Operation Manual
Genieten van multimedia 213
• Effect. Kies een speciaal effect, zoals Grijstinten, Sepia of Negatief om toe te
passen op de foto’s of videoclips.
• Meetmodus. Selecteer een meetmodus zodat de camera, voordat de foto
wordt gemaakt, de hoeveelheid licht kan meten en vervolgens de beste
belichtingswaarde kan toepassen. Selecteer ofwel Middengebied om het
licht midden in het te fotograferen object te meten, of selecteer Gemiddeld
om het licht rondom het object te meten.
• Voorvoegsel. Wanneer Standaard is geselecteerd als prefix, krijgen alle
namen van nieuwe bestanden de prefix “IMAGE” of “VIDEO”, gevolgd door een
volgnummer, bijvoorbeeld: IMAGE_001.jpg. U kunt er ook voor kiezen om de
bestanden te benoemen met de Datum of Datum & tijd als voorvoegsel.
Opmerking Als de Camera instelt om gemaakte foto’s op de geheugenkaart te
bewaren, kan geen voorvoegsel worden geselecteerd. Gemaakte foto’s
krijgen een naam volgens het stramien IMAGnnnn.jpg (‘nnnn’ is de
teller). Dit is de DCIM (Digital Camera Images) naamgevingsstandaard.
De foto’s worden opgeslagen in de map \DCIM\100MEDIA op de
geheugenkaart.
• Teller. Om de teller voor de bestandsnamen weer op 1 te zetten, tikt u op
Beginwaarden.
• Trillingsaanpassing. Tijdens het maken van foto’s binnenshuis, kan
het camerascherm trillen vanwege een verschil tussen de verticale
scanfrequentie van het camerascherm en de knipperfrequentie van TL-
verlichting. Om dit trillen te verminderen, kunt u de instelling hiervoor
aanpassen en instellen op Auto of op de frequentie (50Hz of 60Hz) die
overeenstemt met de stroom van het land waarin u het toestel gebruikt.










