Operation Manual

Gevorderd (Opnamen maken)
59
w De witbalans fijn afstellen [ ]
(Niet beschikbaar als WB op Auto
staat).
Gebruik deze functie om de witbalans
handmatig in te stellen.
Stel de witbalans in op
[ ]/[ ]/[ ]/[ ]/[ ]. (P58)
U kunt de witbalans zelfs gebruiken voor
[ONDER WATER] opnamen.
1 Druk op

[ ], meerdere keren,
totdat [WB INSTELLEN]
verschijnt en druk dan op
/
om de witbalans fijn in te stellen.
[ROOD]: Indrukken wanneer de tint
blauwachtig is.
[BLAUW]: Indrukken wanneer de tint
roodachtig is.
Kies [0] om de oorspronkelijke witba-
lans weer in te stellen.
2 Op [MENU/SET] drukken om te
eindigen.
U kunt ook de ontspanknop tot de
helft indrukken om het menu te
sluiten.
De witbalansaanduiding op het scherm
wordt rood of blauw.
Over de witbalans
Als u een opname maakt met de flits, kan
de witbalans niet correct aangepast zijn
als de flits niet sterk genoeg is voor het
object dat u fotografeert.
De witbalansinstelling blijft opgeslagen,
ook als de camera wordt uitgezet. De wit-
balansinstelling voor een bepaalde opna-
mefunctie wordt weer [AWB] als u een
andere opnamefunctie kiest.
De witbalans kan niet worden ingesteld in
de volgende gevallen.
Simpele functie [ ]
De scènefunctie, in [LANDSCHAP],
[NACHTPORTRET],
[NACHTL. SCHAP], [VOEDSEL],
[PARTY], [KAARSLICHT],
[ZONSONDERG.], [STERRENHEMEL],
[VUURWERK], [STRAND], [SNEEUW],
[LUCHTFOTO] en [ONDER WATER].
Over het fijn afstellen van de witbalans
U kunt de witbalans onafhankelijk nauw-
keurig afstellen voor elke witbalansinstel-
ling.
De instelling voor het nauwkeurig afstellen
van de witbalans wordt door het beeld
gebruikt wanneer u de flits gebruikt.
De fijnafstelling van de witbalans blijft ook
opgeslagen als u de camera uitzet.
Het niveau van de instelling voor het
nauwkeurig afstellen van de witbalans in
[ ] keert terug naar [0] wanneer u de
witbalans opnieuw instelt met behulp van
[].
U kunt de witbalans niet nauwkeurig
afstellen wanneer [KLEURFUNCTIE]
(P66) is ingesteld op [COOL], [WARM],
[B/W] of [SEPIA].
BLAUWROOD
WB INSTELLEN
SELEC
EXIT
MENU