User manual
Om de afdrukkwaliteit te verbeteren (Windows)
1. controleer of u originele HP-printcartridges gebruikt
2. Controleer de printersoftware om na te gaan of u de juiste papiersoort en hebt geselecteerd in de
vervolgkeuzelijst Afdrukmateriaal en de afdrukkwaliteit in de vervolgkeuzelijst Instelling
afdrukkwaliteit.
Klik in de printersoftware op Afdrukken en dan op Voorkeuren instellen om de afdrukeigenschappen
te openen.
3. Controleer de geschatte inktniveaus om te bepalen of de inkt van de cartridges bijna op is.
Zie
De geschatte inktniveaus bekijken op pagina 30 voor meer informatie. Overweeg de inktcartridges
te vervangen indien de inkt bijna op is.
4. Controleer het papiertype
Gebruik hoogkwalitatief HP-papier of papier dat voldoet aan de ColorLokĀ®-norm. Zie
Elementaire
informatie over papier op pagina 11 voor meer informatie.
Zorg er altijd voor dat het papier waarop u afdrukt plat ligt. Gebruik HP Advanced Fotopapier voor
afdrukken met het beste resultaat.
Bewaar speciale afdrukmaterialen in de oorspronkelijke verpakking of in een hersluitbare plastic zak op
een vlakke ondergrond op een koele, droge plaats. Als u gaat afdrukken, haalt u alleen het papier eruit
dat u onmiddellijk wilt gebruiken. Als u klaar bent met afdrukken, doet u het niet gebruikte fotopapier
terug in de plastic zak. Hierdoor krult het fotopapier niet.
5. Lijn de inktpatronen uit.
De inktpatronen uitlijnen
a. Plaats ongebruikt, gewoon wit papier van Letter- of A4-formaat in de invoerlade.
b. Open het printersoftware. Zie
Open de HP-printersoftware (Windows) op pagina 14 voor meer
informatie.
c. Klik in de printersoftware op Afdrukken en dan op Uw printer onderhouden om de printerwerkset
te openen.
De printerwerkset verschijnt.
d. Klik op Inktpatronen uitlijnen op het tabblad Afdrukservices.
De printer drukt een uitlijningspagina af.
e. Volg de instructies op het scherm in de printersoftware om de uitlijning te voltooien.
6. Druk een diagnostiekpagina af als de inkt van de cartridges niet bijna op is.
Een diagnostiekpagina afdrukken
a. Plaats ongebruikt, gewoon wit papier van Letter- of A4-formaat in de invoerlade.
b. Open het printersoftware. Zie
Open de HP-printersoftware (Windows) op pagina 14 voor meer
informatie.
c. Klik in de printersoftware op Afdrukken en dan op Uw printer onderhouden om de printerwerkset
te openen.
NLWW Problemen met afdrukken 53










