Operation Manual
152 Internet
8.1 Methodes om verbinding met internet te maken
Met de netwerkmogelijkheden van het toestel hebt u toegang tot het Internet
en/of uw bedrijfsnetwerk via één van onderstaande verbindingen:
• Wi-Fi
• Gprs/3g (of edge indien beschikbaar)
• Inbelverbinding
Opmerking U kunt daarnaast ook de volgende verbindingen toevoegen en instellen:
• VPN: Een VPN-verbinding wordt gebruikt om toegang tot een bedrijfsnetwerk
via een bestaande internetverbinding te krijgen.
• Proxy: Een Proxy-verbinding wordt gebruikt om toegang tot het Internet te
krijgen via een bestaande verbinding met een bedrijfsnetwerk of een WAP-
netwerk.
Wi-Fi
Wi-Fi geeft draadloze toegang tot het Internet over afstanden tot 100 meter (300
voet).
Om Wi-Fi op uw toestel te gebruiken, hebt u toegang nodig tot een draadloos
toegangspunt of “hotspot”.
Opmerking De beschikbaarheid en de kwaliteit van het Wi-Fi-signaal van uw toestel hangen
af van het telefoonnummer, de infrastructuur en andere objecten in het pad van
het signaal.
Wi-Fi in- en uitschakelen
1. Op het Beginscherm gaat u naar Instellingen.
2. Bij Instellingen tikt u op Communicatie > Wi-Fi om de draadloze functie in-
of uit te schakelen.
Indien ingeschakeld, brandt de AAN-indicator en worden beschikbare
draadloze netwerken gedetecteerd.










