Operation Manual
OPMERKING: controleer of u een locatie heeft geselecteerd voor het opslaan van de back-
upbestanden voordat u een back-up maakt van uw gegevens.
4. Klik op Save and Backup (Opslaan en back-up maken) om het maken van de back-up te
starten en de back-upinstellingen op te slaan.
U zet back-upbestanden als volgt terug:
1. Selecteer Computer > Meer toepassingen > Backup Manager Restore (Back-upbeheer
terugzetten).
2. Klik op het menu Backup Source (Back-upbron) en selecteer de locatie van de back-
upbestanden.
3. Klik op het menu Restore Destination (Bestemming voor terugzetten) en selecteer de
bestemming voor het terugzetten van de bestanden.
4. Om alle bestanden van de geselecteerde locatie terug te zetten, klikt u op Restore all files (Alle
bestanden terugzetten). Om alleen bepaalde bestanden terug te zetten, klikt u op Restore
selected files (Geselecteerde bestanden terugzetten). Klik vervolgens op Select Files
(Bestanden selecteren) en selecteer de bestanden die moeten worden teruggezet.
5. Klik onder Restore Point (Herstelpunt) op de tijd en datum van de back-up.
OPMERKING: als er meerdere back-ups zijn uitgevoerd, klikt u op Use the latest version
(Recentste versie gebruiken) om de recentste versie terug te zetten.
6. Klik op Restore (Terugzetten) om het terugzetten van de bestanden te starten of klik op Cancel
(Annuleren) om het terugzetten te annuleren.
66 Hoofdstuk 11 Back-up en herstel










