Operation Manual

417-899-271008
16
NL
Toepassingsgebied
Het apparaat is uitsluitend voor vormsnoei
aan struiken en hagen en voor het snoeien
van graskanten bestemd. Iedere andere
toepassing, die in deze handleiding niet uit-
drukkelijk toegestaan wordt, kan tot beschadi-
gingen aan het apparaat leiden en een ernstig
gevaar voor de gebruiker vormen.
Ieder ander gebruik, dat in deze gebruiksaan-
wijzing niet uitdrukkelijk is toegestaan, kan tot
schade aan het toestel leiden en een ernst ge-
vaar voor de gebruiker vormen.
Het toestel is voor het gebruik door volwasse-
nen bestemd. Jongeren onder 16 jaren mogen
het toestel enkel onder toezicht gebruiken. Het
gebruik van het toestel bij regen of in vochtige
omgeving is verboden.
De bediener of gebruiker van het apparaat is
verantwoordelijk voor ongelukken of schades
aan andere personen of hun eigendom.
De fabrikant is niet aansprakelijk voor schade
die door onreglementair gebruik of verkeerde
bediening wordt veroorzaakt.
Laadproces (afb. 2)
Het laadapparaat mag enkel in droge
lokalen gebruikt worden.
Het buitenvlak van het apparaat moet
netjes en droog zijn voordat u het laad-
apparaat aansluit.
Schakel het apparaat bij het laden niet in.
Gebruik voor het opladen van de in het ap-
paraat ingebouwde lithium-ionen-accu het
bijgeleverde laadapparaat.
Een ontladen accu wordt aangegeven
doordat het ontlaaddisplay van de
accu (zie afbeelding 1 nr. 2) verlicht is.
Laad de accu vóór het eerste gebruik volle-
dig op. De accu niet meermaals na elkaar
even opladen.
Een nieuwe of tijdens een langere periode
niet gebruikte accu moet eerst opgeladen
worden en komt pas na ca. 5 laad-/ontlaad-
cycli het maximale prestatievermogen. Als u
de accu correct gebruikt, kan men de accu
maximaal 1000 keer terug opladen.
Neem in ieder geval de telkens geldende
veiligheidsinstructies evenals bepalingen en
aanwijzingen ter bescherming van het mili-
eu in acht.
Tot een lange levensduur van de accu
komt u door regelmatige belasting van de
accu. Vermijd, de accu compleet te ont-
laden. Defecten, die uit een onoordeel-
kundige hantering voortvloeien, vallen
niet onder de garantie
1. Verbind de laadkabelstekker (12) met de
laadbus (7) van het apparaat.
2. Sluit het laadapparaat (11) op een stopcon-
tact aan.
De LED (laaddisplay) (6) is zolang rood
verlicht als het apparaat met het stroom-
net verbonden is. De aanbevolen laadtijd
bedraagt 4 uur.
3. Trek na het beëindigde laadproces eerst de
stekker uit het stopcontact en verwijder dan
de laadkabelstekker uit het apparaat.
7612 11
afb. 2
Let erop dat het apparaat niet langer
dan 4 uur ononderbroken opgeladen
wordt. De accu en het apparaat kunnen
beschadigd worden en bij een langere
laadtijd verbruikt u onnodig energie. Bij
een overdreven lading komt de garan-