LIVE-STREAMING CAMERA Gedetailleerde handleiding GV-LS1BE LYT2499-009B
Inhoudsopgave Camera.............................................................. 5 Druppelbestendigheid............................7 Voor gebruik...................................................... 7 Na gebruik......................................................... 7 Naar wens configureren van de camerainstellingen..........................................8 Voorbeeld 1: Uw huisdier thuis in de gaten houden.........................................................
Starten/stoppen van een opname................... 30 Besturen via een webbrowser..............31 Inloggen.......................................................... 31 Instelbare onderdelen.......................... 39 "NETWERK".................................................... 39 "CAMERA"....................................................... 43 "BEHEREN"..................................................... 44 Oplossen van problemen.................... 46 Configureren van de camera-instellingen.......
Controleren van de accessoires Neem contact op met de plaats van aankoop of de klantenservice indien een onderdeel ontbreekt of is beschadigd. Introductie Camera Netadapter UIA312-0520 Netsnoer Achterafdekking Camera. Verbind met de camera of pan-tilter voor gebruik met netstroom. ( ➭ pagina 12) * Bevestig het netsnoer. Gebruik voor het verbinden van de netadapter. Bevestig deze afdekking aan de achterkant van de camera wanneer u deze bijvoorbeeld buitenshuis gebruikt.
Namen en functies van onderdelen Camera Achter 5 1 6 3 4 1 2 Introductie Voor 7 8 5 3 4 2 1 Interne microfoon (stereo) Geluid wordt via deze microfoon verstuurd/ opgenomen wanneer er geen externe microfoon is aangesloten. 2 Lens Raak niet direct aan en voorkom dat iets de lens raakt. 3 LED-indicator Functioneert als lamp op donkere plaatsen. Schakel in/uit met een browser. ( ➭ pagina 34) 4 Informatielamp Is afhankelijk van de opnamestatus, etc. wel of niet opgelicht.
Bovenkant Introductie 1 2 1 3 4 1 Schoenadapterbevestiging Voor het bevestigen van camera-accessoires. 2 Opnametoets Starten van opnemen. Druk nogmaals op deze toets om te stoppen. De indicator toont de huidige status. Uit: Geen opname Knippert: Opname wordt uitgevoerd Snel knipperend (2 seconden): Opnamefout 3 WPS-toets Houd even ingedrukt om een draadloze verbinding (Wi-Fi) met de WPS-functie te maken. ( ➭ pagina 21) De indicator toont de huidige status.
Druppelbestendigheid Voor gebruik Introductie Lees het volgende en gebruik het toestel op de juiste wijze. Schade ten gevolge van een onjuist gebruik wordt niet door de garantie gedekt. Dit toestel heeft een druppelbestendig mechanisme en voldoet aan de IEC Standaard publicatie 529 IPX3. U kunt het toestel in de regen, sneeuw of onder watermist gebruiken. Het toestel is echter niet water- en stofbestendig. - Giet niet direct water over het toestel. - Giet geen water langs de zij- en onderkant.
Naar wens configureren van de camera-instellingen Het toestel kan voor diverse doeleinden worden gebruikt. Zie de volgende voorbeelden voor het juist instellen en gebruiken: Introductie Stroom? • Netadapter ( ➭ pagina 12) • Batterijen ( ➭ pagina 27) Verbindingsmethode? • Bedrade verbinding ( ➭ pagina 20) • Draadloze (Wi-Fi) verbinding ( ➭ pagina 21) Opgenomen data? • Opslaan op een SD-kaart. ( ➭ pagina 17) • Versturen met hoge kwaliteit.
Voorbeeld 2: Opname van vogels bij een vogelhuisje op een balkon. Setup Instelling • Verbind niet met de computer of een toegangspunt (router). • Er wordt alleen opgenomen wanneer de scène verandert. ("AUTO OPNAME") ( ➭ pagina 34) Introductie • Gebruik de accu omdat de camera op een hoge plank bij het raam wordt geplaatst. ( ➭ pagina 27) • Plaats een SD-kaart voor het opslaan van de opgenomen data. ( ➭ pagina 26) Gebruik • Verstuur de opgenomen data na opname naar een computer voor het afspelen.
Schema voor verbinden/setup Verbind het toestel met de computer en configureer de juiste instellingen met een browser. Starten van de opname 1 Verbind de camera middel de bijgeleverde LAN-kabel met uw computer. ( ➭ pagina 11) Verbind de camera eerst met uw computer voordat u de instellingen maakt. Voorbereiding 2 Verbind de netadapter. ( ➭ pagina 12) Verbind de bijgeleverde netadapter nadat de andere verbindingen zijn gemaakt.
Verbinden van de camera met een computer Verbind de camera eerst met uw computer voordat u de instellingen maakt. Systeemvereisten Browser: Internet Explorer 9 of later 1 Bevestig de LAN-kabel aan het toestel. Voorbereiding 2 Verbind de camera middel de LAN-kabel met uw computer. 3 Stel de netwerkfunctieschakelaar op "LAN(OFF)". • Indien de netwerkfunctieschakelaar op [DIRECT] of [WLAN] is gesteld, kan de LAN-aansluiting niet worden gebruikt.
Verbinden van de netadapter Verbind de bijgeleverde netadapter met de DC-aansluiting van de camera. LET OP • Gebruik beslist de bijgeleverde netadapter. Het gebruik van een andere netadapter kan problemen veroorzaken. • Schakel de stroom uit alvorens de netadapter te verbinden/ontkoppelen.
Naar wens configureren van de camera-instellingen Zoek toegang tot het toestel met uw computer voor het instellen van het netwerk, de streaming, etc. Systeemvereisten Browser: Internet Explorer 9 of later Configureren van de basisinstellingen Voorbereiding Om na aankoop de basisinstellingen te configureren, moet u de camera direct met uw computer via een LAN-kabel verbinden. 1 Verbind de camera middel de LAN-kabel met uw computer.
Veranderen van de instellingen na het veranderen van de bestemming voor de verbinding Ga voor het veranderen van de instellingen na het veranderen van de bestemming voor de verbinding naar het volgende adres.
Configureren van de camera-instellingen Dit gedeelte beschrijft de instellingen die vereist zijn voor het gebruik van het toestel. Zie pagina 44 voor de "BEHEREN" instellingen die niet op deze pagina's worden beschreven. Instellen van de klok 4 Klik op de "INSTEL" toets. Stel de interne klok in. De tijd kan worden getoond bij het verzenden van video's. 1 Kies "GEWONE INSTELLINGEN" in "BEHEREN". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "BEHEREN".
Instellen van de gebruikersnaam en het wachtwoord 4 Klik op de "OPSL." toets. De gebruikersnaam en het wachtwoord zijn voor alle toestellen van dit model hetzelfde ten tijde van aankoop. U moet ze voor de veiligheid direct veranderen. 1 Kies "GEWONE INSTELLINGEN" in "BEHEREN". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "BEHEREN". Voorbereiding 2 Klik op de "UPDATEN" toets rechts van "GEBRUIKER/WACHTWOORD BEHEERDER WIJZIGEN".
Selecteren van het formaat van de beelden die worden gestreamed/opgeslagen Dit toestel kan twee verschillende soorten beelden uitvoeren. Kies de geschikte uitvoermethode en beeldkwaliteit. Zie pagina 39 voor de "NETWERK" instellingen die niet op deze pagina's worden beschreven. 1 Kies "STREAM-INSTELLINGEN" in "NETWERK". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "NETWERK". 3 Kies een optie van "MAX RASTERFREQUENTIE (MotionJPEG)".
Verbinden op afstand toestaan (CONTROLE-instelling) Voor het op afstand bekijken van beelden moet u normaliter een globaal IP-adres of URL voor toegang van een browser hebben. U kunt deze gemakkelijk instellen door de account van onze DDNS-service in te voeren. Verkrijgen van een DDNS-account Ga met een computer of smartphone naar onze website voor een tijdelijke registratie. Voorbereiding 1 Ga naar de volgende URL om tijdelijk een account te registreren. https://dd3.jvckenwood.
Toevoegen van een gebruiker van de camerasturing 3 Voer "GEBRUIKERSNAAM", "WACHTWOORD" en "WACHTWOORD (BEVESTIG)" in. Voor toegang tot het het toestel met gebruik van de camerasturing ( ➭ pagina 37) moet u van te voren de gebruikersnaam en het wachtwoord instellen. (Er kunnen maximaal vier gebruikers worden geregistreerd.) Basisinstelling: GEBRUIKERSNAAM "camuser", WACHTWOORD "password". U moet ze voor de veiligheid direct veranderen. * Meerdere gebruikers kunnen niet tegelijk de weergave bekijken.
Veranderen van de bestemming voor het verbinden Verander indien nodig de bestemming voor het verbinden naar het toegangspunt (draadloze LAN-router). Bedraad verbinden met het toegangspunt 1 Kies "BEDRAAD NETWERK" in "NETWERK". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "NETWERK". Voorbereiding 2 Configureer de volgende instellingen: • IP-ADRES Eerste drie waarden gescheiden door een punt (.): Zelfde als die van het toegangspunt.
Draadloos verbinden met het toegangspunt (Wi-Fi) Gebruik van de WPS-functie Zoeken en verbinen met het toegangspunt 1 Kies "DRAADLOOS NETWERK" in "NETWERK". Verbind op eenvoudige wijze met het toegangspunt dat de WPS-functie heeft. 1 Houd de stroomtoets even ingedrukt om de stroom uit te schakelen. 2 Ontkoppel de LAN-kabel tussen de camera en de computer. 3 Stel de netwerkfunctieschakelaar op "WLAN". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "NETWERK".
4 Voer "WACHTWOORD" in. Handmatig verbinden 1 Kies "DRAADLOOS NETWERK" in "NETWERK". 5 Klik op de "OPSL." toets. Voorbereiding Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "NETWERK". 2 Klik op de "HANDMATIG" toets. De met een browser te configureren instellingen zijn nu voltooid. Sluit de browser en schakel de computer uit. 6 Houd de stroomtoets even ingedrukt om de stroom uit te schakelen. 3 Voer de informatie in en klik op de "OPSL." toets.
Direct verbinden met een computer (Wi-Fi Direct) Gebruik van de WPS-functie 1 Houd de stroomtoets even ingedrukt om de stroom uit te schakelen. 2 Ontkoppel de LAN-kabel tussen de camera en de computer. 3 Stel de netwerkfunctieschakelaar op "DIRECT". 5 Maak een WPS-verbinding op de computer. Zie de handleiding van het apparaat voor details aangaande het verbinden. 1 Houd de stroomtoets even ingedrukt om de stroom uit te schakelen. 2 Ontkoppel de LAN-kabel tussen de camera en de computer.
Verbinden van meerdere camera's Configureer de volgende instellingen voor het verbinden van meerdere camera's. Voorbereiding 1 Kies "CONTROLE-INST." in "NETWERK". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "NETWERK". 4 Kies "GEWONE INSTELLINGEN" in "BEHEREN". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "BEHEREN". 2 Verander "POORTNUMMER" (1 tot 65535) zodat de nummers van de diverse camera's niet hetzelfde zijn.
Maken van een bedrade verbinding Bevestig de bijgeleverde LAN-kabel als volgt voor het maken van een bedrade verbinding met een computer of toegangspunt. 1 Stel de netwerkfunctieschakelaar op "LAN(OFF)". 2 Verbind de camera met uw computer of een toegangspunt via de LAN-kabel. Voorbereiding • Indien de netwerkfunctieschakelaar op [DIRECT] of [WLAN] is gesteld, kan de LAN-aansluiting niet worden gebruikt.
Plaatsen/verwijderen van een SD-kaart Plaats een los verkrijgbare SD-kaart voor het opslaan van opgenomen data op de kaart. De opgeslagen data kunt u wissen/downloaden met een browser. • Schakel de stroom uit alvorens een SD-kaart te plaatsen/verwijderen. • De opgeslagen data kunnen worden afgespeeld met Windows Media Player 12 ( ➭ pagina 35). Plaatsen Compatibele SD-kaarten Voorbereiding Steek de kaart recht in met de aansluiting naar rechts gericht.
Bevestigen/verwijderen van de accu De camera kan op alleen accuspanning werken. Wanneer de (BN-VG114E, BN-VG121E, BN-VG138E) accu (los verkrijgbaar) is bevestigd, kunnen video's worden vestuurd/opgenomen op plaatsen waar de netadapter niet kan worden gebruikt. • Schakel de stroom uit alvorens de accu te plaatsen/verwijderen.
Verbinden van een externe microfoon Verbind een externe microfoon voor opname van externe geluiden. • • • • Gebruik een microfoon van het "plug-in" stroomtype. Schakel de stroom uit alvorens de microfoon te verbinden/ontkoppelen. Zonder een externe microfoon, kan de interne microfoon geen omgevingsgeluid opnemen. Verander "INSTELL. MIC-NIVEAU" indien het geluid te hard of te zacht is.
Verbinden van het AV-snoer Door een verbinding met een TV of monitor te maken met gebruik van een AV-snoer (los verkrijgbaar), kunt u de beelden die worden opgenomen/verstuurd zonder gebruik van een computer of mobiele terminal bekijken. • Schakel de stroom uit alvorens het AV-snoer te verbinden/ontkoppelen. • Gebruik het f3,5 mm 4-polige mini-stekkertype. Video-ingang (Geel) Audio-ingang (L) (Wit) Audio-ingang (R) (Rood) Voorbereiding Video-ingang AV-snoer . (los verkrijgbaar) TV, etc.
Het toestel afzonderlijk gebruiken Plaats een SD-kaart en bevestig de accu zodat u het toestel kunt dragen en als een normale videocamera kunt gebruiken. Bepaal of u de opgenomen video's op een SD-kaart wilt opslaan of draadloos wilt streamen. ( ➭ pagina 39) In-/uitschakelen van de stroom Inschakelen van de stroom Houd de stroomtoets even ingedrukt. De opnametoets begint te knipperen. Wacht totdat de toets niet meer knippert en dooft. Uitschakelen van de stroom Houd de stroomtoets weer even ingedrukt.
Besturen via een webbrowser U kunt het toestel besturen via een webbrowser zonder extra software te installeren. "CONTROLE-INST." ( ➭ pagina 18) moet worden ingesteld voor het bekijken van een video via een netwerk. Systeemvereisten Besturingsprogramma: Windows 7 Browser: Internet Explorer 9 of later Inloggen Gebruik de "GEBRUIKERSNAAM" en "WACHTWOORD" van de beheerder ( ➭ pagina 16). 1 Houd de stroomtoets even ingedrukt indien de stroom niet is ingeschakeld om de stroom in te schakelen.
Besturen van de camera ("MONITOR" tab) Bestuur de camera en bekijk beelden met de "MONITOR" tab. 1 4 5 6 2 7 3 Gebruik 1 Tab Veranderen van display. "MONITOR" Bestuur de camera en bekijk gestreamde beelden. "BESTANDSBEHEER" Wis videobestanden van de SD-kaart of download ze naar uw computer. ( ➭ pagina 35) "STATUS" Controleer de geschiedenis van meldingen. ( ➭ pagina 36) 2 Bedieningspaneel Bedien de camera/elektrische pan-tilter. "CAMERA-INSTELLINGEN" (pagina 43).
2 3 4 5 6 2 Opnamestatus Toont de camerastatus. STANDBY: Geen opname OPNAME: Opname wordt uitgevoerd 3 Opnamefunctie Opnamefunctie: UXP, XP, SP, EP 4 SD-kaart Toont dat een SD-kaart kan worden gebruikt. 5 Resterende opnametijd Toont de resterende opnametijd. 6 Stroomstatus Toont de huidige stroomstatus.
Configureren van de camera-instellingen Verander de camera-instellingen. 1 2 3 4 5 6 7 8 9 0 = Gebruik 1 "AUTO OPNAME" Schakel de "AUTO OPNAME" functie in/uit voor opname bij het veranderen van scène. Wanneer u "AAN" instelt, veranderen de volgende instellingen automatisch: "HELDERHEID AANPASSEN": "AUTOMATISCH" "DIS/PAN-TILTER": "UIT" "LICHT": "UIT" Met "AAN" ingesteld, kunt u geen opname starten, de camera niet horizontaal bewegen/kantelen en de "OPHELDEREN" instelling niet veranderen.
Beheren van bestanden die op een SD-kaart zijn opgeslagen ("BESTANDSBEHEER" tab) Gebruik het "BESTANDSBEHEER" tab voor het versturen/wissen van bestanden die op een SD-kaart zijn opgeslagen. 3 4 1 2 3 "WISSEN" Klik voor het wissen van een videobestand eerst op deze toets. Klik vervolgens op een miniatuur om het bevestigingsscherm voor het wissen te tonen. Klik op "JA" om te wissen.
Controleren van de mededelingen-geschiedenis ("STATUS" tab) Gebruik de "STATUS" tab voor het controleren van foutmeldingen of huidige verbonden gebruikers. De "STATUS" tab is onderverdeeld in "CAMERA", "NETWERK" en "GEBRUIKER AANMELDEN". "CAMERA" "GEBRUIKER AANMELDEN" 1 2 1 2 1 Tab Veranderen van display. 2 "FOUTINFO" Toont de foutmeldingen van de camera. 1 "AANGEM. GEBRUIKERS" Toont de aangemelde gebruikers. 2 "UITSCHAKELEN" toets Kies een gebruiker uit "AANGEM.
Gebruik van "JVC CAM Control" Met de bijgeleverde "JVC CAM Control" kunt u meerdere camera's besturen. Systeemvereisten Besturingssysteem: Windows® 7 Home Premium (32-bit/64-bit, reeds geïnstalleerd met SP1) CPU: Intel® CoreTM 2 Duo 2 GHz of hoger (Intel® CoreTM 2 Quad 2,66 GHz of hoger bij gebruik van MPEG-2 TS(HD)) RAM: 2 GB of meer Installeren van "JVC CAM Control" 1 Plaats de bijgeleverde software CD-ROM in de CD/DVD-drive van uw computer.
Gebruik van een mobiel apparaat U kunt de camera interactief bedienen met het aanraakpaneel van een smartphone/tablet. Namen van apps voor mobiele apparaten Er zijn drie soorten apps voor mobiele apparaten: Voor smartphone (Android besturingsprogramma), voor Android tablet en voor iOS. Download the vereiste app. Voor smartphone (Android besturingsprogramma) "JVC CAM Control Single" Vereiste bedrijfsomgeving: Android OS 2.3 of later Download het van Google Play Store.
Instelbare onderdelen U kunt de instellingen veranderen nadat u als beheerder met een browser of uw computer heeft ingelogd. De instellingen worden onderverdeeld in "NETWERK", "CAMERA" en "BEHEREN". Zie "Naar wens configureren van de camera-instellingen" (pagina 13) voor het tonen van de lijst met instelbare onderdelen. "NETWERK" Configureer de instellingen voor het netwerk en streamen met "NETWERK". "NETWERK" wordt onderverdeeld in "BEDRAAD NETWERK", "DRAADLOOS NETWERK", "CONTROLE-INST.
"GEREGISTREERD TOEGANGSPUNT" Lijst met maximaal acht toegangspunten waarmee hiervoor een verbinding was gemaakt. "SELECT"-toets Kies een toegangspunt uit "GEREGISTREERD TOEGANGSPUNT" en klik op deze toets om de verbindingsbestemming te veranderen. "WISSEN"-toets Kies een toegangspunt uit "GEREGISTREERD TOEGANGSPUNT" en klik op deze toets om de verbindingsbestemming te wissen. "UPDATEN"-toets Kies een toegangspunt uit "GEREGISTREERD TOEGANGSPUNT" en klik op deze toets om de verbindingsbestemming up te daten.
"CONTROLE-INST." Verander de instellingen voor het verbinden via een netwerk. 1 2 3 4 5 1 "GEBRUIKERS (JVC CAM driver)" Toont de geregistreerde gebruikers. Zie pagina 18 voor details. "TOEV."-toets Maximaal vier camerabestuurders kunnen worden toegevoegd. "UPDATEN"-toets Update de gebruikersnaam en het wachtwoord van de geregistreerde gebruiker. "WISSEN"-toets Wis de geregistreerde gebruiker.
"STREAM-INSTELLINGEN" Voor het formatteren voor verzenden/opnemen. 1 2 3 1 "STREAM 1 / STREAM 2" Kies de kwaliteit voor de te streamen beelden uit het volgende: "MotionJPEG(640x360)/GEEN" "MPEG-2 TS (720x576)/MotionJPEG (640x360)" "MPEG-2 TS (1920x1080)/MotionJPEG (640x360)" 2 "MAX RASTERFREQUENTIE (MotionJPEG)" Kies "12,5fps" of "6,25fps" voor de maximale rasterfrequentie van MotionJPEG. 3 "OPSL."-toets Klik na het veranderen van de instellingen hierboven op deze toets om de veranderingen op te slaan.
"CAMERA" Configureer de instellingen voor de camera met "CAMERA". "CAMERA-INSTELLINGEN" Verander de camera-instellingen. 1 2 3 4 1 AUTOM. ZOOM-RESET Kies "UIT" of "AAN" voor de functie die de zoomratio automatisch terugstelt indien er gedurende 5 minuten geen bediening wordt uitgevoerd. 2 WINDFILTER Kies "UIT" of "AAN" voor de functie waarmee ruis van bijvoorbeeld de wind wordt gereduceerd. 4 "OPSL."-toets Klik na het veranderen van de instellingen hierboven op deze toets om de veranderingen op te slaan.
"BEHEREN" Configureer de instellingen voor de beheerder en hardware met "BEHEREN". Onderverdeeld in "GEWONE INSTELLINGEN", "MEDIABEHEER" en "CAMERA UITSCHAKELEN". "ALGEMENE INSTELLINGEN" "MEDIABEHEER" Verander de instellingen van de beheerder en camera. Voor het formatteren van de SD-kaart. 1 3 2 4 5 7 6 1 "CAMERANAAM" Voer 1 tot 15 tekens voor de cameranaam in die tijdens weergave wordt getoond.
"CAMERA UITSCHAKELEN" Klik op de "UITV" toets om de stroom van de camera op afstand uit te schakelen. LET OP * De stroom kan niet op afstand worden ingeschakeld.
Oplossen van problemen Verbinding Probleem Informatie 46 Controlepunt Zie De accu kan niet worden opgeladen. • Controleer de resterende accuspanning. De accu wordt niet meer geladen indien deze vol is. pagina 33 De stroom wordt niet ingeschakeld bij gebruik van de accu. • Laad de accu op. • Controleer of de aansluiting vuil is. Indien vuil, reinig dan met bijvoorbeeld een wattestokje. pagina 27 De SD-kaart kan niet worden geplaatst. • Controleer de richting voor het plaatsen van de kaart.
Setup Probleem Controlepunt Zie U kunt geen verbinding met het toestel maken wanneer u thuis bent. (U moet de URL invoeren.) • Controleer of de draadloze (Wi-Fi) verbinding goed is. • Controleer of de camera als verbindingsbestemming van een computer of mobiel apparaat is ingesteld. • Schakel de stroom van het toestel, de computer en het mobiele apparaat opnieuw in en probeer nogmaals. pagina 20 U heeft de URL ingevoerd maar het toestel wordt niet gevonden..
Probleem Informatie 48 Controlepunt Zie Het toegangspunt . (draadloze LAN-router) kan niet worden gevonden. • Probeer onder betere ontvangstomstandigheden nogmaals te verbinden. De communicatiesnelheid verslechtert of er kan mogelijk geen verbinding worden gemaakt indien de afstand lang is of er storing door bijvoorbeeld een magnetron of andere draadloze apparatuur is. • Indien een verborgen SSID aan het toegangspunt is toegewezen, moet u het uitschakelen.
Gebruik Probleem Controlepunt Zie De opname stopt automatisch. • De opname stopt automatisch omdat er niet langer dan 12 uur achterelkaar kan worden opgenomen. • Het toestel stopt automatisch ter bescherming van het circuit wanneer de temperatuur te veel stijgt. Schakel het toestel uit, wacht even en schakel weer in. – Een opgenomen bestand kan niet worden gevonden. • Er wordt geen bestand opgeslagen wanneer de weergavetijd korter dan 1 seconde is. – De helderheid verandert onregelmatig.
Foutmelding Melding Informatie 50 Controlepunt Zie PLAATS GEHEUGENKAART! • Plaats voor opname een SD-kaart in de camera. pagina 26 GEHEUGENKAART MOET WORDEN GEFORMATTEERD. • Een nieuwe kaart of een kaart die met een ander apparaat werd gebruikt, moet mogelijk eerst met dit toestel worden geformatteerd. pagina 44 DEZE KAART KAN NIET WORDEN GEBRUIKT VOOR OPN. EN BEW. OP DEZE CAMERA • Formatteer de kaart. pagina 44 ONVOLDOENDE RUIMTE • Onvoldoende ruimte. Wis onnodige bestanden.
Melding Controlepunt Zie VERKEERD WACHTWOORD • De twee ingevoerde wachtwoorden op het wachtwoordscherm zijn verschillend. Voer hetzelfde wachtwoord in de twee velden in. GEBRUIK AC-ADAPTER • Verbind de netadapter voor het updaten van de firmware. GEEN UPDATE BESCHIKBAAR • Controleer of het update-bestand in de juiste map van de SD-kaart werd geschreven. – UPDATE BESCAHDIGD • Herstel het update-bestand voor de firmware en kopieer het naar de SD-kaart.
Lampstatuslijst Informatie Etc.
Terugstellen naar de fabrieksinstellingen Stel alle instellingen van het toestel terug naar de fabrieksinstellingen. 1 Kies "GEWONE INSTELLINGEN" in "BEHEREN". Indien de sub-instellingen niet worden getoond, klik dan op "+" links van "BEHEREN". Wissen (terugstellen) van de informatie voor het verbinden Wis de in het toestel opgeslagen informatie voor het verbinden. Houd de terugsteltoets van de camera drie seconden ingedrukt terwijl de netadapter is verbonden.
Updaten van de firmware Op onze website is er soms een firmware-update voor het verbeteren van de werking. (Er verschijnt pas een melding op onze website wanneer er daadwerkelijk een update voor de firmware is.) http://www3.jvckenwood.com/dvmain/support/ download/index.html 1 Kopieer het update-bestand naar een SD-kaart en steek de kaart in het toestel. Kopieer geen andere bestanden. 2 Kies "GEWONE INSTELLINGEN" in "BEHEREN".
Technische gegevens Camera Omgevingsvereisten Gebruik van de netadapter: 5 V gelijkstroom, Gebruik van accu: 3,6 V gelijkstroom 4,2 W, Nominaal stroomverbruik: 2 A 73 x 48 x 90 (B × H × D) Ongeveer 179 gram (alleen camera) Toelaatbare bedrijfstemperatuur: 0 ˚C tot 40 ˚C Toelaatbare opslagtemperatuur: – 20 ˚C tot 50 ˚C Beeldelement Opnamevlak Toelaatbare relatieve vochtigheid: 35 % tot 80 % 1/2,3" 12,400,000 pixels 8,290,000 tot 510,000 pixels (BEELDSTABILISATOR: UIT) Stroomtoevoer Stroomverbruik Afmeti
Stream-uitvoerformaat Formaat 1 Formaat 2 Formaat 3 Video Stream 1 JPEG (640x360) Audio LPCM 16 kHz 16 bit 1-kanaal Systeem MPEG-2 TS Video Audio Systeem Video Audio H.264 Hoofdprofiel (720x576) AAC 48 kHz 16 bit 2-kanalen MPEG-2 TS H.
©2012 JVC KENWOOD Corporation 1212HO-MW-VM