Operation Manual

In the C major triad shown, the lowest note is the “root” of the
chord (this is the chord’s “root position”…using other chord
notes for the lowest note results in “inversion”). The root is the
central sound of the chord, which supports and anchors the
other chord notes. The distance (interval) between adjacent
notes of triad in root position is either a major or minor third.
The lowest interval in our root-position trial (between the root
and the third) determines whether the triad is a major or minor
chord, and we can shift the highest note up or down by a
semitone to produce two additional chords, as shown.
The basic characteristics of the chord sound remain intact even
if we change the order of the notes to create different
inversions. Successive chords in a chord progression can be
smoothly connected, for example, by choosing the appropriate
inversions.
Reading Chord Names
Chord names tell you just about everything you need to know
about a chord (other than the inversion/voicing). The chord
name tells you what the root of a chord is, whether it is major,
minor or diminished, whether it requires a major or flatted
seventh, what alterations or tension does it use…all at a
glance.
The CHORD FINGER mode
The Chord Finger mode lets you finger your own chords on the
AUTO ACCOMPANIMENT section of the keyboard.
SINGLE FINGER
Single-finger accompaniment makes it simple to produce
beautifully orchestrated accompaniment using major, seventh,
minor and minor-seventh chord by pressing a minimun number
of keys on the AUTO ACCOMPANIMENT section of the
keyboard.
MULTI-FINGER
This is the default accompaniment mode. You can use either
type of single fingering or chord fingering in this mode.
14
In de C-drieklank hierboven is de grondtoon de laagste noot in het
akkoord. Dit is de “grondligging”. Het gebruik van andere dan de
grondtoon als laagste noot resulteert in “omkeringen”. De grondtoon is
de centrale noot van een akkoord en ondersteunt de andere noten in
het akkoord.
De afstand (het interval) tussen naast elkaar liggende noten binnen een
drieklank in de grondligging is hetzij een grote hetzij een kleine terts.
Het onderste interval van een akkoord in de grondligging (tussen de
grondtoon en de terts) bepaald of de drieklank majeur of mineur is, en
de hoogste noot kan een halve noot worden verplaatst om additionele
akkoorden te vormen, zoals hiernaast getoond.
De basiskarakteristiek van een akkoord blijft behouden ook als we de
volgorde van de noten onderling veranderen om andere omkeringen te
vormen. Opeenvolgende akkoorden en een akkoordenprogressie
kunnen vloeiend worden verbonden, bijvoorbeeld, met goedgekozen
omkeringen (ook wel “voicing”).
Akkoordnamen lezen
Akkoordnamen vertellen je vrijwel alles wat je moet weten over een
akkoord (afgezien van omkering en voicing). De akkoordnaam vertelt je
wat de grondtoon is, of hij majeur, mineur of verminderd is, of er een
kleine of een grote septiem vereist is en wat voor gealtreerde tonen en
voorhoudingen er worden gebruikt.
Om een majeur-akkoord te spelen
Speel de grondtoon van het akkoord.
Om een mineur-akkoord te spelen
Speel de grondtoon samen met de
dichtstbijzijnde zwarte toets links.
Om een septiem-akkoord
Speel de grondtoon samen met de
dichtstbijzijnde witte toets links.
Om een mineur-septiem-akkoord
Speel de grondtoon samen met de
dichtstbijzijne witte én zwarte toets
links (drie toetsen totaal).
Kleine terts - drie halve
tonen
Grote terts - vier halve
tonen
Grondtoon
Akkoordtype
Noten aangegeven tussen ronde haken
(•) zijn optioneel; zonder deze wordt het
akkoord herkend.
De akkoordvingerzetting-modus
De akkoordvingerzetting-modus maakt het mogelijk om je eigen
akkoorden te vormen in de begeleidingszone van het klavier.
Enkele-vinger-akoorden
De enkele-vinger-begeleiding maakt het kinderlijk eenvoudig om
prachtig georkestreerde begeleidingen te produceren met gebruik van
majeur-, septiem-, mineur- en mineur-septiem-akkoorden door het
indrukken van een minimum aan toetsen, binnen de begeleidingszone
van het klavier.
Meerdere-vingers-akkoorden
Dit is de standaardmodus van de begeleidingsautomaat. Je kunt in
deze modus beide manieren van vingerzetting, enkele-vinger- of
meerdere-vingers-akoorden gebruiken.
Begeleidingsautomaat