Operation Manual

Handleiding Jablotron OASiS door SECOM4 versie 0.9 Pagina 5 van 18
Bediening met codes en kaarten en tags
Bediening met toegangscodes (kaarten en tags) van het systeem
De systeemstatus kan via een (intern of extern) bedienpaneel (keypad) worden
gecontroleerd door middel van toegangscodes of kaarten. Om misbruik door een
gestolen kaart te voorkomen, kunt u instellen dat de kaarttoegang moet worden
bevestigd door een juiste code in te geven. Bovendien kunt u het alarmsysteem
draadloos in werking stellen met een afstandsbediening.
Toegangs codes en kaarten
Toegangscodes en kaarten staan gebruik van het alarmsysteem toe d.w.z. het in- en
uitschakelen, stoppen van het alarm, en een stil alarm (paniek)veroorzaken.
Het alarmsysteem staat maximaal 50 verschillende toegangscodes toe (kaarten of
tags) die aan verschillende gebruikers moeten worden toegewezen. Op deze manier
is het mogelijk na te gaan wie het alarmsysteem in werking heeft gesteld en
wanneer.
Na reset, zijn alle toegangscodes leeg. Het is aan u als systeembeheerder om
toegangscodes te beheren zoals gewenst, door middel van een Mastercode of een
kaart. De standaard mastercode is 1234, deze dient u te wijzigen.
Nota: Ingeven van een ongeldige toegang code tien keer in een rij zal een
sabotagealarm (tamper alarm) veroorzaken.
De mastercode (kaart)
De mastercode (kaart) is een kaart met een hogere prioriteit die, naast het toestaan
van systeemcontrole, u toelaat om toegangscodes voor andere gebruikers te maken
of te verwijderen. Kennen van de mastercode of bezitten van een
hoofdtoegangskaart is noodzakelijk voor de gebruikersconfiguratie van het
alarmsysteem.
De servicecode
De service code is een speciale code die door het beveiligingsbedrijf wordt gebruikt.
Met deze code kunnen technici configuratiewijzigingen en testen uitvoeren op het
alarmsysteem.