Operation Manual

33
Witbalans
-
Auto voor de automatische regeling, die in de meeste situaties neu-
trale resultaten oplevert,
- acht vaste voorinstellingen voor de meest voorkomende lichtbronnen,
-
bijv. voor buitenopnamen in de zon,
-
bijv. voor buitenopnamen bij bewolkte hemel,
-
bijv. voor buitenopnamen met het hoofdmotief in de schaduw,
-
bijv. voor binnenopnamen met (voornamelijk) licht van gloeilampen
-
bijv. voor binnenopnamen met (voornamelijk) licht van
HMI-lampen
-
bijv. voor binnenopnamen met (voornamelijk) licht van
tl-buizen met warme tint
-
bijv. voor binnenopnamen met (voornamelijk) licht van
tl-buizen met koele tint
-
bijv voor opnames met (voornamelijk) elektronenflits-belichting
-
Greycard voor de handmatige instelling door meting en
-
Color temperature
1
voor een direct instelbare kleurtemperatuur-
waarde.
Opmerking:
Bij het gebruik van de Leica SF58, ofwel elektronenflitsers die over de
technische mogelijkheden van een System-Camera-Adaption (SCA)
van het systeem 3002- en over de adapter SCA-3502 (vanaf versie 5)
beschikken, kan de witbalans voor een juiste kleurweergave op
Auto - (A)
worden gezet.
Als u echter andere, niet speciaal op Leica S afgestemde flitsers
gebruikt, dient u de instelling
te gebruiken.
1
Kleurtemperaturen worden in principe in Kelvin aangegeven.
Instellen van de functie
Automatische en vaste instellingen
1. Selecteer in het menu, in het gedeelte
IMAGE (zie p. 16/26),
White Balance (5.13), en
2. in het bijbehorende submenu de gewenste functie.
Direct instellen van de kleurtemperatuur
U kunt waarden tussen 2000 en 13100 (K
1
) direct instellen (van 2000 tot
5000K in stappen van 100, van 5000 tot 8000K in stappen van 200 en
van 8000 tot 13.100K in stappen van 300). Daarmee is een zeer groot
gebied beschikbaar dat de meeste in de praktijk voorkomende kleur-
temperaturen dekt en waarbinnen u de kleurweergave op de aanwezige
lichtkleur en/of uw persoonlijke voorkeur kunt afstemmen.
1. Selecteer in het menu, in het gedeelte
Image (zie p. 16/26),
White Balance (5.13), en
2. in het bijbehorende submenu de variant
Color temperature en
Er verschijnt nog een submenu -
White Balance Kelvin-Setting - met
de in te stellen waarde die met een rode omlijsting is gekenmerkt.
3. daar de gewenste waarde.
Handmatig instellen door meting
1. Selecteer in het menu, in het gedeelte
IMAGE (zie p. 16/26), White
Balance
(5.13), en
2. in het bijbehorende submenu de gewenste variant
Greycard.
3. Duw het instelwiel (1.18) of de 5-richtingsknop (1.17) naar voren of
naar rechts
Op het LCD-scherm verschijnt de melding
Please take a picture for
setting the white balance
.
4. Maak de opname en let daarbij op dat er een wit of neutraal grijs (refe-
rentie-) vlak in beeld is.
Op het LCD-scherm verschijnt
- het beeld op basis van de automatische witbalans-instelling
- in het beeldmidden een dradenkruis
- de in deze situatie geldende knoppenfuncties
PREVIEW (4.1.11) en
BACK (4.1.12)
5. Door de 5-richtingsknop (1.17) in de gewenste richting te duwen, kunt
u het dradenkruis op het detail van het motief richten dat de basis voor
de nieuwe witbalans-instelling moet vormen (bijv. op het genoemde
referentievlak).
6. Druk de knop
PREVIEW of de 5-richtingsknop naar voren.
De kleurweergave van het beeld wordt overeenkomstig aangepast
en het verschijnt bijkomend de in deze situatie geldende knopfunctie
SAVE (4.1.13).
7. U kunt deze nieuwe witbalans-instelling nu
- ofwel overnemen met een druk of de
SAVE-knop;
Op het LCD-scherm verschijnt de melding
Whitebalance set
- of verdere instellingen naar wens uitvoeren, zoals onder 3. - 6.
beschreven staat.
Op het LCD-scherm verschijnt telkens de onder 3. beschreven
melding.
Opmerking:
Tegelijk met de opgeslagen witbalans-instelling zal ook de betreffende
opname worden opgeslagen, d.w.z. bijkomend met de ongewijzigde,
oorspronkelijke opname.
Een waarde die op deze wijze is bepaald, blijft zo lang opgeslagen, d.w.z.
wordt voor alle volgende opnames gebruikt, tot er een nieuwe meting of
een andere instelling van de witbalans wordt gebruikt.