Operation Manual

S
ervicefunctie kiezen
i
Noteer de stand van de temperatuurregelaars en . en draai de temperatuurregelaars na het instellen terug
op uitgangspositie.
De servicefuncties zijn onderverdeeld in twee niveaus : Niveau 1 omvat de servicefuncties tot 4.9, Niveau 2 omvat de
ervicefuncties vanaf 5.0. s
f
Om een servicefunctie uit niveau 1 op te vragen :
servicetoets
indrukken en ingedrukt houden, tot op het display
--
verschijnt.
f
Om een servicefunctie uit niveau 2 op te vragen : de servicetoets
en de
schoorsteenvegertoets
gelijktijdig
indrukken en ingedrukt houden tot op het display
= =
verschijnt.
f
Temperatuurregelaar
draaien, om de juiste servicefunctie te kiezen.
Servicefunctie Code
Blz.
Servicefunctie Code
Blz.
pompschakeling
2.2
23 automatisch antipendelprogramma
2.7
27
opwarmingsvermogen boiler
2.3
25 verwarmingsvermogen instellen
5.0
28
antipendelprogramma
2.4
25 antipendeltijd warmhouden
6.8
29
max. aanvoertemperatuur
2.5
26 ontluchtingsfunctie
7.3
29
schakeldifferentieel
2.6
27 sifonvulprogramma
8.5
30
Waarde instellen
Om de waarde in te stellen, temperatuurregelknop warm water
draaien.
f
Waarde vastleggen
f Niveau 1 : de servicetoets
indrukken en ingedrukt houden totdat op het display
[ ]
verschijnt.
f Niveau 2 : de servicetoets
en de schoorsteenvegertoets gelijktijdig indrukken en ingedrukt houden tot op het
display
[ ]
verschijnt.
Na het instellen
f
Temperatuurregelaars
en op de oorspronkelijk ingestelde temperatuur draaien.
9.2.2 Pompschakeling kiezen voor verwarmingsbedrijf (servicefunctie 2.2)
i
Bij het aansluiten van een weersafhankelijke regeling, wordt automatisch op pompschakeling 3 overgeschakeld.
V
erschillende pompschakelingen :
z
Schakelstand 1 : voor installaties zonder externe regelaar. De pomp wordt door de aanvoertemperatuurregelaar
geschakeld.
Een dergelijke bediening is ten stelligste af te raden en in sommige landen zelfs verboden !
z
Schakelstand 2 (fabrieksinstelling) : voor installaties met kamerthermostaat. De aanvoertemperatuurregelaar
schakelt alléén gas, de pomp loopt door. De kamerthermostaat schakelt gas en pomp.
Pomp en extractor hebben een nadraaitijd tussen 15 sec. en 3 minuten.
z
Schakelstand 3 : voor installaties met weersafhankelijke regeling. De pomp wordt door de weersafhankelijke
regelaar geschakeld. Op zomerstand draait de pomp alléén tijdens de warmwaterbereiding.
f
Toets
indrukken en ingedrukt houden tot op het display
--
verschijnt.
Toets
brandt.
f
Het display en de toets
knipperen.
Fig. 27
23