Evo Lectus HANDLEIDING
Deze handleiding is met alle mogelijke zorg samengesteld en is gebaseerd op de informatie zoals bij Life & Mobility bekend op het moment van verschijnen. Life & Mobility neemt geen verantwoordelijkheid voor eventuele fouten in de tekst of gevolgen daarvan. De informatie in deze handleiding is van toepassing op de standaard uitvoering van het product.
1. inhoud 1. inhoud______________________________________________________ 3 2. contact opnemen met Life & Mobility ______________________________ 9 3. technische levensduur_________________________________________ 10 4. introductie __________________________________________________ 11 5. toegepaste symbolen voor waarschuwing, let op en notitie. ___________ 13 6. garantie ___________________________________________________ 15 7. toepassing / gebruiker ________________________________________ 16 8.
10.2.9 gepolsterde hoofdsteun (optioneel) ______________________ 27 10.2.10 gepolsterde kuitsteunen (optioneel) _____________________ 28 10.2.11 gepolsterde romppelotten. (optioneel) ___________________ 28 10.2.12 gepolsterde dijbeensteunen (optioneel) __________________ 29 10.2.13 fixatiegordel (optioneel) _______________________________ 29 10.3 de bediening ____________________________________________ 30 10.3.1 zijbesturing _________________________________________ 30 10.3.
11.4.1 hoogte instelling stuurkast: _____________________________ 57 11.4.2 diepte instelling stuurkast ______________________________ 57 12 stuurkast __________________________________________________ 58 12.1 laadplug _______________________________________________ 58 12.2 joystick ________________________________________________ 58 12.3 display ________________________________________________ 59 12.3.1 accu indicator (bovenbalk) _____________________________ 59 12.3.
12.4.9 linker richting aanwijzer toets ___________________________ 67 12.4.10 rechter richting aanwijzer toets _________________________ 67 12.5 jackplug aansluitingen ____________________________________ 68 12.5.1 externe profiel / mode aansluiting ________________________ 68 12.5.2 externe aan/uit aansluiting _____________________________ 68 12.6 R-net Connectors ________________________________________ 69 12.
17.1 ontkoppelen van de mechanische remmen ____________________ 87 18 het laden van de onderhoudsvrije accu's _________________________ 88 18.1 accu's meter ____________________________________________ 88 18.2 laadplug _______________________________________________ 90 18.3 afvoeren van defecte of versleten accu's ______________________ 91 19 transport __________________________________________________ 92 19.1 transport richtlijnen _______________________________________ 94 19.
2. contact opnemen met Life & Mobility Postbus 304 - 7000 AH Doetinchem Logistiekweg 7, Doetinchem - Nederland T +31 (0)314-328 000 F +31 (0)314-328 001 E info@life-mobility.com I www.life-mobility.
3. technische levensduur Door Life & Mobility wordt aan dit product een technische levensduur toegeschreven van 7 jaar. Dit wil zeggen dat het product in deze periode reparabel, veilig en bruikbaar is. Bovengenoemde verklaring is alleen dan van toepassing wanneer de gebruiker het product gebruikt in de hoedanigheid waarin deze door Life & Mobility is bestemd en als zodanig CE-gemarkeerd, inclusief eventuele originele accessoires.
4. introductie Gefeliciteerd met uw nieuwe product! Dit product is met de grote zorg en toewijding gemaakt. Uw rolstoel zal uw vrijheid en onafhankelijkheid vergroten. Life & Mobility en uw locale dealer zullen uw product optimaal ondersteunen. Mocht u vragen hebben over onze producten of suggesties hebben, twijfel niet en neem contact met ons op via: info@life-mobility.com. Voordat u het product gaan gebruiken adviseren wij u, met nadruk, aan eerst de handleiding aandachtig te lezen.
De toegepaste symbolen op het chassisnummer plaatje worden hieronder verklaard: beschrijft het model en type product. geeft het toepassingsgebied aan: binnen/buiten rolstoel (klasse B rolstoel). geeft de productiedatum aan. dit icoon geeft de maximale rijsnelheid aan. dit icoon geeft de maximale berijdbare hellingshoek aan. dit icoon geeft het maximale gebruikers gewicht aan. SN: deze afkorting staat woord het serienummer.
5. toegepaste symbolen voor waarschuwing, let op en notitie. Algemene waarschuwingen worden met behulp van een symbool aangegeven. Er zijn drie soorten symbolen: 1. waarschuwing Bij dit symbool gaat betreft het een duidelijke veiligheidswaarschuwing. Neem deze waarschuwing serieus en in acht. Het negeren van deze waarschuwing kan leiden tot persoonlijke of materiële schade. 2. attentie bij dit symbool vragen wij uw bijzonder aandacht om gevaren te mijden. situations. 3.
● voordat u uw rolstoel gaat gebruiken dient u deze handleiding aandacht door te lezen om bekend te raken met het product. ● wees ervan overtuigd dat uw dealer het product optimaal op u heeft ingesteld en afgestemd en voldoet aan uw behoeften en eisen. ● zorg ervoor dat een begeleider bij u is wanneer u de rolstoel voor het eerst gaat gebruiken.
6. garantie De producten van Life & Mobility zijn met zorg samengesteld en nauwkeurig gecontroleerd voordat zij de fabriek verlaten. Mocht blijken dat een product niet aan de verwachtingen voldoet, dan kunt u zich wenden tot de partij waar u het product heeft aangeschaft. Life & Mobility respecteert de wet- en regelgeving, ter bescherming van de consument, die van toepassing zijn in het land van aanschaf.
7. toepassing / gebruiker De EvO elektrische rolstoel is ontworpen voor personen welke niet meer in staat zijn om zelfstanding te kunnen lopen, staan niet bij machte zijn om een manuele rolstoel voort te kunnen bewegen. Men dient wel in staat te zijn een om de rolstoel via een joystick goed te kunnen besturen. Naast de voorbeweging biedt deze rolstoel ook de mogelijkheid om op verschillende hoogte niveaus te functioneren. Dit om bijv. lichtschakelaar of deurbellen te kunnen bedienen.
10. de rolstoel 10.1. chassis Het chassis is het onderstel van de rolstoel. Het bestaat uit wielen, motoren, accu's, elektronica en zitlift. De stalen onderdelen van het chassis zijn geanodiseerd en voorzien van een poedercoating om een lange levensduur te garanderen. De beide voorwielen worden elk aandreven door sterke elektromotoren. met deze motoren wordt de rolstoel ook bestuurd. Door deze constructie kan de rolstoel om zijn eigen as draaien en is de rolstoel ideaal voor binnengebruik. 10.1.
10.1.2 transportogen transportogen aan de voorzijde transportogen aan de achterkant De transportogen zijn gekenmerkt met deze sticker: Verdere informatie over de transportogen en vervoer van de rolstoel vind u in het hoofdstuk "vervoer" . 10.1.3 licht en reflectors L L L L R R R Het chassis bezit (optioneel) heldere en sterke LED verlichting wat het rijden in het donker mogelijk maakt.
10.1.4 accu's De accu's zijn laag en centraal in het chassis geplaatst om zo een optimaal en laag zwaartepunt te creëren. Dit komt de stabiliteit van de rolstoel ten goede. In beide accuruimten passen accu's tot een capaciteit van 85Ah. Technische informatie omtrent de accu's vind u onder het hoofdstuk specificaties. Via de deksels in de zijkanten van het chassis kunnen de onderhoudsvrije accu's bereikt worden. Deze kunnen vervangen worden zonder dat de gebruiker de rolstoel dient te verlaten.
Nadat de deksel weggenomen is kan de accu naar buiten worden getrokken. Denk aan de aansluitkabels! Bij het plaatsen van de onderhoudsvrije accu's dient goed opgelet te worden dat de aansluitkabels niet klem komen te zitten tussen de accu en het chassis. pas op bij het uitnemen van de accu dat de aansluitkabels niet strak getrokken worden. Dit kan tot een storing leiden. voordat de accu's uit het chassis genomen worden dient eerst de hoofdzekering te worden verwijderd.
10.1.5 hoofdzekering Op het chassis aan de achterkant bevindt zich de hoofdzekering. positie hoofdzekering hoofdzekering De hoofdzekering beschermd het gehele elektrische systeem van de rolstoel. Deze zekering brandt alleen door als er een ernstig probleem is met de elektronica van de rolstoel. indien de hoofdzekering is doorgebrand mag deze niet direct vervangen worden. Neem, ter controle, eerst contact op met uw locale dealer. De hoofdzekering dient ook als hoofdschakelaar.
10.1.6 zitlift (optioneel) De zitlift is centraal gemonteerd in het chassis. Met behulp van deze lift is het mogelijk om de zitting traploos 400mm in hoogte te verstellen. Dit geeft de gebruiker meer verticale bewegingsvrijheid. De zitlift kan op elke gewenste hoogte worden gestopt. 400mm Wanneer de zitlift geactiveerd wordt zal de rijsnelheid automatisch worden gereduceerd om optimale stabiliteit te garanderen. Op een hoge zithoogte wordt tevens de zitkanteling in achterwaartse beweging geblokkeerd.
10.2 zitting De Lectus zitting is ontworpen voor een maximaal zitcomfort. De zitting kan worden ingesteld en versteld in zitdiepte en zitbreedte. Aan de zijkant zit een railsysteem waar accessoires op kunnen worden gemonteerd. Hierbij is te denken aan een gordel, zijsteunen en of transfergreep. De bovenzijde is volledig vlak waardoor ook andere kussens gemonteerd kunnen worden. 10.2.
10.2.3 kantelverstelling (optioneel) De optionele zitkanteling kan worden gebruikt om het drukpunt op het zitvlak verleggen. De kantelhoek varieert van 0 tot 50°. De kantelverstelling kan ook worden gebruikt om de negatieve zithoek te veranderen tijdens het afrijden van een helling of stoeprand. Het geeft meer stabiliteit en veiliger gevoel. 50° Wanneer de kantelverstelling een bepaalde hoek bereikt heeft wordt de maximale rijsnelheid van de rolstoel automatisch gereduceerd.
10.2.4 gepolsterde rugleuning De gepolsterde rugleuning is leverbaar in diverse breedten en hoogten voor een optimale pasvorm, ondersteuning en comfort. De hoezen zijn verkrijgbaar in luchtige 3D mesh stof of luchtdoorlatende maar waterafstotende stof. 10.2.5 elektrisch verstelbare rugleuning (optioneel) De elektrisch verstelbare rugleuning kan traploos worden versteld van 85° tot een horizontale positie.
10.2.6 gepolsterde armsteun De gepolsterde armsteun biedt goed en comfortabele steun voor de armen. De armsteun is voor zien van een zachte gestoffeerde polstering aan de bovenzijde. De armsteun is leverbaar in 320of 400 mm lengte. Het biomechanisch scharnier zorgt ervoor zorgt dat de armlegger altijd in elke positie optimale ondersteuning biedt. De armsteunen zijn instelbaar in hoogte, diepte, hoek en ze kunnen ophoog geklapt worden voor een transfer. 10.2.
Wanneer de beensteun meer dan 45° naar voren in versteld, wordt , uit veiligheidsredenen, automatisch de maximale rijsnelheid gereduceerd. voordat u de beensteun strekt, dient u er zeker van te zijn dat er voldoende ruimte is aan voorzijde van de rolstoel om botsingen te voorkomen. bij een gestrekte beensteun wordt de rolstoel langer. Di heeft invloed op de rij eigenschappen. Zorg ervoor dat er voldoende ruimte is om te rijden en manoeuvreren. 10.2.
10.2.10 gepolsterde kuitsteunen (optioneel) De gepolsterde kuitsteunen zijn instelbaar in hoogte, diepte, breedte en hoek. De kuitsteunen bieden extra ondersteuning aan het onderbeen. Dit is vooral bij een elektrische verstelbare beensteun van toegevoegde waarde. 10.2.11 gepolsterde romppelotten. (optioneel) De gepolsterde romppelotten bieden extra ondersteuning aan het bovenlijf. De pelotten zijn traploos instelbaar in hoogte, breedte, diepte en hoek.
10.2.12 gepolsterde dijbeensteunen (optioneel) De gepolsterde dijbeensteunen bieden extra ondersteuning bij het zitting. De steunen zijn traploos instelbaar in diepte, breedte, hoogte en hoek. De hoezen zijn verkrijgbaar in 3D mesh of waterafstotende stof. gepolsterde dijbeensteunen De dijbeensteunen kunnen worden verwijderd voor een transfer. De instelling van de steun gaat dan niet verloren. 10.2.13 fixatiegordel (optioneel) voor fixatie zijn er verschillende gordelsystemen leverbaar.
10.3 de bediening 10.3.1 zijbesturing side steering control side steering, swing away De zijbesturing kan zowel links als rechts gemonteerd worden op de rolstoel. Bij de montage kan men kiezen uit een vaste montage van de stuurkast of (optioneel) een parallel wegzwenkbare bevestiging. Met het laatst genoemde systeem maakt het mogelijk om dicht aan een tafel zitten. 10.3.
11. de eerste instellingen Voordat de rolstoel gebruikt gaat worden dient deze eerst afgesteld te worden op de gebruiker. In dit hoofdstuk bespreken we alle instellingen die gedaan moeten worden voor de eerste rit. het is heel belangrijk dat de rolstoel afgesteld wordt op de eisen van de gebruiker voordat deze ermee gaan rijden. Een foute afstelling kan gevaarlijke situaties veroorzaken. 11.1 vering chassis De vering op van de rolstoel is ontworpen om het rijcomfort van de rolstoel te vergroten.
De beste manier is deze afstand tussen ring en schroefdraadeind te meten met een schuifmaat. Zorg ervoor dat beide instelling links en rechts gelijk zijn. Dit geldt ook voor de vering achter. een te zachte vering heeft een slechte rijcontrole ter gevolg. de rolstel gedraagt zich sponsachtig en is slechts controleerbaar. wanneer de vering links en recht niet gelijk zijn ingesteld kan dit leiden tot een raar rijgedrag van de rolstoel. Dit kan resulteren in een slechte controle van de rolstoel.
11.1.2 demper instelling De demper op de vering heeft een rode stelknop. deze reguleert de demping van de demper. draait men de knop rechtsom, dan zal de demping zwakker worden. Draait men de knop links om, dan is de demping sterker. De juiste balans wordt verkregen door middel van instellen en testen. Dit soort afstellingen is vaak een persoonlijke afstelling. Men kan het beste met een sterke demping beginnen. De instelling van de demper geschied in 16 klikjes.
11.2 zit instelling Voor gebruik dient de zitting ingesteld te worden in de juiste maat. Dit zal meestal door uw locale dealer geregeld worden, samen met uw therapeut. Een juist ingestelde zitting geeft optimale ondersteuning en comfort. 11.2.1 zitdiepte de volgende handeling dienen te worden gedaan voor het instellen van de zitdiepte: stap 1: neem het zitkussen van de zitting. A stap 2: verwijder de boutjes van het zitframe (A) met een 3mm Inbussleutel. step 3: neem het toppaneel van de zitting.
C B stap 5: verwijder de bouten (C) van het zitframe mbv. 5mm inbussleutel. stap 6: schuif nu het frame op de gewenste zitdiepte. De zitdiepte is af te lezen op het frame. De zitdiepte is instelbaar in stapjes van 25 mm. De minimale zitdiepte bedraagt 400mm. bij een zitdiepte van 400 dient men extra aandacht te hebben. dit om een botsing met de onderliggende zitlift te voorkomen.. het instellen van de zitdiepte vereist de nodige voorkennis.
stap 7: bevestig de boutjes (C) van de zitdiepte om de instelling te fixeren. stap 8: monteer de zijrails op de zitting met behulp van de boutjes (B). bij elke zitdiepte hoort een specifieke lengte van zijrails. Bestel deze rails voordat u de zitdiepte gaat aanpassen. stap 9: plaats het toppaneel terug op het zitframe en bevestig deze met de boutjes (A). Het zitkussen kan teruggeplaatst worden op het zitframe.
11.2.2 zitbreedte om de zitbreedte te vergroten kan er een extra verbredingsrail worden gemonteerd.
stap 4: plaats de verbredingsrail over de zijrail en bevestig deze met de verlengde bouten welke met de verbredingsrail zijn meegeleverd. stap 5: plaats nu het bredere zitkussen op de zitplaat. 11.2.3 armsteun breedte-instelling de afstand tussen beide armlegger kan worden versteld in stappen van 50mm. Om deze breedte in te stellen volg de volgende stappen: stap 1: verwijder de kuststof kap van de rugleuning. Dit doet u door met een 3mm inbussleutel de 6 boutjes los te draaien.
stap 2: verwijder de twee bouten mbv 5mm inbussleutel. stap 3: verwijder de vergrendelveertjes van de kogelkopgewrichten. stap 4: ontkoppel de parallelstang van de armlegger.
wanneer de parallelstang wordt losgekoppeld van de armsteun, zal de armsteun naar benden vallen. Om dit te vorkomen is het raadzaam met een hand de armlegger vast te houden en pas dan de parallelstang los te koppelen. stap 5: trek de armsteun uit de rugleuning R stap 6: verwijder de lagerbus van de as (R) stap 7: breng de vulring aan op de as en plaats de lagerbus terug op de as.
stap 8: plaats de armsteunen terug in het rugframe en bevestig beide bouten. stap 9: plaats de beide parallelstangen terug ver plaats de vergrendel pin weer in de kogelgewrichten. stap 10: plaats de kuststof afdekkap op het rugframe. 11.2.4 armsteun hoogte De armsteun hoogte kan links en rechts onafhankelijk en traploos worden ingesteld. Om in te stellen volg de volgende stappen: A stap 1: draai de vergrendelbout (A) volledig los met behulp van een 5mm inbussleutel.
stap 2: verstel de armsteun hoogte met behulp van een 5mm inbussleutel. draai de stelbout rechtsom om de armsteun hoger te stellen, linksom om de armsteun lager te stellen. stap 3: is de juiste hoogte bereikt, vergrendel de instellen door de vergrendelbout aan de onderzijde weer aan te draaien. 11.2.5 armsteun hoek Om de armsteun hoek in te stellen volg de volgende stappen: B stap 1: draai de voorste armsteun bout los (B) mbv een 5mm inbussleutel. LET OP: alleen losdraaien, niet uitnemen.
C stap 2: draai de bout (C) zover los totdat de armlegger te bewegen is. wanneer de bout te los is gedraaid zal de armsteun omklappen. om dit te voorkomen houd met een hand de armlegger vast en draai met de andere hand de bout los. stap 3: is de juiste hoek ingesteld, dan worden beide bouten weer (C) en (B) weer stevig vastgezet. 11.2.6 armsteun diepte De armsteun kan traploos in diepte worden ingesteld.
stap 2: schuif nu de armlegger in de gewenste diepte instelling. stap 3: draai nu de vier boutjes weer vast om de positie te fixeren. 11.2.7 armsteun zijdelinkse hoek De armsteun kan zijdelings versteld worden over een hoek van 15 graden. Om de zijdelingse hoek in te stellen volg de volgende stappen: stap 1: draai de moer (E) los met behulp van een 10mm sleutel. stap 2: draai de armsteun in de gewenste zijdelinkse hoek. stap 3: draai de moer weer vast om de positie te fixeren.
11.2.8 beensteun lengte De beensteunlengte is links en rechts onafhankelijk en traploos instelbaar. Om de lengte in te stellen volg de volgende stappen: B A stap 1: draai de bout (A) los met behulp van een 5mm inbussleutel. stap 2: draai nu voorzichtig de bout (B) los totdat de voetenplaat begint te glijden. wanneer de tweede bout wordt losgedraaid is er een kans dat de voetenplaat ineens naar beneden glijdt.
11.2.9 beensteun hoek De beensteunhoek wordt op de volgende manier ingesteld. F stap 1: trek de hendel, welke op de telescoopbuis zit, naar buiten. bij het naar buiten trekken van de hendel wordt direct de telescoopbuis ontgrendeld. Hierdoor gaat de beensteun bewegen. Dit kan een schrikeffect veroorzaken. Het is dus raadzaam om met een hand de beensteun vast te houden en vervolgens pas de hendel te bedienen. op deze manier wordt het plotseling bewegen tegengegaan.
11.2.10 voetplaat hoek De voetplaat hoek zowel links als rechts onafhankelijk en traploos worden ingesteld. Voor het instellen volg de volgende stappen: stap 1: steek een lange 4mm inbussleutel in de instelbout van de voetplaathoekinstelling. stap 2: draai de inbussleutel rechtsom om de hoek kleiner te maken of links om de hoek groter te maken. de stelschroef is voorzien van lock-tite om te voorkomen dat de schroef vanzelf kan gaan bewegen.
11.2.11 kuitsteun instelling De beensteun kan worden voorzien van (optionele) kuitsteunen. Deze zijn volledig traploos instelbaar. 11.2.11.1 hoogte instelling kuitsteun G stap 1: draai de vier boutjes (G) los met behulp van een 5mm inbussleutel. draai de boutjes zover los tot dat de kuitsteun begint te glijden. stap 2: schuif de kuitsteun nu tot op de gewenste hoogte en draai de boutjes weer vast. 11.2.11.
stap 1: draai de vier boutjes (H) los met behulp van een 5mm inbussleutel. stap 2: schuif de kuitsteun nu in de gewenste positie. stap 3: draai de boutjes weer vast om de positie te fixeren. 11.2.11.3 diepte- en hoek instelling kuitsteun K stap 1: verwijder de rubber dopjes (K) aan de buitenzijde van de draaipunten. stap 2: draai nu de bouten los met behulp van een 6mm inbussleutel. stap 3: beweeg nu de polsterdelen in de juiste diepte en hoekinstelling.
11.2.12 hoofdsteun instellingen de optionele hoofdsteun is volledig traploos instelbaar en kan van de rolstoel worden afgenomen zonder dat de instellingen verloren gaan. ontkoppeld van rug hoge instelling lage instelling 11.2.12.1 zijwaartse instelling hoofdsteun de hoofdsteun kan een optionele montage rail hebben waarmee de hoofdsteun zijdelings t.o.v. het midden kan worden verschoven. stel deze als volgt in: L stap 1: draai de vier boutjes (L) los met behulp van een 5mm inbussleutel.
11.2.12.2 hoofdsteun diepte-, hoogte- en hoek instelling de hoofdsteun ophanging bestaat uit een drietal frictie draaipunten. Met behulp van deze draaipunten is het mogelijk de hoofdsteun traploos in hoogte diepte en hoek in te stellen. De instelling werkt als volgt: K stap 1: verwijder de rubber dopjes uit de draaipunten (K). stap 2: draai de bouten zover los totdat de draaipunten zich laten bewegen. gebruik hiervoor een 6mm inbussleutel. stap 3. beweeg nu de hoofdsteun in de gewenste positie.
als de bouten te los worden gedraaid zal de hoofdsteun naar beneden vallen. Als de gebruiker nog in de rolstoel zit kan dit een schrikreactie opleveren. Om dit te vermeiden adviseren wij de bouten beetje bij beetje los te draaien totdat er nog steeds voldoende wrijving is om de hoofdsteun in positie te houden, maar dat deze toch met wat kracht in een andere positie te duwen is. op die manier kan men de hoofdsteun in de juiste positie brengen. 11.2.
11.2.13.2 hoogte instelling van de dijbeensteun neem voor de hoogte instelling de volgende stappen: N stap 1: draai de knevelschroef (N) los en lift de dijbeensteun in de gewenste hoogte positie. O stap 2: schroef de stelbout (O)van aan aanslagring los met behulp van een 4mm inbussleutel en laatste de ring aansluiten op het montageblok. stap 3: draai nu de stelschroef weer vast. de hoogte instelling is nu gefixeerd.
11.2.13.3 breedte- en hoekinstelling dijbeensteun. P O stap 1: verwijder de rubber dopjes (P) van de draaipunten. Q O stap 2: draai de frictiebouten (Q) los zodat de dijbeensteun bewogen kan worden. stap 3: Draai nu de dijbeensteun in de gewenste positie. stap 4: draai de frictiebouten weer vast. de positie is nu gefixeerd. stap 5: plaats de rubber kapjes weer op de draaipunten.
11.2.14 romppelot instellingen de optionele romppelotten kunnen traploos ingesteld worden in hoogte, diepte hoek en breedte. Ze kunnen tevens weggeklapt worden voor transfer. 11.2.14.1 hoogte instelling romppelot. R stap 1: draai de vier bouten (R) met behulp van een 5mm inbussleutel. stap 2: schuif de romppelot in de gewenste hoogte. stap 3: draai de bouten weer vast om de instelling te fixeren. 11.2.14.
stap 1: draai de bouten (S) van de frictie draaipunten los. stap 2: beweeg nu de pelot in de gewenste positie. stap 3: draai de bouten weer vast zodat de positie gefixeerd is. 11.3 fixatie gordel De optionele fixatie gordel is leverbaar in verschillende modellen en wordt op de zijrail van de zitting gemonteerd. De verstelling ervan werkt als volgt: T stap 1: draai de bouten (T) los met behulp van een 4mm inbussleutel. stap 2: schuif nu de montage plaat in de gewenste positie.
11.4 instellingen stuurkast de zijbesturing is instelbaar in hoogte, diepte en hoek. Om deze in te stellen volg de volgende stappen: 11.4.1 hoogte instelling stuurkast: de hoogte instelling kan volgends de volgend stappen worden gerealiseerd: V stap 1: draai de schroeven (V) los met behulp van een 3mm inbussleutel. stap 2: verplaats de steun in de gewenste hoogte. stap 3: draai de bouten weer vast. 11.4.
12 stuurkast De rolstoel wordt bediend vanaf de stuurkast met joystick en kleurendisplay. Met deze stuurkast worden alle functies bediend. Zowel de rijfuncties als alle andere functies. De stuurkast kan aan een armsteun worden gemonteerd of in een werkblad. stuurkast joystick R-net kabel laadplug De stuurkast bestaat uit een aantal hoofdcomponenten welke hierna duidelijk worden uitgelegd. 12.1 laadplug De laadplug wordt gebruikt om de accu's van de rolstoel op de laden. Hier wordt de lader aangesloten.
12.3 display bovenbalk hoofdscherm onderbalk Het display is in drie informatie gebieden te verdelen. De bovenbalk, de onderbalk en het hoofdscherm gedeelte. 12.3.1 accu indicator (bovenbalk) deze indicator geeft aan hoeveel energie nog in de accu aanwezig is. Zij alle LED's aan, dan zijn de accu's volledig geladen. Naar mate de energie wordt verbruikt zal er telkens na enige tijd een LED uitgaan. De indicator is in drie kleuren opgedeeld: groen, oranje en rood.
12.3.3 profielnaam (hoofdscherm) de profielnaam geeft aan welke rijprofiel actief is. De naam van het profiel kan geprogrammeerd worden. Er kunnen maximaal 8 profielen worden geprogrammeerd. Elke profiel kan op een specifieke taak worden afgestemd met de bijbehorende rijeigenschappen. Als basis instelling komt de rolstoel met een profiel binnen en buiten. 12.3.4 klok (hoofdscherm) de klok geeft een digitale tijdsaanduiding op het scherm.
12.3.6 snelheid (hoofdscherm) deze balk bestaat uit 5 blokjes. Dit zijn de 5 stappen waarin de snelheid kan worden ingesteld. De stappen worden versteld via twee toetsen op de stuurkast. Deze toetsen worden verklaart onder hoofdstuk "toetsen". 12.3.7 inhibit (hoofdscherm) wanneer een snelheidsbeperkende beveiliging actief is (lift omhoog bijvoorbeeld) dat wordt er een oranje schildpadje getoond op het scherm.
12.3.9 extra functies (hoofdscherm) extra schermweergaven zijn er voor overige functies en opties van het elektrisch systeem zoals: Bluetooth, omgevingsbesturing, muisfunctie. Voor uitgebreide informatie over de mogelijkheden kunt u contact opnemen met uw locale dealer. 12.3.10 berichten (hoofdscherm) op dit scherm worden berichten getoond welke door het elektrisch systeem worden gegenereerd. Dit kunnen waarschuwingen zijn of instructies. 12.3.10.
12.3.10.3 slaapstand bericht dit symbool wordt getoond als de rolstoel enige tijd niet gebruikt wordt. dit symbool geeft aan dat de rolstoel in slaapstand zal overgaan. 12.3.10.4 joystick uit nulstand bericht dit symbool wordt weergegeven wanneer de rolstoel ingeschakeld wordt terwijl de joystick niet in de neutrale positie staat. In dit geval dient de rolstoel te worden herstart met de joystick in de neutrale positie. 12.3.10.
12.3.11 actieve profiel (onderbalk) het actieve profiel wordt als nummer weergegeven. 12.3.12 motor temperatuur (onderbalk) dit symbool wordt weergegeven as de aandrijfmotoren een kritische temperatuur hebben bereikt en de elektronica de energietoevoer naar de motoren reduceert om beschadiging te voorkomen. 12.3.13 system temperatuur (onderbalk) dit symbool verschijnt wanneer het elektrisch systeem zichzelf uitschakelt om oververhitting te voorkomen. 12.3.
rolstoel in geblokkeerde toestand ontgrendeling van de rolstoel: - de rolstoel is uit, druk op de ON/OFF toets. - duw de joystick naar voren tot een piep klinkt. - duw de joystick naar achteren tot een piep klinkt. - laat vervolgens de joystick los, er klinkt nu een lange piep. - de rolstoel is nu ontgrendeld.
12.4 buttons De stuurkast heeft diverse toetsen welke hieronder worden verklaard. 12.4.1 aan/uit toets Met behulp van de aan/uit toets wordt de rolstoel in of uitgeschakeld. Schakel de rolstoel tijdens het rijden hier niet mee uit, alleen als het om een noodsituatie gaat. Onnodig de aan/uit toets als noodschakelaar gebruiken kan leiden tot schade aan de rolstoel. zorg er altijd voor dat de rolstoel is uitgeschakeld bij een transfer in of uit de rolstoel.
12.4.5 mode toets met behulp van de mode toets kan er gewisseld worden van programma onderdeel. Zo kan met schakelen tussen bijvoorbeeld het rijprogramma en het zitfunctie programma. Afhankelijk van de programmering zijn en verschillende mode velden waar men tussen kan schakelen. 12.4.6 profiel toets met behulp van de profiel toets kan met schakelen tussen de verschillende rij profielen. Het aantal profielen is afhankelijk van wat er naar uw behoefte geprogrammeerd is.
12.5 jackplug aansluitingen externe aan/uit externe profiel / mode 12.5.1 externe profiel / mode aansluiting deze aansluiting maakt het mogelijk om een extra profiel en /of mode toets op de stuurkast aan te sluiten. De toets kan elk soort van potentiaalvrije schakelaar zijn. Denk hier bij aan bijvoorbeeld een Tash - of Piko schakelaar. Deze schakelaar worden vaak ingezet als het niet mogelijk is om de toetsen op de stuurkast te bedienen. De schakelaar aansluiting dient een 3,5 mm stereo Jackplug te zijn.
12.6 R-net Connectors om de R-net stekkers goed te verbinden: • houd beide connector behuizingen stevig vast. • steek nu beide connector delen in elkaar • drukt deze stevig in elkaar tot de behuizingen elkaar raken en er tevens een licht klik te voelen is. de connectors zijn door middel van een frictie koppeling met elkaar verboden. om de R-net stekkers te ontkoppelen: • houd beide behuizingen stevig vast. • trek nu in een rechts lijn beide connector delen van elkaar.
12.6 joystick De joystick wordt in eerste instantie gebruikt om de rolstoel te besturen . Duw de joystick rustig in de richting waar men naar toe wil rijden. De rolstoel zal rustig in deze richting gaan rijden. VOORUIT RIJDEN RECHTSOM DRAAIEN LINKSOM DRAAIEN ACHTERUIT RIJDEN De tweede functie van de joystick is om door de diverse menu's te kunnen navigeren. Door het naar voren en naar achter bewegen kan men door het menu bewegen.
13 elektrisch systeem 13.1 accu's De rolstoel bezit twee serieel gekoppelde 12 volt onderhoudsvrije accu's die zorgen voor de energie. De capaciteit van de accu's kan 60, 72 of 85 Ampères zijn. de accu's zijn centraal in het chassis geplaatst om de laag zwaartepunt te creëren. Beide accu's zijn eenvoudig vanaf de zijkant te bereiken voor controle of vervanging. positie en bereikbaarheid van de onderhoudsvrije accu's wees altijd voorzichtig met metalen voorwerpen vlak bij de accu's.
13.2 zekering De rolstoel heeft een hoofdzekering om de accu's van de rolstoel te beveiligen tegen overbelasting en kortsluiting. Deze hoofdzekering bevind zit tussen de achterwielen in de kunststof behuizing. De zekering is gemakkelijk te bereiken. De complete elektronica van de rolstoel is zelf beschermend tegen overbelasting, kortsluiting en foutieve aansluiting. positie hoofdzekering De hoofdzekering wordt ook gebruikt om de accu's van elkaar te ontkoppelen.
14 het gebruik van de rolstoel 14.1 algemene waarschuwingen en adviezen Lees dit gedeelte van de handleiding goed en aandachtig door. Het bevat belangrijke informatie omtrent veiligheid en mogelijke gevaren. ● uw dealer dient ervoor te zorgen dat bij de eerste rit de rolstoel op de laagst mogelijke rijsnelheid staat ingesteld. Na enige ervaring kan en mag er dan sneller worden gereden. ● men dient extra oplettend te zijn bij het rijden over oneffen ondergronden, hellingen en het nemen van stoepranden.
14.2 gebruik in combinatie met andere producten bij toepassing van een ander- of individueel zitsysteem: ● let erop dat, bij gebruik van een ander zitsysteem, het maximale gebruikersgewicht van 140 kilo niet wordt overschreden. ● monteer de zitting op een goede stevige manier. ● let er op dat het zwaartepunt van het toegepaste zitsysteem op gelijke positie is als het zwaartepunt van het standaard geleverde zitsysteem. ● controleer of the bereikbaarheid van de stuurkast goed is.
14.4 klem- of knelgevaar Gebruiker Er is veel aandacht besteed bij het ontwerp van de rolstoel om klem- of knelgevaar te minimaliseren. Desondanks kunnen er situatie ontstaan waar men het risico loopt op klem- of knelgevaar. Deze kunnen zijn: ● bij het sluiten van het werkblad op de armlegger kan de hand bekneld raken tussen werkblad en armlegger. ● bij het omklappen van de werkblad besturing is er klemgevaar indien de vinger tussen de werkbladopening en de omklappende stuurkast komt.
14.5 omgeving extra zorg en aandacht is bij de ontwikkeling gegeven aan het knel- en klemgevaar voor zowel de gebruiker als zijn of haar omgeving. Het risico is hierdoor geminimaliseerd. Toch geven wij u nog hier nog enkele opmerkingen die van belang kunnen zijn om het risico echt minimaal te houden: ● voordat u gaat rijden met de rolstoel dient u zich ervan te overtuigen dat er geen personen of dieren zich te dicht bij de rolstoel zijn.
14.7 het rijden op aflopende hellingen Wees er van overtuigd dat de remmen en de aandrijving zijn ingeschakeld voordat u zich op een hellend vlak gaat begeven. Dit om ongecontroleerde bewegingen van de rolstoel te voorkomen Het rijden op aflopende hellingen dient altijd langzaam te geschieden en met voorzichtigheid. Vermeid abrupt afremmen, snelle draaibewegingen en hoge rijsnelheden. Wees ervan bewust dan de rijeigenschappen van een rolstoel op een helling anders zijn dan op een vlakke ondergrond max.
neem geen hellingen welke steiler zijn dan 10°. Boven een hellingshoek van 10° kan de rolstoel ongecontroleerd gaan bewegen. Dit kan leiden tot gevaarlijke situaties. ( Dynamische stabiliteit volgens ISO 7176-2= 6°. de zitlift, kantelverstelling en rugverstelling hebben grote invloed op het zwaartepunt van de rolstoel en dus de stabiliteit. Zorg ervoor dat de zitting altijd in de laagste positie staat en de zitting vlak staat met de rug rechtop. 14.
wees extra voorzichtig bij het rijden op een natte of gladde helling. Rij langzaam en vermeid plotselinge stuurbewegingen. neem geen hellingen welke steiler zijn dan 10°. Boven een hellingshoek van 10° kan de rolstoel ongecontroleerd gaan bewegen. Dit kan leiden tot gevaarlijke situaties. ( Dynamische stabiliteit volgens ISO 7176-2= 6°. de zitlift, kantelverstelling en rugverstelling hebben grote invloed op het zwaartepunt van de rolstoel en dus de stabiliteit.
14.9 het rijden op zijdelingse hellingen Het rijden op zijdelingse hellingen dient altijd langzaam te geschieden en met voorzichtigheid. Vermeid abrupt afremmen, snelle draaibewegingen en hoge rijsnelheden. Wees ervan bewust dan de rijeigenschappen van een rolstoel op een helling anders zijn dan op een vlakke ondergrond. maximaal berijdbare zijdelingse hellingshoek wees extra voorzichtig bij het rijden op een natte of gladde helling. Rij langzaam en vermeid plotselinge stuurbewegingen.
14.10 nemen van drempels neem geen drempels welke hoger zijn dan 70mm. (7cm). het nemen van hogere drempels kan het risico van omkiepen vergroten of schade aan de rolstoel te weeg brengen. Neem de drempels met een zo laag mogelijke rijsnelheid om extreme bewegingen te voorkomen. het nemen van afstapjes dient ook met de grootst mogelijke voorzichtigheid genomen te worden. De plotselinge voorwaartse beweging kan voor persoonlijke onstabiliteit zorgen.
14.11 gebruik in de buurt van elektromagnetische velden. Wij adviseren om de rolstoel uit te schakelen wanneer u gebruik maakt van de mobile telefoon. Dit om enig risico van storing te voorkomen. Hoewel de rolstoel aan alle strenge keuringseisen voldoet is het raadzaam om de rolstoel uit te zetten tijdens het telefoneren. Rijden en bellen is net zo als bij ander vervoermiddelen niet raadzaam om te doen.
15 rijden met de rolstoel Der rolstoel is ontworpen voor gebruik binnen- en buitenshuis. Bij binnen gebruik, dient de rijsnelheid aangepast te worden om veilig door nauwe passages, zoals gangen, deuropeningen en tussen meubels door, te kunnen rijden. let ook op dat, bij gebruik van zitlift, kantel of rug- en beenverstelling, er voldoende ruimte is om de verstelling te gebruiken. zorg ervoor dat de rolstoel altijd is uitgeschakeld manneer u in- of uit de rolstoel gaat.
3. stel de rijsnelheid binnen dit profiel in dor middel van de snelheid toetsen. Begin in snelheid 1 (een blokje is oranje). 4. beweeg nu langzaam de joystick naar voren om voor uit te rijden, daarna naar achteren om achteruit te rijden. 5. de snelheid van de rolstoel is gekoppeld aan de uitslag van de joystick. hoe verder we de joystick uit het midden wegduwen, des te harder rijd de rolstoel. zorg ervoor dat bij de eerste testrit altijd iemand in de buurt is.
15.3 het stoppen Om de rolstoel te laten stoppen dient de joystick langzaam terug bewogen te worden naar de middenpositie. De rolstoel zal nu langzaam stoppen. Om iets sneller af te remmen kan de joystick losgelaten worden. Deze springt dan vanzelf in de neutrale positie en de rolstoel zal direct afremmen en gaan stilstaan. Is er een situatie waarbij de rolstoel hard moet remmen, dan dient in dat geval de joystick in een ruk volledig naar achteren te worden getrokken. Dit is een noodstop.
display voorbeeld van de stoelverstelling menu door de joystick naar links of naar rechts te bewegen kan men een bepaalde verstelling selecteren. Wordt de gewenste zitfunctie op het display getoond, dan kan men deze actieveren door de joystick naar voren of naar achteren te bewegen, al naar gelang de verstelling richting. Zolang men de joystick naar voren of naar achter houdt, beweegt de zitfunctie. laat men de joystick los, dan stopt de beweging van de zitfunctie.
17 de mechanische remmen de beide aandrijfmotoren op de rolstoel hebben een ingebouwde mechanische parkeerrem. Deze remmen kunnen handmatig worden ontgrendeld om de rolstoel te kunnen duwen. Dit kan in sommige (nood)gevallen nodig zijn om te rolstoel te verplaatsen. 17.1 ontkoppelen van de mechanische remmen Om de remmen handmatig the ontkoppelen volg de vonderstaande handeling. aan de binnenzijde van elke aandrijfmotor zit een rode greep. deze is voorzien van een instructie sticker.
zorg ervoor dat op een helling de remmen nooit worden uitgeschakeld (vrijloop). Er bestaat dan een te groot risico dat de rolstoel ongecontroleerd gaart rollen. Dit kan gevaarlijke situaties veroorzaken. Dit moet ten alle tijden worden voorkomen. 18 het laden van de onderhoudsvrije accu's de hoeveelheid energie die de accu's kunnen opslaan is afhankelijk van een aantal factoren. Dit is afhankelijk van het gebruik van de rolstoel, te omgevingstemperatuur, de leeftijd van de accu's en het onderhoud ervan.
Wanneer de accu's volgeladen zijn branden alle 10 LED in de accu indicator op het display. Naar mate er energie verbruikt wordt en het energie niveau in de accu's omlaaf gaat zal er steeds een LED meer uit gaan. De LED brand zal vanaf de rechter kant steeds verder uitgaan. Led voor LED. Wanneer alleen de rode LED's nog branden geeft dit aan dat de accu's bijna leeg zijn en geladen dienen te worden. knipperen er alleen nog twee rode LED's, dan is dit een waarschuwing dat de accu nog echt leeg is.
18.2 laadplug De laadaansluiting om de accu's in de rolstoel te kunnen laden bevindt zich aan de voorzijde van de stuurkast. Bij een geïntegreerde werkblad stuurkast bevindt zich deze laadplug aan de rechter zijkant van de stuurkast. positie laadplug accu lader De standaard meegeleverde acculader kan in verschillende uitvoeringen worden geleverd. De uitvoering is gekoppeld aan het type accu dat is meegeleverd. De combinatie is zo afgeregeld dat de rolstoel binnen 8 uur volledig kan worden geladen.
het kan zijn dat het voor u lastig is om de lader aan te sluiten in de stuurkast. Wilt u dit toch zelfstandig kunnen doen, bestaat er de mogelijkheid om een laadplug aansluiting naar wens te bestellen. Deze wordt dan zo geplaatst dat het aansluiten geen probleem voor u meer hoeft te zijn. Vraag uw dealer hiernaar. zorg ervoor de laadstekker volledig in de laadplug wordt gestoken om de rolstoel te laden.
19 transport De rolstoel dient vervoerd te worden in een voertuig dat hiervoor geschikt is gemaakt. het beste kan de rolstoel in een afgescheiden gedeelte van het voertuig getransporteerd worden. Wordt de rolstoel in een MPV of busje vervoerd, dan is het van levensbelang dat dit voertuit van de juiste verankeringpunten en vastzetriemen is voorzien. De rolstoel dient altijd met een vierpunts-gordelsysteem te worden verankerd. Dit om verschuiven tijden het transport te voorkomen.
Life & Mobility adviseert om als gebruiker plaats te nemen in de autostoel en niet in de rolstoel te blijven zitten tijdens transport. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan adviseren wij de volgende punten in acht te nemen: a. de rolstoel dient in de voorwaartse rijrichting geplaatst te worden. b. een "Unwin restraint systeem" zoals model Gemini 3 of een soort gelijkwaardig systeem van een ander merk dient te worden toegepast. c.
19.1 transport richtlijnen De rolstoel wordt met een 4-punts gordelvastzetsysteem verankert voor transport. Deze wordt bevestigd aan de transportogen op de rolstoel. deze worden gekenmerkt door een indicatie sticker zoals hiernaast afgebeeld. de riemen dienen onder een hoek van 45° t.o.v. het horizontale vlak te zijn bevestigd. Dit garandeer een fixatie in alle richtingen. De gordels worden op specifieke bevestigingspunten in het voertuig vastgezet.
19.2 autogordel Wanneer de gebruiker wordt vervoerd in zijn rolstoel dient er een extra autogordel te worden gedragen voor de persoonlijke veiligheid. positionering van de autogordel voor de rolstoelgebruiker. De rolstoel is getest met een Klippan auto gordel. Wij adviseren dezelfde gordel of een ander merk autogordel volgens dezelfde specificaties te gebruiken. Het is van groot belang om de autogordeI onder de juiste hoek aan te brengen.
Het schoudergedeelte van de autogordel dient te worden geplaatst volgens de tekening hieronder. positie schoudergedeelte van de autogordel. Wij adviseren om de volgende aandachtspunten in acht te nemen voor persoonlijke veiligheid van de rolstoelgebruiker: - de heupgordel dient op de goede manier over het bekken te lopen. De hoek van de gordel t.o.v. het horizontale vlak dient tussen 30° tot 75° te bedragen, zoals afgegeven inde instructie tekening hierboven.
slechte positionering autogordel goede positionering autogordel zorg ervoor dat er aan de volgende belangrijke veiligheidseisen tijdens het transport wordt voldaan: - de rolstoel dient in de voorwaartse rijrichting in het voertuig te worden geplaatst. Zowel de rolstoel als gebruiker wordt mbv gordel gefixeerd volgens de internationale wetgeving WTORS ( wheelchair tie down and occupant-restraint system) manufacturer’s instructions.
- er mogen geen veranderingen worden aangebracht aan de bestaande verankeringspunten van der rolstoel zonder vooraf overleg met de fabrikant Life & Mobility. - indien de rolstoel in een voertuig getransporteerd word, mogen er alleen gelaccu's in de rolstoel worden toegepast. 19.3 transport in een vliegtuig Indien de rolstoel per vliegtuig wordt vervoerd dient men op volgende punten te letten: 1. accu's Gelaccu's: in de meeste gevallen dienen deze niet te worden verwijderd voor transport.
20 onderhoud en reparatie De rolstoel gebruiker dient voor enig onderhoudt van der rolstoel te zorgen. Dit kan door anderen (begeleiders of familie)uitgevoerd worden. Dit geldt voor klein onderhoud, controle en het vaststellen van fouten. Ander onderhoud dient door uw locale dealer uitgevoerd te worden. 20.1 accu's laden Deze rolstoel is voorzien van twee onderhoudsvrije accu's. Bij normaal dagelijks intensief gebruik dienen de accu's elke nacht geladen te worden.
20.3 stalling voor langere tijd de rolstoel mag voor een langere periode worden opgeslagen in een onverwarmde ruimte. De accu's dienen wel eens in de maand te worden geladen om de accu's in goede conditie en op peil te houden. wordt de rolstoel voor een langer periode opgeslagen, is het beter om de accu's los te koppelen van de rolstoel. Op deze manier houden de accu's hun energie beter vast.
20.4 gereedschap de rolstoel wordt geleverd met een gereedschapsetje om de meeste instellingen te kunnen doen. het setje bevat: ● een inbussleutelsetje ● een kuiskop/platte schroevendraaier ● een steeksleutel 11- en 13 mm. voor sommige reparaties zijn andere stukken gereedschap nodig die niet meegeleverd worden met de rolstoel. de hoofdzekering dient altijd eerst verwijderd te worden voordat men de accu's gaat vervangen. Voor het verwijderen van de hoofdzekering eerst de rolstoel uitschakelen.
20.5 wielen en banden Controleer regelmatig de bandenspanning en slijtage van de banden op uw rolstoel. Wij adviseren om een interval toe te passen van 4 weken. type band band voor band achter bandmaat juiste bandenspanning max. spanning 3.00-8 43.5 PSI, 3 Bar, 300 Kpa 50.7 PSI, 3.5 Bar, 350 Kpa 2.80-2.50-4 29.0 PSI, 2 Bar, 200 Kpa 36.2 PSI, 2.5 Bar, 250 Kpa een foutieve bandenspanning kan resulteren in een matige rijgedrag en verlaagde prestaties.
20.6 reinigen Regelmatig onderhoud en controle van de rolstoel kan risico op storing of slijtage duidelijk verminderen. Life & Mobility adviseert de volgende handelingen voor een goede reiniging en onderhoud van uw rolstoel. Bij ernstige beschadiging aan uw rolstoel en of versnelde slijtage adviseren wij u contact op te nemen met uw locale dealer. 20.6.1 stoffering, 3d mesh Voor normaal reinigen kan de bekleding worden gewassen met lauw water en een milde, niet-schurende zeep.
20.7 remtest en vrijloopmodus Controleer, eens per maand, of de remontgrendeling goed werkt. Als de rem in de vrijloop staat, moet het rijden met de rolstoel geblokkeerd zijn. testen van de remontgrendeling 20.8 vervanging accu's stap 1: plaats de rolstoel op de droge en vlakke ondergrond. stap 2. schakel de rolstoel uit en verwijder de hoofdzekering. stap 3. neemt de grendelschroefjes uit de accukappen. stap 4. tilt de accukappen omhoog tot de aanslag. stap 5.
wij raden u aan om de accu's door uw locale dealer te laten vervangen. Zij hebben de juiste ervaring en gereedschappen om dit goed en veilig te doen. Zij verwijderen de oude accu's tevens op de juiste manier. schade aan de rolstoel veroorzaakt door onjuiste handelingen bij het vervangen van de accu's valt niet onder de productgarantie en verantwoordelijkheid van Life & Mobility.
20.9 vervanging van de hoofdzekering om de hoofdzekering te vervagen volg de volgende stappen: stap 1. ga naar de achterzijde van het chassis. stap 2. trek de rubber kap van de zekeringhouder. stap 3. trek de hoofdzekering uit de houder. stap 4. duw de nieuwe zekering stevig tot de aanslag in de zekeringhouder. stap 5. plaats de rubber kap op de zekeringhouder. positie hoofdzekering hoofdzekering gebruik alleen originele zekeringen ter vervanging. Andere zekeringen kunnen het systeem beschadigingen.
21 hergebruik Deze rolstoel is geschikt voor hergebruik en is volledig herinzetbaar. De rolstoel kan opnieuw worden geconfigureerd voor een volgende gebruiker. Heeft u de rolstoel niet meer nodig, laat dit dan uw locale dealer weten. Zij zullen de rolstoel komen afhalen voor een eventuele herinzet. het reconfigureren en herinzetten kan alleen worden uitgevoerd door gekwalificeerd en door Life & Mobility geautoriseerd personeel of bedrijf.
23 Handleiding bij het lokaliseren van storingen De onderstaande handleiding bij het lokaliseren van storingen beschrijft een aantal storingen en voorvallen die zich bij het gebruiken van uw rolstoel kunnen voordoen, alsmede voorstellen om deze te verhelpen. Denk er wel aan dat deze handleiding geen uitputtende beschrijving is van alle problemen en voorvallen. Bij twijfel dient u altijd contact op te nemen met uw locale dealer of met Life & Mobility. gebeurtenis de rolstoel schakelt niet in.
23.1 foutmeldingen op display wanneer er een technische storing in het elektronisch systeem ontstaan, dan zal de rolstoel stoppen met rijden en een melding geven op de display van de stuurkast. Deze melding bestaat vaak uit een korte melding en een code. diagnose/indicatie weergave wanneer het zelfcontrolesysteem in de elektronica een fout heeft ontdekt, dat wordt in de meeste gevallen de rolstoel tot stilstand gebracht en verschijnt er een melding op het display.
24 technische specificaties A lengte [L]: breedte [W]: hoogte [H]: horizontale locatie as [A]: 1200 mm 610 mm 1115 mm 345 mm transportmaat: lengte [LT]: hoogte [HT]: breedte [WT]: 880mm 770mm 610mm 110
DATA Algemeen productnaam rolstoelklasse levensduur EvO Lectus klasse B > 7 jaar Afmetingen lengte, mm breedte, mm hoogte, mm gewicht, kg horizontale positie as, mm min. 1200 610 1115 165 345 Kleinste transport afmeting lengte breedte hoogte zwaarste deel 880 mm 610 mm 770 mm 120 kg Wielen bandmaat voor bandmaat achter bandenspanning voor achter min.
De rolstoel voldoet aan de volgende veiligheidsstandaards: a) geldende normen ren test methodes voor statische-, dynamische- en sterktetests (ISO 7176-8 b) elektronica en besturingssystemen voor elektrische rolstoelen – eisen en tests (ISO 7176-14) c) klimaattest volgens ISO 7176-9 d) eisen voor brandveiligheid en ontvlambaarheid volgens ISO 7176-16 25 accessoires het accessoirepakket voor de Life & Mobility producten wordt telkens ontwikkeld en toegevoegd aan het leveringsprogramma.
Uw dealeradres:
04/2015 - 133331AA P.O. Box 304, NL - 7000 AH Doetinchem Logistiekweg 7, Doetinchem - The Netherlands T +31 (0)314-328 000 F +31 (0)314-328 001 E info@life-mobility.com I www.life-mobility.