User Manual
59
uw WLAN met een wachtwoord is beveiligd, dan wordt u gevraagd het wifi-wachtwoord in
te voeren.
Voer het wachtwoord in met de navigatietoetsen op het apparaat of de afstandsbediening.
U kunt de toets OMHOOG/OMLAAG draaien om het wifi-wachtwoord in te voeren. als er
per ongeluk op ‘ ’ wordt gedrukt om een overbodige invoer te verplaatsen, druk dan op
‘ ’ om te corrigeren.
Met afstandsbediening
De cursor geeft de huidige invoerplaats aan.
Druk herhaaldelijk op de overeenkomstige toets.
0
0 (invoer verwijderen)
1 1 (spatie) @ ! ” # $ % & () * ’ + - { \ | }< >?........
2 2 A B C a b c
3 3 D E F d e f
4 4 G H I g h i
5 5 J K L j k l
6 6 M N O m n o
7 7 P Q R S p q r s
8 8 T U V t u v
9 9 W X Y Z w x y z
toetsen:
‘ ’ Ga naar de vorige invoerplek, invoer kan worden overschreven
‘ ’ Ga naar de volgende invoerplek. De laatste invoer wordt opgeslagen
‘ ’ Selecteer cijfer/letter
Invoer via voorpaneel
Draai de navigatietoets OMHOOG/OMLAAG (3) om cijfers/letters in te voeren.
Als u eenmaal op de gewenste letter hebt gedrukt, druk op om naar de volgende invoer
te gaan.
Druk als u gereed bent op OK om te bevestigen. U kunt op drukken om naar een vorige
tekeninvoer te gaan.
‘OK’ Bevestig de gehele invoer