Operation Manual
33
WAARSCHUWING
Een hoge opstijgsnelheid vergroot de
kans op decompressieziekte aanzienlijk.
NL
Diepe stops
Om de kans op microbelletjes te beperken last de Nemo
in het geval van decompressieduiken of duiken die de
niet-decompressielimiet naderden, een aantal stops
van één minuut in dieper water in, afhankelijk van het
duikprofiel. Wanneer u een diepe stop nadert, klinkt er
een akoestisch signaal en verschijnt de tekst “DEEPSTOP”
in de balk.
Er kan sprake zijn van meer dan één diepe stop tijdens
een duik. Dit is afhankelijk van het duikprofiel en het
type decompressie.
Opmerking:
Meer informatie over het RGBM Mares-Wienke algoritme vindt u op
de website: www.rgbm.mares.com
Opmerking:
De akoestische waarschuwingen voor diepe stops zijn altijd
ingeschakeld.
Opstijgen
Wanneer de diepte afneemt, wordt een algoritme
geactiveerd waarmee de Nemo de opstijgsnelheid
controleert. De opstijgsnelheid wordt zowel in meters
per minuut als grafisch weergegeven, zoals u in de
afbeelding kunt zien. Als de snelheid hoger is dan 12
meter per minuut, verschijnt de tekst “Slow” in de
balk en klinkt er een signaal. Dit houdt aan totdat de
opstijgsnelheid weer tot onder de maximaal toegestane
limiet van 12 meter per minuut is gedaald.
Opmerking:
Als de omstandigheden er naar zijn, geeft
de Nemo tijdens de duik het symbool
“deep” weer. Het display is erg handig
bij het plannen van de diepe stop tijdens
de opstijging.
Opmerking:
Als tijdens de duik de knop <esc> wordt
ingedrukt, geeft de Nemo kort de geschatte
diepte van de diepe stop weer. De
gegevens die tijdens de opstijging worden
weergegeven, kunnen als gevolg van het
gedrag van de duiker variëren. U moet
tijdens de opstijging goed het display in de
gaten houden voor de laatste informatie
over de geschatte stop.










