Operation Manual
41
5. Controleer of de afdichtring van de bougie in goede staat verkeert en draai de
bougie met de hand in om te voorkomen dat deze er scheef ingedraaid wordt.
6. Als de bougie aanligt, moet hij verder vast worden gedraaid om de afdichtring
samen te drukken.
Draai een nieuwe bougie nog een halve slag verder om de afdichtring in te
drukken.
Draai een gebruikte bougie nog 1/8 tot 1/4 slag verder om de afdichtring in te
drukken.
VOORZICHTIG:
De bougie moet goed vastgedraaid worden. Een onjuist vastgedraaide
bougie kan zeer heet worden en daardoor motorschade veroorzaken.
7. Plaats na het vastdraaien de bougiedop stevig op de bougie en breng het
controleluikje weer aan.
BOUGIEDOP
CONTROLELUIKJE










