Operation Manual
Verbinding maken 103
Opmerkingen • De volgende keer dat uw telefoon verbinding maakt met een beveiligd
draadloos netwerk dat u eerder hebt gebruikt, wordt u niet meer
gevraagd om de WEP-sleutel in te voeren, behalve wanneer u de
fabrieksinstellingen van de telefoon terugzet.
• Wi-Fi-netwerken maken gebruik van zelfdetectie, wat betekent dat er
geen aanvullende stappen nodig zijn om uw telefoon verbinding te
laten maken met een Wi-Fi-netwerk. Voor bepaalde gesloten draadloze
netwerken kan het nodig zijn een gebruikersnaam en wachtwoord op te
geven.
De status van draadloze netwerken controleren
U kunt de status van de huidige draadloze verbinding als volgt controleren:
Statusbalk
Wanneer uw telefoon verbinding heeft met een draadloos netwerk, wordt het
Wi-Fi-pictogram ( ) weergegeven in de statusbalk en ziet u de signaalsterkte
(aantal verlichte balken). Als Netwerkmelding is ingeschakeld in de Wi-Fi-
instellingen, verschijnt dit pictogram in de statusbalk telkens wanneer de
telefoon een beschikbaar draadloos netwerk binnen het bereik selecteert.
Wi-Fi-netwerken
Tik in het scherm Wireless controls
(Draadloze bediening) op Wi-Fi-instellingen
en vervolgens op het draadloze netwerk
waarmee de telefoon is verbonden.
De naam, status, snelheid, signaalsterkte,
beveiligingsgeggevens en IP-configuratie van
het draadloze netwerk worden weergegeven.
Opmerking Als u de instellingen van het
draadloze netwerk van de telefoon
wilt verwijderen, tikt u in dit
venster op Vergeten. U moet in
dat geval de instellingen nogmaals
invoeren wanneer u verbinding
maakt met dit draadloze netwerk.
•
•










