Operation Manual
Gevorderd (Opnamen maken)
35
:AUTO
De flits werkt automatisch wanneer dit
nodig is voor de opnamecondities.
: AUTO/Rode-ogenreductie
_1
De flits vuurt automatisch wanneer dit
nodig is voor de opnamecondities.
De flits vuurt nog een keer vóór de eigenlijke
opname om het rode-ogeneffect (ogen van
het object die rood worden op het beeld) te
verminderen en vuurt vervolgens opnieuw
voor de eigenlijke opname.
• Gebruik deze functie wanneer u opna-
men maakt van personen in slecht
belichte omstandigheden.
: Vast ingesteld op AAN
De flits wordt altijd gevurrd ongeacht de
opnamecondities.
• Gebruik deze functie wanneer uw
object achtergrondbelichting heeft of
onder fluorescent licht staat.
: Flits vast ingesteld op AAN/
Rode-ogenreductie
_1
• De flitsinstelling is alleen vast inge-
steld op AAN/Rode-ogenreductie wan-
neer u [PARTY] (P46) of [KAARSLICHT]
(P46) in de scènefunctie instelt.
: Langzame synchr/Reductie
rode-ogeneffect
_1
Als u beelden maakt met een donker land-
schap op de achtergrond, maakt deze func-
tie de sluitertijd langzamer zodra de flits
gevurrd wordt, zodat het donkere land-
schap op de achtergrond helder zal wor-
den. Tegelijkertijd vermindert het
rode-ogeneffect.
• Gebruik deze functie wanneer u opna-
men maakt van personen op een don-
kere achtergrond.
: Flits vast ingesteld op UIT
De flits wordt in geen enkele opnamecondi-
tie gevurrd.
• Gebruik deze functie om opnamen te
maken op plekken waar het gebruik
van een flits niet toegestaan is.
_1 De flits wordt twee keer gevurrd. Het
object mag niet bewegen totdat de
tweede flits gevurrd is.
w Beschikbare flitsinstellingen voor de
opnamefuncties
De beschikbare flitsinstellingen zijn afhan-
kelijk van de opnamefuncties.
(n: Beschikbaar, —: Niet beschikbaar,
q: Begininstelling)
1
2










