Operation Manual

49
Nederlands
MONTAGEPROCEDURES
WAARSCHUWING
Probeer in geen geval de motor te starten zonder dat de zijkant
van de behuizing goed vast zit.
1. Verwijder de klemmoeren van het zwaard (1).
2. Verwijder de zijkant van de behuizing (2) door de achterzijde van
de zijkant van de behuizing samen te drukken (2). (Afb. 1)
* Als u de schorssteun (3) heeft, kunt u deze met twee schroeven
aan de machine bevestigen. (Afb. 2)
3. Bevestig het zwaard (4) aan de bouten (5) en druk het zwaard
naar het tandwiel (6) toe tot het niet verder kan. Zorg ervoor dat
het uitsteeksel van de stelbout
voor de kettingspanning (7) in het
gat in het zwaard (8) past. (Afb. 3)
OPMERKING
Beweeg het zwaard een beetje heen en weer om zodat het
uitsteeksel van de kettingspanner (7) goed in het gat (8) past.
(Afb. 3)
4. Controleer of de zaagketting (9) de goede kant op loopt,
zoals op
de afbeelding, en leg de ketting om het tandwiel. (Afb. 4)
5. Leid de schakels van de zaagketting in de groef die helemaal
rond het zwaard loopt.
6. Doe de zijkant van de behuizing (2) weer terug op de bouten (5).
Draai vervolgens de klemmoeren (1) tijdelijk vast.
(
Afb. 1
)
7. Til de punt van het zwaard iets op en span de ketting (9) door
de stelbout voor de kettingspanning (10) met de klok mee te
draaien. Controleer of de ketting correct gespannen is door de
ketting midden op het zwaard voorzichtig op te tillen: er moet
ongeveer 0,5 1,0
mm speling zijn tussen het zwaard en de
buitenrand van de schakels van de ketting (11). (Afb. 5, 6)
LET OP
DE JUISTE KETTINGSPANNING IS UITERST BELANGRIJK
8. Til de punt van het zwaard iets op en draai de klemmoeren goed
vast met de combinatiesleutel. (Afb. 6)
9. Een nieuwe
ketting zal iets oprekken, dus stel de ketting bij
na een paar keer zagen en houd het eerste half uur zagen de
kettingspanning goed in de gaten.
OPMERKING
Controleer de kettingspanning vaak om optimale prestaties en
duurzaamheid te garanderen.
LET OP
Wanneer de ketting te strak wordt gezet, zullen het zwaard
en
de ketting sneller slijten. Wanneer de ketting echter te los gezet
wordt, kan de ketting uit de groef in het zwaard lopen.
Draag altijd handschoenen wanneer u de ketting moet
aanraken.
WAARSCHUWING
Houd de kettingzaag stevig met beide handen vast wanneer
u hem gebruikt. Gebruik met slechts één hand kan leiden tot
ernstig letsel.
BEDIENING
Brandstof (Afb. 7)
WAARSCHUWING
Deze kettingzaag heeft een tweetaktmotor. Gebruik daarom
altijd mengsmering, oftewel benzine gemengd met olie. Zorg
voor een goede ventilatie wanneer u tankt of omgaat met
brandstof.
Brandsto en zijn uiterst licht ontvlambaar en u kunt ernstig
persoonlijk letsel oplopen door de dampen in te ademen of
brandstof op
lichaamsdelen te morsen. Wees altijd voorzichtig
en blijf goed opletten bij de omgang met brandstof. Zorg altijd
voor een goede ventilatie wanneer u brandstof binnen een
gebouw gebruikt.
Brandstof
Gebruik altijd 89 octaan loodvrije merkbenzine.
Gebruik echte tweetaktbrandstof of een benzine-oliemengsel van
25:1 tot 50:1; raadpleeg voor de juiste verhouding
alstublieft de
verpakking van de tweetaktolie in kwestie of uw HITACHI dealer.
Als er geen echte tweetaktbrandstof beschikbaar is, gebruik
dan een kwaliteitsolie die uitdrukkelijk geschikt is voor gebruik
in luchtgekoelde tweetaktmotoren (JASO FC GRADE OIL of ISO
EGC GRADE). Gebruik geen BIA of TCW (voor watergekoelde
tweetaktmotoren) mengolie.
Gebruik
geen multigrade olie (10 W/30) of afgewerkte olie.
Meng de brandstof en de olie in een aparte, schone jerrycan.
Begin met de helft van de gewenste hoeveelheid benzine in de
jerrycan.
Voeg de tweetaktolie toe (alle benodigde olie voor de gewenste
hoeveelheid brandstof). Meng het brandstof-oliemengsel
(schudden). Voeg tenslotte de resterende
hoeveelheid benzine toe.
Meng (schud) het brandstofmengsel nog eens goed voor u het in de
tank doet.
Tanken
WAARSCHUWING (Afb. 8)
Schakel altijd eerst de motor uit voor u gaat tanken.
Maak de tank (12) voorzichtig open om eventueel onder druk
staande gassen te laten ontsnappen.
Draai na het tanken de dop weer goed op de tank.
Ga minstens 3 m van de plek waar u getankt
heeft vandaan voor
u de motor probeert te starten.
Was eventueel op uw kleding gemorste brandstof er onmiddellijk
uit met zeep of een wasmiddel.
Controleer of er ergens brandstof lekt na het tanken.
Maak voor u gaat tanken de tankdop en omstreken netjes schoon
zodat er geen vuil in de
tank kan vallen. Zorg ervoor dat de
brandstof goed gemengd is door voor het tanken de jerrycan goed
te schudden.
Kettingsmering (Afb. 8)
Vul het reservoir met kettingsmering (13). Gebruik altijd
kettingsmering van goede kwaliteit. Wanneer de motor loopt, wordt
de ketting automatisch gesmeerd.
OPMERKING
Wanneer u brandstof tankt (12) of het
reservoir voor de
kettingsmering (13) vult, leg de machine dan op zijn kant, met de
vuldoppen boven. (Afb. 8)
KETTINGSMERING AFSTELLEN
De kettingsmering staat standaard op maximum ingesteld. Pas de
hoeveelheid aan de situatie aan.
Draai de afstelschroef (14) tegen de klok om de hoeveelheid te
vergroten en met de klok
mee om de hoeveelheid te verminderen.
(Afb. 9)
(standaard instelling draai tegen de klok 1-1 1/2 vanaf het “rustpunt”)
Starten (Afb. 10
-
15)
LET OP
Controleer voor het starten of de kettingrem los staat en of het
zwaard/de ketting niets raakt. (Afb. 10)
1. Zet de contactschakelaar (15) aan (ON). (Afb. 11)
*Druk meerdere keren op het handpompje van het startgas (17)
om de carburateur van extra benzine te voorzien. (Afb.
12)
2. Tre k de chokehendel (16) uit naar de choke-stand. (Afb. 12).
Hierdoor wordt de gashendel automatisch in de startstand
vergrendeld.
3. Tre k stevig aan de trekstarter en let erop dat u de handgreep
goed vast blijft houden en de trekstarter niet laat terugschieten.
(Afb. 13)
4. Als u
hoort dat de motor aanslaat, kunt u de choke terugzetten
naar de normale stand. (Afb. 12)
5. Tre k nog eens stevig aan de trekstarter op de hierboven
beschreven manier. (Afb. 13)
OPMERKING
Herhaal de stappen 2 t/m 5 als de motor niet start.
6. Zodra de motor start, de gashendel aantrekken
en direct
loslaten. (Afb. 14) Daarna is halfgas vrijgegeven. Controleer of
de kettingrem los is. (Afb. 15)
Laat de motor ongeveer 2-3 minuten opwarmen voor u hem
belast. Laat de motor niet met een hoge snelheid onbelast
draaien om de levensduur van de motor niet te verkorten.
000Book_CS40EA_WE.indb 49000Book_CS40EA_WE.indb 49 2010/08/26 10:39:312010/08/26 10:39:31