Gebruikershandleiding
© Copyright 2012 Hewlett-Packard Development Company, L.P. Bluetooth is een handelsmerk van de desbetreffende eigenaar en wordt door Hewlett-Packard Company onder licentie gebruikt. Intel is een handelsmerk van Intel Corporation in de Verenigde Staten en andere landen. Microsoft en Windows zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten. Het SD-logo is een handelsmerk van de desbetreffende eigenaar. De informatie in deze documentatie kan zonder kennisgeving worden gewijzigd.
Kennisgeving aangaande de veiligheid WAARSCHUWING! U kunt het risico van letsel door verbranding of van oververhitting van de computer beperken door de computer niet op schoot te nemen en de ventilatieopeningen van de computer niet te blokkeren. Gebruik de computer alleen op een stevige, vlakke ondergrond.
iv Kennisgeving aangaande de veiligheid
Inhoudsopgave 1 Correct aan de slag ......................................................................................................................................... 1 Beste praktijken .................................................................................................................................... 1 Leuke dingen om te doen ..................................................................................................................... 1 Meer hulpmiddelen van HP ...............
4 Genieten van entertainmentfuncties ........................................................................................................... 21 Webcam gebruiken ............................................................................................................................ 22 Audio gebruiken ................................................................................................................................. 22 Luidsprekers aansluiten ..............................................
Accu-informatie zoeken ..................................................................................................... 37 Accuvoeding besparen ...................................................................................................... 38 Lage acculading herkennen ............................................................................................... 38 Problemen met lage acculading verhelpen ........................................................................
Wachtwoorden instellen in Setup Utility (BIOS) (Setupprogramma (BIOS)) ..................... 52 Het gebruik van de internetbeveiligingssoftware ................................................................................ 53 Het gebruik van antivirussoftware ...................................................................................... 53 Het gebruik van Firewallsoftware ....................................................................................... 53 Software-updates installeren .......
1 Correct aan de slag Deze computer is een krachtig hulpmiddel waarmee u beter kunt werken en ontspannen. Om het beste uit uw computer te halen, kunt u dit hoofdstuk lezen over de beste praktijken na de installatie, over leuke dingen die u met de computer kunt doen, en waar u meer hulpmiddelen kunt vinden.
Meer hulpmiddelen van HP U heeft met behulp van de Installatie-instructies de computer aangezet en deze handleiding gevonden. In deze tabel ziet u waar u productgegevens, handige informatie en nog veel meer kunt vinden. Hulpmiddel Inhoud Installatie-instructies ● Overzicht van de computerinstallatie en -functies. Windows 8 Beginnershandleiding ● Overzicht van het gebruik van en het navigeren in Windows 8.
Hulpmiddel Inhoud Beperkte garantie* ● Specifieke garantie-informatie voor deze computer. Om toegang te krijgen tot deze handleiding selecteert u de HP Support Assistant app in het Startscherm, selecteer Mijn computer en selecteer daarna Garantie en services, of ga naar http://www.hp.com/ go/orderdocuments. *U vindt de speciaal voorziene HP beperkte garantie die van toepassing is op uw product samen met de gebruikershandleidingen op uw computer en/of op de CD/DVD in de verpakking.
2 Vertrouwd raken met de computer Informatie over hardware en software zoeken Hardware opzoeken Zo kunt u zien welke hardware in uw computer geïnstalleerd is: 1. Typ op het startscherm c en selecteer Configuratiescherm. 2. Selecteer Systeem en beveiliging en klik daarna in het systeemvak op Apparaatbeheer. U ziet een lijst met alle apparaten die in uw computer. zijn geïnstalleerd.
Onderdeel (2) Beschrijving Vasteschijflampje ● Wit knipperend: Er wordt geschreven naar of gelezen van de vaste schijf. ● Oranje: HP 3D DriveGuard heeft de vaste schijf tijdelijk geparkeerd. OPMERKING: Zie HP 3D DriveGuard gebruiken op pagina 47 voor informatie over HP 3D DriveGuard. (3) (4) Digitalemediaslot USB-3.
Linkerkant Onderdeel (1) Beschrijving Bevestigingspunt voor beveiligingskabel Hiermee bevestigt u een als optie verkrijgbare beveiligingskabel aan de computer. OPMERKING: De beveiligingskabel is in de eerste plaats ontworpen als een afschrikmiddel, maar het is mogelijk dat hij niet belet dat de computer verkeerd wordt gebruikt of wordt gestolen. (2) Ventilatieopening Deze opening zorgt voor luchtkoeling van de interne onderdelen.
Beeldscherm Onderdeel Beschrijving (1) WLAN-antennes (2)* Met deze antennes worden draadloze signalen verzonden en ontvangen binnen een draadloos lokaal netwerk (WLANs). (2) Webcamlampje Aan: De webcam is in gebruik. (3) HP TrueVision HD-webcam Met de webcam kunt u video opnemen, foto's maken, videoconferenties houden en online chatten door video te streamen. Als u de webcam wilt gebruiken, voert u c in het Startscherm van de computer en daarna selecteert u CyberLink YouCam in de lijst met apps.
Bovenkant Touchpad Onderdeel (1) Beschrijving Touchpadlampje ● Oranje: Het Touchpad is uitgeschakeld. ● Uit: Het Touchpad is ingeschakeld. (2) Touchpad aan/uit-knop Hiermee schakelt u het touchpad in of uit. (3) Touchpadzone Hiermee kunt u de aanwijzer (cursor) op het scherm verplaatsen en onderdelen op het scherm selecteren of activeren. OPMERKING: Met de touchpad kunt u ook randveegbewegingen maken.
Lampjes Onderdeel (1) Beschrijving Aan/uit-lampje ● Wit: De computer is ingeschakeld. ● Wit knipperend: de computer staat in de slaapstand, een energiebesparingsmodus. Het beeldscherm en andere niet-benodigde onderdelen worden uitgeschakeld. ● Uit: de computer is uitgeschakeld of staat in de sluimerstand. De sluimerstand is een energiebesparingsmodus waarin zo min mogelijk energie wordt verbruikt.
Onderdeel (4) (5) 10 Beschrijving Lampje voor draadloze communicatie Touchpadlampje Hoofdstuk 2 Vertrouwd raken met de computer ● Wit: Een geïntegreerd apparaat voor draadloze communicatie, zoals een draadloos Local Area Network (WLAN) en/of een Bluetooth®-apparaat, is ingeschakeld. ● Oranje: Alle apparaten voor draadloze communicatie zijn uitgeschakeld. ● Oranje: Het Touchpad is uitgeschakeld. ● Uit: Het Touchpad is ingeschakeld.
Knoppen en luidsprekers Onderdeel (1) Beschrijving Aan/uit-knop ● Als de computer is uitgeschakeld, drukt u op de aan/ uit-knop om de computer in te schakelen. ● Als de computer is ingeschakeld, drukt u kort op de aan/uit-knop om de slaapstand te activeren (standaard uitgeschakeld). ● Als de computer in de slaapstand staat, drukt u kort op de aan/uit-knop om de slaapstand te beëindigen. ● Als de computer in de sluimerstand staat, drukt u kort op de aan/uit-knop om de sluimerstand te beëindigen.
Toetsen Onderdeel Beschrijving (1) esc-toets Druk op deze toets in combinatie met de fn-toets om systeeminformatie weer te geven. (2) fn-toets Druk op deze toets in combinatie met de esc-toets om systeeminformatie weer te geven (3) Windows-logotoets Hiermee keert u vanuit een open app of het bureaublad terug naar het startscherm. OPMERKING: Als u de Windows-logotoets opnieuw indrukt, keert u naar het vorige scherm terug. (4) Actietoetsen Hiermee voert u vaak gebruikte systeemfuncties uit.
Onderkant Onderdeel Beschrijving (1) Accuruimte Hierin bevindt zich de accu. (2) Accuvergrendeling Vergrendelt en ontgrendelt de accu. (3) Ventilatieopeningen (4) Deze openingen zorgen voor luchtkoeling van de interne onderdelen. OPMERKING: De ventilator van de computer start automatisch om interne onderdelen te koelen en oververhitting te voorkomen. Het is normaal dat de interne ventilator automatisch in- en uitschakelt terwijl u met de computer werkt.
Onderdeel (1) Productnaam (2) Serienummer (3) Productnummer (4) Garantieperiode (5) Modelbeschrijving (alleen bepaalde modellen) Houd deze gegevens bij de hand wanneer u contact opneemt met de ondersteuning. Het servicelabel bevindt zich aan de onderkant van de computer. 14 ● Label met kennisgevingen-Bevat kennisgevingen over het gebruik van de computer. Het label met kennisgevingen bevindt zich aan de onderkant van de computer.
3 Verbinding maken met een netwerk U kunt uw computer meenemen waar u ook naartoe gaat. Maar zelfs thuis kunt u de wereld verkennen en de informatie van miljoenen websites ontsluiten met uw computer en een bekabelde of draadloze netwerkverbinding. In dit hoofdstuk vindt u informatie over hoe u met die wereld in contact komt. Verbinding maken met een draadloos netwerk Met technologie voor draadloze communicatie worden gegevens niet via kabels maar via radiogolven doorgegeven.
Omdat de apparaten voor draadloze communicatie bij aflevering zijn ingeschakeld, kunt u de knop voor draadloze communicatie gebruiken om alle apparatuur voor draadloze communicatie tegelijk in of uit te schakelen. Bedieningselementen van het besturingssysteem gebruiken Met het Netwerkcentrum kunt u een verbinding of netwerk tot stand brengen, verbinding maken met een netwerk, draadloze netwerken beheren, en netwerkproblemen diagnosticeren en verhelpen.
Draadloos netwerk instellen Als u een draadloos netwerk wilt installeren en verbinding wilt maken met internet, heeft u de volgende apparatuur nodig: ● een breedbandmodem (DSL- of kabelmodem) (1) en een abonnement voor internet met hoge snelheid via een internetprovider; ● een (afzonderlijk aan te schaffen) draadloze router (2); ● een computer met voorzieningen voor draadloze communicatie (3). OPMERKING: sommige modems hebben een ingebouwde draadloze router.
Draadloze radiosignalen hebben bereik tot buiten het netwerk, zodat andere WLAN-apparaten onbeveiligde signalen kunnen ontvangen. U kunt de volgende voorzorgsmaatregelen treffen om uw draadloze netwerk hiertegen te beschermen: ● Gebruik een firewall. Een firewall controleert zowel gegevens als verzoeken om gegevens die naar uw netwerk zijn verzonden, en verwijdert eventuele verdachte onderdelen. Er bestaan zowel softwarematige als hardwarematige firewalls.
Bluetooth-apparaten voor draadloze communicatie gebruiken (alleen bepaalde modellen) Een Bluetooth-apparaat maakt draadloze communicatie over korte afstanden mogelijk, ter vervanging van communicatie via de gebruikelijke fysieke kabels tussen elektronische apparaten zoals de volgende: ● computers (desktopcomputers, notebookcomputers, pda's) ● telefoons (mobiele telefoons, draadloze telefoons, smartphones) ● beeldapparaten (printers, camera's) ● geluidsapparaten (headsets, luidsprekers) ● muis Blue
2. Sluit het andere uiteinde van de netwerkkabel aan op een netwerkaansluiting in de wand (2) of op een router. OPMERKING: als de netwerkkabel een ruisonderdrukkingscircuit (3) bevat (dat voorkomt dat de ontvangst van tv- en radiosignalen wordt gestoord), sluit u de kabel op de computer aan met het uiteinde waar zich het ruisonderdrukkingscircuit bevindt.
4 Genieten van entertainmentfuncties U kunt uw computer van HP gebruiken voor allerlei soorten ontspanning: via de webcam contacten onderhouden, muziek luisteren en organiseren en films downloaden en bekijken. U kunt nog meer met uw computer doen als u hem verbindt met externe apparaten als een monitor, projector of tv, of met luidsprekers of een hoofdtelefoon. Multimediavoorzieningen Hieronder vindt u enkele entertainmentvoorzieningen die op uw computer aanwezig zijn.
Onderdeel (5) Beschrijving USB-3.0-poorten (2) Hierop sluit u optionele USB 3.0-apparaten aan. Deze poorten zorgen voor hogere USB-prestaties. OPMERKING: Zie Het gebruik van een USBapparaat op pagina 43 voor informatie over de verschillende types USB-poorten. (6) Luidsprekers (2) Spelen geluid af.
Luidsprekers aansluiten U kunt bekabelde luidsprekers op de computer aansluiten door deze op USB-poorten (of de audiouitgang) op de computer of een dockingstation aan te sluiten. Volg de instructies van de fabrikant van het apparaat om draadloze luidsprekers op uw computer aan te sluiten. Zie Audio-instellingen configureren op pagina 25 voor informatie over het aansluiten van high-definition luidsprekers op de computer. Pas eerst het geluidsvolume aan voor u audioapparaten aansluit.
Om uw kijkgenot te verbeteren, kunt u de videopoort van de computer gebruiken om een externe monitor, projector of tv aan te sluiten. De computer beschikt over een HDMI-poort (High-Definition Multimedia Interface), waarop u een high-definition monitor of hd-tv kunt aansluiten. BELANGRIJK: Let op dat het externe apparaat met de juiste kabel aan de juiste poort is aangesloten. Raadpleeg bij vragen de instructies van de fabrikant van het apparaat.
Audio-instellingen configureren HDMI is de enige video-interface die high-definition video en audio ondersteunt. Ga als volgt te werk om HDMI-audio in te schakelen nadat u een HDMI-tv op de computer heeft aangesloten: 1. Klik met de rechter muisknop op het pictogram Luidsprekers in het systeemvak uiterst rechts op de taakbalk en klik daarna op Afspeelapparaten. 2. Klik op het tabblad Afspelen op de naam van het digitale uitvoerapparaat. 3. Klik op Als standaard instellen en daarna op OK.
5 Navigeren op basis van aanraakbewegingen, aanwijsapparaten en het toetsenbord Op de computer kunt u niet alleen navigeren met het toetsenbord en de muis, maar ook met aanraakbewegingen (alleen bepaalde modellen). U kunt het touchpad van uw computer gebruiken voor de aanraakbewegingen. OPMERKING: U kunt een externe USB-muis (afzonderlijk aan te schaffen) aansluiten op één van de USB-poorten van de computer. Zie de Windows 8 Beginnershandleiding die bij de computer is geleverd.
Touchpadbewegingen gebruiken Via het touchpad kunt u met uw vingers de pointer op het scherm besturen. TIP: Gebruik de linker- en rechterknop van het touchpad precies zoals u de overeenkomstige knoppen van een externe muis zou gebruiken. OPMERKING: Touchpadbewegingen worden niet in alle programma's ondersteund. Zo bekijkt u een demonstratie van elke beweging: 1. Typ op het startscherm c om de lijst Apps weer te geven. Selecteer Configuratiescherm en daarna Hardware en geluiden. 2.
Schuiven Met schuiven kunt u op een pagina of in een afbeelding omhoog, omlaag of opzij bewegen. ● Plaats twee vingers iets uit elkaar op de touchpadzone en sleep ze naar boven, onder, links of rechts. Knijpen/zoomen Door te knijpen en te zoomen kunt u in- of uitzoomen op afbeeldingen of tekst. 28 ● Zoom in door twee vingers bij elkaar te houden op de touchpadzone en ze daarna van elkaar af te bewegen.
Randveegbewegingen Met randveegbewegingen kunt u taken uitvoeren zoals instellingen wijzigen en apps zoeken of gebruiken. Rechterrandveegbeweging Met de rechterrandveegbeweging krijgt u toegang tot de charms, waarmee u kunt zoeken, delen, apps starten, en waarmee u toegang krijgt tot apparaten of instellingen kunt wijzigen. ● Veeg met uw vinger voorzichtig vanaf de rechter rand om de charms weer te geven.
Linkerrandveegbeweging Met de linkerrandveegbeweging krijgt u de open apps te zien zodat u daar snel naartoe kunt schakelen. ● Veeg uw vingers langzaam vanaf de linker rand van het Touchpad om te schakelen tussen apps. Toetsenbord en muis gebruiken Met het toetsenbord en de muis kunt u typen en dezelfde functies uitvoeren als bij gebruik van aanraakbewegingen. Met de actietoetsen en hotkeys op het toetsenbord kunt u specifieke functies uitvoeren.
TIP: Met de Windows-logotoets op het toetsenbord kunt u snel van een open app of het bureaublad terugkeren naar het startscherm. Als u de Windows-logotoets opnieuw indrukt, keert u naar het vorige scherm terug. OPMERKING: Afhankelijk van het land of de regio waarin u woont, is het mogelijk dat uw toetsenbord andere toetsen en toetsenbordfuncties heeft dan de toetsen en functies die in dit gedeelte worden beschreven.
Pictogram Toets Beschrijving f7 Hiermee kunt u een audio-cd, dvd of bd afspelen of het afspelen onderbreken of hervatten. f8 Hiermee speelt u het volgende nummer van een audio-cd of het volgende gedeelte van een dvd of bd af. f9 Zolang u deze toets ingedrukt houdt, wordt het geluidsvolume steeds verder verlaagd. f10 Zolang u deze toets ingedrukt houdt, wordt het geluidsvolume steeds verder verhoogd. f11 Hiermee schakelt u de geluidsweergave uit (en weer in).
Functie Toegangstoets Beschrijving Systeeminformatie weergeven. fn+esc Hiermee geeft u informatie weer over de hardwareonderdelen van het systeem en het versienummer van het systeem-BIOS. Het geïntegreerde numerieke toetsenblok gebruiken De computer beschikt over een geïntegreerd numeriek toetsenblok en ondersteunt tevens een extern numeriek toetsenblok of een optioneel extern toetsenbord met numeriek toetsenblok.
6 Energiebeheer Uw computer werkt op accuvoeding of maakt gebruik van een externe voedingsbron. Wanneer de computer alleen op accuvoeding werkt en er geen externe voedingsbron beschikbaar is om de accu op te laden, is het belangrijk de lading van de accu te controleren en te sparen.
OPMERKING: U kunt Rapid Start Technology uitschakelen in Setup Utility (BIOS) (Setupprogramma (BIOS)). Als Rapid Start Technology uitgeschakeld is en u wilt de hibernationstand kunnen inschakelen, moet u de door de gebruiker geïnitialiseerde hibernationstand inschakelen in Energiebeheer. Zie De door de gebruiker geïnitialiseerde hibernationstand inschakelen en afsluiten op pagina 35.
Wachtwoord zetten voor beëindigen slaap- of sluimerstand Zo stelt u in dat een wachtwoord moet worden opgegeven bij het beëindigen van de slaap- of sluimerstand: 1. Typ energie in het Startscherm, selecteer Instellingen en daarna Energiebeheer. 2. Selecteer in het linkerdeelvenster Een wachtwoord vereisen bij uit slaapstand komen. 3. Klik op Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn. 4. Klik op Een wachtwoord vereisen (aanbevolen).
Als u Energiebeheer wilt gebruiken, typt u energie in het scherm Start, u selecteert Instellingen en daarna Energiebeheer. Werkt op accuvoeding. Als de accu in de computer opgeladen is en de computer niet aan externe voeding is aangesloten, gebruikt de computer accuvoeding. Als er een geladen accu geïnstalleerd is in de computer en de AC-adapter is losgekoppeld van de computer wordt de helderheid van het scherm verlaagd om energie te sparen.
De HP Support Assistant bevat de volgende hulpmiddelen om informatie over de accu te krijgen: ● Accutest ● Informatie over soorten accu's, specificaties, levensduur en capaciteit. Om toegang te krijgen tot de informatie over de accu, selecteert u op het startscherm de HP Support Assistant app en daarna Accu en prestaties. Accuvoeding besparen Tips om acculading te besparen en de levensduur van de accu te maximaliseren: ● Verlaag de helderheid van het scherm.
Lage acculading verhelpen wanneer de computer de sluimerstand niet kan beëindigen Als de computer niet voldoende acculading heeft om de sluimerstand te beëindigen, gaat u als volgt te werk: 1. Vervang de lege, door de gebruiker vervangbare accu door een opgeladen accu of sluit de netvoedingsadapter aan op de computer en op een externe voedingsbron. 2. Beëindig de sluimerstand door op de aan/uit-knop te drukken.
● Wanneer u gegevens naar een schijf schrijft (alleen bepaalde modellen) ● Wanneer u Schijfdefragmentatie uitvoert op computers met interne vaste schijven ● Wanneer u een back-up of herstelactie uitvoert Wanneer u de computer op een externe netvoeding aansluit: ● Begint de accu op te laden. ● Neemt de helderheid van het beeldscherm toe. ● Verandert het pictogram Energiemeter op het Windows bureaublad van vorm.
Als HP CoolSense is uitgeschakeld, wordt de positie van de computer niet gedetecteerd en blijven de prestaties en de ventilatorinstellingen staan op de fabrieksinstelling. Daardoor kan de temperatuur van de behuizing hoger oplopen dan het geval zou zijn met HP CoolSense aan. U schakelt CoolSense als volgt in of uit: ▲ Typ op het startscherm cool, selecteer Instellingen en daarna HP CoolSense.
42 ● Koppel de computer van de externe voeding los. ● Verwijder de accu (bij modellen met een door de gebruiker vervangbare accu).
7 Gegevens beheren en delen Schijfeenheden zijn digitale opslagapparaten waarop u gegevens kunt opslaan, beheren, delen en waarvan u gegevens kunt lezen. De computer heeft een interne vaste schijf of een solid state drive waarop de software en het besturingssysteem staan en waarop al uw persoonlijke bestanden worden opgeslagen.
▲ Sluit de USB-kabel voor het apparaat aan op de USB-poort. OPMERKING: De USB-poort op de computer kan er iets anders uitzien dan de in dit gedeelte afgebeelde USB-poort. Een geluidssignaal geeft aan dat het apparaat werd gedetecteerd. OPMERKING: De eerste keer dat u een USB-apparaat aansluit, verschijnt er een bericht in het systeemvak om aan te geven dat het apparaat wordt herkend door de computer.
Digitale opslagkaart plaatsen en verwijderen Ga als volgt te werk om een digitale opslagkaart te plaatsen: VOORZICHTIG: Oefen zo min mogelijk kracht uit bij het plaatsen van een digitale kaart, om beschadiging van de connectoren van de digitale kaart te voorkomen. 1. Houd de kaart met het label naar boven en de connectoren naar de computer gericht. 2. Plaats de kaart in het digitale-opslagslot en druk de kaart naar binnen tot deze goed op zijn plaats zit.
Gegevens en schijfeenheden delen en software gebruiken Als uw computer deel uitmaakt van een netwerk bent u niet enkel beperkt tot de informatie die werd opgeslagen op uw computer. Computers in een netwerk kunnen software en gegevens uitwisselen met elkaar. OPMERKING: Als een schijf zoals een dvd met een film of een spel tegen kopiëren beveiligd is, kunt u deze niet delen. U kunt mappen en bibliotheken als volgt op het netwerk delen: 1. Open op het bureaublad Bestandsverkenner. 2.
8 Computer onderhouden Het is zeer belangrijk om de computer regelmatig te onderhouden, zodat deze optimaal blijft functioneren. Dit hoofdstuk bevat informatie over het verbeteren van de prestaties van de computer door de uitvoering van hulpprogramma's zoals Schijfdefragmentie en Schijfopruiming. Het biedt ook informatie over het updaten van programma's en stuurprogramma's, instructies voor het reinigen van de computer en tips voor het reizen met de computer.
HP beveelt aan de vaste schijf minimum één maal per maand te defragmenteren. U kunt instellen dat Schijfdefragmentatie maandelijks wordt uitgevoerd, maar u kunt ook op elk gewenst moment Schijfdefragmentatie handmatig starten. Ga als volgt te werk om een schijfdefragmentatie uit te voeren: 1. Sluit de computer aan op een netvoedingsbron. 2. Typ op het startscherm schijf, selecteer Instellingen en daarna De stations defragmenteren en optimaliseren. 3. Volg de instructies op het scherm.
Veeg de zijkanten en het deksel met een vochtig, kiemdodend doekje schoon. Materiaal met vezels, zoals papieren doekjes, kunnen de computer bekrassen. OPMERKING: Wanneer u het deksel van de computer reinigt, moet u het vuil verwijderen door ronddraaiende bewegingen te maken. Touchpad en toetsenbord reinigen VOORZICHTIG: Zorg bij het schoonmaken van het toetsenbord dat er geen vloeistoffen tussen de toetsen komen. Hierdoor kunnen er interne onderdelen beschadigd raken.
● Verwijder de accu en bewaar deze afzonderlijk als de computer meer dan 2 weken niet wordt gebruikt en niet is aangesloten op een externe voedingsbron. ● Verzend een computer of schijfeenheid in goed beschermend verpakkingsmateriaal. Vermeld op de verpakking dat het om breekbare apparatuur gaat. ● Als een draadloos apparaat op de computer aangesloten is, is het mogelijk dat deze apparaten in sommige omgevingen beperkt werken.
9 Computer en gegevens beveiligen Computerbeveiliging is essentieel om de vertrouwelijkheid, integriteit en beschikbaarheid van uw gegevens te waarborgen.
Voor meer informatie over Windows wachtwoorden, bijvoorbeeld voor de schermbeveiliging, typt u op het startscherm h en selecteert u Help en ondersteuning. Windows-wachtwoorden instellen Wachtwoord Functie Gebruikerswachtwoord Beveiligt de toegang tot een Windows-gebruikersaccount. Beheerderswachtwoord Beveiligt toegang op beheerdersniveau van computergegevens. OPMERKING: Met dit wachtwoord kan geen toegang worden verkregen tot de inhoud van Setup Utility (BIOS) (Setupprogramma (BIOS)).
De voorkeursinstellingen zijn van kracht zodra de computer opnieuw is opgestart. Het gebruik van de internetbeveiligingssoftware Wanneer u de computer gebruikt om toegang te krijgen tot e-mail, een netwerk of internet, kunt u deze mogelijk blootstellen aan computervirussen, spyware en andere online bedreigingen. Om de computer te beveiligen, is er mogelijk internetbeveiligingssoftware met antivirus- en firewallvoorzieningen, een proefversie, op de computer geïnstalleerd.
Volg deze richtlijnen om er zeker van te zijn dat alle beschikbare updates op de computer zijn geïnstalleerd: ● Voer Windows Update uit zodra u de computer gebruiksklaar heeft gemaakt. Typ w in het Startscherm, selecteer Instellingen en selecteer daarna Windows Update. ● Voer Windows Update daarna elke maand uit. ● Zodra updates van Windows en andere Microsoft-programma's beschikbaar zijn, moeten deze worden gedownload van de Microsoft-website en via de koppeling Updates in Help en ondersteuning.
10 Setup Utility (BIOS) en Systeemdiagnose gebruiken Setup Utility, ook wel Basic Input/Output System (BIOS) genoemd, regelt de communicatie tussen alle invoer- en uitvoerapparaten in het systeem (zoals schijfeenheden, het beeldscherm, het toetsenbord, de muis en de printer). Setup Utility (BIOS) bevat instellingen voor de soorten apparaten die zijn geïnstalleerd, voor de opstartvolgorde van de computer en voor de hoeveelheid systeemgeheugen en uitbreidingsgeheugen.
BIOS-update downloaden VOORZICHTIG: om het risico van schade aan de computer of een mislukte installatie te beperken, downloadt en installeert u een BIOS-update alleen terwijl de computer met de netvoedingsadapter is aangesloten op een betrouwbare externe voedingsbron. Download of installeer een BIOS-update niet wanneer de computer op accuvoeding werkt of wanneer de computer is aangesloten op een optioneel dockingapparaat of een optionele voedingsbron.
Systeemdiagnose gebruiken Met Systeemdiagnose kunt u diagnostische tests uitvoeren om vast te stellen of de hardware van de computer correct functioneert. U start Systeemdiagnose als volgt: 1. Zet de computer aan of start deze opnieuw op, druk snel op de toets ESC en druk daarna op de toets f2. 2. Klik op de diagnosetest die u wilt uitvoeren en volg de instructies op het scherm. OPMERKING: Als u een diagnosetest wilt stoppen voordat deze afgelopen is, drukt u op ESC.
11 Back-ups maken, bestanden terugzetten en herstellen De computer is voorzien van hulpmiddelen van het besturingssysteem en HP om u te helpen uw informatie te beschermen en indien nodig te herstellen. Deze hulpmiddelen helpen u om de computer met een paar eenvoudige stappen terug te brengen naar een goede werkende toestand of zelfs naar de oorspronkelijke fabriekstoestand.
Zie HP herstelmedia maken op pagina 59. 2. Maak systeemherstelpunten wanneer u hardware en softwareapplicaties toevoegt. Een systeemherstelpunt is een 'momentopname' van de vaste schijf die op een bepaald tijdstip door Windows Systeemherstel wordt opgeslagen. Een systeemherstelpunt bevat informatie die door Windows wordt gebruikt, zoals instellingen van het register.
● Zorg ervoor dat de computer op netvoeding is aangesloten voordat u de herstelmedia maakt. ● Dit proces kan een uur of langer duren. Onderbreek het proces niet. ● U kunt het programma eventueel afsluiten voordat u klaar bent met het maken van herstelmedia. HP Recovery Manager maakt dan de DVD waar hij mee bezig is af. De volgende keer dat u HP Recovery Manager start, wordt u gevraagd of u verder wilt gaan met het maken van de back-up en dan worden de resterende schijven gebrand.
applicaties kunt u eventueel via de optie Stuurprogramma's en applicaties opnieuw installeren in de HP Recovery Manager installeren. Zie Herstellen met HP Recovery Manager op pagina 62 voor meer informatie. ● Als u de computer terug wilt zetten naar de partities en de inhoud zoals deze oorspronkelijk in de fabriek zijn geïnstalleerd, kunt u de optie Systeemherstel van de HP herstelmedia gebruiken. Zie Herstellen met HP Recovery Manager op pagina 62 voor meer informatie.
U gebruikt de toets f11 als volgt: 1. Druk tijdens het opstarten van de computer op f11. – of – Houd f11 ingedrukt terwijl u de computer aanzet. 2. Selecteer uit het menu met opstartopties Problemen oplossen. 3. Selecteer De pc opnieuw instellen en volg de instructies op het scherm. Via het startscherm doet u dit als volgt: 1. Wijs op het startscherm de hoek rechtsboven of rechtsonder op het beeldscherm aan om de charms weer te geven. 2. Klik op Instellingen. 3.
Voor wereldwijde ondersteuning gaat u naar http://welcome.hp.com/country/us/en/ wwcontact_us.html. BELANGRIJK: HP Recovery Manager maakt niet automatisch back-ups van uw persoonlijke gegevens. Maak, voordat u het systeem gaat herstellen, back-ups van alle persoonlijke gegevens die u wilt bewaren. U kunt met de HP-herstelpartitie een geminimaliseerde image herstellen (alleen bepaalde modellen).
3. Houd ESC ingedrukt terwijl de computer opnieuw opstart en druk daarna op f9 voor de opstartopties. 4. Selecteer de optischeschijfeenheid of de USB-flashdrive die u voor het opstarten wilt gebruiken. 5. Volg de instructies op het scherm. HP-herstelpartitie verwijderen Met HP Recovery Manager kunt u de HP-herstelpartitie verwijderen om meer ruimte op uw vaste schijf vrij te maken.
12 Specificaties Ingangsvermogen De gegevens over elektrische voeding in dit gedeelte kunnen van pas komen als u internationaal wilt reizen met de computer. De computer werkt op gelijkstroom, die kan worden geleverd via netvoeding of via een voedingsbron voor gelijkstroom. De netvoedingsbron moet 100-240 V, 50-60 Hz als nominale specificaties hebben.
13 Elektrostatische ontlading Elektrostatische ontlading is het vrijkomen van statische elektriciteit wanneer twee objecten met elkaar in aanraking komen, bijvoorbeeld de schok die u krijgt wanneer u over tapijt loopt en daarna een metalen deurklink aanraakt. Elektronische onderdelen kunnen worden beschadigd door de ontlading van statische elektriciteit vanaf vingers of andere elektrostatische geleiders.
Index A aan/uit-knop, herkennen 11 Aan/uit-lampjes, herkennen 4, 9 accu afvoeren 39 opbergen 39 vervangen 39 voeding besparen 38 accu-informatie, zoeken 37 accu-ontgrendeling 13 accuruimte 13, 14 accutemperatuur 39 accuvergrendeling, herkennen 13 accuvoeding 37 actietoetsen afspelen, pauzeren, hervatten 32 draadloos 32 geluid harder 32 geluid uit 32 geluid zachter 32 helderheid van beeldscherm verhogen 31 helderheid van beeldscherm verlagen 31 Help en ondersteuning 31 herkennen 12 schakelen tussen beeldsche
Help en ondersteuning over het gebruik van 2 herstellen 60, 61 HP Recovery Manager 62 media 63 met HP Recovery Manager 60 ondersteunde schijven 59 schijven 59, 63 starten 63 systeem 62 USB-flashdrive 63 herstelmedia maken 59 maken met HP Recovery Manager 60 herstel met geminimaliseerde image 63 herstelpartitie 63 verwijderen 64 hoofdtelefoon aansluiten 23 hotkeys beschrijving 32 gebruiken 32 systeeminformatie weergeven 33 HP 3D DriveGuard 47 HP-herstelmedia herstellen 63 maken 59 HP-herstelpartitie 63 herst
P poorten HDMI 5, 21, 24 Intel draadloos beeldscherm 25 USB 2.0 6, 22 USB 3.
systeemherstelpunt 59, 60 Vernieuwen 60, 61 Windows-applicatietoets, herkennen 12 Windows-logotoets, herkennen 12 Windows-updates installeren 53 Windows-wachtwoorden 52 Wireless Assistant (Assistent voor draadloze communicatie) software 15 WLAN-antennes, herkennen 7 WLAN-apparaat 16 WLAN label 14 70 Index