X270 Gebruikershandleiding
Opmerking: lees en begrijp eerst het volgende voordat u deze informatie en het product dat het ondersteunt, gebruikt: • Handleiding voor veiligheid, garantie en installatie • 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v De nieuwste Handleiding voor veiligheid, garantie en installatie en de Regulatory Notice vindt u op de Lenovo Support-website op: http://www.lenovo.com/support Derde uitgave (Juni 2017) © Copyright Lenovo 2017.
Inhoud Belangrijke veiligheidsvoorschriften . . v Lees dit eerst . . . . . . . . . . . . . . Belangrijke informatie over het gebruik van uw computer . . . . . . . . . . . . . . . . Situaties waarin onmiddellijk handelen vereist is Service en upgrades . . . . . . . . . . . Netsnoeren en voedingsadapters . . . . . . Verlengsnoeren en vergelijkbare accessoires . . Stekkers en stopcontacten . . . . . . . . . Kennisgeving voedingseenheid . . . . . . . Externe apparatuur . . . . . . . . . . . .
Het ThinkPad WiGig Dock gebruiken . . . . 50 Hoofdstuk 4. Informatie over toegankelijkheid, ergonomie en onderhoud. . . . . . . . . . . . . . . 53 Informatie voor gehandicapten . . . . . . . . Ergonomisch werken . . . . . . . . . . . . Reiniging en onderhoud . . . . . . . . . . . 53 55 56 Hoofdstuk 5. Beveiliging . . . . . . . 59 Wachtwoorden gebruiken . . . . . . . . Inleiding tot wachtwoorden . . . . . . Een wachtwoord instellen, wijzigen of verwijderen . . . . . . . . . . . .
Een geheugenmodule vervangen . . . . . . . Het interne opslagstation vervangen . . . . . . De dc-in-kabel vervangen . . . . . . . . . . Hoofdstuk 10. Ondersteuning . . . . Voordat u contact opneemt met Lenovo. Hulp en service . . . . . . . . . . Ondersteuningswebsite van Lenovo Lenovo bellen . . . . . . . . . Aanvullende services aanschaffen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 131 . . . . . Bijlage A. Aanvullende informatie over het Ubuntu-besturingssysteem . . . . . Bijlage B. Regelgeving . . . . . .
iv X270 Gebruikershandleiding
Belangrijke veiligheidsvoorschriften Opmerking: Lees eerst de belangrijke veiligheidsinformatie. Lees dit eerst Deze informatie helpt u uw notebookcomputer veilig te gebruiken. Gebruik en bewaar alle informatie die bij uw computer is geleverd. De informatie in dit document vormt op geen enkele manier een wijziging van de voorwaarden in de koopovereenkomst of de Lenovo Beperkte Garantie.
Bescherm uzelf goed tegen de warmte die door de netvoedingsadapter wordt gegenereerd. Als de computer via de netvoedingsadapter is aangesloten op het stopcontact, wordt de adapter warm. Bij langdurig contact met uw lichaam kunnen er, ook door uw kleding heen, brandwonden ontstaan. • Zorg dat de adapter op dergelijke momenten niet tegen uw lichaam komt. • Gebruik de netvoedingsadapter nooit om u eraan op te warmen. Zorg dat uw computer niet nat wordt.
Wees voorzichtig als u de computer meeneemt. • Gebruik een hoogwaardige draagtas die voldoende steun en bescherming biedt. • Stop de computer niet in een overvolle koffer of tas. • Zorg ervoor dat u de computer uitschakelt of in de sluimer- of slaapstand zet, voordat u de computer in een tas plaatst. Stop de computer niet in een tas terwijl de computer gewoon aan staat. Situaties waarin onmiddellijk handelen vereist is Door misbruik of achteloosheid kunnen producten beschadigd raken.
Service en upgrades Probeer niet zelf onderhoud aan het product uit te voeren, tenzij u hiertoe instructies hebt gekregen van het Klantsupportcentrum of van de documentatie. Schakel alleen een serviceprovider in die goedkeuring heeft voor het repareren van het desbetreffende product. Opmerking: Sommige onderdelen van de computer kunnen door de gebruiker worden uitgebreid of vervangen. Upgrades worden meestal 'opties' genoemd.
Voorkom dat netsnoeren en voedingsadapters nat worden. Laat een netsnoer of voedingsadapter bijvoorbeeld niet liggen bij een wasbak of toilet, of op een vloer die wordt schoongemaakt met een vloeibaar reinigingsmiddel. Vloeistoffen kunnen kortsluiting veroorzaken, met name als het netsnoer of de voedingsadapter slijtage vertoont ten gevolge van verkeerd gebruik. Bovendien kan vloeistof corrosie van de stekkers en/of aansluitpunten veroorzaken, hetgeen uiteindelijk kan leiden tot oververhitting.
Controleer of het stopcontact dat u gebruikt, de juiste spanning en stroomsterkte levert voor het apparaat dat u installeert. Wees voorzichtig als u de stekker in het stopcontact steekt of eruit haalt. Kennisgeving voedingseenheid GEVAAR Verwijder nooit de kap van een voeding of van andere componenten waarop het volgende label is bevestigd. In componenten met dit label, bevinden zich gevaarlijke spannings-, stroom- of energieniveaus.
Staak het gebruik van de batterij als deze is beschadigd of als u ontdekt dat er vloeistof of opgehoopt onbekend materiaal op de uiteinden van de batterij zit. Bewaar de oplaadbare batterijen of producten met ingebouwde oplaadbare batterijen op kamertemperatuur, met een lading van ongeveer 30 tot 50%. Om te voorkomen dat de batterijen te veel ontladen, is het aan te bevelen deze eens per jaar op te laden. Gooi de batterij niet bij het normale huisvuil weg. Behandel oude batterijen als klein chemisch afval.
Perchloraten - hierop is mogelijk een speciale behandeling van toepassing. Zie http://www.dtsc.ca.gov/hazardouswaste/perchlorate Warmte en ventilatie GEVAAR Computers, netvoedingsadapters en veel accessoires genereren warmte als ze aan staan en als een batterij wordt opgeladen. Door hun compacte formaat kunnen notebookcomputers een aanzienlijke hoeveelheid warmte produceren.
Veiligheidsvoorschriften voor elektriciteit GEVAAR Elektrische stroom van lichtnet-, telefoon- en communicatiekabels is gevaarlijk. Houd u ter voorkoming van een schok aan het volgende: • Gebruik de computer niet tijdens onweer. • Sluit tijdens onweer geen kabels aan en ontkoppel ze niet. Voer ook geen installatie-, onderhouds- of configuratiewerkzaamheden aan dit product uit tijdens onweer. • Sluit alle netsnoeren aan op correct bedrade, geaarde stopcontacten.
Kennisgeving LCD (liquid crystal display) WAARSCHUWING: Het liquid crystal display (LCD-scherm) is gemaakt van glas, en door een ruwe omgang of het laten vallen van de computer kan het LCD-scherm kapotgaan. Als het beeldscherm breekt en de vloeistof uit het scherm in uw ogen of op uw handen komt, moet u de besmette lichaamsdelen onmiddellijk gedurende minstens 15 minuten met water spoelen. Mocht u klachten krijgen of mochten er andere symptomen optreden, raadpleeg dan een arts.
Hoofdstuk 1. Productoverzicht Dit hoofdstuk biedt basisinformatie om u vertrouwd te maken met uw computer. De knoppen, aansluitingen en lampjes van de computer In dit gedeelte worden de hardwareonderdelen van de computer beschreven.
Als de computer niet reageert, kunt u de computer uitzetten door de aan/uit-knop vier of meer seconden ingedrukt te houden. Als de computer niet kan worden uitgeschakeld, zie 'De computer reageert niet meer' op pagina 87. U kunt ook bepalen wat de aan/uit-knop doet. Als u bijvoorbeeld op de aan/uit-knop drukt, kunt u de computer uitschakelen of in de slaap- of de sluimerstand zetten. Voer de volgende stappen uit om het gedrag van de aan/uit-knop te wijzigen: 1.
3 USB-C-aansluiting De USB-C-aansluiting op uw computer ondersteunt de USB Type-C™ standaard. Als een geschikte USB-C-kabel wordt aangesloten, kunt u de aansluiting gebruiken om gegevens over te brengen, het apparaat op te laden of de computer aan te sluiten op externe beeldschermen. Lenovo heeft diverse USB-C-accessoires om de functionaliteit van uw computer uit te breiden. Voor meer informatie gaat u naar: http://www.lenovo.
• Als de computer is uitgeschakeld of in de sluimerstand staat, maar is aangesloten op de netvoeding Attentie: Wanneer u een USB-kabel op deze connector aansluit, zorg er dan voor dat de USB-markering naar boven wijst. Als u de kabel verkeerd aansluit, kan de aansluiting beschadigd raken.
Onderkant 1 Noodresetgaatje 2 Dockingstationaansluiting 3 Verwisselbare batterij 1 Noodresetgaatje Als de computer niet meer reageert en u deze niet kunt uitschakelen met de aan/uit-knop, verwijdert u eerst de netvoedingsadapter. Steek vervolgens het uiteinde van een uitgerekte paperclip in het noodresetgaatje om de computer te resetten. 2 Dockingstationaansluiting U kunt de computer aansluiten op een ondersteund dockingstation om de mogelijkheden van de computer uit te breiden.
Opmerking: Afhankelijk van het model kan uw computer er anders uitzien dan in de volgende afbeelding. 1 FN Lock-lampje Dit lampje toont de status van de Fn Lock-functie. Meer informatie vindt u in 'De speciale toetsen gebruiken' op pagina 18. 2 Indicator voor dempen geluid Als dit lampje brandt, zijn de luidsprekers gedempt. 3 Indicator voor dempen microfoon Als dit lampje brandt, zijn de microfoons gedempt. 4 Camerastatuslampje Als dit lampje brandt, is de camera in gebruik.
• Knippert langzaam: de computer staat in de slaapstand.
De informatie op dit label verschilt naar gelang van de draadloze modules die bij de computer zijn geleverd: • Voor een vooraf geïnstalleerde draadloze module wordt op dit label het feitelijke FCC ID- en IC Certification-nummer voor de door Lenovo geïnstalleerde draadloze module weergegeven. Opmerking: Verwijder of vervang zelf geen vooraf geïnstalleerde draadloze module. Voor vervanging moet u eerst contact opnemen met de service-afdeling van Lenovo.
Labels voor de Windows-besturingssystemen Windows 7 Certificaat van Echtheid: computermodellen waarop het besturingssysteem Windows 7 vooraf is geïnstalleerd, hebben een Certificaat van Echtheid-label op de computerkap of in het batterijcompartiment. Het Certificaat van Echtheid is uw garantie dat de computer over een licentie voor een Windows 7-product beschikt en dat er een legitieme Windows 7-versie op de computer is geïnstalleerd.
Geheugen • DDR4 SODIMM (double data rate 4 small outline dual inline memory module). Opslagapparaat • 2,5-inch vaste-schijfstation met een hoogte van 7 mm (bepaalde modellen) • SSD-schijfstation van 2,5 inch (64 mm) (op bepaalde modellen) • M.2 SSD-station (bepaalde modellen) • M.2 PCIe-NVMe SSD-station (bepaalde modellen).
• WiGig (Wireless Gigabit) (op bepaalde modellen) Overige • Camera (op bepaalde modellen) • Microfoons (op bepaalde modellen) Computerspecificaties Formaat • Breedte: 305,5 mm • Diepte: 208,5 mm • Dikte: 20,3 mm Maximale warmteafgifte (afhankelijk van het model) • 45 W • 65 W Voedingsbron (netvoedingsadapter) • Sinus-invoer bij 50 tot 60 Hz • Ingangsspanning van de netvoedingsadapter: 100 tot 240 volt wisselstroom, 50 tot 60 Hz Gebruiksomgeving Maximumhoogte (zonder kunstmatige druk) • 3048 m Temperatuur
• Plaats nooit vloeistoffen op of naast de computer of de aangesloten apparatuur. Als er vloeistof op de computer of een aangesloten apparaat wordt gemorst, kan er kortsluiting ontstaan, met alle desastreuze gevolgen van dien. • Blijf, als u aan het eten of roken bent, uit de buurt van het toetsenbord. Er kan namelijk schade ontstaan door kruimels die op het toetsenbord vallen.
Wanneer de schoksensor detecteert dat de omgeving weer stabiel is (minimale verandering in kanteling van het systeem, trillingen of schokken) wordt het interne opslagstation weer ingeschakeld. Communications Utility Met dit programma kunt u de instellingen van de ingebouwde camera en audioapparaten configureren.
Lenovo Solution Center (Windows 7) Mobile Broadband Connect Met dit programma kunt u computerproblemen opsporen en oplossen. Met het programma kunt u diagnosetests uitvoeren, systeeminformatie verzamelen, de beveiligingsstatus controleren en ondersteuningsinformatie bekijken. Het bevat ook tips en adviezen voor optimale systeemprestaties. U kunt met dit programma via een ondersteunde draadloos-WAN-kaart verbinding maken met een netwerk voor mobiel breedband.
Hoofdstuk 2. De computer gebruiken Dit hoofdstuk biedt informatie om u te helpen bij het gebruik van de diverse functies van uw computer. De computer registreren Als u uw computer registreert, worden gegevens ingevoerd in een database. Lenovo kan dan contact met u opnemen als producten worden teruggehaald of er andere ernstige problemen zijn opgetreden. Ook bieden sommige locaties uitgebreide voordelen en services aan geregistreerde gebruikers.
• Als u verwacht dat de computer lange tijd niet gebruikt gaat worden, kunt u voorkomen dat de batterij leegloopt. Hoe kan ik gegevens die op het interne opslagstation zijn opgeslagen, op een veilige manier wissen? • In het hoofdstuk Hoofdstuk 5 'Beveiliging' op pagina 59 wordt beschreven hoe u de computer beschermt tegen diefstal en gebruik door onbevoegden. • Lees, voordat u gegevens van het interne opslagstation wist, eerst het gedeelte 'Gegevens verwijderen van een opslagstation' op pagina 64.
Beweging op het aanraakscherm (alleen aanraakmodellen) Beschrijving Aanraken: tikken. Muisactie: klik op. Functie: open een toepassing of voer een actie uit op een geopende toepassing, zoals Kopiëren, Opslaan en Verwijderen, afhankelijk van de toepassing. Aanraken: tikken en vasthouden. Muisactie: rechtsklikken. Functie: een menu met meerdere opties openen. Aanraken: schuiven. Muisactie: beweeg het muiswiel, beweeg de schuifbalk of klik op het pijltje omhoog/omlaag bladeren.
Beweging op het aanraakscherm (alleen aanraakmodellen) Beschrijving Aanraken: veeg met uw vingers vanaf de linkerrand. Muisactie: klik op het taakweergavepictogram op de taakbalk. Functie: bekijk alle openstaande vensters in de taakweergave. Opmerking: De beweging wordt alleen ondersteund door het Windows 10-besturingssysteem.
1 Toets met het Windows-logo Druk op de toets met het Windows-logo om het menu Start te openen. Raadpleeg de Help-informatie van het Windows-besturingssysteem voor informatie over het gebruik van de toets met het Windows-logo met andere toetsen. 2 3 Fn-toets en functietoetsen U kunt als volgt de toets Fn en de functietoetsen configureren in het venster Eigenschappen van Toetsenbord: 1.
• Hiermee kunt u de ingebouwde Bluetooth-functies in- of uitschakelen. • Open een pagina met toetsenbordinstellingen. • Roep de door u zelf gedefinieerde functie aan. Als er geen functie is gedefinieerd, werkt de volgende standaardfunctie: – Windows 7: open het zoekvak. – Windows 10: open de persoonlijke assistent Cortana. Ga als volgt te werk om de functie te definiëren of te wijzigen: – Windows 7: 1.
Overzicht van het ThinkPad-aanwijsapparaat Met het ThinkPad-aanwijsapparaat kunt u alle functies van een traditionele muis uitvoeren, zoals het aanwijzen, klikken en bladeren. Met het ThinkPad-aanwijsapparaat kunt u ook een aantal aanraakbewegingen uitvoeren, zoals draaien en in- of uitzoomen.
Volg de onderstaande instructies om het TrackPoint-aanwijsapparaat te gebruiken: Opmerking: Plaats uw handen in de positie voor typen en gebruik uw wijsvinger of middelvinger om druk uit te oefenen op het antislipdopje van het aanwijsknopje. Gebruik uw duim om op de linker- of rechtermuisknop te drukken. • Aanwijzen Gebruik het aanwijsknopje 1 om de aanwijzer op het scherm te verplaatsen.
Volg de onderstaande instructies om de trackpad te gebruiken: • Aanwijzen Veeg met één vinger over het oppervlak van de trackpad om de aanwijzer dienovereenkomstig te verplaatsen. • Klikken met de linkerklikknop Druk op de linksklikzone 1 om een item te selecteren of te openen. U kunt ook met één vinger op een willekeurige plek op het oppervlak van de trackpad tikken om de linkermuisknopactie uit te voeren. • Klikken met de rechterklikknop Druk op de rechtsklikzone 2 om een snelmenu weer te geven.
• Als u twee of meer vingers gebruikt, moet u ervoor zorgen dat uw vingers enigszins uit elkaar staan. • Sommige gebaren zijn niet beschikbaar als de laatste actie met het TrackPoint-aanwijsapparaat is uitgevoerd. • Sommige gebaren zijn alleen beschikbaar als u bepaalde toepassingen gebruikt. • Mogelijk ziet het trackpad op uw computer er anders uit dan de computer die in dit onderwerp wordt getoond. Dit hangt af van het model.
Het dopje op het aanwijsknopje vervangen Het dopje 1 bovenop het aanwijsknopje kan worden verwijderd. Nadat u het dopje voor een langere periode hebt gebruikt, moet u deze mogelijk vervangen door een nieuwe. Opmerkingen: • Zorg ervoor dat u een dop met groeven gebruikt a , zoals in de volgende afbeelding wordt weergegeven. • Afhankelijk van het model kan het toetsenbord er anders uitzien dan in de illustratie in dit onderwerp.
• Wikkel het netsnoer niet strak om de transformator van de netvoedingsadapter als het op de transformator is aangesloten. De batterij gebruiken Als u met uw computer wilt werken terwijl er geen stopcontact in de buurt is, bent u voor de voeding van uw computer afhankelijk van de batterij. Verschillende componenten van de computer hebben een verschillend stroomverbruik. Als u componenten met een hoog stroomverbruik vaker gebruikt, raakt de batterij uiteraard sneller leeg.
fysieke omgeving en of u de computer al dan niet gebruikt. U kunt op elk gewenst moment de laadstatus van de batterij op het batterijstatuspictogram in het Windows-systeemvak controleren. Opmerking: Om de levensduur van de batterij te maximaliseren, begint de computer pas met opladen als de hoeveelheid resterende energie van de batterij onder de 95% komt. Tips voor het opladen van de batterij • Laad de batterij alleen op als de temperatuur van de batterij lager is dan 10 °C.
Met behulp van deze werkstand kunt u de computer volledig uitschakelen zonder dat u bestanden hoeft op te slaan of programma´s hoeft af te sluiten die worden uitgevoerd. Wanneer de computer naar de sluimerstand gaat, worden alle geopende programma's, mappen en bestanden opgeslagen op de opslagschijf. Daarna gaat de computer uit. Om de computer in de sluimerstand te plaatsen, doet u het volgende: – Windows 7: open het menu Start en klik daarna op de pijl naast de knop Afsluiten.
De draadloos-LAN-verbinding gebruiken Een draadloos Local Area Network (LAN) bestrijkt een relatief klein gebied, zoals een kantoorgebouw of een woonhuis. Apparaten die werken op basis van de 802.11-standaarden kunnen verbinding maken met dit netwerktype. Uw computer is uitgerust met een draadloos-netwerkkaart waarmee u draadloze verbindingen tot stand kunt brengen en de status van die verbindingen in de gaten kunt houden. U kunt als volgt een draadloos-LAN-verbinding tot stand brengen: 1.
• Zet de computer niet te dicht bij stenen of betonnen muren, deze kunnen het signaal blokkeren. • De beste ontvangst hebt u meestal in de buurt van ramen en op plaatsen waar u ook met uw mobieltje het beste bereik hebt. De status van de draadloos-WAN-verbinding controleren U kunt de status van de draadloos-WAN-verbinding controleren via het pictogram voor draadloze netwerkverbinding in het systeemvak van Windows. Hoe meer balken, des te beter het signaal is.
• Raak, voor u de NFC-kaart vastpakt, eerst een metalen tafel of een geaard metalen voorwerp aan. Anders kan de kaart beschadigd raken door de statische elektriciteit van uw lichaam. • Als u gegevens overbrengt, plaats uw computer of smartphone met NFC-functie dan niet in de slaapstand omdat anders uw gegevens beschadigd kunnen raken. De NFC-functie inschakelen De NFC-functie is standaard ingeschakeld.
De computer met een smartphone met NFC-functie koppelen Controleer voor u begint of het smartphonescherm naar boven is gericht. Daarna doet u het volgende: 1. Plaats de smartphone dicht boven het NFC-label zoals afgebeeld. Breng de korte rand van de smartphone op één lijn met de horizontale extensielijn voor het midden van het NFC-label. 2. Verplaats de smartphone langzaam 5 cm in de richting van het computerscherm.
De camera gebruiken Als uw computer een camera heeft, kunt u de camera gebruiken voor het bekijken van een voorbeeld van uw videobeeld en het maken van een momentopname van uw huidige beeld. Ga als volgt te werk om de camera te starten: • Windows 7: start het programma Communications Utility. Zie 'Lenovo-programma's openen' op pagina 12. • Windows 10: open het menu Start en klik op Camera. Wanneer de camera wordt gestart, gaat het lampje groen branden om aan te geven dat de camera in gebruik is.
• Lengte: 85,60 mm • Breedte: 53,98 mm • Dikte: 0,76 mm Attentie: Smartcards met spleten worden niet ondersteund. Plaats een dergelijke smartcard niet in de smartcardlezer van uw computer. Als u dit wel doet, kan de lezer beschadigd raken. Een smartcard installeren of verwijderen Attentie: Voordat u een smartcard gaat installeren of verwijderen, moet u controleren of u de volgende voorzorgsmaatregelen in acht hebt genomen: • Lees, voor u begint 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v.
De geheugenkaartsleuf ondersteunt de volgende typen kaarten: Opmerking: Uw computer ondersteunt de functie Content Protection for Recordable Media (CPRM) voor de SD-kaart niet.
Een extern beeldscherm gebruiken In dit gedeelte wordt uitgelegd hoe u een extern beeldscherm aansluit, weergavemodussen kiest en beeldscherminstellingen wijzigt. U kunt een extern beeldscherm zoals een projector of een beeldscherm gebruiken om presentaties te geven of om uw werkruimte uit te breiden.
• Verbinding verbreken: geeft de video-uitvoer alleen weer op het beeldscherm van de computer. Opmerking: Afhankelijk van de situatie, kunt u Verbinding verbreken, Alleen PC-scherm, Alleen computer of Verbinding met projector verbreken zien. • Dupliceren: geeft dezelfde video-uitvoer op het beeldscherm van de computer en een extern beeldscherm. • Uitbreiden: breidt de video-uitvoer van het beeldscherm van de computer uit naar een extern beeldscherm.
De vliegtuigstand wordt alleen ondersteund in het besturingssysteem Windows 10. In de Vliegtuigstand alle functies voor draadloze communicatie uitgeschakeld. Ga als volgt te werk om de Vliegtuigstand in te schakelen: 1. Open het menu Start en klik vervolgens op Instellingen ➙ Netwerk en internet ➙ Vliegtuigstand. 2. Schuif de knop Vliegmodus naar rechts om deze modus in te schakelen.
Hoofdstuk 3. De computer uitbreiden In dit hoofdstuk vindt u instructies voor het gebruiken van hardwareapparaten om de mogelijkheden van uw computer uit te breiden. Opties voor de ThinkPad zoeken Als u de mogelijkheden van uw computer wilt uitbreiden, heeft Lenovo allerlei hardwaretoebehoren en upgrades om aan uw wensen tegemoet te komen.
1 Always On USB 2.0-aansluiting: Sluit USB-compatibele apparaten aan of laad bepaalde mobiele, digitale apparaten en smartphones op. 2 USB 2.0-aansluitingen 3 USB 3.0-aansluiting Sluit USB 3.0-compatibele apparaten aan, zoals een USB-toetsenbord, USB-muis, USB-opslagapparaat of USB-printer. 4 Ethernet-poort: Sluit het dockingstation aan op een ethernet-LAN.
3 Lampje dockingstatus: Dit lampje gaat branden als de computer op het dockingstation is aangesloten. 4 Uitwerpknop: Druk op de uitwerpknop om de computer van het dockingstation los te koppelen. 5 Geleider: Gebruik de geleider om de computer uit te lijnen met het dockingstation. 6 Aansluiting dockingstation: Sluit het dockingstation op de computer aan. 7 Systeemslot: Gebruik het systeemslot om de uitwerpknop te blokkeren of te ontgrendelen.
U kunt als volgt een DVI-beeldscherm aansluiten: 1. Zet de computer uit. 2. Het DVI-beeldscherm aansluiten op de DVI-aansluiting. Sluit het beeldscherm vervolgens aan op een stopcontact. 3. Zet het DVI-beeldscherm aan en vervolgens de computer. 8 VGA-aansluiting: Sluit de computer op een compatibel VGA-videoapparaat aan, zoals een VGA-beeldscherm. 9 Audioaansluiting: Sluit een hoofdtelefoon of headset met een vierpolige 3,5 mm stekker aan.
1 Always On USB 2.0-aansluiting: Sluit USB-compatibele apparaten aan of laad bepaalde mobiele, digitale apparaten en smartphones op. 2 USB 2.0-aansluitingen 3 USB 3.0-aansluitingen Sluit USB 3.0-compatibele apparaten aan, zoals een USB-toetsenbord, USB-muis, USB-opslagapparaat of USB-printer. 4 Ethernet-poort: Sluit het dockingstation aan op een ethernet-LAN.
11 Veiligheidsslot: Om het dockingstation tegen diefstal te beschermen, maakt u het dockingstation vast aan een bureau, tafel of ander vast voorwerp. Gebruik een veiligheidskabelslot dat op deze beveiligingslotsleuf past. Een dockingstation aansluiten op de computer Attentie: Wanneer de computer aan een dockingstation is gekoppeld, til deze combinatie dan nooit alléén op aan de computer. Houd altijd beide apparaten vast. Anders kan het dockingstation vallen.
Opmerking: Als u de computer op het dockingstation aansluit, maar het dockingstation niet op de netvoeding aansluit, gaat uw computer over op de batterijmodus. Een dockingstation loskoppelen van de computer Attentie: Wanneer de computer aan een dockingstation is gekoppeld, til deze combinatie dan nooit alléén op aan de computer. Houd altijd beide apparaten vast. Anders kan het dockingstation vallen.
• Gebruik de aansluitingen zoals afgebeeld niet tegelijkertijd om meerdere beeldschermen aan te sluiten. Doet u dat wel, dan werkt een van de beeldschermen zoals afgebeeld niet meer. – ThinkPad Pro Dock – ThinkPad Ultra Dock • Voor het ThinkPad Ultra Dock kunnen maximaal drie beeldschermen (inclusief het computerbeeldscherm) tegelijkertijd werken.
Overzicht ThinkPad WiGig Dock 1 Statuslampje: Het lampje in het ThinkPad-logo geeft de status van het dock aan. Het lampje brandt als het dock ingeschakeld is (in de normale werkstand staat). 1 2 5 USB 3.0-aansluiting USB 2.0-aansluitingen Sluit USB 3.0-compatibele apparaten aan, zoals een USB-toetsenbord, USB-muis, USB-opslagapparaat of USB-printer. 3 Audioaansluiting: Sluit hierop een hoofdtelefoon of headset met een vierpolige 3,5 mm stekker aan.
9 Netvoedingsaansluiting: Sluit de netvoedingsadapter aan. 10 HDMI-aansluiting: Op deze aansluiting kunt u een compatibel digitaal audioapparaat of digitale videomonitor aansluiten, zoals een HDTV. 11 DisplayPort-aansluiting: Voor het aansluiten van een high-performance beeldscherm, een direct-drive beeldscherm of een ander apparaat dat gebruikmaakt van een DisplayPort-aansluiting. 12 1 Ethernet-poort: Om het dock aan te sluiten op een Ethernet-LAN.
1. Verbind het netsnoer met de netvoedingsadapter. 2. Sluit de voedingsadapter aan op de netvoedingsaansluiting op het dock. 3. Sluit het netsnoer aan op een werkend stopcontact. 4. Schakel het dock in door op de aan/uit-knop te drukken. 5. Als er een extern beeldscherm beschikbaar is, sluit u dat aan op de juiste aansluiting (HDMI- of DisplayPort-aansluiting) op het dock. Op het externe beeldscherm worden instructies voor draadloos koppelen weergegeven wanneer u de computer verbindt met het dock.
6. Plaats uw computer in de buurt (binnen 120 cm) van het dockingstation. Als u de beste prestaties wilt krijgen, controleert u of: • Het dockingstation wordt geplaatst binnen een afstand van 60 cm en in een hoek van 120 graden ten opzichte van de achterkant van het computerbeeldscherm. • Zich geen voorwerpen bevinden tussen het dockingstation en de computer. Opmerking: Controleer of het WiGig-dockingstation en de computer in de aanbevolen positie zijn geplaatst.
De verbinding met het ThinkPad WiGig Dock verbreken Ga als volgt te werk om uw computer los te koppelen van het ThinkPad WiGig Dock: 1. Doe het volgende: • Windows 7: klik op de knop Start om het menu Start te openen en klik vervolgens op Alle programma's ➙ Intel ➙ Intel Wireless Dock Manager om het programma Wireless Dock Manager te starten. in het systeemvak van Windows. Klik • Windows 10: klik op het pictogram van het Actiecentrum vervolgens op Verbinden om de lijst met apparaten te openen. 2.
52 X270 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 4. Informatie over toegankelijkheid, ergonomie en onderhoud In dit hoofdstuk vindt u informatie over toegankelijkheid, ergonomie, schoonmaken en onderhoud. Informatie voor gehandicapten Lenovo wilt gebruikers met een gehoor- of mobiliteitsbeperking of een visuele beperking meer toegang bieden tot informatie en technologie. In dit gedeelte vindt u informatie over de manier waarop deze gebruikers optimaal van hun computerervaring kunnen profiteren.
De Verteller is een schermleesprogramma dat hardop voorleest wat er op het scherm wordt weergegeven en gebeurtenissen, zoals foutmeldingen, beschrijft. • Schermtoetsenbord Als u liever gegevens op uw computer typt of invoert met een muis, joystick of ander aanwijsapparaat in plaats van een echt toetsenbord te gebruiken, kunt u het Schermtoetsenbord gebruiken. Het Schermtoetsenbord is een visueel toetsenbord met alle standaardtoetsen.
1. Klik met de rechtermuisknop op een leeg gebied op het bureaublad en selecteer Schermresolutie. 2. Volg de aanwijzingen op het scherm. Opmerking: Als u een te lage resolutie instelt, passen bepaalde items wellicht niet meer op het scherm. Aanpasbare itemgrootte U kunt de items op het scherm leesbaarder maken door de itemgrootte te wijzigen. • Om de itemgrootte tijdelijk te wijzigen, gebruikt u het vergrootglashulpmiddel in het Toegankelijkheidscentrum.
Algemene houding: geregeld even gaan verzitten helpt het best tegen het ongemak dat door lang in dezelfde houding werken wordt veroorzaakt. Vaak even pauzeren is ook heel goed om kleine ongemakken tegen te gaan die met uw werkhouding te maken hebben. Beeldscherm: Plaats het beeldscherm op een comfortabele kijkafstand van ongeveer 510 tot 760 mm. Vermijd reflecties van lampen of zonlicht. Maak het beeldscherm regelmatig schoon en stel de helderheid en het contrast zo in dat u een goed beeld hebt.
• Bewaar het verpakkingsmateriaal buiten bereik van kinderen, om het gevaar van verstikking in de plastic zak te voorkomen. • Houd de computer op minimaal 13 cm afstand van magneten, actieve mobiele telefoons, elektrische apparaten en luidsprekers. • Stel de computer niet bloot aan te lage of te hoge temperaturen (onder 5 °C of boven 35 °C). • Leg nooit iets tussen het beeldscherm en het toetsenbord of de polssteun (ook geen papier).
58 X270 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 5. Beveiliging In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe u uw computer beschermt tegen gebruik door onbevoegden. Wachtwoorden gebruiken U kunt voorkomen dat uw computer ongeoorloofd wordt gebruikt door een wachtwoord te gebruiken. Als u een wachtwoord hebt ingesteld, verschijnt elke keer als u de computer inschakelt een prompt voor het wachtwoord. Geef uw wachtwoord op achter de prompt. Als u niet het juiste wachtwoord opgeeft, kunt u de computer niet gebruiken.
Als er wel een gebruikerswachtwoord voor de vaste schijf is ingesteld maar geen masterwachtwoord, moet het vaste-schijfwachtwoord van de gebruiker worden ingevoerd om toegang te krijgen tot de bestanden en toepassingen op het opslagstation. • Masterwachtwoord voor de vaste schijf Het masterwachtwoord voor de vaste schijf vereist ook een gebruikerswachtwoord voor de vaste schijf. Het master hard disk password wordt ingesteld en gebruikt door een systeembeheerder.
4. Volg de instructies op het scherm om een wachtwoord in te stellen, te wijzigen of te verwijderen. Noteer het wachtwoord en bewaar het wachtwoord op een veilige plaats. Als u uw wachtwoord vergeet, moet u uw computer naar Lenovo of naar een Lenovo-dealer brengen om het wachtwoord te laten resetten.
De beveiligingschip instellen Voor netwerkclients die elektronisch vertrouwelijke informatie overbrengen, gelden strenge beveiligingsvereisten. Afhankelijk van de opties die u hebt besteld, kan het zijn dat uw computer is uitgerust met een ingebouwde beveiligingschip (een cryptografische microprocessor).
2. Voer indien nodig het Windows-wachtwoord in. 3. Volg de aanwijzingen op het scherm om de inschrijving te voltooien. Meer informatie over het gebruik van de vingerafdruklezer vindt u in het Help-systeem van het vingerafdrukprogramma. • Windows 10 1. Open het menu Start en klik vervolgens op Instellingen ➙ Accounts ➙ Aanmeldingsopties. 2. Volg de aanwijzingen op het scherm om de inschrijving te voltooien.
Als u de computer opnieuw start, kunt u uw vingerafdrukken gebruiken om u op de computer aan te melden zonder dat u uw Windows-wachtwoord, systeemwachtwoord of vaste-schijfwachtwoord hoeft in te voeren. Attentie: Als u altijd uw vingerafdruk gebruikt om u aan te melden op de computer, is de kans groot dat u uw wachtwoorden vergeet. Noteer daarom uw wachtwoorden en bewaar het op een veilige plek.
• Gebruik het door Lenovo verstrekte herstelprogramma om de fabrieksinstellingen van het opslagstation terug te zetten. Deze methoden wijzigen echter alleen de bestandslocatie van de gegevens. De gegevens zelf worden niet gewist. De gegevens zijn er nog steeds, hoewel het lijkt alsof ze gewist zijn. Met behulp van speciale software voor gegevensherstel kunnen de gegevens vaak nog worden gelezen.
66 X270 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 6. Geavanceerde configuratie In dit hoofdstuk krijgt u informatie voor het verder configureren van de computer: Een nieuw besturingssysteem installeren In sommige gevallen moet u mogelijk een nieuw besturingssysteem installeren. In dit onderwerp vindt u instructies voor het installeren van een nieuw besturingssysteem. Het besturingssysteem Windows 7 installeren Druk deze aanwijzingen af voordat u begint.
7. Druk op F10 om de instellingen op te slaan en het programma ThinkPad Setup af te sluiten. 8. Sluit een extern dvd-station aan op de computer, plaats de installatie-dvd voor het Windows 7-besturingssysteem in het station en start de computer vervolgens opnieuw op. Opmerkingen: • Als u de image van de installatie-dvd start vanaf een extern USB-apparaat of als op uw computer een Express-station met een permanent geheugen is geïnstalleerd, voert u extra configuraties uit voordat u begint.
5. Selecteer het station waarop het installatieprogramma van het besturingssysteem staat, bijvoorbeeld USB HDD. Druk vervolgens op Esc. 6. Selecteer Restart en zorg ervoor dat OS Optimized Defaults is ingeschakeld. Druk vervolgens op F10 om de instellingen op te slaan en het ThinkPad Setup-programma af te sluiten. 7. Volg de aanwijzingen op het scherm om de apparaatstuurprogramma's en de benodigde programma's te installeren. Zie 'Stuurprogramma's installeren' op pagina 69. 8.
De nieuwste stuurprogramma's downloaden met behulp van vooraf geïnstalleerde programma's ThinkPad-notebookcomputers bieden de volgende vooraf geïnstalleerde programma's die u kunt gebruiken om bijgewerkte stuurprogramma's te downloaden en te installeren. • Windows 7: System Update • Windows 10: Lenovo Companion De functie voor systeemupdates van System Update of Lenovo Companion helpt u de software op uw computer up-to-date te houden.
Opmerking: Als u een supervisorwachtwoord moet invoeren, voert u het juiste wachtwoord in. U kunt ook op Enter drukken om de wachtwoordvraag over te slaan en het ThinkPad Setup-programma te starten. Als u het wachtwoord niet invoert kunt u de configuraties die door het supervisorwachtwoord worden beschermd, niet wijzigen. 2. Selecteer een tabblad met de pijltoetsen of zoek met de pijltoetsen naar een item en druk op Enter om dit te selecteren. Het ondersteunde submenu wordt nu weergegeven. 3.
Wanneer u een nieuw programma, een stuurprogramma of een hardwareonderdeel installeert, wordt u mogelijk gevraagd het UEFI BIOS bij te werken. U kunt het UEFI BIOS bijwerken door uw computer op te starten vanaf een flash-updateschijf of een programma voor flash-updates die in de Windows-omgeving kan worden uitgevoerd. Hier volgen de vereisten voor flash-updates: • De computer moet zijn opgestart vanaf het LAN. • De computer moet zijn opgestart via de Preboot eXecution Environment (PXE).
• OA2 Menu Config Opmerking: Het BIOS-menu kan zonder kennisgeving worden gewijzigd. Afhankelijk van het model en het besturingssysteem kunnen de menuopties en de standaardwaarde anders zijn. Network • Wake On LAN Waarden: Disabled, AC only, AC and Battery Beschrijving: De netwerkbeheerder kan een computer inschakelen vanaf een beheerconsole door gebruik te maken van de functie Wake on LAN.
Waarden: Disabled, Enabled Beschrijving: Schakel de opstartondersteuning voor USB-opslagapparaten in- of uit. • Always On USB Waarden: Disabled, Enabled Beschrijving: Selecteer Enabled om apparaten via de Always On USB-aansluitingen op te laden, ook als de computer is uitgeschakeld of in de slaapstand of de sluimerstand staat. Opmerking: De functie USB Wake Up wordt niet ondersteund door de Always On USB-aansluitingen.
Beschrijving: Selecteer de prioriteit tussen gedeelde beeldschermuitvoeren. HDMI en Dock-beeldschermen delen één beeldschermuitgang. Deze optie bepaalt waaraan prioriteit wordt gegeven. • Total Graphics Memory Waarden: 256 MB, 512 MB Beschrijving: Wijs het totale geheugen toe dat de interne graphics van Intel deelt. Opmerking: Als u 512 MB selecteert, kan het maximale bruikbare geheugen op het 32-bits besturingssysteem worden beperkt.
Waarden: Enabled, Disabled Beschrijving: Schakel een geluidssignaal in of uit wanneer er op niet-gedefinieerde toetscombinaties wordt gedrukt. Intel AMT • Intel (R) AMT Control Waarden: Disabled, Enabled, Permanently Disabled Beschrijving: als u Enabled selecteert, wordt Intel AMT (Active Management Technology) geconfigureerd en verschijnen er extra opties in de setup voor MEBx (Management Engine BIOS Extension) Setup. Als u Permanently Disabled selecteert, kunt u het nooit meer inschakelen.
Beschrijvingen: Stel een supervisorwachtwoord om te voorkomen dat onbevoegde gebruikers de opstartvolgorde, de netwerkinstellingen en de systeemdatum en - tijd wijzigen. Meer informatie vindt u in 'Inleiding tot wachtwoorden' op pagina 59. • Lock UEFI BIOS Settings Waarden: Disabled, Enabled Beschrijvingen: Schakel deze optie in om te voorkomen dat onbevoegde gebruikers instellingen in ThinkPad Setup wijzigen. Als u deze functie wilt wijzigen, heeft u een supervisorwachtwoord nodig.
Beschrijvingen: Schakel vingerafdrukverificatie in of uit voordat het besturingssysteem wordt geladen. • Reader Priority Waarden: External ➙ Internal, Internal Only Beschrijvingen: Als uw computer een ingebouwde vingerafdruklezer en een aangesloten externe vingerafdruklezer heeft, gebruikt u deze optie om de prioriteit voor de vingerafdruklezers op te geven. • Security Mode Waarden: Normal, High Beschrijvingen: Als de vingerafdruk niet wordt geverifieerd, kunt u in plaats daarvan een wachtwoord opgeven.
Beschrijvingen: Als deze optie is ingeschakeld, worden wijzigingen in corresponderende UEFI BIOS-gegevens geregistreerd op een locatie (PCR1, gedefinieerd in de TCG-standaarden), die andere geautoriseerde programma's kunnen controleren, lezen en analyseren. • Clear Security Chip Beschrijvingen: Gebruik deze optie om de versleutelingssleutel te wissen. • Intel (R) TXT Feature: Waarden: Disabled, Enabled Beschrijvingen: Schakel de Intel Trusted Execution Technology in of uit.
• Wireless WAN • Bluetooth • USB connector • Memory module slot • Smart card slot • Integrated camera • Microphone • Fingerprint reader • NFC device • WiGig Internal Device Access • Bottom Cover Tamper Detection Waarden: Disabled, Enabled Beschrijvingen: Wanneer deze optie is ingeschakeld, is het supervisorwachtwoord vereist wanneer sabotage aan de bodemafdekplaat wordt gedetecteerd. Deze optie is pas functioneel als er een supervisorwachtwoord is ingesteld.
• Restore Factory Keys Beschrijvingen: Gebruik deze optie om alle sleutels en certificaten in Secure Boot-databases weer in te stellen op de fabrieksinstellingen. • Clear All Secure Boot Keys Beschrijvingen: Gebruik deze optie om alle sleutels en certificaten in Secure Boot-databases te wissen en uw eigen sleutels en certificaten te installeren. Intel (R) SGX • Intel (R) SGX Control Waarden: Disabled, Enabled, Software Controlled Beschrijvingen: Schakel de Intel Software Guard Extensions (SGX) in of uit.
Beschrijving: CSM (Compatibility Support Module) is vereist voor het opstarten van het oude besturingssysteem. Als u UEFI only selecteert, kunt u CSM Support selecteren. Voor de modus Both of Legacy Only kunt u CSM Support niet selecteren. • Boot Mode Waarden: Quick, Diagnostics Beschrijvingen: Bepaal welk scherm tijdens de zelftest (POST) wordt weergegeven, het logoscherm of het berichtscherm.
Desktop Management Interface Het UEFI BIOS van uw computer biedt ondersteuning voor een interface met de naam System Management BIOS (SMBIOS) Reference Specification, versie 2.8 of hoger. SMBIOS geeft informatie over de hardwarecomponenten van de computer. Het UEFI BIOS heeft als taak om informatie over zichzelf en over de apparatuur op de systeemplaat te leveren. Deze specificatie documenteert de standaarden voor toegang tot de BIOS-informatie.
4. Druk op F10 om de instellingen op te slaan en af te sluiten. Een Network Boot-volgorde opgeven Wanneer de computer via LAN wordt geactiveerd, start de computer op vanaf het apparaat dat is gespecificeerd in het menu Network Boot. Daarna wordt de lijst met de opstartvolgorde in het menu Boot gevolgd. U kunt als volgt een Network Boot-volgorde definiëren: 1. Start de computer opnieuw op. Wanneer het logoscherm wordt getoond, drukt u op F1 om het programma ThinkPad Setup te starten. 2.
Hoofdstuk 7. Computerproblemen oplossen Dit hoofdstuk geeft informatie over wat u moet doen als er een probleem met uw computer optreedt. Algemene voorzorgsmaatregelen In dit hoofdstuk staan de volgende tips om u te helpen met het voorkomen van computerproblemen: • Leeg de prullenbak regelmatig. • Voer het programma Schijfdefragmentatie uit op het opslagstation om gegevens sneller te kunnen zoeken en lezen.
Problemen opsporen met Lenovo Solution Center in Windows 7 Lenovo Solution Center is vooraf op uw computer geïnstalleerd en kan ook worden gedownload van: http://www.lenovo.com/diags Opmerkingen: • Als u een ander Windows-besturingssysteem dan Windows 7 gebruikt, vindt u de nieuwste informatie over diagnose voor uw computer op: http://www.lenovo.
De computer reageert niet meer Druk deze instructies nu af en bewaar die afdrukken bij uw computer, zodat u ze in de toekomst kunt raadplegen. Probleem: Mijn computer reageert niet (ik kan het ThinkPad-aanwijsapparaat of het toetsenbord niet gebruiken). Oplossing: Voer de volgende handelingen uit: 1. Verwijder alle voedingsbronnen uit de computer (netvoedingsadapter en verwisselbare batterij) en reset het systeem door een rechtgebogen paperclip in het noodresetgaatje te steken. 2.
Oplossing: Het EEPROM-controlegetal is onjuist (blok 0 en blok 1). De systeemplaat moet worden vervangen en het serienummer van de machine moet opnieuw worden geïnstalleerd. Laat de computer nazien. • Bericht: 0189: Ongeldig informatiegebied voor RFID-configuratie Oplossing: Het EEPROM-controlegetal is onjuist (blok 4 en blok 5). De systeemplaat moet worden vervangen en het UUID (Universally Unique Identifier) moet opnieuw worden geïnstalleerd. Laat de computer nazien.
• Bericht: Ventilatorstoring. Oplossing: De ventilator werkt niet. Schakel de computer onmiddellijk uit en laat de computer nazien. • Bericht: Fout in thermische sensor. Oplossing: de thermische sensor heeft een probleem. Schakel de computer onmiddellijk uit en laat de computer nazien. • Bericht: Fout: de variabele UEFI-opslag van het niet-vluchtige systeem is bijna vol.
Foutcodes 0001: resetfout (platformreset niet uitgeschakeld) Oplossingen 1. Verwijder alle voedingsbronnen (de netvoedingsadapter, de verwisselbare batterij en de knoopcelbatterij). Als uw computer een ingebouwde batterij heeft, reset u de computer door een uitgerekte paperclip in het noodresetgaatje te steken. Wacht één minuut. Sluit vervolgens alle voedingsbronnen weer aan. 2. Vervang de systeemplaat (alleen serviceprovider). 0002: interne busfout Vervang de systeemplaat (alleen serviceprovider).
5. Voer de diagnoseprogramma'suit. Zie 'De oorzaak van een probleem opsporen' op pagina 85. Ethernet-problemen • Probleem: Mijn computer kan geen verbinding met het netwerk maken. Oplossing: Controleer of: – De kabel is correct geplaatst. De netwerkkabel moet goed zijn aangesloten op zowel de ethernetpoort van de computer als op de RJ45-aansluiting van de hub. De maximaal toegestane afstand van de computer tot de hub is 100 meter.
– Controleer of de switch voldoet aan 802.3ab (gigabyte over copper). Probleem met draadloos LAN Probleem: U kunt geen verbinding maken met het netwerk via de geïntegreerde draadloze netwerkkaart. Oplossing: Controleer of: • De Vliegtuigstand is uitgeschakeld. • Van het stuurprogramma voor uw draadloos LAN de meest recente versie geïnstalleerd is. • Uw computer bevindt zich binnen het bereik van een draadloos toegangspunt. • De draadloze radio is ingeschakeld.
Oplossing: In het besturingssysteem Windows 7 worden PIM-items in XML-indeling verzonden, maar de meeste Bluetooth-apparaten gebruiken PIM-items in vCard-indeling. Als een ander Bluetooth-apparaat een bestand via Bluetooth kan ontvangen, wordt een PIM-item dat vanuit de besturingssystemen Windows 7 is verzonden mogelijk opgeslagen als een bestand met de extensie .contact.
1. Start het programma Power Manager. Zie 'Lenovo-programma's openen' op pagina 12. 2. Klik op de tab Energiebeheerschema en selecteer Maximale prestaties uit de vooraf gedefinieerde energiebeheerschema's. – Ga als volgt te werk als vooraf op de computer het besturingssysteem Windows 10 is geïnstalleerd. 1. Ga naar het Configuratiescherm. Controleer of het Configuratiescherm op categorie wordt weergegeven. 2. Klik op Hardware en geluiden ➙ Energiebeheer. 3.
1. Druk op de wisseltoets voor de weergavemodus om het beeld weer te geven. 2. Als u de netvoedingsadapter gebruikt of de batterij gebruikt en de batterijmeter aangeeft dat de batterij niet leeg is, drukt u op de toets voor helderheid om het scherm helderder te maken. 3. Als de computer in de slaapstand staat, drukt u op de Fn-toets om de computer uit de slaapstand te halen. 4. Als het probleem zich blijft voordoen, volg dan de aanwijzingen bij Oplossing voor het onderstaande probleem.
Oplossing: Houd de aan/uit-knop minimaal vier seconden ingedrukt om de computer uit te schakelen. • Probleem: Elke keer als ik mijn computer aanzet, ontbreken er puntjes op het scherm, lichten er puntjes op of worden er puntjes met verkeerde kleuren weergegeven. Oplossing: Dit is een intrinsieke eigenschap van de TFT-technologie. Het beeldscherm van uw computer bevat een zeer groot aantal thin-film transistors (TFT's). Slechts een zeer klein aantal daarvan ontbreekt, heeft de verkeerde kleur of licht op.
5. Doe het volgende: • Windows 7: klik op Geavanceerde instellingen. • Windows 10: klik op Eigenschappen van beeldschermadapter. 6. Klik op de tab Monitor. 7. Selecteer de juiste verversingsfrequentie. • Probleem: De verkeerde tekens worden weergegeven op het beeldscherm. Oplossing: Zorg ervoor dat u de juiste procedure volgt bij het installeren van het besturingssysteem en het programma.
3. Klik op Geluid. 4. Klik op het tabblad Opnemen in het venster Geluid. 5. Selecteer Microfoon en klik op de knop Eigenschappen. 6. Klik op het tabblad Niveaus en schuif de regelaar voor Microfoonversterking omhoog. 7. Klik op OK. Opmerking: Raadpleeg de online Help van Windows voor meer informatie over de volumeregeling. • Probleem: Ik kan de schuifregelaar voor het volume of de balans niet verplaatsen. Oplossing: De schuifregelaar wordt grijs weergegeven.
8. Ga naar het venster Volumemixer. Selecteer vervolgens een ander apparaat, bijvoorbeeld de hoofdtelefoon. 9. Speel weer een geluid af via het muziekprogramma. Controleer of het geluid nu uit de rechtstreeks op het systeem aangesloten hoofdtelefoon komt. Voor meer informatie over dit programma kunt u het Help-informatiesysteem van het programma SmartAudio raadplegen.
Probleem met de netvoedingsadapter Probleem: De netvoedingsadapter is aangesloten op de computer en de stekker zit in een werkend stopcontact, maar het pictogram (een stekkertje) wordt niet afgebeeld in het systeemvak van Windows. Het lampje van de netvoedingsadapter gaat ook niet branden. Oplossing: Voer de volgende handelingen uit: 1. Controleer of de netvoedingsadapter correct is aangesloten.
Opstartproblemen Druk deze instructies nu af en bewaar die afdrukken bij uw computer, zodat u ze in de toekomst kunt raadplegen. • Probleem: Ik ontvang een foutbericht voordat het besturingssysteem is geladen. Oplossing: Volg de juiste herstelprocedures bij foutberichten over de zelftest (POST)• Probleem: Ik krijg een foutbericht terwijl het besturingssysteem de bureaubladconfiguratie laadt nadat de POST is voltooid.
Als het systeem nog steeds in de sluimerstand staat, reageert de computer mogelijk niet en kunt u de computer niet uitschakelen. In dat geval moet u de computer opnieuw instellen. Als u bepaalde gegevens nog niet hebt opgeslagen, gaan die waarschijnlijk verloren. Om een reset uit te voeren, houdt u de aan/uit-knop vier seconden of langer ingedrukt. Als het systeem nog steeds niet reageert, verwijdert u de netvoedingsadapter en de batterij.
Controleer of: • Het softwareprogramma geschikt is voor gebruik onder uw besturingssysteem. • Andere softwareprogramma's werken wel goed op de computer. • De vereiste stuurprogramma's zijn geïnstalleerd. • Het softwareprogramma werkt wel goed op een andere computer. Als er een foutbericht op het scherm wordt weergegeven terwijl u het softwareprogramma gebruikt, raadpleegt u de handleidingen of de Help die bij het softwareprogramma zijn geleverd.
104 X270 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 8. Informatie over systeemherstel In dit hoofdstuk vindt u informatie over hersteloplossingen. Als er een probleem met de software of de hardware is en het is nodig dit probleem te herstellen, kunt u kiezen uit diverse methoden. Sommige van deze methoden zijn per type besturingssysteem verschillend. Informatie over herstelprocedures voor het Windows 7-besturingssysteem In dit onderwerp worden de Lenovo-hersteloplossingen onder het besturingssysteem Windows 7 geïntroduceerd.
3. Klik op het pictogram Het systeem herstellen vanuit een backup. Volg de aanwijzingen op het scherm om de herstelbewerking te voltooien. Werken met het werkgebied van Rescue and Recovery Het werkgebied van Rescue and Recovery bevindt zich in een beschermd en verborgen gebied op het opslagstation, dat onafhankelijk van het Windows-besturingssysteem werkt. Met dit werkgebied kunt u herstelbewerkingen uitvoeren ook als het Windows-besturingssysteem niet gestart kan worden.
Noodherstelmedia maken en gebruiken Met een herstelmedium kunt u de computer herstellen na fouten die het onmogelijk maken om toegang te krijgen tot het werkgebied van Rescue and Recovery. Het wordt aanbevolen zo snel mogelijk een noodherstelmedium te maken en het op een veilige plaats op te bergen voor toekomstig gebruik. Een noodherstelmedium maken U maakt het noodherstelmedium als volgt aan: 1. Klik vanaf het bureaublad van Windows op Start ➙ Alle programma's ➙ Lenovo PC Experience.
http://www.lenovo.com/support/phone De gegevens op de herstelmedia kunnen alleen voor de volgende doeleinden worden gebruikt: • De programma's en de stuurprogramma's opnieuw op uw computer installeren • Het besturingssysteem opnieuw installeren • De gegevensbestanden op het vaste-schijfstation wijzigen met behulp van de aanvullende bestanden Herstelmedia maken Als u een herstelmedium wilt maken, hebt u een set schijven of een USB-opslagapparaat nodig (met ten minste 16 GB aan opslagruimte).
Vooraf geïnstalleerde programma's opnieuw installeren Als u programma's die vooraf op uw Lenovo-computer zijn geïnstalleerd, opnieuw wilt installeren, doet u het volgende: 1. Zet de computer aan. 2. Ga naar C:\swtools. 3. Open de apps-map. De map bevat verschillende submappen die de namen hebben van bepaalde vooraf geïnstalleerde programma's. 4. Open de submap en zoek het EXE-bestand. 5. Dubbelklik op het EXE-bestand en volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
Informatie over herstelprocedures voor het Windows 10-besturingssysteem In dit onderwerp vindt u informatie over de Windows-hersteloplossingen voor het Windows 10-besturingssysteem. Fabrieksinstellingen van computer terugzetten Als de computer niet goed presteert, kunt u proberen de computer opnieuw in te stellen. Als u de computer opnieuw instelt, kunt u ervoor kiezen uw bestanden te behouden of te verwijderen en vervolgens het Windows-besturingssysteem opnieuw installeren.
Een USB-herstelstation maken en gebruiken U kunt een USB-herstelstation maken als back-up voor de herstelprogramma's van Windows. Met het USB-herstelstation kunt u problemen oplossen, zelfs als de vooraf geïnstalleerde herstelprogramma's van Windows zijn beschadigd. Wij raden u aan dat u in een zo vroeg mogelijk stadium een USB-herstelstation maakt.
112 X270 Gebruikershandleiding
Hoofdstuk 9. Apparaten vervangen In dit hoofdstuk vindt u instructies voor het installeren en vervangen van de hardware in uw computer. Voorkomen van statische elektriciteit Statische elektriciteit is ongevaarlijk voor uzelf, maar kan de computeronderdelen en de opties zwaar beschadigen. Onjuiste behandeling van onderdelen die gevoelig zijn voor statische elektriciteit, kan leiden tot schade aan die onderdelen.
3. Selecteer Config ➙ Power. Het submenu Power verschijnt. 4. Selecteer Disable built-in battery en druk op Enter. 5. Selecteer Yes in het bevestigingsvenster. De ingebouwde batterij wordt uitgeschakeld en de computer wordt automatisch uitgezet. Wacht drie tot vijf minuten om de computer te laten afkoelen. De verwisselbare batterij vervangen Lees voordat u begint de 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v en druk de volgende instructies af.
5. Open de batterijvergrendeling 1 aan de rechterkant. Maak de batterij aan de rechterkant los van de onderkant zoals aangegeven door de pijl 2 . 6. Plaats een nieuwe batterij en zorg dat deze vastklikt. Controleer of de batterijvergrendelingen in de vergrendelde stand staan. 7. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels weer op de computer aan. De micro-SIM-kaart vervangen Lees voordat u begint de 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v en druk de volgende instructies af.
Een micro-SIM-kaart is een kleine plastic kaart met een IC-chip (Integrated Circuit) bevestigd aan één kant van de kaart. Als uw computer draadloos WAN ondersteunt, hebt u wellicht een micro-SIM-kaart nodig om draadloze WAN-verbindingen tot stand te brengen. Afhankelijk van het model moet u mogelijk een micro-SIM-kaart aanschaffen of is er al een micro-SIM-kaart in de computer geïnstalleerd. In sommige landen of regio's maakt een micro-SIM-kaart deel uit van het pakket waarmee de computer wordt geleverd.
• Er bestaat een kans op kortsluitingen als u de klep aan de onderkant van de computer in de volgende situatie verwijdert: – Als de batterij in de computer is geplaatst – Als uw computer is aangesloten op de netvoeding. Bovendien start de computer niet op nadat u de klep aan de onderkant van de computer opnieuw hebt geïnstalleerd. Om de computer op te starten ontkoppelt u de netvoedingsadapter en sluit u deze vervolgens opnieuw aan op de computer.
7. Draai de schroeven waarmee de klep aan de onderkant van de computer is vastgezet vast. 8. Plaats de verwisselbare batterij terug. 9. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels weer op de computer aan. De draadloos-WAN-kaart vervangen De volgende informatie heeft alleen betrekking op de computer met modules die de gebruiker kan installeren. Lees voordat u begint de 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v en druk de volgende instructies af.
3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om. 4. Verwijder de verwisselbare batterij. Zie 'De verwisselbare batterij vervangen' op pagina 114. 5. Verwijder de klep aan de onderkant van de computer. Zie 'De klep aan de onderkant van de computer vervangen' op pagina 116. 6. Verwijder de draadloos-WAN-kaart als volgt: Opmerking: Mogelijk wordt de draadloos-WAN-kaart door folie bedekt. Om naar de draadloos-WAN-kaart te gaan, moet u eerst de folie openen. a.
8. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 9. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels weer op de computer aan. Een geheugenmodule vervangen Lees voordat u begint de 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v en druk de volgende instructies af. Het vergroten van de geheugencapaciteit van de computer is een effectieve manier om te zorgen dat uw programma's sneller worden uitgevoerd.
7. Plaats de kant met uitsparing van de nieuwe geheugenmodule tegen de contactrand van het geheugencompartiment. Plaats de nieuwe geheugenmodule onder een hoek van ongeveer 20 graden in het geheugencompartiment 1 . Kantel de geheugenmodule omlaag totdat deze vastklikt 2 . Zorg ervoor dat de geheugenmodule stevig in het geheugencompartiment wordt geplaatst en niet gemakkelijk kan worden bewogen. 8. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 9. Keer de computer om.
• Raak de contactrand van het interne opslagstation niet aan. Als u dat wel doet, kan het interne opslagstation beschadigd raken. • Oefen nooit druk uit op het interne opslagstation. • Stel het vaste-schijfstation niet bloot aan schokken of trillingen. Plaats het opslagstation op zacht, schokdempend materiaal, zoals een zachte doek. 2,5-inch opslagstation Om het 2,5-inch opslagstation te vervangen, gaat u als volgt te werk: 1. Ingebouwde batterij uitschakelen.
9. Plaats het nieuwe opslagstation 1 en kantel het naar beneden 2 . Controleer of de kabel onder de luidsprekerhaak 3 doorloopt en draai de schroef vast om het station vast te zetten 4 . 10. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 11. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels aan. M.2 SSD-station dat is geïnstalleerd in het opslagcompartiment Ga als volgt te werk om een M.
7. Koppel de kabel los van het station, zoals afgebeeld. 8. Verwijder de schroeven waarmee de beugel van het M.2 SSD-station is bevestigd 1 en verwijder vervolgens de beugel 2 . 9. Draai de schroef los waarmee het M.2 SSD-station vastzit.
10. Trek het M.2 SSD-station voorzichtig uit de sleuf. 11. Lijn de inkeping op het nieuwe M.2 SSD-station uit met de sleutel van de sleuf en plaats het station in de sleuf totdat het stevig vastzit 1 . Kantel het dan naar beneden 2 . 12. Breng de schroef aan om het nieuwe M.2 SSD-station vast te zetten. 13. Installeer de beugel van het M.2 SSD-station en draai daarna de schroeven vast om de beugel vast te zetten. Hoofdstuk 9.
14. Sluit de stationskabel aan op een nieuw station, zoals afgebeeld. 15. Plaats het nieuwe opslagstation 1 en kantel het naar beneden 2 . Controleer of de kabel onder de luidsprekerhaak 3 doorloopt en draai de schroef vast om het station vast te zetten 4 . 16. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 17. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels aan.
M.2 SSD-station dat is geïnstalleerd in de sleuf voor de draadloos WAN-kaart Ga als volgt te werk om een M.2 SSD-station te vervangen dat is geïnstalleerd in de sleuf voor de draadloos WAN-kaart: 1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Ingebouwde batterij uitschakelen' op pagina 113. 2. Zorg ervoor dat de computer is uitgeschakeld en dat de netvoedingsadapter en alle andere kabels zijn losgekoppeld. 3. Sluit het beeldscherm en keer de computer om. 4. Verwijder de verwisselbare batterij.
8. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 9. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels weer op de computer aan. De dc-in-kabel vervangen Lees voordat u begint de 'Belangrijke veiligheidsvoorschriften' op pagina v en druk de volgende instructies af. Om de dc-in-kabel te vervangen, gaat u als volgt te werk: 1. Ingebouwde batterij uitschakelen. Zie 'Ingebouwde batterij uitschakelen' op pagina 113. 2.
8. Installeer een nieuwe dc-in-kabel in de beugel. 9. Installeer dc-in-kabel met de beugel zoals afgebeeld. 10. Leid de dc-in-kabel zoals afgebeeld. Hoofdstuk 9.
11. Bevestig de schroef 1 en zet de aansluiting stevig vast 2 . 12. Plaats de klep aan de onderkant van de computer en de verwisselbare batterij terug. 13. Keer de computer om. Sluit de netvoedingsadapter en alle kabels weer op de computer aan.
Hoofdstuk 10. Ondersteuning In dit hoofdstuk vindt u informatie over de hulp en ondersteuning die Lenovo te bieden heeft. Voordat u contact opneemt met Lenovo Vaak kunt u computerproblemen oplossen door de informatie bij de uitleg van foutcodes te lezen, diagnoseprogramma´s uit te voeren of de website Lenovo Support te raadplegen. De computer registreren Registreer uw computer bij Lenovo. Meer informatie vindt u in 'De computer registreren' op pagina 15.
op http://www.lenovo.com/support. Het gaat daarbij om gedrukte boeken, elektronische boeken, readme-bestanden en Help-bestanden. De Microsoft Servicepacks zijn de nieuwste softwarebron voor productupdates voor Windows. Deze zijn beschikbaar als download via het internet (hiervoor kunnen kosten voor de verbinding in rekening worden gebracht) of op schijf. Ga voor meer informatie en links naar https://www.microsoft.com.
Blijft indien mogelijk bij uw computer wanneer u Lenovo belt. Controleer voordat u belt of u de meest recente stuurprogramma's en systeemupdates hebt gedownload, de diagnoseprogramma's hebt uitgevoerd en alle systeemgegevens hebt genoteerd.
134 X270 Gebruikershandleiding
Bijlage A. Aanvullende informatie over het Ubuntu-besturingssysteem In bepaalde landen en regio's biedt Lenovo klanten de mogelijkheid computers te bestellen waarop het besturingssysteem Ubuntu® is geïnstalleerd. Als het Ubuntu-besturingssysteem beschikbaar is op uw computer, raden we u aan de volgende informatie te lezen voordat u de computer gebruikt. U kunt informatie over (hulp)programma's van Windows en vooraf geïnstalleerde toepassingen van Lenovo in deze documentatie negeren.
136 X270 Gebruikershandleiding
Bijlage B. Regelgeving In dit hoofdstuk vindt u informatie over de regelgeving en naleving met betrekking tot Lenovo-producten. Informatie over certificering Productnaam: ThinkPad X270 Nalevings-ID: TP00087A Machinetypen: 20HM en 20HN De meest recente informatie over naleving is beschikbaar op: http://www.lenovo.com/compliance Informatie over draadloze communicatie In dit onderwerp vindt u informatie over draadloze mogelijkheden met betrekking tot Lenovo-producten.
• Profiel Handsfree (HFP) • Profiel Invoerapparaat (HID) • Profiel Berichtentoegang (MAP) • Protocol Objectuitwisseling (OBEX) • Profiel Objectpush (OPP) • Profiel Persoonlijk netwerk (PAN) • Profiel Telefoonboektoegang (PBAP) • Protocol Dienstherkenning (SDP) • Profiel Synchronisatie (SYNC) • Profiel Videodistributie (VDP) • Profiel Algemene eigenschappen (GATT) • Profiel Nabijheid • Profiel Mij zoeken • Profiel Directe waarschuwing • Profiel Batterijstatus Gebruiksomgeving en uw gezondheid Deze computer
Voor computermodellen met draadloos-LAN-functie of draadloos-LAN/WAN-functie: 1 2 Draadloos LAN-antenne (hulpantenne) Draadloos WAN-antenne (hulpantenne, op bepaalde modellen) 3 Draadloos WAN-antenne (hoofdantenne, op bepaalde modellen) 4 Draadloos LAN-antenne (hoofdantenne) Voor computermodellen met draadloos-LAN-functie en WiGig-functie: 1 2 3 Draadloos LAN-antenne (hulpantenne) WiGig-antenne Draadloos LAN-antenne (hoofdantenne) Informatie over naleving regels voor draadloze radio's Computermodellen
De plaats van kennisgevingen over regelgeving voor draadloze communicatie Raadpleeg voor meer informatie over de kennisgevingen voor regelgeving over draadloos de Regulatory Notice die met uw computer werd meegeleverd. Als uw computer zonder de Regulatory Notice is geleverd, vindt u deze op de website op: http://www.lenovo.
Verklaring van conformiteit met industriële emissierichtlijn Canada Klasse B CAN ICES-3(B)/NMB-3(B) EU-conformiteit Contactadres in de EU: Lenovo, Einsteinova 21, 851 01 Bratislava, Slovakia Modellen zonder radiografisch toestel: Dit product voldoet aan de voorwaarden voor bescherming zoals opgenomen in EMC-richtlijn 2014/30/EU van de Europese Commissie inzake de harmonisering van de wetgeving van Lidstaten met betrekking tot elektromagnetische compatibiliteit.
Dieses Produkt entspricht dem „Gesetz über die elektromagnetische Verträglichkeit von Betriebsmitteln“ EMVG (früher „Gesetz über die elektromagnetische Verträglichkeit von Geräten“). Dies ist die Umsetzung der EMV EU-Richtlinie 2014/30/EU in der Bundesrepublik Deutschland. Zulassungsbescheinigung laut dem Deutschen Gesetz über die elektromagnetische Verträglichkeit von Betriebsmitteln, EMVG vom 20. Juli 2007 (früher Gesetz über die elektromagnetische Verträglichkeit von Geräten), bzw.
Audiokennisgeving Brazilië Ouvir sons com mais de 85 decibéis por longos períodos pode provocar danos ao sistema auditivo. Bijlage B.
144 X270 Gebruikershandleiding
Bijlage C. Kennisgevingen inzake WEEE en recycling In dit hoofdstuk vindt u milieu-informatie over Lenovo-producten. Algemene informatie over recyclen Lenovo moedigt eigenaren van IT-apparatuur aan om hun apparatuur, wanneer deze niet meer nodig is, op een verantwoorde manier te laten recyclen. Lenovo kent een veelheid aan programma's en services om eigenaren te helpen bij de recycling van hun IT-producten. Ga voor informatie over het recyclen van Lenovo-producten naar: http://www.lenovo.
Informatie over WEEE voor Hongarije Lenovo betaalt als producent de kosten die worden gemaakt in verband met de naleving van de verplichtingen van Lenovo onder de Hongaarse wet 197/2014 (VIII.1.) subsecties (1)-(5) van sectie 12.
Recyclinginformatie voor Brazilië Declarações de Reciclagem no Brasil Descarte de um Produto Lenovo Fora de Uso Equipamentos elétricos e eletrônicos não devem ser descartados em lixo comum, mas enviados à pontos de coleta, autorizados pelo fabricante do produto para que sejam encaminhados e processados por empresas especializadas no manuseio de resíduos industriais, devidamente certificadas pelos orgãos ambientais, de acordo com a legislação local.
Lithiumbatterijen en batterijen van Lenovo-producten weggooien In uw Lenovo-product kan een lithium-knoopcelbatterij zijn geïnstalleerd. Details van de batterij kunt u vinden in de productdocumentatie. Als u de batterij moet vervangen, neem dan contact op met de verkoper van het product of met Lenovo. Als u een lithiumbatterij weggooit, omwikkelt u hem met vinyltape en levert u hem in bij de verkoper of een inzamelstation voor chemisch afval.
Bijlage D. Kennisgeving beperking van schadelijke stoffen (Restriction of Hazardous Substances, RoHS) De nieuwste milieu-informatie over Lenovo-producten is beschikbaar op: http://www.lenovo.
150 X270 Gebruikershandleiding
Beperking van schadelijke stoffen (RoHS, Restriction of Hazardous Substances) voor Taiwan Bijlage D.
152 X270 Gebruikershandleiding
Bijlage E. Informatie over ENERGY STAR-modellen ENERGY STAR® is een gezamenlijk programma van de U.S. Environmental Protection Agency en de U.S. Department of Energy, bedoeld voor het besparen van kosten en het beschermen van het milieu door middel van energiezuinige producten en procedures. Met trots biedt Lenovo haar klanten producten aan die zijn onderscheiden met een ENERGY STAR.
5. Vink het selectievakje Dit apparaat toestaan om de computer te laten ontwaken uit. 6. Klik op OK.
Bijlage F. Kennisgevingen Mogelijk brengt Lenovo de in dit document genoemde producten, diensten of voorzieningen niet uit in alle landen. Neem contact op met uw plaatselijke Lenovo-vertegenwoordiger voor informatie over de producten en diensten die in uw regio beschikbaar zijn. Verwijzing in deze publicatie naar producten of diensten van Lenovo houdt niet in dat uitsluitend Lenovo-producten of -diensten gebruikt kunnen worden.
zijn bepaalde metingen feitelijk schattingen die middels extrapolatie tot stand zijn gekomen. De werkelijk resultaten kunnen hiervan afwijken. Gebruikers van dit document dienen de gegevens te controleren die specifiek op hun omgeving van toepassing zijn. Dit document is auteursrechtelijk beschermd door Lenovo en wordt niet gedekt door enige open-sourcelicentie, met inbegrip van enige Linux-overeenkomst(en) die bij de software voor dit product is/zijn geleverd.
Bijlage G. Handelsmerken De volgende benamingen zijn handelsmerken van Lenovo in de Verenigde Staten en/of andere landen: Access Connections Active Protection System Lenovo Lenovo-logo Secure Data Disposal ThinkPad ThinkPad-logo TrackPoint UltraConnect Intel en Intel SpeedStep zijn handelsmerken van Intel Corporation of haar dochterondernemingen in de Verenigde Staten en/of andere landen. Microsoft, Windows, Direct3D, BitLocker en Cortana zijn handelsmerken van de Microsoft-bedrijvengroep.
158 X270 Gebruikershandleiding