OFFICEJET 6000 Gebruikershandleiding E609
HP Officejet 6000 (E609)-serie printers Gebruikershandleiding
Copyright informatie © 2009 Copyright Hewlett-Packard Development Company, L.P. Uitgave 1, 6/2009 Kennisgeving van HewlettPackard Company De informatie in dit document kan zonder kennisgeving worden gewijzigd. Alle rechten voorbehouden. Reproductie, aanpassing of vertaling van dit materiaal is verboden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Hewlett-Packard, met uitzondering van wat is toegestaan onder de wet op de auteursrechten.
Inhoudsopgave 1 Aan de slag Andere bronnen over het product zoeken .................................................................................8 Het modelnummer van het apparaat zoeken...........................................................................10 Toegankelijkheid.......................................................................................................................10 De onderdelen van het apparaat kennen.....................................................................
4 Configureren en beheren Het apparaat beheren...............................................................................................................33 Het apparaat controleren....................................................................................................34 Het apparaat beheren.........................................................................................................35 Beheertools voor het apparaat gebruiken.........................................................
Inhoudsopgave Druk een afdrukkwaliteitsrapport af en kijk na of deze goed is................................................65 Een afdrukkwaliteitsrapport afdrukken...............................................................................66 De Diagnosepagina van de afdrukkwaliteit evalueren........................................................66 Inktniveaus....................................................................................................................67 Goede gekleurde balken.....
Draadloze problemen oplossen..............................................................................................110 Draadloze basisproblemen oplossen...............................................................................110 Geavanceerde draadloze problemen oplossen................................................................111 Controleren of de computer verbinding heeft met het netwerk...................................112 Controleren of het HP-apparaat met uw netwerk is verbonden.....
Inhoudsopgave Papierstoringen oplossen.......................................................................................................120 Verhelp een storing in het apparaat.................................................................................121 Tips voor het vermijden van papierstoringen....................................................................122 Fouten (Windows)...................................................................................................................
Telefonische ondersteuning van HP krijgen...........................................................................144 Voordat u belt...................................................................................................................144 Wat te doen bij problemen................................................................................................145 Telefonische ondersteuning van HP.................................................................................
Inhoudsopgave Programma voor milieubeheer...............................................................................................162 Papiergebruik...................................................................................................................162 Plastics.............................................................................................................................162 Veiligheidsinformatiebladen............................................................................
1 Aan de slag In deze handleiding vindt u details over het gebruik van het apparaat en het oplossen van problemen.
(vervolg) Bron Beschrijving Locatie Raadpleeg HP Printerhulpprogramma (Mac OS X) voor meer informatie. Bedieningspaneel Geeft status-, fout- en waarschuwingsinformatie over de werking. Raadpleeg Bedieningspaneel voor meer informatie. Logs en rapporten Biedt informatie over gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden. Raadpleeg Het apparaat controleren voor meer informatie. Statusrapport printer • Raadpleeg De printerstatuspagina begrijpen voor meer informatie.
Hoofdstuk 1 Het modelnummer van het apparaat zoeken Naast de modelnaam die op de voorkant van het apparaat verschijnt, heeft dit apparaat een specifiek modelnummer. U kunt dit nummer gebruiken om te helpen bepalen welke toebehoren of accessoires beschikbaar zijn voor uw product en wanneer u ondersteuning vraagt. Het modelnummer wordt afgedrukt op een label aan de binnenkant van het apparaat, in de buurt van de printcartridges.
Voorzijde 1 Bedieningspaneel 2 Uitvoerlade 3 Lade 1 4 Breedtegeleiders 5 Bovenste klep 6 Inktcartridges 7 Printkopvergrendeling 8 Printkop Bedieningspaneel Zie Lampjes op het bedieningspaneel voor meer informatie over het aflezen van de lampjes op het bedieningspaneel.
Hoofdstuk 1 1 Knop en lampje Aan/Uit 2 Knop en lampje Doorgaan 3 Knop Annuleren 4 Netwerkknop (beschikbaar op sommige modellen) Draadloosknop 5 (beschikbaar op sommige modellen) Inktpatroonlampjes Achterzijde 1 USB (Universal Serial Bus)-poort achteraan 2 Ethernet-netwerkpoort 3 Automatisch accessoire voor dubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid) (alleen sommige modellen) 4 Stroomaansluiting 5 Toegangspaneel aan achterkant Informatie over verbindingen Beschrijving Aanbevolen aantal aan
(vervolg) Beschrijving Aanbevolen aantal aangesloten computers voor de beste prestaties Ondersteunde softwarefuncties aangesloten via een hub of een router. Printers delen Maximaal vijf computers. De hostcomputer moet altijd aanstaan, anders kunnen de andere computers niet op het apparaat afdrukken. 802.11 draadloos (alleen bepaalde modellen) Maximaal vijf computers die aan het apparaat zijn aangesloten via een hub of een router. Instructies bij de installatie deze handleiding voor meer instructies.
2 De accessoires installeren Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen: • • De duplexmodule installeren (beschikbaar op sommige modellen) Accessoires inschakelen De duplexmodule installeren (beschikbaar op sommige modellen) Als het optionele accessoire voor automatisch dubbelzijdig afdrukken (duplexeenheid) is geïnstalleerd, kunt u automatisch op beide zijden van een vel papier afdrukken. Zie Dubbelzijdig afdrukken (duplexen) voor informatie over het gebruik van de duplexeenheid.
De duplexmodule op het toestel activeren en inactiveren Als u de duplexmodule installeert of verwijdert, moet u de accessoire op het bedieningspaneel van het toestel activeren of inactiveren. De duplexmodule activeren of inactiveren ▲ Druk op de knop Annuleren en knop Netwerk en houdt deze gedurende vijf seconden ingedrukt. Nadat u de knoppen hebt losgelaten, drukt het toestel een rapport af waarin staat dat de duplexeenheid is geactiveerd. Accessoires op Windows-computer in- of uitschakelen 1.
3 Het apparaat gebruiken Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen: • • • • • • • • Afdrukmedia selecteren Afdrukmateriaal laden De afdrukinstellingen wijzigen Dubbelzijdig afdrukken (duplexen) Afdrukken op speciaal en aangepast afdrukmateriaal Afdrukken zonder randen Een webpagina afdruken (alleen Windows) Een afdruktaak annuleren Afdrukmedia selecteren Het apparaat is geschikt voor gebruik met de meeste soorten afdrukmateriaal.
Het is mogelijk dat in uw land/regio bepaalde papiersoorten niet beschikbaar zijn. HP Brochurepapier HP Superior inkjetpapier Dit papier heeft een glanzende of matte laag aan beide kanten voor dubbelzijdig gebruik. Dit papier is een ideale keuze voor reproducties van fotokwaliteit, omslagen van bedrijfsrapporten, speciale presentaties, brochures, mailings en kalenders. HP Helderwit inkjetpapier HP Helderwit Inkjetpapier levert contrastrijke kleuren en scherp afgedrukte tekst op.
Hoofdstuk 3 uw product te selecteren en klik vervolgens op een van de koppelingen voor bestellingen op de pagina. Opmerking Momenteel zijn sommige delen van de website van HP alleen beschikbaar in het Engels. HP Photo-waardepakketten: In de HP Photo-waardepakketten worden oorspronkelijke HP printcartridges en HP Geavanceerd fotopapier handig samen verpakt om u tijd te besparen en het giswerk voor het afdrukken van professionele foto's met uw HP-printer weg te nemen.
Tips voor de keuze en het gebruik van afdrukmedia • • • • • Gebruik altijd afdrukmateriaal dat voldoet aan de specificaties van het apparaat. Raadpleeg Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal voor meer informatie. Plaats slechts één papiersoort tegelijkertijd in een lade. Als u een speciaal soort afdrukmateriaal bovenop gewoon afdrukmateriaal plaatst, kan het papier vastlopen of de afdruk onjuist zijn.
Hoofdstuk 3 Transparanten • Plaats transparanten met de ruwe kant naar beneden en de plakstrip wijzend naar de achterzijde van het apparaat. • Verwijder elk vel dat uit de printer komt en leg het weg om te drogen. Wanneer nat afdrukmateriaal zich opstapelt kunnen vlekken ontstaan. Speciaal papierformaat • Gebruik alleen speciaal papierformaat dat wordt ondersteund door het apparaat.
(vervolg) Papierformaat Invoerlade Duplexmodule (bepaalde modellen) B5 zonder rand (182 x 257 mm; 7,17 x 10,12 inches) HV (101 x 180 mm; 4,0 x 7,1 inches) Kabinetformaat (120 x 165 mm; 4,7 x 6,5 inches) 13 x 18 cm (5 x 7 inches) Kabinet zonder rand (120 x 165 mm; 4,7 x 6,5 inches) Zonder rand 13 x 18 cm (5 x 7 inches) Enveloppen Envelop U.S.
Hoofdstuk 3 (vervolg) Papierformaat Fotopapier (8 x 10 inches) Fotopapier (10 x 15 cm) Foto L (89 x 127 mm; 3,5 x 5 inches) 2L (178 x 127 mm; 7,0 x 5,0 inches) Fotopapier zonder rand (102 x 152 mm; 4 x 6 inches) Fotopapier zonder rand (5 x 7 inches) Fotopapier zonder rand (8 x 10 inches) Fotopapier zonder rand (8,5 x 11 inches) Fotopapier zonder rand (10 x 15 cm) Foto L zonder rand (89 x 127 mm; 3,5 x 5 inches) 2L zonder rand (178 x 127 mm; 7,0 x 5,0 inches) B5 zonder rand (182 x 257 mm; 7,2 x 10,1 inches)
** Het apparaat is alleen compatibel met gewoon en inkjet-hagaki van Japan Post. Het is niet compatibel met foto-hagaki van Japan Post.
Hoofdstuk 3 Minimummarges instellen De documentmarges moeten overeenkomen met (of groter zijn dan) deze ingestelde marges in de oriëntatie Staand. Afdrukmateriaal (1) Linkermarge (2) Rechtermarg e (3) Bovenmarge (4) Ondermarge U.S. Letter 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 3,3 mm (0,13 inch) 14,9 mm (0,59 inch) U.S. Legal A4 U.S.
Lade 1 laden (hoofdlade) 1. Trek de uitvoerlade naar boven. 2. Schuif de materiaalgeleider naar buiten in de breedste instelling. 3. Plaats het papier met de afdrukzijde naar beneden langs de rechterkant van de lade. Zorg ervoor dat de stapel papier op een lijn ligt met de rechterkant en achterkant van de lade en dat het papier de lijnmarkering op de lade niet overschrijdt. Opmerking Vul nooit papier bij als het apparaat nog aan het afdrukken is. 4.
Hoofdstuk 3 5. Trek het verlengstuk op de uitvoerlade uit. Opmerking Als het afdrukmateriaal langer is dan 279 mm (11 inch), trekt u het verlengstuk uit tot in de maximum positie. Zorg ervoor dat de flap aan het uiteinde van het verlengstuk niet omhoog is gebracht, anders hindert de flap het papier dat wordt uitgeworpen. De afdrukinstellingen wijzigen U kunt de afdrukinstellingen (zoals papierformaat of -soort) wijzigen vanuit een toepassing of de driver van de printer.
De standaardinstellingen wijzigen voor alle komende opdrachten (Windows) 1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten. -ofKlik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers. Opmerking Voer het wachtwoord van de beheerder van de computer in als dit wordt gevraagd. 2. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van de printer en klik op Eigenschappen, Standaardinstellingen voor document of Voorkeursinstellingen voor afdrukken. 3.
Hoofdstuk 3 • • Bij automatisch dubbelzijdig afdrukken houdt het toestel het afdrukmateriaal vast als de afdruk aan een zijde is voltooid, en wordt gewacht tot de inkt droogt. Vervolgens wordt het afdrukmateriaal terug in het toestel getrokken en wordt de tweede zijde afgedrukt. Wanneer het afdrukken is voltooid, wordt het afdrukmateriaal op de uitvoerlade laten vallen. Pak het papier niet voor het afdrukken is voltooid.
Afdrukken op speciaal en aangepast afdrukmateriaal Afdrukken op speciaal of aangepast afdrukmateriaal (Windows) 1. Plaats het juiste afdrukmateriaal. Raadpleeg Afdrukmateriaal laden voor meer informatie. 2. Kies wanneer een document is geopend de opdracht Afdrukken in het menu Bestand en klik vervolgens op Instellingen, Eigenschappen of Voorkeuren. 3. Klik op het tabblad Functies. 4. Selecteer het materiaalformaat in de vervolgkeuzelijst Formaat.
Hoofdstuk 3 6. Klik in het menu Bestand op Pagina-instelling en selecteer dan het nieuwe aangepaste formaat. Opmerking In Mac OS X (v10.5) hebben sommige programma's geen menu Pagina-instelling omdat het deel uitmaakt van het menu Afdrukken. 7. Klik op OK. 8. Klik op Afdrukken in het menu Bestand. 9. Open het paneel Papierverwerking. 10. Klik in Bestemming papierformaat op het tabblad Aanpassen aan papierformaat en selecteer dan het speciale papierformaat. 11.
3. Klik op Bestand en klik vervolgens op Pagina-instelling. Opmerking In Mac OS X (v10.5) hebben sommige programma's geen menu Pagina-instelling omdat het deel uitmaakt van het menu Afdrukken. 4. 5. 6. 7. Selecteer het formaat zonder randen en klik vervolgens op OK. Klik op Bestand en vervolgens op Afdrukken. Open het paneel Papiersoort/Kwaliteit. Klik op het Tabblad papieren selecteer vervolgens het soort afdrukmateriaal uit de vervolgkeuzelijst Papiersoort. 8.
Hoofdstuk 3 Tip Mogelijk moet u de afdrukstand Liggend instellen om de webpagina's goed af te drukken. Een afdruktaak annuleren U kunt een afdruktaak annuleren door een van de volgende handelingen uit te voeren: Bedieningspaneel: Druk op Annuleren knop. Hiermee verwijdert u de taak die op dat moment wordt uitgevoerd. Dit is niet van invloed op afdruktaken in de wachtrij. Windows: dubbelklik op het printerpictogram dat rechtsonder op het beeldscherm wordt weergegeven.
4 Configureren en beheren Deze informatie is bedoeld voor de beheerder of persoon die verantwoordelijk is voor het beheer van het apparaat.
Hoofdstuk 4 Het apparaat controleren Gebruik dit hulpmiddel… om de volgende informatie te verkrijgen.... Bedieningspaneel van het apparaat Informatie over de status van huidige taken, de bedrijfsstatus van het apparaat en de status van printcartridges. Geïntegreerde webserver • • Printerstatusinformatie: Klik op het tabblad Informatie en klik vervolgens op een selectie in het linkerpaneel.
Het apparaat beheren Dit onderdeel bevat informatie over het beheren van het apparaat en het wijzigen van instellingen. Gebruik dit hulpmiddel… als u het volgende wilt doen... Bedieningspaneel Het beheerderswachtwoord en de netwerkinstellingen resetten: Houd de ingedrukt Aan/uit knop, druk op Netwerk knop, (op sommige modellen, druk op de knop Draadloos ), twee keer, druk op druk op knop Annuleren drie keer, en ontgrendel de Aan/uit knop.
Hoofdstuk 4 (vervolg) Gebruik dit hulpmiddel… als u het volgende wilt doen... • • • HP Printerhulpprogramma (Mac OS X) Het IP-adres van de printer wijzigen: Klik in het tabblad Netwerkinstellingen op Vast of Draadloos, naargelang de verbinding, pas de IP-instellingen aan en klik vervolgens op OK. De DNS-instelling van de printer wijzigen: Klik in het tabblad Netwerkinstellingen op Vast of Draadloos, naargelang de verbinding, pas de DNS-instellingen aan en klik vervolgens op OK.
geselecteerde taal opslaat), worden andere (zoals de cookie die klantspecifieke voorkeuren opslaat) op de computer opgeslagen tot u ze handmatig verwijdert. U kunt uw browser configureren zodat alle cookies worden aanvaard, of u kunt hem configureren zodat u wordt gewaarschuwd telkens wanneer een cookie wordt aangeboden waardoor u cookie per cookie kunt beslissen of u ze al dan niet aanvaardt. U kunt uw browser ook gebruiken om ongewenste cookies te verwijderen.
Hoofdstuk 4 Pagina's geïntegreerde webserver De geïntegreerde webserver bevat pagina's die u kunt gebruiken om productinformatie te bekijken en apparaatinstellingen te wijzigen. De pagina's bevatten ook koppelingen naar andere e-services. Pagina's/knoppen Inhoud Informatiepagina Deze pagina bevat statusinformatie over het apparaat, de inktbenodigdheden en het inktgebruik en een gebeurtenissenlogboek (bijvoorbeeld met fouten).
Tabbladen in de Werkset De Werkset bevat de volgende tabbladen. Tabblad Inhoud Geschat inktniveau • Informatie over het inktniveau: toont het geschatte inktniveau voor elke patroon. Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u een waarschuwing voor een laag inktniveau krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden.
Hoofdstuk 4 Werkset netwerk Met de Werkset netwerk kunt u netwerkinstellingen bekijken en wijzigen. U kunt het IPadres wijzigen, de draadloze radio in- of uitschakelen, tests uitvoeren en rapporten afdrukken. U opent als volgt de Werkset netwerk: 1. De Werkset openen 2. Klik op het tabblad Netwerkinstellingen. 3. Klik op de knop Instellingen wijzigen.... 4. Voer een van de volgende handelingen uit: • Klik op Instellingen voor bekabelde netwerken om instellingen voor bekabelde netwerken te wijzigen.
Het HP Printerhulpprogramma openen Het HP Printerhulpprogramma openen vanuit HP Apparaatbeheer 1. Klik in het Dock op het pictogram HP Apparaatbeheer. Opmerking Als het pictogram niet in het Dock verschijnt, klikt u op het pictogram Spotlight in de rechterkant van de menubalk, typt u HP Apparaatbeheer in het vakje en klikt u vervolgens op de HP Apparaatbeheer-ingave. 2. Selecteer Printer onderhouden. 3. Selecteer het HP apparaat en klik vervolgens op Selecteren.
Hoofdstuk 4 Gebruik het HP Apparaatbeheer (Mac OS X) De HP Apparaatbeheer openen op een computer met Macintosh 1. Klik in het Dock op het pictogram HP Apparaatbeheer. Opmerking Als het pictogram niet in het Dock verschijnt, klikt u op het pictogram Spotlight in de rechterkant van de menubalk, typt u HP Apparaatbeheer in het vakje en klikt u vervolgens op de HP Apparaatbeheer-ingave. 2. Selecteer het apparaat in het vervolgmenu Apparaten.
1. Printerinformatie: Geeft informatie over het apparaat (zoals productnaam, modelnummer, serienummer en versie van de firmware), de accessoires die zijn geïnstalleerd (zoals de duplexeenheid) en het aantal pagina's dat vanuit de lades en accessoires wordt afgedrukt. 2. Status inktcartridge: Toont de geschatte inktniveaus (grafisch voorgesteld met behulp van meters), de onderdeelnummers en verlvaldatums van de inktcartridges.
Hoofdstuk 4 Het netwerkconfiguratierapport of het draadloze statusrapport begrijpen De netwerkconfiguratie of het draadloze statusrapport geeft de netwerk- of draadloze instellingen weer voor het apparaat. 1. Algemene informatie: Informatie over de huidige status en het type verbinding van het netwerk en andere informatie, zoals de URL van de geïntegreerde webserver en het hardware-adres van het apparaat. Netwerkstatus: deze instelling kan 'Gereed' of 'Offline' zijn.
3. 802.11 Draadloos (bepaalde modellen) Informatie over de uw draadloze netwerkverbinding, zoals de hostnaam, het IP-adres, het subnetmasker, de standaard-gateway en het hardwareadres van het apparaat. 4. Diversen: Geeft informatie weer, zoals bijvoorbeeld de gegevens van de beheerder. • mDNS: Hier wordt informatie weergegeven over de actieve mDNS-verbinding (Multicast Domain Name System).
Hoofdstuk 4 Opmerking U kunt het apparaat ook delen met andere computers door middel van een eenvoudig type netwerk dat een lokaal gedeeld netwerk wordt genoemd. Raadpleeg Het apparaat delen in een lokaal gedeeld netwerk voor meer informatie. het apparaat verbinden voordat u de software installeert Als u het apparaat verbindt voordat u de apparaatsoftware installeert, verschijnt de wizard Nieuwe Hardware gevonden op het beeldscherm.
1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten. -ofKlik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers. 2. Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van het apparaat, klik op Eigenschappen en klik dan op het tabblad Delen. 3. Klik op de optie voor het delen van het apparaat en geef een gedeelde naam op.
Hoofdstuk 4 5. Selecteer in het scherm Verbindingstype de optie Vast/draadloos apparaat en klik vervolgens op Volgende. 6. Volg de aanwijzingen op het scherm om de installatie te voltooien. Opmerking Zie De software van het apparaat installeren op clientcomputers en Het apparaat delen in een lokaal gedeeld netwerk als u het apparaat wilt delen met Windows-clientcomputers.
De software voor een netwerk of een rechtstreekse verbinding installeren Opmerking Als u het apparaat installeert op een vast netwerk moet u de Ethernetkabel aansluiten voordat u de software installeert. 1. Plaats de installatie-cd in het cd-romstation. Dubbelklik op het pictogram HPsoftware installeren. 2. Klik op Software installeren en volg de aanwijzingen op het scherm. 3. Sluit het apparaat aan op uw computer wanneer dit wordt gevraagd. 4.
Hoofdstuk 4 Voor meer informatie over het delen van een USB-apparaat raadpleegt u de ondersteuningsinformatie op de Apple-website (www.apple.com) of de Mac Help op de computer. Het apparaat met andere computers delen 1. Open Systeemvoorkeuren, klik op Afdrukken &en faxen en doe vervolgens een van volgende dingen afhankelijk van het besturingssysteem dat u gebruikt: • Mac OS X (v10.
Opmerking Zie Draadloze problemen oplossen als er problemen optreden. Als u het apparaat wilt gebruiken voor draadloze communicatie, moet u het installatieprogramma minstens eenmaal uitvoeren vanaf de Starter-cd en een draadloze verbinding maken. Het apparaat mag niet via een netwerkkabel op het netwerk aangesloten zijn. Het apparaat voor verzending moet ingebouwde 802.11-voorzieningen of een ingebouwde 802.11 draadloze kaart hebben.
Hoofdstuk 4 • ◦ Dezelfde netwerknaam (SSID) hebben ◦ Op hetzelfde subnet en kanaal zitten ◦ Dezelfde 802.11-beveiligingsinstellingen hebben Infrastructuur (aanbevolen): In een netwerk in infrastructuurmodus is het apparaat ingesteld op de infrastructuurcommunicatiemethode en communiceert het met andere apparaten op het netwerk, draadloos én bedraad, via een WAP. WAP's werken normaal gesproken als routers of gateways in kleine netwerken.
3. Klik in het cd-menu op Netwerk-/draadloos apparaat installeren en volg de aanwijzingen op het scherm. Opmerking Als de firewall-software op uw computer berichten weergeeft tijdens de installatie, selecteer dan de optie "altijd toestaan" in de berichten. Door deze optie te selecteren kan de software succesvol op uw computer worden geïnstalleerd. 4. Sluit de USB-kabel voor draadloze installatie tijdelijk aan wanneer u dit wordt gevraagd. 5.
Hoofdstuk 4 Als u problemen ondervindt zoals: • • • Printer niet gevonden bij het installeren van HP-software Kan niet afdrukken, afdruktaak zit vast in de wachtrij of de printer gaat offline Kan printerstatus op uw computer niet zien Dan voorkomt de firewall mogelijk dat uw HP-apparaat computers op uw netwerk laat weten waar het kan worden gevonden.
Wijzig de verbindingsmethode Als u de software hebt geïnstalleerd en uw HP apparaat hebt aangesloten met een USBof Ethernet-kabel, kunt u altijd veranderen naar een draadloze verbinding. Een USB-aansluiting wijzigen in een draadloze verbinding (Windows) 1. Selecteer Start, Programma's, HP, selecteer uw apparaat, en selecteer vervolgens Draadloze instellingen opnieuw configureren. 2. Druk op Een apparaat toevoegen. 3. Volg de instructies op het scherm en verwijder de USB-kabel wanneer u dit wordt gevraagd.
Hoofdstuk 4 Als het toegangspunt MAC-adressen filtert, moet het MAC-adres van het apparaat aan de lijst van het toegangspunt met geaccepteerde MAC-adressen worden toegevoegd. 1. Druk het draadloze statusrapport af. Zie Het netwerkconfiguratierapport of het draadloze statusrapport begrijpen voor meer informatie over het draadloze statusrapport. 2. Open het configuratieprogramma van het toegangspunt en voeg het hardware-adres van het HP-apparaat aan de lijst met geaccepteerde MAC-adressen toe.
Er zijn drie manieren om de software te verwijderen van een Windows-computer, en er zijn twee manieren om de software te verwijderen van een Macintosh-computer. De eerste mogelijkheid voor het verwijderen van de software van een Windowscomputer 1. Koppel het apparaat los van de computer. Sluit het apparaat pas op de computer aan nadat u de software opnieuw hebt geïnstalleerd. 2. Druk op de knop Voeding om het apparaat uit te schakelen. 3.
Hoofdstuk 4 4. Start de computer opnieuw op. Opmerking Het is belangrijk dat u het apparaat loskoppelt voordat u de computer opnieuw opstart. Sluit het apparaat pas op de computer aan nadat u de software opnieuw hebt geïnstalleerd. 5. Plaats de Starter-cd van het apparaat in het cd-romstation van uw computer en start vervolgens de installatie opnieuw. 6. Volg de instructies op het scherm en raadpleeg ook De software installeren voordat u het apparaat verbindt (aanbevolen werkwijze).
3. Dubelklik opHewlett-Packard. 4. Dubbelklik op HP Uninstaller. 5. Selecteer het apparaat en dubbelklik vervolgens op Installatie ongedaan maken.
5 Onderhoud en problemen oplossen Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen: • • • • • • • • • • • • • Werken met inktcartridges Druk een afdrukkwaliteitsrapport af en kijk na of deze goed is Tips en middelen voor het oplossen van problemen Problemen met het afdrukken oplossen Problemen oplossen bij afdrukken Problemen met de afdrukkwaliteit oplossen Problemen met de papierinvoer oplossen Problemen met het apparaatbeheer oplossen Netwerkproblemen oplossen Draadloze problemen oplossen Installatieproblemen
Informatie over printcartridges en de printkop Lees de volgende tips voor het omgaan met en het onderhouden van HP-inktpatronen als u verzekerd wilt zijn van een consistente afdrukkwaliteit. • • De instructies in deze gebruikershandleiding zijn voor het vervangen van printcartridges en zijn niet bedoeld voor de eerste installatie. Als u een printcartridge moet vervangen, wacht dan tot u beschikt over een nieuwe printcartridge om te installeren voordat u de oude cartridge verwijdert.
Hoofdstuk 5 De geschatte inktniveaus bekijken U kunt de geschatte inktniveaus controleren vanuit het HP Solution Center, Werkset (Windows), het HP Printerhulpprogramma (Mac OS X) of de geïntegreerde webserver. Zie Beheertools voor het apparaat gebruiken voor informatie over het gebruik van deze tools. U kunt de Printerstatuspagina ook afdrukken om deze informatie te bekijken (zie De printerstatuspagina begrijpen).
3. Druk op het klepje aan de voorkant van de printcartridge om deze te ontgrendelen, en verwijder deze vervolgens uit de sleuf. 4. Verwijder de nieuwe printcartridge uit de verpakking door het oranje lipje recht naar achteren te trekken om de plastic verpakking van de printcartridge te verwijderen. Opmerking Zorg ervoor dat u de plastic verpakking van de printcartridge verwijdert voordat u het in het apparaat installeert, anders mislukt het afdrukken.
Hoofdstuk 5 5. Draai het oranje lipje om het los te breken. Opmerking Zorg ervoor dat het plastic lipje volledig is verwijderd en dat het etiket enigszins is verscheurd en het openingskanaal toont. 6. Gebruik de gekleurde symbolen als leidraad en schuif de inktcartridge in de lege sleuf tot hij op zijn plaats klikt en stevig op zijn plek zit. Let op Til de vergrendelingsgreep op de wagen met de printcartridges niet omhoog om de printcartridges te installeren.
geïnstalleerd, de datum waarop de cartridge voor het laatst werd gebruikt, het aantal pagina's dat werd afgedrukt met de cartridge, de paginadekking, de gebruikte afdrukstanden, eventuele afdrukfouten, en het productmodel. Deze informatie helpt HP bij het ontwerpen om ervoor te zorgen dat producten in de toekomst aan de afdrukbehoeften van onze klanten voldoen.
Hoofdstuk 5 Een afdrukkwaliteitsrapport afdrukken • • • • Bedieningspaneel: Houd de Aan/Uit-knop ingedrukt, druk zeven keer op de knop Annuleren, druk twee keer op de knop Hervatten en laat de knop Aan/uit los. Geïntegreerde webserver: Klik op het tabblad Instellingen, klik op Apparaatservices in het linkerdeelvenster. Kies Pagina diagnostiek voor afdrukkwaliteit (PQ) afdrukken uit de keuzelijst in het gedeelte Afdrukkwaliteit en klik op Diagnose uitvoeren.
• • • Tekst in groot zwart lettertype Uitlijnpatronen Er zijn geen defecten Inktniveaus ▲ Bekijk de indicatoren van het inktniveau in regel 21. Als een van de niveauindicatoren laag zijn, moet u mogelijk die printcartridge vervangen. Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u een bericht met een inktwaarschuwing krijgt, overweeg dan om vervangcartridges klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden.
Hoofdstuk 5 Ongelijke, onregelmatig gestreepte, of vervaagde balken Voorbeeld van balken met slechte kleuren De bovenste balk is ongelijkmatig gestreept of vervaagd. Voorbeeld van balken met slechte kleuren De bovenste zwarte balk is aan een kant ongelijk. Als een van de balken ongelijk, onregelmatig gestreept of vervaagd zijn, volg dan deze stappen: 1. Controleer of er nog inkt zit in de printcartridges. 2.
Het probleem voorkomen dat ongelijke balken op het Diagnoserapport afdrukkwaliteit veroorzaakt: • Laat geopende printcartridges niet langdurig uit de printer. • Wacht tot een nieuwe cartridge klaar is om te worden geïnstalleerd voordat u een oude printcartridge verwijdert. Regelmatige witte strepen in de balken Als een van de gekleurde balken regelmatige witte strepen vertoont, volgt u de volgende stappen op: Witte strepen De afdrukkwaliteitbalken hebben witte strepen. 1.
Hoofdstuk 5 Als de kleur van een van de balken niet gelijkmatig is, volg dan de onderstaande stappen: 1. Als de printer onlangs op een grote hoogte werd vervoerd, probeer de printkop dan te reinigen. 2. Als de printer niet onlangs werd vervoerd, probeer dan nog een Diagnoserapport afdrukkwaliteit af te drukken. Dit gebruikt minder inkt dan het reinigen van de printkop, maar als het niet effectief is, probeer dan de printkop te reinigen. 3. Probeer het Diagnoserapport afdrukkwaliteit.
Uitlijnpatronen Als de gekleurde balken en grote tekst er goed uitzien en de printcartridges niet leeg zijn, kijk dan naar de uitlijningspatronen rechtstreeks boven de gekleurde balken. Voorbeeld van een goed uitlijningspatroon De lijnen zijn recht. Voorbeelden van een slecht uitlijningspatroon De lijnen zijn ongelijk - lijn de printer uit. Neem contact op met HP als dit niet werkt. Er zijn geen defecten Als u geen fouten ziet op het afdrukkwaliteitrapport, werkt het afdruksysteem correct.
Hoofdstuk 5 • • • • • • • • • • Zorg dat de voedingskabel en andere kabels functioneren en goed op het apparaat zijn aangesloten. Zorg dat het apparaat goed is verbonden met een werkend stopcontact en is ingeschakeld. Zie Elektrische specificaties voor spanningsvereisten. Afdrukmateriaal moet goed in de lade zijn geplaatst en niet in het apparaat zijn vastgelopen. Printkop en printcartridges moeten goed geplaatst zijn in de juiste met kleuren gecodeerde sleuven.
Controleer de instellingen van software van het apparaat De afdruksnelheid is langzamer wanneer Beste of Maximale dpi is geselecteerd als afdrukkwaliteit. Verhoog de afdruksnelheid door andere afdrukinstellingen te selecteren in de apparaatdriver. Raadpleeg De afdrukinstellingen wijzigen voor meer informatie. De inktniveaus zijn laag Het inktniveau van de printcartridges controleren. Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen.
Hoofdstuk 5 De afdruk is niet correct of er ontbreken gedeelten Controleer de printcartridges Ga na of de juiste printcartridges zijn geplaatst en of de printcartridges nog voldoende inkt bevatten. Zie Het apparaat beheren en De geschatte inktniveaus bekijken voor meer informatie. Controleer de marge-instellingen Zorg dat de marge-instellingen van het document niet buiten het afdrukgebied van uw apparaat liggen. Raadpleeg Minimummarges instellen voor meer informatie.
elektromagnetische velden. Het is bovendien raadzaam een USB-kabel met een lengte van minder dan drie meter te gebruiken om de effecten van deze elektromagnetische velden te minimaliseren. Als de bovenstaande oplossingen niet werken, worden de afdrukinstellingen mogelijk niet goed geïnterpreteerd door de toepassing. Lees de printerinformatie voor bekende softwareproblemen, raadpleeg de documentatie bij de toepassing of neem contact op met de softwarefabrikant.
Hoofdstuk 5 Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 3: steek de flappen naar binnen om papierstoringen te voorkomen Oplossing: Steek de flappen in de enveloppen. Hiermee voorkomt u papierstoringen. Oorzaak: De flappen kunnen in de rollen vast komen te zitten. Afdrukken zonder rand geeft onverwachte resultaten Oplossing: Probeer de afbeelding af te drukken vanaf de fotobewerkingssoftware die bij het apparaat is geleverd.
Oplossing 2: Papier in de invoerlade plaatsen Oplossing: Plaats papier in de invoerlade. Meer informatie vindt u in: Afdrukmateriaal laden Oorzaak: Er was geen papier meer in het apparaat. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 3: selecteer de juiste printer Oplossing: Controleer of u de juiste printer in uw softwaretoepassing hebt geselecteerd.
Hoofdstuk 5 Oplossing 6: verwijder alle geannuleerde afdruktaken uit de wachtrij Oplossing: Een afdruktaak is mogelijk in de wachtrij blijven staan nadat de taak is geannuleerd. Door de geannuleerde taak loopt de wachtrij vast, waardoor de volgende afdruktaak niet kan worden afgedrukt. Open op de computer de printermap en kijk of de geannuleerde taak in de afdrukwachtrij blijft staan. Probeer de taak uit de wachtrij te verwijderen.
Controleer de status van het apparaat als de verbindingen veilig zijn en er gedurende enkele minuten niets is afgedrukt nadat u een afdruktaak hebt verzonden naar het apparaat. Klik in de HP Solution Center-software op Instellingen en vervolgens op Status. Oorzaak: De computer communiceert niet met het apparaat. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing.
Hoofdstuk 5 probleem niet oplost, gaat u verder met de resterende oplossingen tot het probleem is opgelost.
Oplossing 4: controleer de status van de printerdriver Oplossing: De status van de printerdriver is mogelijk gewijzigd in off line of stoppen met afdrukken. De status van de printerdriver controleren ▲ Klik in het HP Solution Center op het tabblad Status. Oorzaak: De status van de printerdriver is gewijzigd. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing.
Hoofdstuk 5 Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 8: controleer of de wagen met de printcartridges vrij kan bewegen Oplossing: Koppel het netsnoer los als dit nog niet was losgekoppeld. Controleer of de wagen met de printcartridges vrij kan bewegen van de ene zijde van de printer naar de andere. Probeer de wagen niet te forceren indien deze ergens vastzit. Let op Zorg ervoor dat u de printerwagen niet forceert.
in het apparaat, ligt de eerste pagina met de bedrukte kant naar boven onder op de stapel. De marges worden niet afgedrukt zoals verwacht Probeer het probleem op te lossen met de volgende oplossingen. De oplossingen staan in volgorde, met de meest waarschijnlijke oplossing eerst. Als de eerste oplossing het probleem niet oplost, gaat u verder met de resterende oplossingen tot het probleem is opgelost.
Hoofdstuk 5 Oplossing 3: plaats de stapel papier juist Oplossing: Verwijder de papierstapel uit de invoerlade, plaats het papier terug en schuif de papierbreedtegeleider naar binnen tot hij stopt aan de rand van het papier. Meer informatie vindt u in: Afdrukmateriaal laden Oorzaak: De papiergeleiders waren niet correct ingesteld. Tekst of illustraties worden afgebroken aan de randen van de pagina Probeer het probleem op te lossen met de volgende oplossingen.
Oplossing 2: controleer de lay-out van het document Oplossing: Controleer of de lay-out van het document dat u wilt afdrukken past op een papierformaat dat door het apparaat wordt ondersteund. De afdruklay-out vooraf bekijken 1. Laad het juiste papierformaat in de invoerlade. 2. Bekijk de afdruktaak voordat u ze naar het apparaat stuurt. In de meeste softwaretoepassingen klikt u op Bestand en vervolgens op Afdrukvoorbeeld. 3.
Hoofdstuk 5 Er wordt een lege pagina afgedrukt Probeer het probleem op te lossen met de volgende oplossingen. De oplossingen staan in volgorde, met de meest waarschijnlijke oplossing eerst. Als de eerste oplossing het probleem niet oplost, gaat u verder met de resterende oplossingen tot het probleem is opgelost.
Oorzaak: De printkop was verstopt. Oplossing 5: Papier in de invoerlade plaatsen Oplossing: Als er nog maar een paar vellen in het apparaat over zijn, laadt u meer papier in de invoerlade. Als er voldoende papier in de invoerlade ligt, verwijdert u de papierstapel, maakt u de stapel recht door deze tegen een vlakke ondergrond te tikken en plaatst u het papier weer terug in de invoerlade. Meer informatie vindt u in: Afdrukmateriaal laden Oorzaak: Het apparaat heeft twee vellen papier opgenomen.
Hoofdstuk 5 • • • • • • Oplossing 3: controleer de papiersoort Oplossing 4: De inktniveaus controleren Oplossing 5: Controleer de afdrukinstellingen Oplossing 6: Printkop uitlijnen Oplossing 7: reinig de printkop Oplossing 8: neem contact op met HP-ondersteuning Oplossing 1: controleer of u originele HP-printcartridges gebruikt Oplossing: Controleer of uw printcartridges originele HP-printcartridges zijn. HP raadt aan printcartridges van HP te gebruiken.
Bewaar speciale afdrukmaterialen in de oorspronkelijke verpakking in een hersluitbare plastic zak op een vlakke ondergrond op een koele, droge plaats. Als u gaat afdrukken, haalt u alleen het papier eruit dat u onmiddellijk wilt gebruiken. Als u klaar bent met afdrukken, doet u het niet gebruikte fotopapier terug in de plastic zak. Hierdoor zal het fotopapier niet krullen. Opmerking Bij dit probleem is er geen probleem met uw inktbenodigdheden.
Hoofdstuk 5 Opmerking Op bepaalde computerschermen kunnen kleuren anders worden weergegeven dan wanneer ze worden afgedrukt op papier. In dat geval is er niets mis met het apparaat, de afdrukinstellingen of de printcartridges. U hoeft verder geen probleem op te lossen. Meer informatie vindt u in: Afdrukmedia selecteren Oorzaak: De afdrukinstellingen waren niet goed. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing.
Kies wanneer hierom wordt gevraagd uw land/regio en klik vervolgens op Neem contact op met HP als u contact wilt opnemen met de technische ondersteuning. Oorzaak: Er is een probleem opgetreden met de printkop. Tekst of illustraties worden niet volledig met inkt gevuld Probeer de volgende oplossingen als de inkt de tekst of de afbeelding niet volledig vult zodat het lijkt of er stukken ontbreken of zijn opengelaten.
Hoofdstuk 5 Oplossing 3: Controleer de afdrukinstellingen Oplossing: Controleer de afdrukinstellingen. • Controleer de instelling Papiersoort zodat deze overeenkomt met de papiersoort in de invoerlade. • Controleer de instelling voor de afdrukkwaliteit en zorg ervoor dat deze niet te laag is ingesteld. Druk de afbeelding af met een instelling voor hoge afdrukkwaliteit, zoals Beste of Maximum aantal dpi. Oorzaak: De papiersoort of de instellingen voor de afdrukkwaliteit waren onjuist ingesteld.
Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 6: neem contact op met HP-ondersteuning Oplossing: Neem contact op met HP-ondersteuning voor onderhoud. Bezoek: www.hp.com/support. Kies wanneer hierom wordt gevraagd uw land/regio en klik vervolgens op Neem contact op met HP als u contact wilt opnemen met de technische ondersteuning. Oorzaak: Er is een probleem opgetreden met de printkop.
Hoofdstuk 5 Oorzaak: De instelling voor de afdrukkwaliteit was te laag ingesteld. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 3: draai de afbeelding Oplossing: Als het probleem hiermee niet wordt verholpen, draait u de afbeelding 180 graden met de software die u bij het apparaat hebt geïnstalleerd of met een andere softwaretoepassing, zodat de lichtblauwe, grijze of bruine kleurtonen in de afbeelding niet onderaan op de pagina worden afgedrukt.
Oplossing 3: De inktniveaus controleren Oplossing: Het inktniveau van de printcartridges controleren. Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u een waarschuwing voor een laag inktniveau krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden. U hoeft de printcartridges niet te vervangen voor de afdrukkwaliteit onaanvaardbaar wordt.
Hoofdstuk 5 Oorzaak: Er is een probleem opgetreden met de printkop. Afdrukken zijn onduidelijk of vertonen doffe kleuren Probeer de volgende oplossingen als de kleuren op uw afdruk niet zo helder en intens zijn als verwacht.
Oplossing 3: De inktniveaus controleren Oplossing: Het inktniveau van de printcartridges controleren. Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u een waarschuwing voor een laag inktniveau krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden. U hoeft de printcartridges niet te vervangen voor de afdrukkwaliteit onaanvaardbaar wordt.
Hoofdstuk 5 Tip Nadat u de oplossingen in dit deel hebt bekeken, kunt u naar de website van HP gaan om te zien of daar extra hulp is om het probleem op te lossen. Raadpleeg voor meer informatie: www.hp.com/support. • • • • Oplossing 1: Controleer de afdrukinstellingen Oplossing 2: gebruik een afbeelding van hogere kwaliteit Oplossing 3: druk de afbeelding in een kleiner formaat af Oplossing 4: Printkop uitlijnen Oplossing 1: Controleer de afdrukinstellingen Oplossing: Controleer de afdrukinstellingen.
Oplossing 4: Printkop uitlijnen Oplossing: Lijn de printkop uit. Het uitlijnen van de printer kan een uitstekende afdrukkwaliteit helpen verzekeren. Meer informatie vindt u in: Printkop uitlijnen Oorzaak: De printer moest mogelijk worden uitgelijnd. Afdrukken bevatten verticale strepen Oplossing: HP raadt u aan HP-papier te gebruiken of een andere papiersoort die geschikt is voor het apparaat. Zorg er altijd voor dat het papier waarop u afdrukt plat ligt.
Hoofdstuk 5 Oplossing 2: controleer of er slechts een papiersoort is geplaatst Oplossing: Er mag slechts een papiersoort tegelijk geplaatst zijn. Oorzaak: Er werden meerdere papiersoorten in de invoerlade geplaatst. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing. Oplossing 3: controleer of het toegangspaneel aan de achterkant of de duplexmodule goed is geïnstalleerd Oplossing: Zorg ervoor dat de acherklep goed is geplaatst.
Papier wordt niet uit de invoerlade opgenomen Probeer het probleem op te lossen met de volgende oplossingen. De oplossingen staan in volgorde, met de meest waarschijnlijke oplossing eerst. Als de eerste oplossing het probleem niet oplost, gaat u verder met de resterende oplossingen tot het probleem is opgelost.
Hoofdstuk 5 Oplossing 4: reinig de rollen Oplossing: Reinig de rollen. Zorg dat u het volgende bij de hand hebt: • • Een pluisvrije doek of ander zacht materiaal dat niet rafelt of geen vezels achterlaat. gedistilleerd of gefilterd water of flessenwater (kraanwater kan verontreinigende stoffen bevatten, die de printcartridges kunnen beschadigen). Oorzaak: De rollen waren vuil en moesten worden gereinigd. Als het probleem hiermee niet verholpen is, probeert u de volgende oplossing.
Oplossing 1: Wacht even voordat u probeert nogmaals af te drukken Oplossing: Als de zwarte cartridge nieuw is, geef het automatische onderhoud dan de tijd om het probleem op te lossen. De zwarte afdrukkwaliteit zou binnen een paar uur moeten verbeteren. Als u geen tijd hebt om te wachten, kunt u de printkop reinigen. Dit kost echter meer inkt, en de slechte zwarte tekst kan opnieuw voorkomen tot het automatische onderhoud is voltooid.
Hoofdstuk 5 Nadat u de printkop hebt gereinigd, drukt u een afdrukkwaliteitsrapport af. Beoordeel het afdrukkwaliteitsrapport om te zien of er nog steeds een probleem is met de afdrukkwaliteit. Meer informatie vindt u in: • • reinig de printkop Druk een afdrukkwaliteitsrapport af en kijk na of deze goed is Oorzaak: De printkop moest worden gereinigd. Het apparaat drukt langzaam af Probeer de volgende oplossingen als het apparaat erg langzaam afdrukt.
Kies wanneer hierom wordt gevraagd uw land/regio en klik vervolgens op Neem contact op met HP als u contact wilt opnemen met de technische ondersteuning. Oorzaak: Er is een probleem opgetreden met het apparaat. Geavanceerd onderhoud aan de printkop Als er problemen optreden tijdens het afdrukken, kan er iets mis zijn met de printkop. U moet de procedures in de volgende hoofdstukken alleen uitvoeren als u hiertoe opdracht krijgt om problemen met de afdrukkwaliteit op te lossen.
Hoofdstuk 5 De printkop reinigen vanaf de Printerwerkset (Windows) 1. Plaats ongebruikt, wit standaardpapier van A4-, Letter- of Legal-formaat in de hoofdinvoerlade. 2. Klik in het HP Solution Center op Instellingen. 3. Klik op Printer Werkset, in het gedeelte afdrukinstellingen. Opmerking U kunt Printeronderhoud ook openen vanuit het dialoogvenster Afdrukeigenschappen. Klik in het dialoogvenster Afdrukeigenschappen op het tabblad Functies en klik vervolgens op Printeronderhoud.
De printkop uitlijnen vanaf de Printerwerkset 1. Plaats ongebruikt, wit standaardpapier van A4-, Letter- of Legal-formaat in de hoofdinvoerlade. 2. Klik in het HP Solution Center op Instellingen. 3. Klik op Printer Werkset, in het gedeelte afdrukinstellingen. Opmerking U kunt Printeronderhoud ook openen vanuit het dialoogvenster Afdrukeigenschappen. Klik in het dialoogvenster Afdrukeigenschappen op het tabblad Functies en klik vervolgens op Printeronderhoud. De functie Printer Werkset wordt weergegeven. 4.
Hoofdstuk 5 Het afdrukmateriaal wordt niet ingevoerd uit een lade • Controleer of het afdrukmateriaal in de lade is geplaatst. Raadpleeg Afdrukmateriaal laden voor meer informatie. Wapper met het afdrukmateriaal voordat u het in de lade plaatst. • Controleer of de papiergeleiders bij de juiste markeringen in de lade zijn geplaatst voor het materiaalformaat dat u gebruikt. Controleer ook of de geleiders goed (maar niet te strak) tegen de stapel papier zijn geplaatst.
Problemen met het apparaatbeheer oplossen In dit hoofdstuk vindt u oplossingen voor veelvoorkomende problemen die te maken hebben met het beheer van het apparaat. Dit gedeelte bevat het volgende onderwerp: • De geïntegreerde webserver kan niet worden geopend De geïntegreerde webserver kan niet worden geopend Controleer de instellingen van het netwerk • Controleer of u niet een telefoonsnoer of een cross-kabel hebt gebruikt om het apparaat aan te sluiten op het netwerk.
Hoofdstuk 5 ◦ • Alle toepassingen moeten zijn afgesloten of uitgeschakeld voor computers met Windows, inclusief eventuele antivirusprogramma's, antispywareprogramma's en firewalls. ◦ Controleer of het apparaat op hetzelfde subnet is geïnstalleerd als de computers die van het apparaat zullen gebruikmaken. ◦ Als het installatieprogramma het apparaat niet kan vinden, drukt u de netwerkconfiguratiepagina af en voert u handmatig het IP-adres in het installatieprogramma in.
Opmerking Als dit de eerste keer is dat u de draadloze verbinding instelt en u de bijgeleverde software gebruikt, zorg er dan voor dat de USB-kabel is aangesloten op het apparaat en de computer. Stap 1 - Controleren of het draadloze (802.11) lampje brandt Als het blauwe lampje bij de draadloze knop van het HP-apparaat niet brandt, zijn de draadloze functies mogelijk niet ingeschakeld.
Hoofdstuk 5 Controleren of de computer verbinding heeft met het netwerk Een vaste (Ethernet-) aansluiting controleren ▲ Veel computers hebben indicatielampjes naast de poort waar de Ethernet-kabel van de router wordt aangesloten op uw computer. Gewoonlijk zijn er twee indicatielampjes, waarvan de ene brandt en de andere knippert. Als uw computer indicatielampjes heeft, controleer dan of de indicatielampjes branden.
Mac OS X ▲ Klik op het pictogram AirPort in de menubalk bovenaan in het scherm. Vanuit het menu dat wordt weergegeven, kunt u zien of de AirPort is ingeschakeld en met welk draadloos netwerk uw computer is verbonden. Opmerking Voor meer informatie over uw AirPort-verbinding, klikt u op Systeemvoorkeuren in het Dock, en vervolgens op Netwerk. Als de draadloze verbinding goed werkt, verschijnt een groene stip naast AirPort in de lijst met verbindingen. Klik op de knop Help in het venster voor meer informatie.
Hoofdstuk 5 Controleren of u toegang hebt tot de geïntegreerde webserver (EWS) ▲ Nadat u hebt vastgesteld dat de computer en het HP-apparaat allebei actieve verbindingen op een netwerk hebben, kunt u controleren of ze op hetzelfde netwerk zijn door naar de geïntegreerde webserver (EWS) van het apparaat te gaan. Raadpleeg Geïntegreerde webserver voor meer informatie. Naar de EWS gaan a.
Voer de volgende stappen uit om de status van het HP-apparaat te controleren: Windows 1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten. -ofKlik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers. 2. Als de printers op uw computer niet worden weergegeven in de weergave Details, dan klikt u op het menu Bekijken en vervolgens op Details. 3. Voer een van de volgende handelingen uit, afhankelijk van de printerstatus: a.
Hoofdstuk 5 het afdrukken of aansluiten op het HP-apparaat, controleer dan of de juiste versie van de printerdriver als de standaardinstelling is ingesteld. 1. Klik op Start, wijs Instellingen aan en klik op Printers of Printers en faxapparaten. -ofKlik op Start, klik op Configuratiescherm en dubbelklik vervolgens op Printers. 2. Stel vast of de versie van de printerdriver in de map Printers of Printers en faxen draadloos is aangesloten: a.
tot het netwerk. Als de WAP het hardware-adres niet heeft van een apparaat dat toegang probeert te krijgen tot het netwerk, wordt de toegang geweigerd. Als de WAP MACadressen filtert, moet het MAC-adres van het apparaat aan de WAP-lijst met geaccepteerde MAC-adressen worden toegevoegd. • • Druk de netwerkconfiguratiepagina af. Raadpleeg Het netwerkconfiguratierapport of het draadloze statusrapport begrijpen voor meer informatie.
Hoofdstuk 5 Ga na of de printcartridges goed zijn geplaatst 1. Zorg ervoor dat het apparaat is ingeschakeld. 2. Open de toegangsklep voor de printcartridges door deze rechtsvoor van het apparaat omhoog te tillen totdat de klep in de geopende stand is vergrendeld. Opmerking Wacht tot de printerwagen niet meer beweegt voor u verder gaat. 3. Zorg ervoor dat de inktcartridges in de juiste sleuven zijn geplaatst.
• • Zorg ervoor dat de USB-drivers niet zijn uitgeschakeld in het apparaatbeheer in Windows. Als u een computer met Windows gebruikt en de computer het apparaat niet kan vinden, voert u het hulpprogramma voor het verwijderen van software uit (util\ccc \uninstall.bat op de installatie-cd). Hiermee verwijdert u de driver van het apparaat volledig. Start de computer opnieuw op en installeer de driver van het apparaat opnieuw.
Hoofdstuk 5 ◦ ◦ ◦ ◦ Klik met de rechtermuisknop op het pictogram van het apparaat, kies Eigenschappen en open het tabblad Poorten. Selecteer de TCP/IP-poort voor het apparaat en klik dan op Poort configureren. Vergelijk het IP-adres in het dialoogvenster en controleer of het overeenkomt met het IP-adres op de netwerkconfiguratiepagina. Als de IP-adressen niet overeenkomen, wijzigt u het IP-adres in het dialoogvenster in het adres op de netwerkconfiguratiepagina.
Verhelp een storing in het apparaat Vastgelopen papier verwijderen 1. Verwijder al het papier uit de uitvoerbak. Let op Probeer de papierstoring niet via de voorzijde van het apparaat op te lossen. Het afdrukmechanisme kan daardoor beschadigd raken. Verwijder vastgelopen papier altijd via het toegangspaneel aan de achterkant of via de duplexmodule. 2. Controleer het toegangspaneel aan de achterkant of de duplexmodule. a.
Hoofdstuk 5 Tips voor het vermijden van papierstoringen • • • • • • • Controleer of niets de papierbaan blokkeert. Plaats niet te veel papier in de lades. Raadpleeg Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal voor meer informatie. Vul papier op de juiste manier bij als het apparaat niet aan het afdrukken is. Raadpleeg Afdrukmateriaal laden voor meer informatie. Gebruik geen gekreukt papier. Gebruik altijd afdrukmateriaal dat voldoet aan de specificaties.
Doe het volgende om de fout te verhelpen: • • Geavanceerd onderhoud aan de printkop Benodigdheden Probleem met de printkop en geavanceerd onderhoud aan de printkop In dit gedeelte komen de volgende onderwerpen aan bod: • • Probleem met de printkop - De volgende printkop heeft een probleem Geavanceerd onderhoud aan de printkop Probleem met de printkop - De volgende printkop heeft een probleem Doe het volgende om de fout te verhelpen: • • Geavanceerd onderhoud aan de printkop Benodigdheden Geavanceerd o
Hoofdstuk 5 4. Breng de vergrendelingshendel omhoog op de wagen met de printcartridges. 5. Verwijder de printkop door deze recht omhoog te heffen.
6. Reinig de printkop. Op de printkop zijn er drie gebieden die moeten worden gereinigd: de plastic randen aan beide kanten van de inktsproeiers, de hoek tussen de sproeiers en de elektrische contactpunten, en de elektrische contactpunten. 1 Plastic randen aan de kanten van de sproeiers 2 Rand tussen sproeiers en contactpunten 3 Elektrische contacten Let op Raak de gebieden met de sproeiers en de elektrische contactpunten alleen aan met reinigingsmateriaal en niet met uw vinger.
Hoofdstuk 5 b. Gebruik een nieuw, licht bevochtigd en pluisvrij doekje om opgehoopte inkt en vuil van de hoek tussen de sproeiers en de contactpunten te vegen. c. Gebruik een nieuw, licht bevochtigd en pluisvrij doekje om de plastic randen aan beide kanten van de sproeiers schoon te vegen. Veeg van de sproeiers af. d. Wrijf de eerder gereinigde gebieden droog met een droog pluisvrij doekje voordat u verdergaat met de volgende stap.
7. Reinig de elektrische contactpunten in het apparaat. De elektrische contactpunten in het apparaat reinigen a. Bevochtig een schone pluisvrije doek lichtjes met gedistilleerd water of flessenwater. b. Reinig de elektrische contactpunten in het apparaat door met het doekje van boven naar onder te wrijven. Gebruik zo veel nieuwe doekjes als nodig. Reinig totdat er geen inkt meer op het doekje zit. c. Wrijf het gebied droog met een droog pluisvrij doekje voordat u verdergaat met de volgende stap. 8.
Hoofdstuk 5 9. Laat de vergrendelingsgreep voorzichtig zakken. Opmerking Zorg ervoor dat u de vergrendelingsgreep laat zakken voordat u de printcartridges opnieuw plaatst. Als u de veiligheidspal omhoog laat, kan dit ertoe leiden dat de printcartridges niet juist zijn geplaatst, wat problemen bij het afdrukken kan geven. De vergrendelingsgreep moet omlaag blijven om de printcartridges juist te plaatsen. 10.
HP raadt aan om een vervangende cartridge beschikbaar te houden voor wanneer de afdrukkwaliteit onaanvaardbaar wordt Doe het volgende om de fout te verhelpen: • • Printcartridges vervangen Benodigdheden Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u waarschuwingen over lage inktniveaus krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden.
Hoofdstuk 5 Probleem met de cartridge Kies uw fout • • De volgende printcartridge lijkt verdwenen of beschadigd te zijn Cartridge(s) in verkeerde houder - De volgende cartridges zijn in de verkeerde houders De volgende printcartridge lijkt verdwenen of beschadigd te zijn Doe het volgende om de fout te verhelpen: • • Printcartridges vervangen Benodigdheden Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen.
Doe het volgende om de fout te verhelpen: • • Verhelp een storing in het apparaat Suggesties voor hardware-installatie Vastgelopen papier Er is een papierstoring (of verkeerde invoer) opgetreden. Verwijder het vastgelopen papier en druk op de knop Hervatten op de printer Doe het volgende om de fout te verhelpen: Verhelp een storing in het apparaat De printer heeft geen papier meer.
Hoofdstuk 5 Doe het volgende om de fout te verhelpen: Controleren of de werking van de printer niet is onderbroken en of de printer niet offline is (Windows) 1. Ga, afhankelijk van het besturingssysteem, op een van de volgende manieren te werk: • Windows Vista: klik op de taakbalk van Windows op Start, klik op Configuratiescherm en klik op Printers. • Windows XP: klik op de taakbalk van Windows op Start, klik op Configuratiescherm en klik op Printers en faxapparaten. 2.
Waarschuwing capaciteit van de inktservice Als u het apparaat verplaatst of vervoert nadat u dit bericht hebt ontvangen, moet u ervoor zorgen dat u het apparaat recht houdt en niet kantelt om te vermijden dat er inkt lekt. Het afdrukken kan doorgaan, maar het gedrag van het inktsysteem verandert mogelijk. Het apparaat heeft de capaciteit van de inktservice bijna gemaximaliseerd.
6 Lampjes op het bedieningspaneel De controlelampjes geven de status weer en zijn nuttig voor het bepalen van afdrukproblemen. In dit hoofdstuk wordt informatie gegeven over de lampjes, wat ermee wordt aangegeven en wat u eventueel moet doen.
Bezoek de website van HP (www.hp.com/support) voor de meest recente informatie over het oplossen van problemen en productfixes en -updates. Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling Alle lampjes zijn uit. Het apparaat staat uit. • • Het Aan/Uit-lampje brandt. Sluit het netsnoer aan. Druk op (Aan/uit knop). Het apparaat is gereed. U hoeft niets te doen. Het Aan/Uit-lampje knippert. Het apparaat wordt in- of uitgeschakeld of is bezig met het verwerken van een afdruktaak.
Hoofdstuk 6 (vervolg) Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling Het Aan/Uit-lampje brandt en het lampje Doorgaan knippert. Het papier is op. Plaats papier en druk op (Hervatten-knop). De breedte-instelling komt niet overeen met het geplaatste afdrukmateriaal. Wijzig de afdrukmateriaalinstelling in de printdriver zodat deze past bij het geplaatste afdrukmateriaal. Zie Afdrukken op speciaal en aangepast afdrukmateriaal voor meer informatie.
(vervolg) Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling De lampje Aan/uit knippert en de lampjes van de printcartridges knipperen om de beurt, van links naar rechts. De printkop is niet compatibel. • • Het Aan/Uit-lampje brandt en een of meer inktpatroonlampjes knipperen. Controleer of de aangegeven printkop goed is geïnstalleerd. Als het probleem blijft bestaan, vervangt u de printkop. Een of meer inktpatronen ontbreken. Er is een dubbele cartridge in het toestel geïnstalleerd.
Hoofdstuk 6 (vervolg) Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling Opmerking Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen om te kunnen plannen. Wanneer u een waarschuwing voor een laag inktniveau krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden. U hoeft de printcartridges niet te vervangen voor de afdrukkwaliteit onaanvaardbaar wordt.
(vervolg) Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling Het Aan/Uit-lampje brandt en het lampje Hervatten en een of meer printcartridgelampjes knipperen. Een van onderstaande mogelijkheden is opgetreden. • Een of meer printcartridges zijn bijna leeg waardoor de afdrukkwaliteit slechter is geworden. Vervang de bestaande printcartridges door nieuwe om een slechte afdrukkwaliteit te voorkomen. Om verder te gaan met de bestaande printcartridges drukt u op de knop (Doorgaan).
Hoofdstuk 6 (vervolg) Statusbeschrijving/lampjespatroon Uitleg en uit te voeren handeling Om verder te gaan met de bestaande printcartridges drukt u op de knop • (Doorgaan). U hebt net een nieuwe printkop geïnstalleerd en de inkt in de printcartridge is bijna op. Mogelijk is er te weinig inkt om de printkop te initialiseren.
A HP toebehoren en accessoires Dit hoofdstuk bevat informatie over HP-benodigdheden en accessoires voor het apparaat. De informatie kan zonder voorafgaande kennisgeving worden gewijzigd. Bezoek de website van HP (www.hpshopping.com) voor de laatste updates. U kunt ook producten aankopen via de website.
Bijlage A Benodigdheden Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen: • Printcartridges • HP media Printcartridges Online printcartridges bestellen is niet in alle landen/regio's mogelijk. Veel landen hebben echter informatie over telefonisch bestellen, een lokale winkel vinden of een boodschappenlijstje afdrukken. Bovendien kunt u de optie HP kopen bovenaan de pagina www.hp.com/buy/supplies selecteren om informatie te verkrijgen over het kopen van HP-producten in uw land.
B Ondersteuning en garantie Dit hoofdstuk, Onderhoud en problemen oplossen, bevat suggesties voor het oplossen van veelvoorkomende problemen. Als uw apparaat niet naar behoren werkt en de oplossingen in deze handleiding het probleem niet verhelpen, kunt u gebruikmaken van één van de onderstaande ondersteuningsdiensten.
Bijlage B Telefonische ondersteuning van HP krijgen Gedurende de garantieperiode kunt u een beroep doen op het HP Klantenondersteuningscentrum. Opmerking HP biedt geen telefonische ondersteuning voor afdrukken in Linux. Alle ondersteuning wordt online geboden op de volgende website: https://launchpad.net/hplip. Klik op de knop Een vraag stellen om het ondersteuningsproces op te starten. De besturingssystemen Windows of Mac OS X worden niet ondersteund door HPLIP.
Wat te doen bij problemen Voer de volgende stappen uit als u een probleem hebt 1. Raadpleeg de documentatie die bij het apparaat is geleverd. 2. 3. Ga naar de website voor online ondersteuning van HP op www.hp.com/support. Online ondersteuning van HP is beschikbaar voor alle klanten van HP.
Bijlage B Telefoonnummers voor telefonische ondersteuning Zie www.hp.com/support voor de meest actuele lijst met telefoonnummers voor ondersteuning.
Telefonisch contact opnemen Bel HP-ondersteuning terwijl u bij de computer en het HP-apparaat zit.
Bijlage B HP Snelle omruilservice (Japan) Raadpleeg Het apparaat verpakken voor instructies voor het verpakken van het product voor retournering of vervanging.
Beperkte garantieverklaring van Hewlett-Packard Beperkte garantieverklaring van Hewlett-Packard 149
Bijlage B Garantie-informatie printcartridge De garantie op HP-cartridges is van toepassing wanneer het product wordt gebruikt in combinatie met de daarvoor bedoelde printer van HP. Deze garantie is niet van toepassing op bijgevulde, gerecyclede, aangepaste, verkeerd gebruikte of vervalste inktproducten van HP. Gedurende de garantieperiode is het product gedekt zolang de HP-inkt niet is opgebruikt en de uiterste garantiedatum nog niet werd bereikt.
▲ Til de uitvoerlade omhoog en verwijder deze voorzichtig uit het apparaat. Het apparaat verpakken Voer de volgende stappen uit nadat u het apparaat hebt klaargemaakt voor verzending. Het apparaat verpakken 1. Het apparaat indien mogelijk voor verzending verpakken in het oorspronkelijke verpakkingsmateriaal of gebruik het verpakkingsmateriaal waarin het vervangend apparaat is verpakt. Als u het originele verpakkingsmateriaal niet meer hebt, gebruik dan ander, degelijk verpakkingsmateriaal.
C Specificaties van het apparaat Zie Informatie over de specificaties van ondersteund afdrukmateriaal voor informatie over de specificaties en de behandeling van afdrukmaterialen.
Specificaties processor en geheugen Hoofdprocessor 192 MHz ARM946ES, ETM9 (medium) Hoofdgeheugen 64 MB ingebouwd RAM 32 MB ingebouwd Flash ROM Systeemvereisten Opmerking Voor de meest recente informatie over ondersteunde besturingssystemen en systeemvereisten gaat u naar http://www.hp.
Bijlage C • Mac OS X (v10.4.11, v10.5): PowerPC G3, G4, G5, of Intel Core processor, 512 MB geheugen, 500 MB vrije schijfruimte • Microsoft Internet Explorer 6.0 of hoger (Windows 2000, Windows XP); Internet Explorer 7.0 of hoger (Windows Vista) Netwerkprotocolspecificaties Ondersteunde netwerkbesturingssystemen • Windows 2000, Windows XP (32-bit) (Professional en Home Editions), Windows XP Professional x64 • • Mac OS X (10.4.11 en hoger,10.5.
Kleur Verbeterde HP-fotokwaliteit (tot 4800 bij 1200 dpi geoptimaliseerd op HP Premium Plus fotopapier met 1200 x 1200 invoer-dpi) Omgevingsspecificaties Werkomgeving Werktemperatuur: 5° tot 40°C Aanbevolen bedrijfstemperatuur: 15° tot 35°C Aanbevolen relatieve luchtvochtigheid: 25 tot 75% niet-condenserend Opslagomgeving Opslagtemperatuur: -40° tot 60°C Relatieve luchtvochtigheid bij opslag: Maximaal 90% niet-condenserend bij een temperatuur van 60°C Elektrische specificaties Stroomvoorziening Universele
D Overheidsvoorschriften Dit gedeelte bevat de volgende onderwerpen: • • • • • • • • • • • FCC-verklaring Kennisgeving voor gebruikers in Korea VCCI- (Klasse B) verklaring van overeenstemming voor gebruikers in Japan Kennisgeving voor gebruikers in Japan over het netsnoer Tabel met giftige en gevaarlijke stoffen Verklaring over de indicatielampjes Overheidsinformatie voor draadloze producten Modelnummer Conformiteitsverklaring Programma voor milieubeheer Licentieovereenkomsten met derden FCC-verklaring
Kennisgeving voor gebruikers in Korea VCCI- (Klasse B) verklaring van overeenstemming voor gebruikers in Japan Kennisgeving voor gebruikers in Japan over het netsnoer Tabel met giftige en gevaarlijke stoffen Tabel met giftige en gevaarlijke stoffen 157
Bijlage D Verklaring over de indicatielampjes Overheidsinformatie voor draadloze producten Dit hoofdstuk bevat de volgende overheidsinformatie met betrekking tot draadloze producten: • • • • • Blootstelling aan radiofrequentiestralingen Bericht aan gebruikers in Brazilië Bericht aan gebruikers in Canada Bericht aan gebruikers in Taiwan Kennisgeving van de Europese Unie Blootstelling aan radiofrequentiestralingen Bericht aan gebruikers in Brazilië Bericht aan gebruikers in Canada 158 Overheidsvoorsch
Bericht aan gebruikers in Taiwan Kennisgeving van de Europese Unie Overheidsinformatie voor draadloze producten 159
Bijlage D Modelnummer Voor wettelijke identificatiedoeleinden is aan dit product een voorgeschreven modelnummer toegewezen. Het wettelijk verplichte modelnummer voor uw product is SNPRC-0802-01 (HP Officejet Pro 6000 Printer) of SNPRC-0802-02 (HP Officejet 6000 Draadloze printer). Het wettelijk verplichte modelnummer moet niet worden verward met de marketingnaam (HP Officejet 6000 printerserie) of het productnummer.
Conformiteitsverklaring 161
Bijlage D Programma voor milieubeheer Hewlett-Packard streeft ernaar om producten van hoge kwaliteit te leveren die op milieuvriendelijke wijze zijn geproduceerd. Dit product is ontworpen met het oog op recycling. Het aantal materialen is tot een minimum beperkt, zonder dat dit ten koste gaat van de functionaliteit en de betrouwbaarheid. De verschillende materialen zijn ontworpen om eenvoudig te kunnen worden gescheiden.
Afvoer van afgedankte apparatuur door gebruikers in particuliere huishoudens in de Europese Unie Stroomverbruik Het energieverbruik is aanzienlijk lager wanneer het apparaat zich in de slaapstand bevindt.
Bijlage D gevolgen heeft voor de hoge prestaties van het product. Om te bepalen of dit product voldoet aan het programma ENERGY STAR®, raadpleegt u het productgegevensblad of het specificatieblad. Gekwalificeerde producten worden ook weergegeven op www.hp.com/go/energystar.
Redistribution and use in source and binary forms, with or without modification, are permitted provided that the following conditions are met: 1. Redistributions of source code must retain the copyright notice, this list of conditions and the following disclaimer. 2. Redistributions in binary form must reproduce the above copyright notice, this list of conditions and the following disclaimer in the documentation and/or other materials provided with the distribution. 3.
Bijlage D NO EVENT SHALL THE OpenSSL PROJECT OR ITS CONTRIBUTORS BE LIABLE FOR ANY DIRECT, INDIRECT, INCIDENTAL, SPECIAL, EXEMPLARY, OR CONSEQUENTIAL DAMAGES (INCLUDING, BUT NOT LIMITED TO, PROCUREMENT OF SUBSTITUTE GOODS OR SERVICES; LOSS OF USE, DATA, OR PROFITS; OR BUSINESS INTERRUPTION) HOWEVER CAUSED AND ON ANY THEORY OF LIABILITY, WHETHER IN CONTRACT, STRICT LIABILITY, OR TORT (INCLUDING NEGLIGENCE OR OTHERWISE) ARISING IN ANY WAY OUT OF THE USE OF THIS SOFTWARE, EVEN IF ADVISED OF THE POSSIBILITY OF
Issue date: 04/30/2005 Copyright (C) 2005, 2007 Olivier Gay (olivier.gay@a3.epfl.ch) All rights reserved. Redistribution and use in source and binary forms, with or without modification, are permitted provided that the following conditions are met: 1. Redistributions of source code must retain the above copyright notice, this list of conditions and the following disclaimer. 2.
Index A accessoires artikelnummers 141 bestellen 141 de accessoires in de driver in- en uitschakelen 14 diagnostische zelftestpagina 43 garantie 149 installeren 14 afdrukinstellingen afdrukkwaliteit 87 afdrukken afdrukkwaliteitrapport 65 betekenisloze tekens 79 enveloppen worden verkeerd afgedrukt 75 kwaliteit, problemen oplossen 87, 91, 94, 97 langzaam 72 lege afdruk 86 marges niet correct 83, 84 niets gebeurt 79 omgekeerde paginavolgorde 82 onduidelijk 96 Printerstatuspagina 43 problemen oplossen 72, 75 t
Index druk annuleren 32 dubbelzijdig 27 Instellingen 26 Internet-pagina's 31 langzaam, problemen oplossen 104 zonder rand (Mac OS X) 30 zonder rand (Windows) 30 dubbelzijdig afdrukken 28 duplexeenheid gebruiken 27 in- en uitschakelen 14 installatie 14 minimummarges 24 ondersteunde formaten afdrukmateriaal 20 papierstoringen oplossen 120 verwijderen 150 zoeken 12 E eenheid voor dubbelzijdig afdrukken.
ondersteunde papiersoorten en gewichten 23 papier plaatsen 24 papierstoringen oplossen 120 zoeken 11 lades invoerproblemen oplossen 108 mogelijkheden 23 ondersteunde papierformaten 20 lampjes op het bedieningspaneel afbeelding 134 begrijpen 134 langzaam afdrukken, problemen oplossen 72 leesmij 8 lettertypen, ondersteunde 152 luchtvochtigheidspecificaties 155 M Mac OS X afdrukinstellingen 27 afdrukken op speciaal afdrukmateriaal 29 De accessoires in de driver in- en uitschakelen 14 het apparaat delen 49 HP
Index instellingen accessoires 14 versie 144 printerstatuspagina informatie over 42 Printerstatuspagina afdrukken 43 printerstuurprogramma instellingen accessoires 14 printkop schoonmaken 105 printkop, uitlijnen 106 printkoppen artikelnummers 142 garantie 149 lampjes 134 online bestellen 141 printkop uitlijnen 106 probleemoplossing lampjes 134 Problemen afdrukken 75 problemen met de papierinvoer, problemen oplossen 107 problemen oplossen afdrukken 72, 75 afdrukkwaliteit 87 afdrukmateriaal wordt niet uit een
ondersteuning 10 visueel 10 transparanten 20 U uitvoerlade ondersteunde afdrukmaterialen 23 verwijderen 150 zoeken 11 USB-aansluiting beschikbare functies 12 installatie (Mac OS X) 48 installatie Windows 45 poort, locatie 11, 12 USB-verbinding specificaties 152 V Veiligheidsvoorschriften 3 verbindingen beschikbare functies 12 Verbindingen van Ethernet naar draadloos wisselen 55 van USB naar draadloos wisselen (Mac OS X) 55 van USB naar draadloos wisselen (Windows) 55 Verwijderensoftware Mac OS X 58 Window
© 2009 Hewlett-Packard Development Company, L.P. www.hp.