User manual

14
NL
Veiligheidsinstructies
lGebruik het apparaat uitsluitend doelmatig binnen de
@@MFDFDUDMRODBHÖB@SHDR
l.UDQSTHFTDQU¹¹QHDCDQDLDSHMFU@MC@SGDSSDBNMSQNKDQDM
bereik (bijv. leiding) en het controleapparaat in optimale staat
verkeren. Test het apparaat op bekende spanningsbronnen
(bijv. 230V-contactdoos voor de AC-controle of de autoaccu
voor de DC-controle). Het apparaat mag niet meer worden
gebruikt als één of meerdere functies uitvallen.
l!HICDNLF@MFLDSRO@MMHMFDMU@MLDDQC@M5 "QDRO
5#"CHDMSTHSDQRSUNNQYHBGSHFSDVNQCDMFDVDQJS!HI
contact met de elektrische geleiders bestaat bij deze
spanningen al levensgevaar door elektrische schokken.
6DDRUNNQ@KUNNQYHBGSHFYNCQ@CD5KHBGSCHNCDNOKHBGS
lGebruik het apparaat niet in omgevingen die met geleidende
deeltjes belast zijn of waarin door optredend vocht (bijv. door
condensatie) een tijdelijk geleidende atmosfeer ontstaat.
lAls het apparaat met vocht of andere geleidende resten
bevochtigd is, mag niet onder spanning worden gewerkt.
5@M@EDDMRO@MMHMFU@M5 "QDRO5#"ADRS@@SFDU@@Q
voor levensgevaarlijke schokken op grond van de vochtigheid.
1DHMHFDMCQNNFGDS@OO@Q@@SU¹¹QFDAQTHJ+DSAHIFDAQTHJ
buitenshuis op dat het apparaat alleen onder dienovereen-
komstige weersomstandigheden resp. na het treffen van
geschikte veiligheidsmaatregelen toegepast wordt.
lVoer metingen die gevaarlijk dicht bij elektrische installaties
moeten worden uitgevoerd, niet alleen uit en alléén na
instructie van een verantwoordelijke elektromonteur.
l5¹¹QGDSNODMDMU@MGDSA@SSDQHIU@JCDJRDKCHDMSCDRSQNNL
toevoer naar het apparaat te worden onderbroken.
Lees de bedieningshandleiding en de bijgevoegde
brochure ‚Garantie- en aanvullende aanwijzingen‘
volledig door. Volg de daarin beschreven aanwijzingen
op. Bewaar deze documentatie goed.
!
Functie / toepassing
Spanning- en doorgangstester voor de automatische meting
van wissel- (AC) en gelijkspanningen (DC). Met dit apparaat
kunnen een enkelfasetest en een draaiveldtest met weergave
van de faserichting worden uitgevoerd. De weergave geschiedt
via een led-display en een akoestisch signaal.