Operation Manual

44 NE
WEERGAVEGELUID
Tijdens weergave van de video bepaalt de camcorder automatisch met welke geluidsfunctie de opname was
gemaakt. Kies indien gewenst echter het geluid dat u voor de weergave wilt gebruiken. Kies “SOUND MODE”
of “12BIT MODE” van het Menuscherm volgens de uitleg op blz. 42 en wijzig de gewenste instellingen.
OPMERKINGEN:
De “SOUND MODE” (geluidsfunctie) instelling is beschikbaar voor zowel 12-bits als 16-bits geluidssignalen.
(In de beschrijving van voorgaande modellen wordt “12-bits” “32 kHz” en “16- bits” “48 kHz” genoemd.)
De camcorder kan niet bepalen met welke geluidsfunctie de opname is gemaakt wanneer er snel vooruit of
terug gespoeld wordt. Tijdens weergave wordt de geluidsfunctie in de linkerbovenhoek getoond.
SOUND MODE
12BIT MODE
: Fabrieksinstelling
STEREO
SOUND L
SOUND R
MIX
SOUND 1
SOUND 2
Zowel het “L” als het “R” kanaal wordt in stereo weergegeven.
Het geluidssignaal van het “L” kanaal wordt in stereo weergegeven.
Het geluidssignaal van het “R” kanaal wordt in stereo weergegeven.
Het originele en het gedubde geluid worden gecombineerd en
zowel via het “L” als het “R” kanaal in stereo weergegeven.
Het originele geluid wordt zowel via het “L” als het “R” kanaal in
stereo weergegeven.
Het gedubde geluid wordt zowel via het “L” als het “R” kanaal in
stereo weergegeven.
MENU'S GEBRUIKEN VOOR GEDETAILLEERDE INSTELLINGEN
(vervolg)