Operation Manual

helitype
vastleggen modeltype voor helimodellen
In dit menu wordt het “type” van het te programmeren model vastgelegd. Tegelijkertijd worden daardoor alle voor het
vastgelegde modeltype karakteristieke mixers, koppelfuncties etc. voor de navolgende programmering geactiveerd. Regel met
ingedrukt draaielement uitkiezen en na kort indrukken hiervan de benodigde optie selecteren:
tuimelschijftype
Voor de aansturing van de tuimelschijf bestaan er meerder programma’s; ze onderscheiden zich door het aantal servo’s, die
bedoeld zijn voor de pitch-sturing.
Met ingedrukt draaielement eventueel eerst de regel “tuimelschijftype”selecteren en na kort indrukken van het draaielement
het aantal servo’s in het inverse veld vastleggen.
De ontvangeruitgangen moeten, zoals op bladzijde 43 beschreven, worden aangesloten.
“1 servo”: De tuimelschijf wordt via een rol-/nickservo bewogen. De pitchsturing vindt plaats via een
aparte servo.
“2 servo”: De tuimelschijf wordt voor de pitchsturing axiaal verschoven door twee rolservo’s; de
nicksturing wordt door een mechanische compensatiewip ontkoppeld (HEIM-mechaniek).
“3Sv (2 rol)”: Symmetrische driepuntsaansturing van de tuimelschijf via 3 over telkens 120° verdeelde
aanstuurpunten, waaraan één nickservo (vooraan of achteraan) en twee rolservo’s (zijdelings
links en rechts) verbonden zijn. Voor de pitchsturing verschuiven alle drie de servo’s de
tuimelschijf axiaal.
“3Sv (2 nick)”: Symmetrische driepuntsaansturing zoals hierboven, echter met één rolservo aan de zijkant en
twee nickservo’s vooraan en achteraan.
“4Sv (90°)” : Vierpuntsaansturing van de tuimelschijf via twee rol- en twee nickservo’s.
CLEAR schakelt om naar “1 servo”. De tuimelschijf-mixpercentages en de tuimelschijfverdraaiing moeten in het menu
“helimixers” worden ingesteld.
Aanwijzing:
Mocht er geen van de tuimelschijfmixers bij uw model passen, dan kan in het menu “helimixers” onder
“tuimelschijfdraaiing” ook een tuimelschijftype worden aangepast.
tuimelschijftype: 1 servo
tuimelschijftype: 2 servo’s
tuimelschijftype: 3 servo’s (2 rol)
tuimelschijftype: 3 servo’s (2 nick)
tuimelschijftype: 4 servo’s (90°
°°
°) 2 nick / 2 rol
linearisering tuimelschijf
Invoer “ja” verhindert bij de aansturing van de tuimelschijf ongewenste neveneffecten zoals b.v. pitch-verandering bij het
bedienen van de rolfunctie of spanningen tussen de stuurstangen van de tuimelschijfservo’s. Zulke spanningen kunnen
ontstaan, wanneer de bewuste servo’s vanwege verschillende instellingen van elkaar afwijkende uitslagen vertonen.
De linearisering behoeft enige gewenning, want om de totale uitslag van de servohevel te lineariseren, wordt de servouitslag
bij kleine bewegingen dienovereenkomstig geringer.
rotor-draairichting
In deze regel wordt de draairichting van de hoofdrotor ingesteld: