inweektijden kiezen. De gekozen inweekduur wordt bevestigd doordat een van de volgende controlelampjes aangaat: F Door eenmaal op de toets START te drukken schakelt u de programmeerfunctie in. In de aanduiding van het programmaverloop brandt het controlelampje Spoelen.
Reiniging en onderhoud van het toestel Het toestel schoonmaken ^ Was de ommanteling met een zacht reinigingsmiddel of sopje af. Wrijf die daarna met een zachte doek droog. ^ Het bedieningspaneel en het deksel kan u met een vochtige doek afwissen en daarna afdrogen. ^ Maak de trommel met een geschikt middel voor roestvrij staal schoon.
Reiniging en onderhoud van het toestel De afvoerpomp en de filter schoonmaken Controleer de filter aan de afvoerpomp in het begin om de 3 à 4 wasbeurten. Zo merkt u hoe vaak u die moet reinigen. Bij een normale reiniging loopt er zowat 2 liter water uit het toestel. Indien de afvoer verstopt is, staat er meer water in het toestel (max. 25 l).
Reiniging en onderhoud van het toestel ^ Kijk na of de pompvleugel vlot ronddraait. Er kunnen eventueel voorwerpen in geklemd zitten. Die moet u verwijderen. ^ Maak de ruimte binnenin schoon. In de schroefdraad van het filterhuis mogen er geen kalk- en wasmiddelresten of voorwerpen zijn achtergebleven. ^ Zet de filter weer op zijn plaats en draai hem vast. ,Indien u de filter niet terug op ^ Zodra er geen water meer uitloopt, draait u de filter helemaal los. ^ Maak de filter grondig schoon.
Reiniging en onderhoud van het toestel Watertoevoerzeefjes reinigen Ter bescherming van de watertoevoerventielen heeft uw machine 2 zeefjes. Die zeefjes dient u zowat om de 6 maand na te kijken. Bij vaak voorkomende onderbrekingen in de watertoevoer dient dat eerder te gebeuren. Het zeefje in de watertoevoerslang schoonmaken ^ Draai de waterkraan dicht. ^ Schroef de toevoerslang van de waterkraan los. zo het oppervlak kleine scheurtjes of andere schade vertoont.
Wat gedaan als . . . ? Aan de meeste storingen kan u zelf verhelpen. In heel wat gevallen bespaart u tijd en kosten omdat u dan geen beroep hoeft te doen op de Technische Dienst. De volgende tabellen kunnen een leidraad zijn om de oorzaken van een bepaalde storing te vinden en uit de weg te ruimen. Hou wel het volgende in acht: ,Herstellingen aan elektrische toestellen mag u enkel en alleen door een erkend vakman laten uitvoeren.
Wat gedaan als . . . ? Het wasprogramma werd afgebroken en er wordt een fout gemeld. Storing Het verklikkerlichtje Afvoer knippert. Het verklikkerlichtje Toevoer knippert. Knippert een van de volgende controlelampjes? – Inweken/Voorwas – Wassen – Spoelen – Spoelstop Mogelijke oorzaak Oplossing De waterafvoer is geblokkeerd. Maak de filter en de afvoerpomp schoon. De afvoerslang ligt te De maximum opvoerhoogte hoog. bedraagt 1 m. De watertoevoer is ge- – Draai de waterkraan stremd. open.
Wat gedaan als . . . ? Het wasprogramma verloopt normaal hoewel er een storing wordt gemeld. Storing Het controlelampje Afvoer knippert. Het controlelampje Toevoer knippert. Mogelijke oorzaak Oplossing De waterafvoer is ge- Maak filter en afvoerpomp stremd. schoon. De waterafvoer is ge- – Staat de waterkraan ver stremd. genoeg open? – Vertoont de toevoerslang geen knik? – Ligt de waterdruk niet te laag? Het zeefje in de toevoerslang is vuil. Maak het zeefje schoon.
Wat gedaan als . . . ? Algemene storingen of een niet bevredigend wasresultaat. Storing Mogelijke oorzaak Oplossing De wasautomaat staat Het toestel rust niet Stel de machine veilig op. tijdens het centrifuge- meer gelijkmatig op de Schroef de contramoeren vast. ren te trillen. 4 voetjes. De contramoeren zijn niet vastgeschroefd. De was wordt niet zoals gewoonlijk gecentrifugeerd. De toesteldeur gaat niet via de toets Deur open. Er werd een te laag centrifugeertoerental ingesteld.
Wat gedaan als . . . ? Storing U hoort ongewone pompgeluiden. In het wasmiddelbakje zijn vrij veel wasmiddelresten achtergebleven. Mogelijke oorzaak Oplossing Dit is geen storing! Bij het begin en op het einde van de pompfase zijn die slurpgeluiden normaal. De waterdruk is onvol- – Maak het watertoevoerzeefje doende. schoon. – Druk eventueel op de toets Extra water. Waspoeder heeft de Voeg voortaan eerst het wasneiging in combinatie en dan het onthardingsmiddel met onthardingsmidtoe. del te klonteren.
Wat gedaan als . . . ? Storing Mogelijke oorzaak Oplossing De wasmiddeldosering – Doseer bij dergelijk vuil waswas onvoldoende omdat goed meer waspoeder of gede was veel vetvlekken bruik vloeibaar wasmiddel. vertoonde, bv. door zalf – Laat voor de volgende wasen olie. beurt een programma WIT/BONT 60 °C met vloeibaar middel en zonder was aflopen. Op gewassen don- Het wasmiddel bevat in – Probeer de restjes na het drogen met een borstel te ker textiel bevinden water onoplosbare beverwijderen.
Wat gedaan als . . . ? De deur openen bij een stroomonderbreking ^ Zet een emmer onder de waterkraan. ^ Schakel de wasautomaat uit. ^ Draai de waterkraan open. ^ Maak het luikje van de filter open en laat het water af. Zie rubriek "Reiniging en onderhoud van het toestel", paragraaf "De afvoerpomp en de filter schoonmaken". ,Verzeker er u van dat de trommel stilstaat voor u het wasgoed uitneemt. Grijpt u in een trommel die nog draait, dan is er risico van kwetsuren. ^ Trek het oogje naar beneden.
Technische dienst Reparaties Garantie: voorwaarden en duur Neem bij storingen die u zelf niet kan verhelpen, contact op De waarborgperiode van uw wasautomaat bedraagt 2 jaar. – met uw Miele-handelaar of Meer uitleg over de garantievoorwaarden vindt u in het garantieboekje. – met de Technische Dienst van Miele. Het adres en de telefoonnummers van onze technische dienst vindt u op de rugzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Opstellen en aansluiten Plaats van opstelling De machine opstellen Als plaats van opstelling is een betonnen vloer het best geschikt. Bij zo'n vloer duiken er tijdens het centrifugeren zelden trillingen op. Op houten vloerbekleding of vloeren met "weke" eigenschappen is dat niet het geval. Til de machine van de verpakkingssokkel weg en breng ze naar de plaats van opstelling. Let daarbij op het volgende: Let op het volgende: ^ Stel de machine horizontaal en stevig op.
Opstellen en aansluiten B Draai de rechtse transportstang 90°. D Sluit de gaatjes met de meegeleverde dopjes af. ,Zonder transportbeveiliging mag u de machine niet vervoeren. Bewaar de transportbeveiliging. Voor u de machine vervoert (bv. bij een verhuizing) dient u de transportbeveiliging weer te monteren. De transportbeveiliging weer monteren Dit gebeurt in omgekeerde volgorde. C Trek de stangen en de steunplaat uit.
Opstellen en aansluiten De wasautomaat gelijk zetten De machine moet loodrecht staan en gelijkmatig op de vier voetjes steunen om perfect te werken. ^ Draai het voetje 1 samen met de contramoer 2 met behulp van een schroevendraaier los. Draai naar links. Zie afbeelding. ^ Controleer met een waterpas of het toestel loodrecht staat. Stelt u de machine verkeerd op, dan verhoogt het water- en stroomverbruik. Het toestel kan ook gaan verschuiven. ^ Hou het voetje 1 met een gastang vast.
Opstellen en aansluiten Inbouwen onder een doorlopend werkblad ^ Er is een inbouwset* noodzakelijk ^ Het deksel van de machine dient u te vervangen door een afdekplaat. Deze plaat maakt deel uit van de inbouwset. Ze is er absoluut nodig met het oog op de elektrische veiligheid. ^ Bij 90/91 cm hoge werkbladen is er een sokkel* vereist. ^ De watertoevoer en -afvoer alsook de elektrische aansluiting dienen in de omgeving van het toestel te worden geïnstalleerd en toegankelijk te zijn.
Opstellen en aansluiten Watertoevoer Deze machine mag u zonder terugstroombeveiliging op een drinkwaterleiding aansluiten. Voor de aansluiting dient u een waterkraan met 3/4"-schroefkoppeling te voorzien. Is er een nieuwe afsluitkraan te plaatsen, laat die dan door een erkend installateur op de drinkwaterleiding monteren. Op de afsluitkraan wordt de ca. 1,5 m lange 3/8"-drukslang met 3/4"-schroefkoppeling aangesloten. Deze slang is niet geschikt voor aansluiting op warm water.
Opstellen en aansluiten Waterafvoer De afvoerslang kan u zo plaatsen: Het water wordt via een ingebouwde afvoerpomp met een opvoerhoogte van 1 m weggepompt. De afvoerslang is 1,50 m lang. Opdat de afvoer degelijk verloopt, mag die slang in geen geval knikken vertonen. Het bochtstuk aan het uiteinde van de afvoerslang kan in de gewenste richting worden gedraaid. U kan het ook van de afvoerslang aftrekken. 1.
Opstellen en aansluiten Elektrische aansluiting Dit Miele-toestel is voorzien voor aansluiting op eenfasige stroom 230 V, 50 Hz. Het is uitgerust met een stekker en een ca. 1,60 m lange kabel. De aansluiting mag uitsluitend gebeuren op een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met aarding. Wij geven u de raad uw toestel in geen geval aan te sluiten op verlengsnoeren of aftakcontactdozen. Er is dan eventueel risico van brand.
Verbruiksgegevens Programma (zonder bijkomende functies noch programmeerfuncties) Lading Verbruiksgegevens Stroom in kWh Water in liter normaal Programmaduur kort Wit en bont 95 °C 5 kg 1,700 52 l 1 uur 54 min. 1 uur 22 min. 60 °C * 5 kg 0,950 52 l 1 uur 58 min. 1 uur 16 min. 40 °C Kreukherstellend 5 kg 0,550 52 l 1 uur 58 min. 1 uur 06 min. 2,5 kg 0,450 58 l 1 uur 15 min. 49 min. 1 kg 0,400 75 l 58 min. 49 min. 2 kg 0,230 35 l 35 min.
Technische gegevens Hoogte 85 cm Breedte 59,5 cm Diepte 60 cm Diepte bij open deur 97 cm Gewicht 92 kg Maximale belasting van de vloer 1600 newton (ca. 160 kg) Capaciteit 5 kg droog wasgoed Aansluitspanning zie typeplaatje Aansluitwaarde zie typeplaatje Smeltstoppen zie typeplaatje Waterdruk 1 bar (100 kPa) – 10 bar (1000 kPa) Maximale opvoerhoogte 1m Maximale afvoerlengte 5m Verkregen labels radio- en t.v.
Wijzigingen voorbehouden/3402 M.-Nr. 05 603 220 / V01 Dit papier spaart het milieu doordat het uit 100 % chloorvrij gebleekte celstof bestaat.