Gebruiksaanwijzing Laboratorium-reinigingsautomaat G 7783 CD MIELABOR Lees beslist deze gebruiksaanwijzing voordat u het apparaat plaatst, installeert en in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt onnodige schade aan het apparaat. T M.-Nr.
Inhoud Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 Veiligheidsinstructies en waarschuwingen (uitneembaar) . . . . . . . . . . . . midden Functiebeschrijving . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 Waterontharder instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Algemeen °C DOS 12 3 4 • min • • • DESIN 5 •• •• •• I-O A B 6 7 1 Controlelampje "Storing watertoevoer/waterafvoer" 2 Controlelampje "Waterontharder regenereren" 3 Controlelampje "Vloeibaar reinigingsmiddel bijvullen" • • • • 8 C D E F • • • • T1 T2 10’- 80’ • • • • 9 5 Programmaverloop 6 Display 7 Deuropener 8 Aan/Uit-toets (I-0) 9 Programmatoetsen 4 Controlelampje "Neutralisatiemiddel bijvullen" 3
Algemeen 10 11 12 13 14 15 16 10 Reservoir voor neutralisatiemiddel (DOS 10 -rood-) en vloeibaar reinigingsmiddel (DOS 60 -blauw-) 17 18 19 20 16 Reservoir voor poedervormige reinigingsmiddelen 11 Droogaggregaat (DA) 17 Reservoir voor vloeibare naspoelmiddelen met doseerinstelling 12 Zekering droogaggregaat (DA) 18 Niveau-indicator 13 Bedrijfsurenteller (DA) 19 Zeefcombinatie 14 Temperatuurschakelaar (DA) 20 Aansluiting voor zoutreservoir (waterontharder) 15 Inspectiepaneel 4
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften. Door onjuist gebruik echter kunnen personen letsel oplopen en kan er materiële schade ontstaan. Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door, voordat u het apparaat in gebruik neemt. Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt hiermee onnodige schade aan het apparaat.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Vermijd het inhaleren van stofdeeltjes bij poedervormige middelen. Worden reinigingsmiddelen doorgeslikt, dan kan ernstig letsel aan mond en keelholte ontstaan dan wel verstikking het gevolg zijn. Het water in de spoelruimte is geen drinkwater! Ga nooit op de geopende deur zitten of staan. Het apparaat kan kantelen en beschadigd raken. Zorg dat scherpe voorwerpen zo in de automaat worden geplaatst, dat dit geen risico’s oplevert.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Voorbehandeling (bijvoorbeeld met reinigings- of desinfectiemiddelen), maar ook bepaalde vervuilingen en sommige reinigingsmiddelen kunnen schuim veroorzaken. Schuim kan het resultaat van de reiniging of desinfectie verminderen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Gebruik van toebehoren Voor speciale toepassingen mogen alleen Miele-toebehoren worden aangesloten. Informeer bij de Technische Dienst van Miele Nederland B.V. naar de typenummers. Het afdanken van het apparaat Maak afgedankte apparaten onbruikbaar. Trek de stekker uit de contactdoos en knip de kabel door. Verwijder met het oog op de veiligheid en het milieu alle resten reinigingsmiddel. Neem hierbij de veiligheidsinstructies in acht.
Functiebeschrijving De G 7783 CD is een reinigingsautomaat speciaal voor laboratoriumglaswerk. De automaat wordt aan de voorzijde beladen, biedt een hoogwaardige reiniging, alsmede neutralisatie en naspoeling met consumptiewater of demiwater. Na afloop van het automatische programma is het laboratoriumglaswerk analysezuiver. Het apparaat mag niet worden gebruikt voor het reinigen/desinfecteren van medische hulpmiddelen overeenkomstig de Richtlijn Medische Hulpmiddelen 93/42/EEG, klasse IIa.
Waterontharder instellen Wanneer de waterhardheid hoger is dan 6 °d, moet het water worden onthard om kalkafzetting op het spoelgoed en in het apparaat te vermijden. De ingebouwde waterontharder kan alleen optimaal functioneren als deze: 1. op de juiste wijze is ingesteld 2. direct met zout geregenereerd wordt zodra het controlelampje k oplicht. Als u het apparaat voor het eerst gebruikt, moet de waterontharder worden ingesteld op de hardheid van het water.
Waterontharder instellen Als de hardheid van uw leidingwater constant onder 6 °d: ligt: stelt u tijdseenheid "0" in. Het controlelampje k gaat dan niet branden en de waterontharder hoeft niet te worden geregenereerd. Waterontharder regenereren: zie bladzijde 29.
Deur openen en sluiten Deur openen a Druk op de deuropener totdat u weerstand voelt, pak tegelijk de greep vast en open de deur. Tijdens een programma mag de deur alleen in noodgevallen worden geopend, bijvoorbeeld als de inhoud rammelt (zie "Programma onderbreken"). Raak de verwarmingselementen niet meteen na het openen van de deur aan. U kunt zich eraan branden, ook nog minuten na afloop van een programma. Deur sluiten Klap de deur omhoog en druk deze dicht totdat de deur vastklikt.
Toepassingsmogelijkheden Deze automaat kan worden voorzien van twee rekken, een bovenrek en een onderrek. Al naar gelang het te reinigen glaswerk kunnen deze rekken worden voorzien van verschillende inzetten of worden vervangen door andere speciale rekken. Er zijn zoveel mogelijkheden dat deze hier niet allemaal afgebeeld kunnen worden. Er zal slechts op enkele toepassingen worden ingegaan.
Toepassingsmogelijkheden De sproeiarmen mogen niet door te hoog of naar beneden uitstekend spoelgoed worden geblokkeerd. Controleer dit door de sproeiarmen handmatig een keer rond te draaien. Belangrijk E 380 Injectorwagen "Intermiel" (met DAaansluiting) Voor glaswerk met nauwe hals, compleet met 15 inspuiters 4x1 mm/160 mm lang, 18 inspuiters 6x1 mm/220 mm lang met glashouder "MIELAVA". De verende watertoevoer-adapter van de rekken en injectorwagens moet bij het inschuiven in de automaat goed aansluiten.
Toepassingsmogelijkheden Bovenrek-lafette O 188 Voor verschillende inzetten. E 109 Halfinzet van roestvrij staal voor 21 bekerglazen tot 250 cm3, erlenmeyers, ronde kolven, etc. Onderrek-lafette U 174 Voor verschillende inzetten. E 106 Halfinzet van roestvrij staal met 28 veerhaken in 2 verschillende hoogten voor divers laboratoriumglaswerk, zoals kolven met nauwe hals, maatcilinders, medicijnflesjes, etc.
Toepassingsmogelijkheden Bovenrek verstellen Deze automaat kan worden voorzien van verstelbare bovenrekken (instelbaar op 3 standen met telkens 2 cm hoogteverschil). De standaardinstelling van het bovenrek is de middelste stand. In het bovenrek passen dan bijvoorbeeld: kolven en glazen tot circa 19 cm hoogte, in het onderrek: kolven en glazen tot circa 25 cm hoogte. Voor de andere standen kunt u onderstaande tabel raadplegen.
Naspoelmiddel doseren In de deur bevindt zich een reservoir voor vloeibare middelen met een inhoud van ca. 200 ml. Met dit reservoir kunt u automatisch een geschikt vloeibaar naspoelmiddel doseren (bijvoorbeeld Mielclear). Naspoelmiddelreservoir vullen Vul het naspoelmiddel bij, eventueel met een trechter, totdat de niveau-indicator (zie pijl) donker kleurt. Schroef de afsluitdop dicht en verwijder wat u eventueel gemorst heeft.
Neutralisatie- en reinigingsmiddel doseren Neutralisatiemiddel doseren Reinigingsmiddel doseren Om er na alkalische reiniging zeker van te zijn dat de alkaliteit snel wordt geneutraliseerd, kunt u programmafase 4 gebruiken voor het doseren van speciale, neutraliserende zuren. U kunt vloeibaar of poedervormig reinigingsmiddel gebruiken. Voor reinigingsmiddel in poedervorm zie het betreffende hoofdstuk.
Doseersystemen ontluchten / onderhoud Doseersystemen ontluchten Voor het eerste gebruik en wanneer een reservoir niet tijdig is bijgevuld, moet het doseersysteem voor vloeibare middelen (behalve "Naspoelmiddel") worden ontlucht. Druk op de toets I-0. Hierna is het doseersysteem met het juiste middel gevuld en klaar voor het gewenste programma. Onderhoud van de doseersystemen Voor een optimale werking is regelmatig onderhoud noodzakelijk.
Poedervormig reinigingsmiddel doseren Gebruik uitsluitend reinigingsmiddelen voor speciale reinigingsautomaten. Gebruik nooit middelen voor huishoudelijke afwasautomaten! Wanneer u niet met een vloeibaar reinigingsmiddel werkt, doe dan voor ieder programma poedervormig reinigingsmiddel in het daarvoor bestemde reservoir (uitzonderingen zie volgende bladzijde: "Programma "B" en bij gebruik van O 175 en de pipettenschijf"). Vul het vakje met reinigingsmiddel. Dosering: ca. 3 g/l, dat is ca. 30 g per lading.
Poedervormig reinigingsmiddel doseren Programma "B" en bij gebruik van O 175 en de pipettenschijf Voor de thermische desinfectieprogramma’s moet een geschikt mild-alkalisch en chloorvrij reinigingsmiddel worden gebruikt. Voor bepaalde verontreinigingen moet u soms andere samenstellingen van reinigings- en hulpmiddelen gebruiken. Neem in een dergelijk geval contact op met Miele Nederland B.V. te Vianen.
Programma-overzicht Programma Toepassing Reinigingsmiddel (indien geen vloeibaar middel) Let op de aanwijzingen van de fabrikant! B = SPECIAAL Voor het snel verwijderen van problematische of agressieve chemicaliën. Thermische desinfectie (volgens RKI-normen) en voor het oplossen en verwijderen van zeer hardnekkig vuil. C = MINI Voor lichte verontreinigingen, zonder naspoeling met demi-water.
G 7783 CD Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Voor de gebruiker: Haal deze pagina’s uit de gebruiksaanwijzing en bevestig ze duidelijk zichtbaar voor het bedienend personeel in de directe omgeving van het apparaat. Zorg ervoor dat het bedienend personeel op de hoogte is van deze veiligheidsinstructies en waarschuwingen en deze ook in acht neemt. Dit apparaat voldoet aan de geldende veiligheidsvoorschriften.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Pas op bij het gebruik van vloeibare hulpmiddelen en additieven! Veel vloeibare middelen zijn bijtende stoffen. Gebruik in geen geval organische oplosmiddelen in verband met explosiegevaar. Neem de geldende veiligheidsvoorschriften in acht. Draag een veiligheidsbril en handschoenen. Houdt u zich bij chemische hulpmiddelen aan de veiligheidsvoorschriften van de desbetreffende fabrikant! Vermijd het inhaleren van stofdeeltjes bij poedervormige middelen.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen De desinfectiestandaard van het desinfectieproces moet worden bewaakt. Daarom moet het desinfectieproces regelmatig meettechnisch worden gecontroleerd. Gebruik alleen reinigingsmiddelen voor professionele reinigingsautomaten die door Miele zijn getest en aanbevolen. Gebruik van andere reinigingsmiddelen kan schade aan de automaat en het spoelgoed veroorzaken.
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen Verwijder resten van oplosmiddelen en zuren, met name zoutzuur en chloridehoudende oplossingen, van het spoelgoed vóórdat u het in de automaat plaatst. Dit geldt ook voor stoffen die corrosie kunnen veroorzaken. Oplosmiddelen in verbinding met vuil mogen slechts in sporenhoeveelheid aanwezig zijn. Dit geldt met name voor gevarenklasse A1.
Programmaverloop 1. Voorspoelen I Opmerkingen 6. Tussenspoelen III 7. Naspoelen 8. Drogen, aanvul- *) Zie "Extra functies lend progr. programmeren" 4. 3. 2. Voor- Reinigen Tussenspoelen en evt. spoelen en evt. therm. II desinf. neutralisatie*) 5.
In- en uitschakelen DOS • • • • °C min •• ••• DESIN • I-O 1. Inschakelen Druk op de I-0 toets. 2. Programma kiezen Na het inschakelen van de automaat lichten de controlelampjes naast de programmatoetsen op. U kunt nu een programma kiezen. Druk op de toets van het gewenste programma. Het display geeft nu de reinigingstemperatuur van het gekozen programma aan. Eventueel kunt u ook een aanvullend programma kiezen T1 / T2 "TEMPERATUUR" en/of c "DROGEN" (zie ook hiernaast). Druk op de starttoets h.
In- en uitschakelen c DROGEN Onmiddellijk na het kiezen van een programma (behalve A "KOUD") kunt u het aanvullende programma "Drogen" activeren. De duur van het droogproces kan in stappen van 10 minuten worden ingesteld (maximaal 80 minuten). Droogtijd kiezen Druk op de toets c totdat het display de gewenste droogtijd aangeeft. Voorbeeld: 1x drukken = 10 minuten, 2x drukken = 20 minuten, etc. Het drogen begint 10 minuten na het naspoelen. De droogtijd wordt op het display afgeteld.
In- en uitschakelen k REGENEREREN (zie "Waterontharder regenereren"). q AFPOMPEN Als het programma bijvoorbeeld is onderbroken. Let op de voorschriften met betrekking tot besmettingsgevaar. – Druk op toets I-0. – Druk op toets q. – Druk op toets h. Programmaverloop Na het kiezen van een programma tonen de controlelampjes op het bedieningspaneel het programmaverloop.
Extra functies programmeren De volgende extra functies kunt u op elk moment kiezen: 1. Watertoevoer: veranderen van tijdgestuurd (60 seconden) in "niveaugeregeld met tijdcontrole" Als de waterdruk bij het aftappunt lager is dan 2,5 bar loopt er te weinig water in de spoelruimte. Bij een waterdruk van 1 bar tot 2,5 bar kunt u de watertoevoer op "niveaugeregeld met tijdcontrole" instellen. Dit moet voor koud/warm en demi-water apart gebeuren. 1b. Warmwatertoevoer Schakel de automaat uit.
Extra functies programmeren Druk op toets h. In het display verschijnt "SP". 3. "Tussenspoelen I" met neutralisatiemiddel. Druk nogmaals op toets h. De verandering wordt nu in het geheugen opgeslagen. Het display geeft niets meer aan. Deze automaat is standaard ingesteld op het doseren van naspoelmiddel in het programmaonderdeel "Naspoelen". Als u neutralisatiemiddel wilt doseren, gaat u als volgt te werk. 2.
Waterontharder regenereren Na een aantal reinigingsbeurten gaat het controlelampje k links op het bedieningspaneel branden. De ingebouwde waterontharder is dan verzadigd en kan geen onthard water meer leveren. De ontharder moet nu meteen na beëindiging van het programma met zout worden geregenereerd. Als dit om praktische redenen niet mogelijk is en u alweer een aantal programma’s gedraaid heeft, moet u twee keer achter elkaar regenereren.
Waterontharder regenereren Druk op toets k. Druk op starttoets h . Het regenereerprogramma wordt nu automatisch afgewerkt en is afgelopen als het controlelampje k links op het bedieningspaneel en het controlelampje h uitgaan. Schakel de automaat vervolgens uit. Draai de dop op de bodem los. Schroef het reservoir voorzichtig los, zodat een eventueel ontstane waterdruk kan worden afgebouwd. Ga daarbij niet hardhandig te werk.
Reiniging en onderhoud Zeefcombinatie reinigen De zeefcombinatie op de bodem van de spoelruimte moet regelmatig worden gecontroleerd en indien nodig gereinigd. Pas op voor glassplinters! Grove zeef reinigen Pak het microfilter aan beide lipjes vast en draai het los door het twee keer linksom te draaien. Druk de opstaande lipjes iets samen. Haal de zeef uit de uitsparing en reinig de zeef. Plaats de zeef weer terug en druk hem aan tot hij vastklikt.
Reiniging en onderhoud Zeefjes in de watertoevoer reinigen In de watertoevoer zijn ter bescherming van het magneetventiel zeefjes ingebouwd (zie afbeelding). Als deze zeefjes vuil zijn, moeten ze worden gereinigd, omdat er anders te weinig water in de automaat stroomt. Draai de waterkranen dicht. Draai de toevoerslangen eraf. 1 2 Reinig de pilaarzeef (1) en de fijne zeef (2). Vervang ze als dat nodig is.
Onderhoud droogaggregaat Het grove filter vervangen Het grove filter moet regelmatig worden vervangen, afhankelijk van de mate van vervuiling of na 100 bedrijfsuren (zie bedrijfsurenteller droogaggregaat). Verwissel het grove filter (gladde zijde naar achteren). Zet de geperforeerde plaat weer terug en druk deze aan de bovenkant vast (de gebogen rand wijst naar voren). Trek het aanzuigdeksel van boven uit de houder en haal het aan de onderkant los.
Nuttige tips Mocht er een storing optreden, dan kunt u deze vaak zelf verhelpen. Laat werkzaamheden aan elektrische onderdelen altijd door een vakman van Miele verrichten! Storingen / mogelijke oorzaken De automaat start niet – De deur zit niet goed dicht. – De stekker zit niet in de contactdoos. – Er is een zekering doorgeslagen.
Plaatsing Gebruik bij het opstellen het bijgevoegde installatieschema! De automaat moet stabiel en waterpas worden opgesteld. onderbouw Als de automaat onder een doorlopend werkblad of het afloopvlak van een aanrecht geplaatst wordt, moet de inbouwruimte minstens 90 cm breed, 70 cm diep en 82 cm hoog zijn.
Plaatsing Open de deur en schroef het apparaat links en rechts door de gaten van de voorste lijst aan het doorlopende werkblad vast. Om de beluchting van de circulatiepomp ongehinderd te laten plaatsvinden, mogen de spleten tussen de reinigingsautomaat en ernaast staande kasten of apparaten niet met siliconenkit worden volgespoten. Afhankelijk van de inbouwsituatie kan de volgende onderdelen-set worden besteld bij de afdeling Onderdelen van Miele Nederland B.V.
Elektrische aansluiting Alle werkzaamheden met betrekking tot de elektrische aansluiting mogen alleen door een erkend elektricien worden uitgevoerd. Inspectiepaneel en afdekplaat verwijderen De elektrische installatie moet volgens NEN 1010 zijn geïnstalleerd. Zekering: 16 A. De elektrische installatie waarop het apparaat wordt aangesloten, moet zijn voorzien van een aardlekschakelaar (richtlijnen van de EU voor Nederland). De technische gegevens vindt u op het typeplaatje en het bijgevoegde schakelschema.
Elektrische aansluiting Verwijder het kunststof beschermkapje. Plaats het beschermkapje, de afdekplaat en het inspectiepaneel in omgekeerde volgorde terug.
Wateraansluiting Watertoevoer aansluiten De automaat moet volgens de voorschriften van het waterleidingbedrijf worden aangesloten. Een terugslagklep of beluchter in de leiding is niet nodig vanwege een standaardvoorziening hiervoor in de automaat. De waterdruk moet tussen 2,5 en 10 bar overdruk liggen. Neem bij een andere waterdruk contact op met Miele in Vianen. Zie ook "Extra functies programmeren". Deze automaat is bedoeld voor aansluiting op koud en warm water (maximumtemperatuur 70 °C).
Wateraansluiting Demi-wateraansluiting met druk (>1,5 - 10 bar) Deze automaat is bedoeld voor aansluiting op een drukbestendig systeem (1,5 - 10 bar). Sluit de toevoerslang voor demi-water (hogedrukslang met markering "H20 puur") met een 3/4" schroefkoppeling aan op de kraan voor demiwater. Demi-wateraansluiting met druk 0 - 1,5 bar Voor aansluiting op 0 - 0,3 bar of 0,3 1,5 bar moet de automaat worden omgebouwd, tenzij dat al in de fabriek is gebeurd (speciale uitvoering).
Wateraansluiting Waterafvoer aansluiten De afvoer van de automaat is voorzien van een terugslagklep die het terugstromen van vuil water verhindert. Sluit de automaat bij voorkeur aan op een gescheiden, ter plaatse te installeren afvoer. Als geen gescheiden aansluiting aanwezig is, adviseren wij aansluiting op een dubbelsifon (verkrijgbaar bij Miele Nederland B.V. te Vianen).
Een bijdrage aan de bescherming van het milieu Het verpakkingsmateriaal De verpakking beschermt het apparaat tegen transportschade. Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen met het oog op een zo gering mogelijke belasting van het milieu en de mogelijkheden voor recycling. Hergebruik van het verpakkingsmateriaal remt de afvalproductie en het gebruik van grondstoffen. Vaak neemt de leverancier de verpakking terug.
Technische gegevens Geluidsemissiewaarde in dB (A) Geluidsniveau: 65 43
Wijzigingen voorbehouden / 000 3200 Dit papier bestaat uit 100% chloorvrij gebleekte cellulose en is dus minder schadelijk voor het milieu.