Installation Instructions
MAGNUM Cable
4
7. Plaatsing van de sensor:
De sensor dient in het midden van 2 kabels
te worden gemonteerd voor een optimale
temperatuurregistratie. Tevens mag de sensor(
buis) geen verwarmingskabels kruisen. Zorg dat
het meetgedeelte van de sensor (verdikking)
op ruime afstand (min. 50 cm) van (verborgen)
radiator- en (warm-) waterleidingen, afvoeren
en elektriciteitskabels of andere externe
warmtebronnen wordt gemonteerd. De sensor
dient altijd IN de sensorbuis te blijven. Dop het
uiteinde van de buis af om te voorkomen dat
de sensor vast komt te zitten bij verwerking.
Indien de sensor ooit vervangen moet worden
kan deze er gemakkelijk uit worden gehaald.
8. Weerstandswaarden
U dient de kabel tussen en na iedere
arbeidsgang te controleren d.m.v. een
multimeter en de gemeten waardes in te
vullen op de gele kaart (middenpagina). Meet
tussen de weerstandsdraden en gebruik
hiervoor het tabel weergegeven in punt 2.
De Ohmse waarde mag max. 10% afwijken.
Meet ook tussen de weerstandsdraad en de
aardmantel. Bij deze meting mag de meter
niet uitslaan, mocht dit wel het geval zijn dan
contact opnemen met de supportline.
Bewaar deze kaart in uw meterkast. Het is
onderdeel van uw garantie.
Nederlands










