Operation Manual
3
ruimte aan de bovenkant van de magnetron, 10cm aan de achterkant en 5cm aan beide zijden.
Bedek of blokkeer de openingen van het apparaat niet. Verwijder de voetjes niet.
6. Gebruik de magnetron niet zonder dat de glasplaat, draairing en drijfas in de juiste positie.
7. Zorg ervoor dat het netsnoer niet beschadigd is en dat het niet onder de magnetron ligt of op een
hete of scherpe ondergrond.
8. Het stopcontact moet toegankelijk zijn, zodat de magnetron eenvoudig kan worden losgekoppeld
in geval van nood.
9. Gebruik de magnetron niet buitenshuis.
Dit apparaat moet worden geaard. Deze oven is uitgerust met een snoer met een geaarde draad met
een geaarde stekker. Het moet worden aangesloten op een stopcontact dat naar behoren geïnstalleerd
en geaard is. In het geval van een elektrische kortsluiting vermindert geaarde apparatuur het risico van
elektrische schok omdat deze is voorzien van een ontsnappingsdraad voor de elektrische stroom. Het
wordt aanbevolen om een apart circuit voor de magnetron te gebruiken. Gebruik van hoog voltage is
gevaarlijk en kan resulteren in brand of andere ongevallen die leiden tot ovenschade.
WAARSCHUWING Onjuist gebruik van de geaarde stekker kan resulteren in risico van elektrische
schok.
Opmerking
1. Als u vragen heeft over het aarden of de elektrische instructies, neem dan contact op met een
elektricien of een gekwalificeerd onderhoudspersoon.
2. De fabrikant en de leverancier kunnen niet verantwoordelijk worden gesteld voor schade aan de
magnetron of persoonlijk letsel indien deze is veroorzaakt door het niet juist opvolgen van de
elektrische aansluit procedure van de magnetron.
De draden in deze kabel zijn gekleurd volgens de volgende code:
Groen en Geel = AARDE
Blauw = NEUTR
Werking van de magnetronoven kan storingen op uw radio, TV of soortgelijke apparatuur veroorzaken.
Als er storing is, dan kan deze worden verminderd of verholpen door de volgende maatregelen:
1. Maak de deur en de afdichtingsvlakken van de magnetron schoon.
2. Heroriënteer de ontvangstantenne van de radio of televisie.
3. Plaats de magnetronoven anders t.o.v. de ontvanger.
A
A
A
A
R
R
D
D
I
I
N
N
G
G
I
I
N
N
S
S
T
T
R
R
U
U
C
C
T
T
I
I
E
E
S
S
R
R
A
A
D
D
I
I
O
O
S
S
T
T
O
O
R
R
I
I
N
N
G
G










