Operation Manual
212 Genieten van multimedia
• Verlichting behouden. Verlichting in- of uitschakelen. Zolang u de camera
gebruikt, overrulet deze functie de instellingen voor de verlichting van uw
toestel.
• Sluitergeluid. Selecteer of de camera (g)een geluid laat horen wanneer u op
de ENTER-toets drukt.
• Opname-optie. De camera is uitgerust met een auto-focusfunctie die bij het
indrukken van de ENTER-toets wordt geactiveerd.
• Aanraken en indrukken (standaard). Raak de ENTER-toets aan om de
auto-focus in te schakelen, wanneer de auto-focus is ingesteld, drukt u op
de ENTER-toets om de foto te maken.
•
Aanraken. Raak de ENTER-toets aan om de auto-focus in te schakelen,
wanneer de auto-focus is ingesteld, neemt de Camera automatisch de foto.
• Helemaal indrukken. Druk de ENTER-toets helemaal in om de auto-focus
in te schakelen, wanneer de auto-focus is ingesteld, neemt de Camera
automatisch de foto.
• Eigenschappen voor installatiekopie. Met behulp van deze optie kunt
u de ingestelde eigenschappen, zoals Contrast, Verzadiging, en Tint en
Scherpte, voor het vastleggen van de foto wijzigen.
1 Tik op een eigenschap om deze aan te
passen.
2 Tik om alle eigenschappen terug te
zetten naar standaardwaardes.
3 Tik om de instellingen op te slaan.
4
Tik op
/ of druk op NAVIGATIE
links/rechts (Landscape weergave) om de
waarde te verhogen/verlagen.
5 Tik om het submenu te sluiten zonder
de veranderingen toe te passen en op
te slaan.
2
3
4
1
5










