Gebruiksaanwijzing voor afwasautomaten Lees beslist de gebruiksaanwijzing voordat u uw apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan uw apparaat. T M.-Nr.
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 Voordat u uw apparaat in gebruik neemt . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10 Deur openen en sluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Algemeen Algemeen Er zijn drie soorten Miele afwasautomaten: 1. Vrijstaande afwasautomaten Vrijstaande afwasautomaten kunnen zonder extra montage in iedere keuken worden geplaatst. U kunt de afwasautomaat aan de kleur van het keukenfront aanpassen door later een decorlijst te monteren. 2. Integreerbare ("i"-) afwasautomaten "i"-afwasautomaten zijn speciaal geconstrueerd om te worden ingebouwd onder een doorlopend werkblad.
Algemeen Het apparaat in één oogopslag Bedieningspaneel 4
Algemeen 1 Bovenste sproeiarm (niet zichtbaar) 2 Besteklade (wordt afhankelijk van het type standaard meegeleverd) 3 Bovenrek 4 Watertoevoer voor de middelste sproeiarm 5 Middelste sproeiarm 6 Regenereerschakelaar 7 Onderste sproeiarm 8 Vier stelvoeten 9 Zeefcombinatie Wat voor type apparaat uw afwasautomaat is kunt u op het typeplaatje (13) aflezen (bijv. G 665).
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Deze afwasautomaat voldoet aan de voorgeschreven veiligheidsbepalingen. Door ondeskundig gebruik kunnen personen echter letsel oplopen en kan er materiële schade ontstaan. Lees deze gebruiksaanwijzing eerst aandachtig door voordat u dit apparaat in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt daarmee schade aan uw apparaat. Bewaar deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Zorg er bij gebruik van poedervormige reinigingsmiddelen voor dat u geen stofdeeltjes inademt! Zorg ervoor dat u eventueel vrijliggende verwarmingselementen tijdens of direct na afloop van een afwasprogramma niet aanraakt. U kunt zich daaraan verbranden.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Als u per abuis reinigingsmiddel in het reservoir voor regenereerzout doet, raakt de waterontharder altijd defect! Controleer iedere keer voordat u het zoutreservoir vult of u wel een pak zout in uw handen heeft. Afdanken van het oude apparaat Als u per abuis (vloeibaar) reinigingsmiddel in het doseerapparaat voor naspoelmiddel doet, raakt het doseerapparaat altijd defect.
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu Het verpakkingsmateriaal Economisch afwassen De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Gekozen is voor verpakkingsmateriaal dat niet schadelijk is voor het milieu, op verantwoorde wijze kan worden afgedankt en dus voor hergebruik geschikt is. Deze afwasautomaat werkt uiterst water- en energiebesparend.
Voordat u uw apparaat in gebruik neemt Voordat u uw apparaat in gebruik neemt Neem voordat u uw apparaat in gebruik neemt beslist de volgende punten in acht! Onderstaande punten worden nog apart behandeld. Uitgebreide instructies m.b.t. deze punten vindt u in de desbetreffende hoofdstukken. Vul de rekken op de juiste manier Het serviesgoed moet zo in de rekken worden gezet, dat het water er aan alle kanten bij kan. Afgedekte gedeelten kunnen niet schoon worden.
Deur openen en sluiten Deur openen en sluiten De deur openen Pak de greep en druk tegelijkertijd de knop ervan in. Als de deur wordt geopend terwijl de automaat in gebruik is, worden alle functies automatisch onderbroken. De deur sluiten Kinderbeveiliging Met de kinderbeveiliging kan worden voorkomen dat de deur van de afwasautomaat door kinderen wordt geopend. Draai de kinderbeveiliging met de meegeleverde sleutel in de juiste stand. Schuif de rekken naar binnen.
Waterontharder Waterontharder Ligt de waterhardheid van uw leidingwater steeds onder de 4 °dH, dan hoeft het water niet te worden onthard. Vanaf 4 °dH dient het water voor de afwas te worden onthard. Zo ontstaat er geen kalkaanslag op het serviesgoed en in de afwasautomaat; tevens heeft het reinigingsmiddel meer effect. Het plaatselijke waterleidingbedrijf kan u inlichten over de hardheid van uw leidingwater. Waterontharder instellen Met de regenereerschakelaar kunnen zes standen worden ingesteld.
Waterontharder Zoutreservoir vullen Gebruik uitsluitend het speciale grofkorrelige regenereerzout. Gebruik in geen geval andere soorten zout, bijv. keukenzout of strooizout. Deze soorten zout bevatten soms niet in water op te lossen deeltjes die een nadelig effect kunnen hebben op de werking van de ontharder. In het zoutreservoir kan ca. 2 kg zout.
Waterontharder Controlelampje "Zout" Let op! Wanneer het controlelampje "Zout" gaat branden, moet er regenereerzout worden bijgevuld. Het controlelampje gaat ook branden, als de waterhardheid steeds onder de 4 °dH ligt en u het reservoir dus niet met regenereerzout hoeft te vullen.
Naspoelmiddel doseren Naspoelmiddel doseren Naspoelmiddel is nodig om ervoor te zorgen dat het water tijdens het drogen als een film van het serviesgoed afloopt en het serviesgoed na het spoelen droogt zonder dat het vlekken gaat vertonen. Het naspoelmiddel wordt in een doseerapparaat gedaan en in de ingestelde hoeveelheid bij het naspoelen automatisch toegevoegd. Het doseerapparaat heeft een inhoud van ca. 130 cm3.
Naspoelmiddel doseren Het instellen van de naspoelmiddeldosering U kunt het naspoelmiddel gemakkelijker doseren, als u de deur eerst slechts ongeveer voor de helft (ca. 45°) opendoet en dan tijdens het doseren helemaal naar beneden laat zakken. U dient het naspoelmiddel slechts zolang te doseren, totdat het aan de oppervlakte van het zeefje in de vulopening zichtbaar is. Druk het klepje goed dicht. Verwijder eventueel gemorst naspoelmiddel om bij de volgende afwasbeurt sterke schuimvorming te voorkomen.
Serviesgoed en bestek inruimen Serviesgoed en bestek inruimen Attentie! Zet het serviesgoed in principe zo in de rekken, dat het water er aan alle kanten bij kan; alleen dan kan het echt schoon worden! Serviesgoed en bestek mogen niet zodanig worden geplaatst, dat de delen elkaar afdekken. Zet hol serviesgoed, zoals kopjes, glazen en kommen met de openingen naar beneden in de rekken. Zet serviesgoed met een diepe bodem zoveel mogelijk schuin in het rek, zodat het water eraf kan lopen.
Serviesgoed en bestek inruimen Voorbeelden voor de indeling In het bovenrek In het onderrek wordt klein, licht en teer serviesgoed zoals kopjes, schoteltjes, glazen en dessertschaaltjes geplaatst. wordt groter en zwaarder serviesgoed zoals borden, schalen, potten en pannen geplaatst.
Serviesgoed en bestek inruimen Bestek Bij de afwasautomaat met bestekkorf: Plaats het bestek ongesorteerd in de bestekvakjes met de grepen zoveel mogelijk naar beneden. Leg erg lang bestek zoals soeplepels, pollepels en lange messen plat aan de voorkant van het bovenrek. Als u daardoor echter meer kans loopt, zich aan het scherp van de messen en de punten van de vorken te verwonden, dan adviseren wij u het bestek met de scherpe zijde naar beneden te zetten.
Serviesgoed en bestek inruimen Bij de afwasautomaat met besteklade (SC): Het is aan te bevelen het bestek te groeperen; als messen, vorken, lepels enz. in groepen in de besteklade worden gelegd is het makkelijker ze er weer uit te halen. Lang bestek zoals sauslepels, taartscheppen, pollepels en lange messen kunt u in het dieper gelegen gedeelte in het midden van de besteklade leggen. 20 Het inzetstuk van de besteklade is uitneembaar.
Serviesgoed en bestek inruimen Het scherp van de messen en de lepelbladen moeten op de getande kammen liggen, zodat ook de laatste waterdruppel er zonder meer af kan lopen. Leg bij lepels met ovale of ronde grepen de lepelbladen en niet de grepen tussen de opstaande kammen. Let erop dat de lepelbladen indien mogelijk rechtop staan, zodat ze tegen de bodem van de besteklade aanliggen en al het water eraf kan lopen. De bovenste sproeiarm mag niet door te hoog serviesgoed (bijv.
Serviesgoed en bestek inruimen Opklapbaar rooster Steun (afhankelijk van het model standaard bijgevoegd) Voor het inruimen van hoger serviesgoed kunt u het rooster omhoogklappen. 22 Om serviesgoed gemakkelijk te kunnen inruimen en er gemakkelijk weer uit te kunnen halen kunt u de steun omklappen. Na het inruimen van het serviesgoed kunt u de steun weer omhoogklappen, zodat er serviesgoed tegenaan kan worden gelegd.
Serviesgoed en bestek inruimen Bovenrek verstellen (afhankelijk van het model standaard bijgevoegd) Om in het boven- of onderrek meer plaats te krijgen voor hoger serviesgoed kunt u het bovenrek op 3 hoogten van elk ca. 2 cm verstellen. Afhankelijk van de instelling van het bovenrek kunnen bijv.
Niet geschikt voor de afwasautomaat Niet geschikt voor de afwasautomaat – Bestek met houten of hoornen grepen. – Ontbijtplankjes van hout of kunststof. – Verlijmde delen, zoals bij messen waarvan heft en lemmet aan elkaar zijn gelijmd. – Voorwerpen van koper en tin. – Voorwerpen van niet-hittebestendige kunststof. Let op – Zilver en aluminium kunnen verkleuren.
Reinigingsmiddel doseren Reinigingsmiddel doseren Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen voor huishoudafwasautomaten. Gebruik geen reinigingsmiddelen voor de handafwas! Bij inwendig gebruik kunnen reinigingsmiddelen ernstige brandwonden in mond en keel veroorzaken of tot verstikking leiden! Houd deze middelen daarom buiten bereik van kinderen en laat kinderen niet bij de geopende afwasautomaat komen! Er zijn misschien nog resten van het middel in de automaat aanwezig.
Reinigingsmiddel doseren Mogelijke oplossingen: 1. Wanneer u de nieuwe chloor- en fosfaatvrije reinigingsmiddelen wilt blijven gebruiken, adviseren wij u het volgende: – Zet de regenereerschakelaar sneller een stand hoger dan in het hoofdstukje "Waterontharder instellen" staat aangegeven (behalve bij stand 6). Zet de regenereerschakelaar bijvoorbeeld al vanaf 34° dH op stand 4. 2.
Reinigingsmiddel doseren Voor elk afwasprogramma moet er reinigingsmiddel in het daarvoor bestemde doseerbakje worden gedaan, behalve voor: "KOUD VOORSPOELEN". – Doseer poedervormig reinigingsmiddel in de vakjes. – Reinigingstabletten kunnen op verschillende plaatsen in de afwasautomaat worden gelegd. Volg de adviezen van de fabrikant op die op de verpakking staan. De dosering is afhankelijk van het soort reinigingsmiddel en van het gekozen afwasprogramma en kan dus verschillen.
Reinigingsmiddel doseren Zur Information: Ter informatie: In vakje I kan max. 25 ml, in vakje II max. 80 ml. In vakje II zijn markeringsstreepjes aangebracht om het doseren makkelijker te maken. De streepjes geven de stand in ml aan. Druk op de sluiting van het klepje van het doseerbakje. Het klepje springt dan open. Na het afwasprogramma is het klepje altijd open. Doseer het reinigingsmiddel in de vakjes. Sluit het klepje van het doseerbakje.
Programmakeuze Programmakeuze Laat de keuze van het programma steeds afhangen van het soort serviesgoed en de mate van vervuiling. Voor de normale dagelijkse afwas zult u meestal de "UNIVERSEEL" - programma’s kiezen. – UNIVERSEEL 55° of 65° (met één keer voorspoelen) of – UNIVERSEEL EXTRA 55° of 65° (met twee keer voorspoelen). Deze programma’s zijn optimaal berekend op vaatwerk waarmee men dagelijks in de huishouding te maken krijgt: verschillende soorten serviesgoed die niet allemaal even vuil zijn.
Programma-overzicht Programma-overzicht Programma Toepassing Reinigingsmiddel A1) Vakje I (Voorspoelen) B2) Vakje Vakje II II (Reinigen) (Reinigen) Universele programma’s UNIVERSEEL 55 ° 3) Dit programma kiest u bij de reiniging van normaal vervuild serviesgoed. 20 % 80% 100 % UNIVERSEEL 65 ° Als UNIVERSEEL 55 °, maar met een hogere reinigingstemperatuur voor ingedroogde, zetmeelhoudende etensresten. Als UNIVERSEEL 55 °, maar met extra voorspoelen voor erg vuil serviesgoed.
Programma-overzicht Programma-overzicht Programmaverloop 1. Voorspoelen 2. Voorspoelen Reinigen Tussenspoelen Verbruik Duur Stroom kWh 5) Water Minuten (ca.
Afwasautomaat in- en uitschakelen Afwasautomaat in- en uitschakelen Afwasautomaat inschakelen Sluit de deur. Draai de waterkraan indien gesloten open. Als u per ongeluk over het startpunt heeft heengedraaid Draai de temperatuurkeuzeschakelaar op "0-Uit". Draai de programmakeuzeschakelaar rechtsom tot op het gewenste startpunt. Stel met behulp van de temperatuurkeuzeschakelaar opnieuw de temperatuur in.
Afwasautomaat in- en uitschakelen Aanduiding programmaverloop Programma onderbreken De programmakeuzeschakelaar draait gedurende het programma stap voor stap rond en geeft daarbij telkens aan hoever het programma gevorderd is. – Voorspoelen (niet op het bedieningspaneel aangegeven) – Reinigen – Tussenspoelen – Naspoelen – Drogen In de verwarmingsfase tijdens het reinigen en naspoelen blijft de programmakeuzeschakelaar zo lang staan tot de bij het programma behorende temperatuur is bereikt.
Rekken leeghalen Rekken leeghalen Heet serviesgoed breekt snel! Laat het daarom als het programma is afgelopen zo lang in de afwasautomaat afkoelen, tot u het goed kunt vastpakken. Als u de deur na afloop van het programma koelt het serviesgoed sneller af. Ruim eerst het onderrek, dan het bovenrek en tenslotte - indien aanwezig - de besteklade uit. Zo voorkomt u dat eventueel achtergebleven waterdruppels van het bovenrek, resp. van de besteklade, op het serviesgoed in het onderrek vallen.
Reiniging en onderhoud Reiniging en onderhoud Zeven in de spoelruimte reinigen Zonder zeefcombinatie mag niet worden afgewassen. De zeefcombinatie op de bodem van de spoelruimte moet regelmatig worden gecontroleerd en indien nodig gereinigd. Ontgrendel de zeefcombinatie door de greep naar rechts te draaien. De zeefcombinatie verwijderen, van grove resten ontdoen en onder stromend water afspoelen. Gebruik eventueel een borstel.
Reiniging en onderhoud Draai de zeefcombinatie om en open de sluiting van de grove zeef door de ontgrendeling naar achteren te trekken. Reinig de grove zeef met stromend water. Gebruik daarbij eventueel een borstel. Druk de sluiting van de grove zeef weer dicht. Attentie: Voordat de grove zeef wordt teruggeplaatst moet de sluiting goed zijn vergrendeld. 36 Plaats de zeefcombinatie zo in de uitsparing, dat ze plat tegen de bodem van de spoelruimte aanligt.
Reiniging en onderhoud Sproeiarmen reinigen Het kan voorkomen dat er in de sproeikoppen van de sproeiarmen etensresten vast gaan zitten. U dient de sproeiarmen derhalve regelmatig (ongeveer 1 keer per halfjaar) te controleren en indien nodig te reinigen. Daarvoor moet u de sproeiarmen eerst verwijderen, en wel als volgt: Til de middelste sproeiarm iets op (b), zodat de tanden in elkaar grijpen en schroef de sproeiarm er daarna af (c). Afwasautomaten met bestekkorf: Schroef de bovenste sproeiarm er af.
Reiniging en onderhoud Afvoerpomp en terugslagklep reinigen Indien het afwaswater aan het einde van een afwasprogramma niet is afgepompt, kan dat verschillende oorzaken hebben. Het is mogelijk dat de afvoer door vetaanslag verstopt is geraakt. Om vetaanslag te voorkomen kunt u de afvoer het beste 1 x per 2 maanden met een machinereiniger behandelen. Hoe u dat moet doen kunt u op de verpakking lezen. Een andere mogelijkheid is dat bepaalde voorwerpen de afvoerpomp of de terugslagklep blokkeren.
Reiniging en onderhoud Zeefje in de schroefkoppeling van de watertoevoer reinigen Zeefje reinigen Ter bescherming van de watertoevoerklep tegen verontreinigingen in het leidingwater is in de schroefkoppeling een zeefje aangebracht. Als het zeefje vuil is, loopt er te weinig water in de spoelruimte.
Reiniging en onderhoud Bedieningspaneel reinigen Veeg het paneel alleen met een vochtige doek af of gebruik een reinigingsmiddel voor kunststof. Gebruik geen schuurmiddelen en ook geen glas- of allesreinigers! Deze kunnen namelijk door hun chemische samenstelling aanzienlijke beschadigingen aan het kunststof oppervlak veroorzaken. Front van de afwasautomaat reinigen Behandel fronten van kunststof met een daarvoor geschikt reinigingsmiddel.
Waterstand controleren Waterstand controleren Als de waterdruk (bij het aftappunt) lager is dan 1,0 bar stroomt er te weinig water in de spoelruimte. Zet om te voorkomen dat er verkeerd wordt gemeten, eerst de waterkraan helemaal open en laat het programma KOUD VOORSPOELEN (zonder serviesgoed) een keer helemaal aflopen, zodat de waterwegen vollopen. Start het programma KOUD VOORSPOELEN opnieuw. Open na ca. drie minuten de deur en haal het onderrek uit de spoelruimte.
Waterstand controleren Waterstand verhogen Trek de rechter schakelknop er in de verticale stand af. Draai het instelmechanisme aan de rechter kant van het schakelgedeelte met een 4-5 mm brede schroevedraaier voorzichtig naar links totdat u een klik hoort. = Naar links draaien (verhoogde waterstand - 2 min.) = Naar rechts draaien (standaard instelling - 1 min.
Nuttige tips Nuttige tips Mocht er een storing optreden, dan kunt u deze in veel gevallen zelf verhelpen. Laat echter werkzaamheden aan elektrische onderdelen uit veiligheidsoverwegingen altijd door een vakman/vakvrouw verrichten! Problemen/Mogelijke oorzaken Het serviesgoed en bestek zijn wit uitgeslagen – Er is te weinig naspoelmiddel gedoseerd. – Er zit geen zout in het zoutreservoir. – De afsluitdop van het zoutreservoir is niet goed dichtgedraaid.
Extra toebehoren Extra toebehoren Flessehouder Voor het plaatsen van de afwasautomaat zijn verkrijgbaar: Haken waarmee u een afwasautomaat aan een stenen of marmeren werkblad kunt bevestigen. Een afdekplaat die u nodig heeft als u een afwasautomaat onder een kookplaat wilt plaatsen. Een ombouwset UBS-G 60 waarmee u een vrijstaande afwasautomaat kunt ombouwen tot een "U"-afwasautomaat. In het onderrek kan op verschillende plaatsen een flessehouder voor melken zuigflessen worden gezet.
Instructies voor vergelijkende onderzoeken Instructies voor vergelijkende onderzoeken Afwasautomaten van het type G 6XX (Voor type apparaat zie typeplaatje) Onderzoeksnorm: IEC 436 / DIN 44990 / IEC 704 / pr EN 50242 Beladingscapaciteit: 12 couverts (volle belading) Vergelijkend programma: UNIVERSEEL 55 ° Hoeveelheid reinigingsmiddel: Bij gebruik van fosfaathoudende reinigingsmiddelen: 5 g in vakje I, 25 g in vakje II. Bij gebruik van fosfaatvrije reinigingsmiddelen: 30 g alleen in vakje II.
Instructies voor vergelijkende onderzoeken Afwasautomaat met besteklade Bovenrek Besteklade 46 Onderrek
Instructies voor vergelijkende onderzoeken Afwasautomaten van het type G 8XX (Voor type apparaat zie typeplaatje) Onderzoeksnorm: IEC 436 / DIN 44990 / IEC 704 / pr EN 50242 Beladingscapaciteit: 14 couverts (volle belading) Vergelijkend programma: UNIVERSEEL 55 ° Hoeveelheid reinigingsmiddel: Bij gebruik van fosfaathoudende reinigingsmiddelen: 5 g in vakje I, 25 g in vakje II. Bij gebruik van fosfaatvrije reinigingsmiddelen: 30 g alleen in vakje II. Hoeveelheid naspoelmiddel: Stand 3 (ca.
Instructies voor vergelijkende onderzoeken Besteklade 48
Plaatsingsen installatie-instructies 49
Inhoudsopgave Inhoudsopgave Vrijstaande afwasautomaat plaatsen (alleen voor afwasautomaten van de types G 6XX) . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 51 1. Hoogte van de decorplaat berekenen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 52 2. Hoogte van de deur aanpassen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 54 "i"-afwasautomaat plaatsen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Vrijstaande afwasautomaat Plaats de afwasautomaat stabiel en waterpas. Oneffenheden in de vloer en veranderingen in hoogte kunnen met de vier stelvoeten worden gecorrigeerd. Het verstelbereik bedraagt ca. 1 cm. De totale hoogte van de automaat bedraagt 85-86 cm.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen 1. Hoogte van de decorplaat berekenen Voordat u de hoogte van de decorplaat berekent moet u de afwasautomaat in hoogte stellen. De bovenkant van het bedieningspaneel moet gelijk lopen met de bovenkant van de lade of van de deur van een daarnaast staande kast. Maat "X" is de afstand tussen de onderkant van de deur van de afwasautomaat en de onderkant van de deur van een keukenkast daarnaast. De bijgevoegde decorplaat is 604 mm hoog.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Hoogte van de bijgevoegde decorplaat aanpassen Markeer maat "X" links en rechts op de decorplaat en de decorlijsten. Verwijder de decorlijsten, de decorplaat en het opvulkarton en maak ze korter (zie stap 2). Hoogte van een nieuwe decorplaat berekenen U kunt de bijgevoegde decorplaat van de afwasautomaat vervangen en zo de kleur van het front van de automaat aan de kleuren van uw keuken aanpassen.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen 2. Hoogte van de deur aanpassen Om de decorlijsten er af te kunnen schroeven, moet u eerst het sokkelpaneel en de afdekkapjes aan de zijkanten verwijderen. Druk het sokkelpaneel naar boven, haal het naar voren en verwijder het uit de snapbevestiging. Verwijder de afdekkapjes aan de zijkanten.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Laat de decorplaat licht naar voren welven, trek de plaat onder het bedieningspaneel vandaan en verwijder de plaat. Maak de decorlijsten en het opvulkarton (indien het wordt gebruikt) met maat "X" korter. Bij gebruik van de bijgevoegde decorplaat: Verbind beide punten waarmee u maat "X" hebt gemarkeerd met een lijn. Maak de decorplaat langs deze lijn korter. Draai de klemschroeven b in het deurbuitenpaneel los, maar haal ze er niet uit.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Zet het opvulkarton (indien gebruikt) en de decorplaat weer terug. Zet daartoe de decorplaat in de onderste decorlijst, leg het opvulkarton daarachter, laat de decorplaat naar voren welven en schuif de plaat onder het bedieningspaneel. Zet de decorlijsten links en rechts tegen de automaat en schuif ze van onder over de adapterplaat. Controleer of de decorplaat goed zit. Pas eventueel de adapterplaat nog eens in hoogte aan.
Vrijstaande afwasautomaat plaatsen Breng aan de zijkanten de afdekkapjes weer aan. Steek het sokkelpaneel in de snapbevestiging b en druk het dan naar beneden c. Let erop dat het sokkelpaneel in het afdekkapje aan de zijkant grijpt.
"i"-afwasautomaat plaatsen "i"-afwasautomaat plaatsen "i"-afwasautomaten zijn speciaal geconstrueerd om te worden ingebouwd onder een doorlopend werkblad. Het front kan worden voorzien van een frontpaneel dat bij uw keuken past. Om de stabiliteit te waarborgen mogen deze afwasautomaten alleen worden geplaatst onder een doorlopend werkblad dat aan de kastjes ernaast is vastgeschroefd. Een "i"-afwasautomaat kan door middel van een decorset (GDU45) in een "U"afwasautomaat worden veranderd.
"i"-afwasautomaat plaatsen 1. Roestvrij stalen beschermplaat voor het werkblad monteren De onderkant van het werkblad wordt door een roestvrij stalen plaat beschermd tegen beschadiging door condens. Deze beschermplaat voor het werkblad wordt standaard toegevoegd. Spuit de bijgevoegde dichtingskit b in de holte van de roestvrij stalen plaat.
"i"-afwasautomaat plaatsen 2. Afwasautomaat inbouwen In de regel bevinden de aansluitpunten voor de watertoevoer en de waterafvoer zich in het gootsteenkastje. Afhankelijk van de keukenfabrikant bevindt zich in de bodem van het gootsteenkastje een installatie-opening voor de watertoevoer- en waterafvoerslang van de afwasautomaat. Als in de bodem van het gootsteenkastje of bij de sokkel geen installatie-opening aanwezig is, moet die alsnog worden uitgezaagd. De maten zijn: 60 x 110 mm.
"i"-afwasautomaat plaatsen Met behulp van de glijrails kan de afwasautomaat makkelijk worden ingebouwd en kunnen de achterste machinevoeten in hoogte worden versteld. Bovendien is bij gebruik van de glijrails de kans op beschadigde vloeren kleiner. Stel de inbouwhoogte van de afwasautomaat van te voren met de hand in. Let er op dat er 5 mm zit tussen de bovenkant van de afwasautomaat en het werkblad, zodat de automaat zonder problemen in de nis kan worden geschoven.
"i"-afwasautomaat plaatsen Stel de achterste stelvoeten op de juiste hoogte in. Verstel de voorste stelvoeten met de hand of met een schroevedraaier. Moeten de stelvoeten hoger, draai dan naar rechts. Moeten ze lager, draai dan naar links. De stelvoeten kunnen makkelijker worden versteld wanneer het gewicht van de afwasautomaat er niet op drukt. Om een stelvoet 1 mm in hoogte te verstellen moet u de schroevendraaier een paar keer omdraaien. Gebruik eventueel een accuschroevendraaier.
"i"-afwasautomaat plaatsen 3. Bedieningspaneel monteren Het bedieningspaneel wordt met toebehoren in de gewenste kleur apart bijgevoegd. Het paneel moet bij plaatsing van de afwasautomaat worden gemonteerd. Bevestig de bijgevoegde dichtingsring b op de plaats waar het ontluchtingsrooster c moet komen. Monteer het ontluchtingsrooster c. Houd het bedieningspaneel d tegen de afwasautomaat en maak het aan de binnenkant van de deur met zes schroeven e vast. Plaats de schakelknoppen f op het bedieningspaneel.
"i"-afwasautomaat plaatsen 4. Bedieningspaneel aanpassen aan de maat van de lade Door de adapterlijsten te verstellen kunt u het bedieningspaneel aanpas- Het verstelbereik varieert: van 112 mm Bij een bedieningspaneel zonder adapterlijst tot 145 mm Bij een bedieningspaneel met vier adapterlijsten.
"i"-afwasautomaat plaatsen 5. Frontpaneel monteren Als frontpaneel wordt in de regel een deur van een onderkast gebruikt (zonder ladenpaneel en beslag). Breng, vóórdat u het frontpaneel aan het buitenpaneel van de deur bevestigt, aan de achterkant van het frontpaneel een bevestigingsonderdeel aan. Bij een roestvrij stalen front is dit bevestigingsonderdeel al aangebracht. Dit front kan niet korter worden gemaakt. De frontpanelen zijn niet allemaal even zwaar.
"i"-afwasautomaat plaatsen Aan het bevestigingsonderdeel bevinden zich in het midden markeringen A. Leg het bevestigingsonderdeel aan de achterkant van het frontpaneel en stel het zo, dat de markeringen A op de middellijn en de onderste gaten van het bevestigingsonderdeel in het midden op de horizontale hulplijn liggen. Maak het bevestigingsonderdeel in deze positie met plakstroken vast. Leg het frontpaneel met de achterkant naar boven. Trek met een potlood een verticale middellijn.
"i"-afwasautomaat plaatsen Trek de afwasautomaat zo ver uit de inbouwkast dat u zonder problemen bij de schroeven voor het bevestigen van het frontpaneel kunt komen, die zich aan de zijkanten bevinden. Het frontpaneel in de sleuven van het buitenpaneel van de deur hangen, in de hoogte stellen en vasthouden. Draai de bevestigingsschroeven aan beide zijden van het buitenpaneel van de deur (rechtsom) vast. Sluit de openingen van de bevestigingsschroeven met de bijgevoegde kunststof dopjes af.
"i"-afwasautomaat plaatsen 6. Deurvering instellen De deurveren zijn goed ingesteld, als de deur half geopend (d.w.z. in een hoek van ca. 45°) in dezelfde stand blijft staan als u de deur loslaat. Als de deur helemaal openvalt, moeten de deurveren worden gespannen. Als de deur daarentegen weer omhoogzwiept, moeten de veren worden ontspannen. 7. Afwasautomaat stellen en vastschroeven Om de stabiliteit te waarborgen moet de afwasautomaat – nadat deze is gesteld – aan het werkblad worden vastgeschroefd.
"i"-afwasautomaat plaatsen Wanneer de schroefgaten zich in de werkbladuitsparing, bv. van de spoelbak bevinden, dan moet de bijgevoegde bevestigingshaak worden aangebracht. Extra toebehoren voor marmeren resp. granieten werkbladen waarmee de afwasautomaat aan de daarnaast staande kast kan worden bevestigd Trek de afwasautomaat ca. 5-10 cm uit de nis. Trek de afwasautomaat ca. 5-10 cm uit de nis. Leg de bevestigingshaak op de automaat. Leg de bevestigingshaken erop en buig ze opzij.
"i"-afwasautomaat plaatsen 8. Sokkelpaneel aanpassen Wanneer de keuken een doorlopend sokkelpaneel heeft, kan ook de sokkel van de afwasautomaat daarvan worden voorzien. Plaats het sokkelpaneel direct voor het keukenblok, maar maak het niet vast. Open de deur van de afwasautomaat voorzichtig. Als u bij het openen van de deur merkt dat het frontpaneel het sokkelpaneel raakt, moet van het sokkelpaneel in het deurgedeelte een stuk worden afgesneden.
Elektrische aansluiting Elektrische aansluiting De afwasautomaat mag alleen door een erkend installateur op het elektriciteitsnet worden aangesloten. De afwasautomaat is standaard voorzien van een aansluitkabel met stekker met beschermingscontact (randaarde), geschikt voor aansluiting op een contactdoos met beschermingscontact (randaarde).
Wateraansluiting Wateraansluiting Watertoevoer Het water in de afwasautomaat is geen drinkwater. De afwasautomaat mag worden aangesloten op koud of warm water tot max. 60°C. Wij raden u aan de afwasautomaat op warm water aan te sluiten omdat u dan energie en tijd bespaart. Dan wordt er echter wel met warm water gespoeld tijdens alle programma-onderdelen waarin anders met koud water wordt gespoeld. Het betreft hier de programma-onderdelen "Voorspoelen" en "Tussenspoelen".
Wateraansluiting Voor de aansluiting op een kraan in het werkblad kan een bocht met schroefkoppeling worden geleverd (Onderdeelnummer: 2078910). Leg de toevoerslang zo aan dat deze niet hoger ligt dan de behuizing van de Waterproof-ventielen.
Wateraansluiting Waterafvoer In de afvoer van de afwasautomaat bevindt zich een terugslagklep, zodat er geen vuil water via de afvoerslang in de automaat kan teruglopen. De afwasautomaat is voorzien van een flexibele afvoerslang van ca. 1,5 m met een diameter van 22 mm binnenwerks. De afvoerslang kan met nog een slang en met een verbindingsstuk tot 4 meter worden verlengd. Beluchting van de waterafvoer Doe de deur van de afwasautomaat helemaal open.
Technische gegevens Technische gegevens Type apparaat* Hoogte vrijstaande afwasautomaat Hoogte inbouwafwasautomaat Breedte Breedte van de inbouwnis Diepte Diepte bij geopende deur Spanning Aansluitwaarde G 6XX 85 cm (verstelbaar + 1,0 cm) 82 cm (verstelbaar + 5,0 cm) 59,8 cm 60 cm G 8XX — 60 cm (vrijstaande afwasautomaat) 57 cm (inbouwafwasautomaat) 118,5 cm (vrijstaande afwasautomaat) 115,5 cm (inbouwafwasautomaat) 57 cm (inbouwafwasautomaat) Zekering } Keurmerk Waterdruk Warmwateraansluiting Opvo
Wijzigingen voorbehouden (G665/G667/G668/G865/G867/G868) / 000 1497 Dit papier bestaat uit 100 % chloorvrij gebleekte cellulose en is dus minder schadelijk voor het milieu.