Operation Manual
11
Vermijdt vernauwingen en haakse
bochten, maar maak gebruik van
afgeronde bochten voor een goede
luchtgeleiding.
Het gebruik van flexibele
afvoerslang dient tot een minimum
te worden beperkt en uitsluitend
toegepast te worden voor het
maken van kleine overbruggingen,
bijv. als verbinding tussen
uitblaastuit en afvoerkanaal. De
flexibele slang dient volledig
uitgetrokken en zo recht mogelijk
te worden aangebracht.
Toepassing van platte kanalen met
een te gering netto
doorstromingsoppervlak is ten
zeerste af te raden.
Controleer bestaande kanalen op
diameter, vernauwingen en of deze
niet in verbinding staan met
andere kanalen of ruimtes.
Nooit aansluiten op een
rookgasafvoerkanaal !!!
Maak gebruik van een dakdoorvoer
(buitendaks dubbelwandig ter
voorkoming van condensvorming)
met voldoende doorlaat, zoals de
Itho dubbelwandige dakdoorvoer
type DDV 150.
Bij afvoer door de buitengevel, via
een spouwmuur, dient er op gelet
te worden dat het afvoerkanaal de
spouw volledig overbrugt en iets
afloopt naar de buitenzijde.
Gebruik bij voorkeur een
dubbelwandig kanaalstuk om
condensvorming te voorkomen.
Om de opening in de buitenmuur
af te werken kan een Itho
automatisch openend/sluitend
kunststof buitenmuurrooster type
WSK 15 worden toegepast.
Bij aansluiting op een kort
afvoerkanaal door het dak of door
de muur kan het gewenst zijn in
het kanaal een terugslagklep type
TSKE 150 te monteren om
windinval te voorkomen.
12
De wasemkap is voorzien van een
snoer met randaarde steker en
dient aangesloten te worden op
een wandcontactdoos met
randaarde.
Stroomsterkte en verbruik zijn
aangegeven op het
specificatieplaatje.
De steker moet goed bereikbaar
gemonteerd worden.
Vervanging van het aansluitsnoer
dient te gebeuren door een
erkende installateur.
De meegeleverde isolatiemat dient
geplaatst te worden tussen het
motorhuis en het plafond.
Meet de tussenliggende afstand
(X). Snij de mat op maat en plaats
dan op het motorhuis rond het
afvoerkanaal.
Let er tevens op dat de steker in
het stopcontact geplaatst wordt
alvorens de schachtdelen te
monteren, zie hoofdstuk 6,
elektrische aansluiting.
6. Montage schachtdelen
5. Elektrische aansluiting










