Operation Manual

Wiskundige programma’s 15–19
Gebruikte variabelen:
A tot en met I Coëfficiënten van matrix.
J tot en met L Kolomvector.
W Tijdelijke opslag voor de determinant.
X tot en met Z Uitvoervector, ook voor tijdelijke opslag.
i Lusteller (indexvariabele); ook voor tijdelijke opslag.
Opmerkingen:
Om twee vergelijkingen op te lossen, vult u nul in voor coëfficiënten C, F, H, G
en voor L. Vul 1 voor coëfficiënt I.
Niet alle stelsels van vergelijkingen zijn oplosbaar.
Voorbeeld:
Bereken van het onderstaande stelsel het omgekeerde en de oplossing. Bekijk de
omgekeerde matrix. Keer de matrix nogmaals om om vast te stellen dat dit weer
de oorspronkelijke matrix oplevert.
23X + 15Y + 17Z = 31
8X + 11Y – 6Z = 17
4X + 15Y + 12Z = 14
Invoer:
(In de RPNstand)
Weergave: Uitleg:
X
A
@
waarde
Start de invoer.
23
g
@
waarde
Maakt eerste coëfficiënt, A,
g
elijk
aan 23.
8
g
@
waarde
Maakt B gelijk aan 8.
4
g
@
waarde
Maakt C gelijk aan 4.